DE GRAFZERK VAN OCKER GEVAERTS IN DE GROTE KERK VAN DORDRECHT



De zerk van Ocker Gevaerts (1731-1799) is n van de weinige grafmonumenten in de Grote Kerk, die is voorzien van familiewapens. Van de overige zerken in de Grote Kerk zijn de familiewapens na de Bataafse Revolutie van 1795 weggekapt *. Het feit, dat de zerk familiewapens heeft en geen overlijdensdatum vermeldt, doet vermoeden, dat het kunstwerk al is vervaardigd tijdens het leven van Gevaerts en pas is geplaatst na het einde van de Bataafse tijd (d.w.z. na de oprichting van het Koninkrijk Holland in 1806, toen door koning Lodewijk Napoleon de familiewapens in ere werden hersteld).

* Ook moesten op last van het revolutionaire bewind de wapenborden, die in de kerk hingen, worden verwijderd: "Vrijheid, gelyckheid, broederschap. Publicatie. De Provisioneele Raad der Stad Dordrecht en de Merwede, overtuigd dat de Wapenborden, welke in de Kerken dezer Stadt in zoo groote getalle gevonden worden, niet anders kunnen beschouwd worden dan treurige overblijfels van die ongelykheid in de Geslachten, welke schoon onbestaanbaar met de Ware Vryheid in ons Vaderland echter sedert eeuwen heeft plaats gehad ... ; heeft besloten elk en een iegelyk wiens Geslacht eenige wapenborden in de Kerken alhier heeft hangende ernstig te verzoeken en te waarschouwen ... om op zyn eige kosten doch onder het opzicht van de Bedienden dezer Stad alle Wapenborden waarop de zodanige betrekking heeft ... te doen weghaalen; zullende in geval van nalatigheid zulks van Stads wege geschieden en daar mede gehandeld worden zoo als de Raad in tyd en wylen zal nodig oordeelen te behooren. Aldus gedaan ... den 9. Maart 1795, het 1ste Jaar der Bataafsche Vryheid". (T. W. Jensma, De Grote- of Onze Lieve Vrouwekerk van Dordrecht [Zwolle 1987], p. 153-154)

In 1827 werd bij Koninklijk Besluit het begraven in de kerken verboden. In 1869 werd de Begrafeniswet ingevoerd. Hiermee werd het begraven in kerken definitief onwettig. Vanaf dat moment werden op grote schaal begraafplaatsen buiten de steden aangelegd.

Kwartierstaat van Ocker Gevaerts.

1. mr. Ocker Gevaerts, gedoopt NG Dordrecht 28 febr. 1731, overleden 2 febr. 1799, ongehuwd

2. Johan Gevaerts, geboren Brielle 4 april 1694, trouwde

3. Cornelia van der Waayen, geboren ca. 1700,

4. mr. Ocker Gevaerts, geboren 1656, overleden 1727, trouwde

5. Maria Arnoudina Briell

6. Jacobus van der Waeijen, geboren Leeuwarden 25 april 1666, burgemeester van Franeker (1686), overleden Leeuwarden 10 jan. 1743, trouwde

7. Herbertina de Witt, gedoopt NG Dordrecht 18 okt. 1670, overleden 4 sept. 1755

8. Johan Gevaerts, gedoopt 1 nov. 1608, overleden 8 nov. 1662, trouwde Dordrecht 10 juni 1653

9. Ida Ockersdr. van Brandwijk, gedoopt NG Dordrecht 9 sept. 1629, overleden 2 nov. 1662

10. Paulus Briell, geboren 1616, overleden 1688

11. Elisabeth van Beaumont

12. Johannes van der Waeijen, geboren Amsterdam 12 juli 1639, predikant te Spaarndam (1662), Leeuwarden (1665), Middelburg (1672-1676), hoogleraar te Franeker (1677), geheimraad van de Friese stadhouder, geschiedschrijver van Friesland, overleden Franeker 4 nov. 1701, trouwde 2e Cornelia Veth, geboren ca. 1645, overleden 26 aug. 1696 (epitaaf in de St. Martinikerk te Franeker), 1e Middelburg 17 jan. 1673

Epitaaf van Johannes van der Waaijen in de Martinikerk te Franeker.

Tekst:

Johannes van der Waeijen Ioh. filius s.s. theol dr. et professor ordin. ac academiae concionator obiit d. IX decembr anno MDCC XVI aetatis XL

Cornelia Veth conjunx Joh: van der Waeijen obiit 26 aug. anno MDCXCVI, aet LI

Iohannes van der Waeijen s.s. theol dr. et professor ordinarius academiae concionator ac historiographus Frisiae obiit d: IV november anno MDCCI, aet. LXIII et Alet. Ald. van der Wayen ux. d. fr. Gul. Meijers cent in coh praet pr nas araus &c cum quavixit sine querela ob. XXIX jun. MDCCXVII v.a. 32 m.6. ut & cor. libere

Familiewapen Van der Waayen: "in rood drie palen van vair en in een gouden schildhoofd een rode krab overtopt door een blauwe barensteel" (vriendelijk mededeling van de heer A. de Man)

13. Aletta Hoflandt

14. Johan de Witt, gedoopt NG Dordrecht 1 okt. 1618, van Dordrecht, lid van de Oudraad aldaar, weduwnaar wonende bij het Groothoofd (1667), trouwde 2e NG Dordrecht 14 aug. 1667 (ondertrouw, per schrijven van Den Haag, proclamatie in de Waalse kerk, 10 sept. 1667 bescheid gegeven om te 's-Gravenhage te trouwen)

15. Catharina van Beaumont Herbertsdr., gedoopt NG Dordrecht 30 okt. 1637, jonge dochter van Dordrecht, wonende in Den Haag (1667)

18. Ocker Willemsz. Brandwijk, geboren Dordrecht 5 nov.1590, heemraad van de Merwede 1639-1652, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 3 febr. 1657 (een baar voor Ocker Brandtwic, tegenover de Schrijversstraat, twee maal luiden), trouwde NG Dordrecht 27 nov./13 dec. 1616

19. Magdalena Fransdr. Snoek, geboren Dordrecht 20 jan. 1593, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 11 febr. 1640 (een baar voor de vrouw van Ocker Willemsz. Brantwijck bij de Tolbrug)

20. Jacob Briel, trouwde

21. Maria van Beresteijn

22. Herbert van Beaumont, 1607-1679, trouwde

23. Elisabeth de Jonge, 1613-1691

28. Johan de Witt Jansz., gedoopt NG Dordrecht dec. 1590, van Dordrecht (1617), ontvanger van de Tol van Geervliet 1625, schepen van Dordrecht 1644, 1645, trouwde NG Dordrecht 10 sept./10 okt. 1617

29. Belia Stokmans Jansdr., van Dordrecht (1617)

30. Herbert van Beaumont, [= 22] trouwde

31. Elisabeth de Jonge [= 23]

38. Frans Geritsz. Snoek, trouwde NG Dordrecht 16 nov. 1586

39. Appolonia (Amplonia) Crijnsdr. van de Wercken

44. Simon van Beaumont, 1574-1654, trouwde

45. Arnoudina Jansdr. van Rozenburg, 1575-1635

46. Johan de Jonge, heer van Haamstede, heer van Oosterland en Sirjansland, geboren Zierikzee 1 febr. 1546, lakenkoopman, burgemeester, thesaurier en weesmeester van Zierikzee, overleden Zierikzee 19 dec. 1617, trouwde 3e Bruinisse 31 jan. 1606

47. Elisabeth van Hertsbeke, vrouwe van Bruinisse en Botland

56. Jan de Wit Willemsz., geboren 1567, thesaurier van Dordrecht 1611-1619, ontvanger van de Tol van Geervliet in Dordrecht 1613-1625, overleden 15 dec. 1625, trouwde 18 febr. 1590

57. Jacomina (Jaepken) van Baresteijn Johansdr., geboren 13 juli 1572 (volgens Balen n van de eerste drie kinderen, die in de Augustijnenkerk werden gedoopt, nadat Dordrecht zich aangesloten had bij de opstand tegen Filips II van Spanje), overleden 11 jan. 1656

88. Herbert Jansz. van Beaumont, brouwer in "den Bock" aan de Wijnstraat (vermeld 1580), overleden Dordrecht 1585, trouwde

89. Cornelia van Slingeland, overleden 1617, trouwde 2e Dordrecht 19 jan. 1586 Herman Heerman Danilsz.

(Ons Voorgeslacht 2006, p. 101)

ORA Dordrecht inv. 714, f. 343v e.v.: op 29 juni 1582 verleent Cornelia van Slingelant Sijmonsdr., die men noemde Van Capel, weduwe van Herbert van Beaumont Jansz., procuratie aan haar neef Cornelis van Schaerlaecken Ghijsbrechtsz. om namens haar te compareren voor de stadhouder van de lenen en de leenmannen van Holland en daar te ontvangen het schrootambacht en de zoutmaat te Dordrecht, welke haar man zaliger van de Grafelijkheid van Holland in leen placht te houden, en die hij op 27 mei 1582 ten overstaan van de leenmannen ten behoeve van haar, comparante, heeft overgedragen.

ORA Dordrecht inv. 715, f. 191 e.v.: op 1 mei 1584 verkoopt Cornelis Adriaensz. de Lodder schiptimmerman aan Cornelia van Slingelant Simonsdr., weduwe van Herber Jansz. van Beaumont, een huis op de Nieuwe Haven, staande tussen het erf van Jan Adriaensz. Braber en de gang van het huis van Jan Jacobsz. pottenbakker. Waarborg: Floris Lenertsz. Speelman. De koopster is schuldig aan verkoper een somma van 700 Rijnse gl. van 20 stuivers het stuk, te betalen in termijnen, op voorwaarde, dat aan de laatste termijn gekort wordt een somma van 100 gl., die de verkoper schuldig is aan verkoopster wegens leverantie van bieren.

114. Jan van Baresteijn Bartholomeusz (alias Jan Bartholomeusz. int Vosken), geboren ca. 1530, waard in "het Vosken" in de Wijnstraat bij de Nieuwbrug, overleden ca. 1575, trouwde 1e Hadewij Andriesdr., trouwde 2e

115. Jaepken Adriaen Louvendr.

ORA Dordrecht inv. 724,. akten 225 en 226: op 13 okt. 1561 verkoopt Jan Sobis van Sgravenbroeck aan Jan Bartholomeusz. een huis bij de Nieuwbrug, genaamd "het Vosken", staande tussen het huis "de Gulden Aernt" en het huis van de erfgenamen van Willem van Drenckwaert. De koper verkoopt aan Jan Sobis een jaarlijkse losrente van 28 gl. 2 st. en een halve penning.

ORA Dordrecht inv. 709, akte 625: verklaring dd 21 mrt. 1571 op verzoek van Jan Nuijs, koopman van Rijnse wijnen, door Jan Bartholomeusz., waard in "het Vosken", 41 jaar oud, Casper Berck, 36 jaar oud, en Kaerle Jansz. wijnkuiper, 36 jaar oud. 

ORA Dordrecht inv. 735, f. 192v: op 23 dec. 1579 verkoopt Guilhelma van Drenckwaert, weduwe van Screvel Ockersz. aan Anthonis Jansz. in de Wingert 1/5 deel van een huis, genaamd "Denemercken", staande bij de Nieuwbrug tussen het huis van de erfgenamen van Jan int Vosken en dat van de weduwe van Claes van de Graeff. Waarborg: Ocker Willemsz. kamerbewaarder.

- 28 april 1583: Niclaes Manternach van Trier, koopman van wijnen te Dordrecht, verkoopt aan Mathijs Fransz. viskoper en Caerel Jansz. [Wanten] wijnkuiper, als voogden van de twee nagelaten weeskinderen van wijlen Jan Bartholomeusz. [int Vosken], genaamd Stijntgen Jansdr. en Marijcken Jansdr., verwekt bij Hadewij Andriesdr., en Jaepken Jansdr., verwekt bij wijlen Jaepken Adriaen Louvendr., ten behoeve van die kinderen een jaarlijkse losrente van 35 gl. en 14 st., verzekerd op een huis genaamd "Medemblick", staande omtrent de Mattensteiger [thans een straatje tussen Wijnstraat en Mattenkade] tussen het huis "Sint Joris" en het huis van Hans de Loemel. (ORA Dordrecht inv. 737, f. 10v)

176. mr. Johan Govertsz. van Beaumont, geboren 1488, azijnbrouwer in "den Bock" aan de Wijnstraat (bij De Waag), overleden 1558, trouwde 1 Maria Blok, 2e

177. Jannigje Cornelisdr. Oem, geboren ca. 1510, overleden Dordrecht 1574

(Ons Voorgeslacht 2006, p. 101)

- 1566: op verzoek van Adriaen Dircxsz. Coninck legt Jannichgen Oom Cornelisdr., 55 jaar oud, een verklaring af. Zij getuigt, dat haar grootmoeder, Grietgen van Cuijl, altijd twee maal per jaar 72 provens aan de huisarmen te Dordrecht gegeven heeft, elke proven bestaande uit een brood van een stuiver, twee stuivers in contant geld en een stoop bier. Na Grietgens overlijden zijn de provens op dezelfde wijze verstrekt door Floris van Cuijl, Jannichens inmiddels overleden oom, en door haar moeder, Reijnburch van Cuijl, en na het overlijden van laatstgenoemde door Floris van Cuijl en soms door haar, deposante, zelf. Toen Floris is overleden hebben zijn kinderen op zich genomen de provens op gelijke wijze te verstrekken. De deposante verklaart voorts, dat zekere tijd geleden de vrouw van Herber van Cuijl bij haar is gekomen en haar heeft gevraagd om wat bier te brouwen of te "vaten" want, zo zei zij, "wij moeten den arme die provens deelen". (ORA Dordrecht inv. 705, akte 584)

- 4 nov. 1566: Toenken Jansdr., weduwe van Henrick Willemsz., transporeert aan Jannechen Cornelisdr. Oom, weduwe van Jan Govertsz. van Beaumont, een rentebrief van een half pond Vlaams jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 706, akte 98)

- 6 dec. 1570: op verzoek van mr. Heijndrick van Medenblijck, advocaat postulant voor het Hof van Utrecht, verklaren Adriaen Dircxsz. de Coninck, lid van de Oudraad van Dordrecht, 61 jaar oud, Jannege Cornelis Oemdr., weduwe van Jan Govertsz., 60 jaar oud, Anna Cornelis Oemsdr., de vrouw van mr. Heijndrick Cornelisz. te Gorinchem, 51 jaar oud, en Reijnborch Jansdr., weduwe van Adriaen Mol Dircxsz., 31 jaar oud, dat ongeveer 14 jaar geleden, toen Adriaen Pietersz. Nan in het huwelijk trad met Neeltge Jansdr., de dochter van Jannege Cornelisdr. Oem, een zeker Adriaen Evertsz., die uit Spanje gekomen was, van de dochters van mr. Romboudt van Steijnemoelen, die in Dordrecht voor genoemde bruiloft aanwezig waren, een bedrag van 8 gl. vorderde, die hij in Spanje aan Pieter van Steijnemoelen, die volgens hem nadien in Spanje overleden was,  "in sijnen noot" geleend zou hebben. (ORA Dordrecht inv. 709, akte 471)

- 29 mei 1576: Adriaen Pietersz. Nan, als man van Neeltgen van Beaumont Jansdr., Govert van Beaumont Jansz., schepen van Dordrecht, Marijken van Beaumont Jansdr., weduwe van Jan Geritsz., Cornelis Oom van Beaumont, Reijnborch van Beaumont Jansdr., weduwe van Adriaen Mol, Philips Paeijman Gijsbertsz., als man van Dircxken van Beaumont Jansdr., Gijsbert van Dijemen Cornelisz., als man van Thoentgen van Beaumont Jansdr., Jacob van Dijemen Cornelisz., als man van Margaretha van Beaumont Jansdr., allen erfgenamen van wijlen Janneken Ooms Cornelisdr., weduwe van Jan van Beaumont Govertsz., transporteren aan Herbert van Beaumont Janz., hun broer, een huis over de Waag, staande tussen het huis van Gherit Schaerlaken en het huis van het Kuipersgilde genaamd "de Grooten Nachtegael", met de brouwerij genaamd "den Bock" en een klein huis, uitkomende in de Tolbrugstraat Waterzijde, strekkende tot aan de brouwerij, gekomen van de erfgenamen van wijlen Jan den Hoochaers. (ORA Dordrecht inv. 711, f. 125)

178. Simon van Slingeland, trouwde

179. Geertruij van Gameren

(Ons Voorgeslacht 2006, p. 101)