»

»

»

»

»
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»


BELASTINGKOHIEREN ZWIJNDRECHTSE WAARD



Let op!
Deze stamboom is overgezet naar de nieuwe omgeving(Mijn Stamboom Online), waarschijnlijk kan je deze vinden op www.andredenhaan.mijnstamboomonline.nl.
Alle wijzigingen welke op deze (oude) omgeving worden gedaan zullen niet meegenomen worden naar de nieuwe omgeving.

Aanvullingen op de 1000e penning van Zwijndrecht anno 1626 (gepubliceerd in Ons Voorgeslacht 2006, p. 401 e.v.)

Met dank aan Kees Jan Slijkerman in Waarde, die zo vriendelijk was mij te helpen bij het identificeren van de navolgende personen.

Zwijndrecht ca. 1650

f. 146 Wouter Cornelisz. inde Roscam: zie De Nederlandsche Leeuw 1997, kolom 313

f. 147v Lambrecht Leendertsz. Schuijtmaecker 

I. Lambrecht Leendertsz., geboren naar schatting ca. 1565, weduwnaar van Zwijndrecht (1606), schuijtmaker te Zwijndrecht (1605), schiptimmerman te Zwijndrecht (1606, 1619, 1626, 1629), heemraad van Schobbelandsambacht (1629), trouwde 1e naar schatting ca. 1590 Adriaentgen Jacobsdr., 2e naar schatting ca. 1594 Heijnricxken Jacobsdr., overleden ca. 1604, dochter van Jacob Henricxsz. en Teuntgen Thonisdr., 3e NG Zwijndrecht 16 april 1606 Hilliken Pietersdr., geboren naar schatting ca. 1575, van Zwijndrecht, weduwe van Jan Hendrixsz. greelmaker (1606), trouwde 4e NG Dordrecht 8 sept. 1619 (30 sept. 1619 bescheid gegeven om in Zwijndrecht te trouwen) Marijnke Marten Geritsdr., van Roermond, weduwe van Gillis Martensz. metselaar, wonende te Dordrecht (1619) [zie genealogie Van der Pijpen op deze website]

ORA Zwijndrecht inv.nr. 2, dd. 27 nov. 1593: Lambrecht Lenaertsz. Schuijtmaker, weduwnaar van Arijaentgen Jacobsdr., verticht met zijn kinderen bij Arijaentgen Jacobsdr.: Neeltgen, Jacob en Elijsabeth Lambrechts.

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 98 e.v.: op 18 nov. 1605 verklaren Jacob Henricxsz. [schiptimmerman] *, als weduwnaar van Teuntgen Thonisdr., Lambert Leendertsz., als weduwnaar van Henricxken Jacobsdr., Jan Jansz. de Haen, als man van Emmeken Jacobsdr., en Henrick Jacobsz., allen erfgenamen van Willem Wense, in zijn leven wonende te Roermond, dat zij "tot indempnite ende versekeringe van alsulcke waarborgen als gestelt sullen worden bij Reijn Gerritsz. Hillen" voor de leverantie van de landerijen en huizen, die hun, comparanten, zijn aangekomen bij overlijden van Willem Wense, tot onderpand gesteld hebben een huis op de Nieuwe Haven, genaamd "Ruermundt". Reijn Gerritsz. Hillen, als man van Aeltken Henricxsz., stelt als waarborg voor de leverantie van genoemde huizen en landerijen de helft van een huis in de Vleeshouwersstraat, staande tussen het huis, genaamd "Vlissingen" en dat van Jan Goossensz. smid.

* 22 sept. 1578: Adriaen Jobsz. en Haddeman Joosten, als weeshuisvaders en administrateurs van het Arme-Weeshuis te Dordrecht, verkopen aan Jacob Henricxsz. schiptimmerman een huis op de Nieuwe Haven, waar uithangt "Remunt", welk huis het weeshuis is aangekomen voor het onderhouden van de vier weeskinderen van wijlen Pieter Willemsz. hellebaardier, die in het weeshuis wonen. (ORA Dordrecht inv. 734, f. 119)

ORA Zwijndrecht inv. 3: op 24 dec. 1605 compareren Lambrecht Lenaertsz. schuijtmaker, inwoner van Zwijndrecht, weduwnaar van Heijnricxken Jacobsdr., enerzijds en Jacob Heijnricxsz., Heijnrick Jacobsz. en Jan Jansz. Haen*, voogden over de drie onmondige weeskinderen, genaamd Arijaen Lambrechtsz. ongeveer 11 jaar oud, Theunis Lambrechtsz. ongeveer 4 jaar oud en Heijltgen Lambrechtsdr. ongeveer 2 jaar oud anderzijds. Vertichting: de vader wordt o.a. bedeeld aan een huis en erf aan het Zwijndrechtse veer en de daarop staande renten en de kinderen aan een huis in Dordrecht, staande aan de Nieuwe Haven en genaamd "Rumunt".

* In 2006 (zie Ons Voorgeslacht 2006, p. 402) las ik (overigens in navolging van de maker van de klapper op de betreffende notariële akten) in ONA Dordrecht inv. 56, f. 776 e.v., akte dd 19 dec. 1629 de naam Jan Jansz. de Hat, pottenbakker te Dordrecht, die kennelijk voogd was geweest over de kinderen van Lambrecht Lenartsz. Na deze akte nogmaals bekeken te hebben blijf ik erbij, dat er staat De Hat en niet De Haen. Vrijwel zeker is evenwel dat hiermee Jan Jansz. de Haen pottenbakker wordt bedoeld, die overigens ook in andere akten van dezelfde notaris figureert. (ABdH)

- 1626: Lambert Leendertsz.schuijtmaker in de 1000e penning van Zwijndrecht aangeslagen voor een vermogen van 4000 gl. (Ons Voorgeslacht 2006, p. 402)

Kinderen (ex 1):

a. Cornelia (Neeltgen) Lambrechtsdr., geboren naar schatting ca. 1590, jonge dochter van Zwijndrecht (1608), trouwde NG Zwijndrecht 28 sept./12 okt. 1608 Adriaen Jacobsz. Ronaer, jong gezel van Zwijndrecht (1608), schout van Zwijndrecht.

b. Jacob Lambrechtsz., geboren naar schatting ca. 1590, jong gezel van Zwijndrecht, schiptimmerman (1621), trouwde NG Dordrecht 10/31 jan. 1621 (getrouwd op het schrijven van de kerk van Zwijndrecht op 31 jan. 1621) Stijnken Henricx, weduwe van Abraham Willemsz.

c. Elijsabeth Lambrechtsdr., geboren naar schatting ca. 1590

Ex 2:

d. Arijaen Lambrechtsz., geboren ca. 1594, trouwde Lijntgen Jansdr.

e. Theunis Lambrechtsz., geboren ca. 1601, varend gezel, van Zwijndrecht (1628), trouwde NG Zwijndrecht/Dordrecht 21 nov. 1628 Digna Bastiaensdr. van Houwelingen, gedoopt NG Dordrecht april 1609, jonge dochter van Dordrecht (1628), dochter van Bastiaen Aertsz. van Houwelingen, munter te Dordrecht, en Louisken Jansdr. van den Bogaert

ONA Dordrecht inv. 93, f. 242, akte dd 9 nov. 1655 Pieter Lambertsz., schiptimmerman en burger van Dordrecht, stelt zich borg voor Teunis Lambertsz. en Johannes Bastiaensz. van Houwelingen wegens ongeveer anderhalve morgen land, gelegen in het Oost-Zomerland voor Heinenoord, gemeen met Pieter Leendertsz. van der Wael c.s, welk land zij verkocht hebben aan Pieter Leendertsz. van der Wael, voor zichzelf en namens hun "consorten", als erfgenamen van Bastiaen Aertsz. van Houwelingen.

f. Heijltgen Lambrechtsdr., geboren ca.1603

Kinderen (ex 2; allen NG gedoopt te Zwijndrecht):

g. Johannes, 18 mrt. 1607 (getuigen: Goyvaert Mattheus, Willem Michiels, Mariken Jans)

h. Hendrick Lambrechtsz., 19 okt. 1608

i. Lenaert Lambrechtsz., 29 aug. 1610

j. Pieter Lambrechtsz., 18 mrt. 1612, volgt II

k. Frans, 26 jan. 1614

l. Abraham,7 jan. 1616

m. Arijaentie, 9 april 1617

n. Hilleken, 23 dec. 1618

II. Pieter Lambertsz. van Swijndrecht, gedoopt NG Zwijndrecht 18 mrt. 1612, mr. schiptimmerman trouwde NN

- 18 sept. 1647: Pieter Lambertsz. van Swijndrecht, mr. schiptimmerman, onlangs met het schip "de Provintie van Zeelandt" uit Oost-Indië in Nederland teruggekeerd, verleent procuratie aan zijn zwager, Maerten Gillisz. van der Pijpen *, "fabrijckmeester" te Dordrecht, om van de Bewindhebbers van de V.O.C. te vorderen de "gagie" en maandgelden, die hij nog tegoed heeft. Hij tekent met zijn naam. (ONA Dordrecht inv. 62, f. 232)

ONA Dordrecht inv. 93, f. 242, akte dd 9 nov. 1655 Pieter Lambertsz., schiptimmerman en burger van Dordrecht, stelt zich borg voor Teunis Lambertsz. en Johannes Bastiaensz. van Houwelingen wegens ongeveer anderhalve morgen land, gelegen in het Oost-Zomerland voor Heinenoord, gemeen met Pieter Leendertsz. van der Wael c.s, welk land zij verkocht hebben aan Pieter Leendertsz. van der Wael, voor zichzelf en namens hun "consorten", als erfgenamen van Bastiaen Aertsz. van Houwelingen.

* zoon van Gillis Maartensz. en Marijnke Maartensdr. en getrouwd met Sijchgen Jan Hendriksdr. (geboren ca. 1604, overleden 22 mrt. 1659 [zerk in de Grote Kerk van Dordrecht]), halfzuster van Pieter Lambertsz.

Kind:

a. Arijen, geboren naar schatting ca. 1635, volgt III

III. Arien Pietersz. (van Zwijndrecht), geboren naar schatting ca. 1635, jongman van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1656), scheepstimmerman, trouwde NG Dordrecht 22 okt. 1656 (ondertrouw) Aeltje Pietersdr. (van Moerkercken), jonge dochter van Dordrecht wonende buiten de Spuipoort (1656), dochter van Pieter Arijensz. van Moerkercken en NN

- 29 sept. 1661: testament van Pieter Adriaensz. van Moerkercken, schiptimmerman en burger van Dordrecht, wonende buiten de Spuipoort. Hij legateert aan zijn vrouw, Marijken Sandersdr., in plaats van het kindsgedeelte, dat hij haar heeft beloofd te geven in hun huwelijkse voorwaarden, gepasseerd voor notaris D. S. Coplaer te Dordrecht op 10 dec. 1642, tot aan haar overlijden een  jaarlijkse uitkering van 36 gl. Hij legateert aan zijn getrouwde dochter, Aeltie Pietersdr. en zijn dochter Pieterken Pietersdr., wonende te Utrecht, elk een bedrag van 300 gl., en aan zijn dochters, Maeijken Pietersdr. en Grietgen Pietersdr., die bij hem inwonen, elk een bedrag van 500 gl. Tot erfgenamen van al zijn overige na te laten goederen en tot voogden benoemt hij zijn zoons, Arijen Pietersz. de oudste, Arijen Pietersz. de jongste en Jan Pietersz. (ONA Dordrecht inv. 96, f. 84 e.v.)

- ORA Dordrecht inv. 791, f. 28v: op 3 mei 1679 verkoopt Jacob Jansz. van der Burgh, oudschoenmaker en burger van Dordrecht, voor 230 gl. aan Jan Jansz. Pluijm, schippersgezel en burger van Dordrecht, een huis in het Torenstraatje, staande tussen het huis van Grietgen Aertsdr. en dat van Isaack de Coninck. Koper is schuldig aan Arijen Pietersz. van Swijndrecht, burger van Dordrecht, een bedrag van 200 gl., verbindende het voornoemde huis. In margine: op 4 febr. 1737 compareert Arij van den Bergh, als eigenaar van dit huis, en toont de originele transportbrief dd 7 mei 1701, waarbij het huis is overgedragen aan Cornelis en Cornelia Hoevenaar, op welke brief stond: ontvangen 200 gl. uit handen van Jacob 't Hooft [w.g.:] Arij Pietersz. van Swijndregt. Schuldbrief derhalve geroyeerd.

- 9 april 1695: Arij Pietersz. van Swijndrecht verkoopt voor 325 gl. contant aan Jan Boer, veertigraad te Dordrecht, ongeveer 2/3 deel van een erf of loods, staande en gelegen buiten de Spuipoort achter het huis van de koper, "soo groot ende kleijn, als 't selve jegenwoordich in sijn heijninge besloten is", strekkende ten westen tot aan de timmerdijk, ten zuiden tot aan Schouhamer en Daniël Combij, en ten noorden aan de loods van de verkoper. (ORA Dordrecht inv. 878, f. 5 e.v.)

- 8 mei 1696: Arien Pietersz. van Swindrecht, oud-schiptimmerman en burger van Dordrecht, verkoopt voor 850 gl., gedeeltelijk betaald met contant geld, aan Jan Cornelis Huijgen, mr. schiptimmerman en burger van Dordrecht, een huis en erf, staande en gelegen tussen de Spuipoort en Sluispoort in de 1e Singel tussen "de raempt" [lakenraam] van Cornelis van Helmont en het huisje van Jacob Boudewijnse, komende achter tegen het lakenraam van Jacob Boudewijnse, zijnde stadsgrond. De koper is schuldig aan de verkoper 650 gl. (ORA Dordrecht inv. 878, f. 25)

- 13 nov. 1696: Arij Pietersz. van Swindrecht, schiptimmerman en burger van Dordrecht, verkoopt voor 375 gl. contant aan Arij Jacobsz. de Jongh, burger van Dordrecht, een loods buiten de Spuipoort, staande op de [sic] schiptimmerwerf tussen het huis van Jan van Evelingen en het huis van Arij Jacobsz. de Jongh, achter uitkomende tegen het huis van de weduwe van Jan Boer. (ORA Dordrecht inv. 878)

Kind:

a. Pieter, gedoopt NG Dordrecht 1658, volgt IV

IV. Pieter Ariensz. van Swijndrecht, gedoopt NG Dordrecht 1658, jongman wonende buiten de Spuipoort (1680), schiptimmerman, trouwde NG Dordrecht 1 dec.1680 (ondertrouw, per schrijven van Hellevoetsluis) Cornelia de Jager, jonge dochter van Geertruidenberg, wonende te Hellevoetsluis (1680)]


f. 148v Egidius Betius predicant: SA Dordrecht, Archief van de NG kerkenraad van Dordrecht (archief 27), acta van 7 juli 1626: "Alsoomen verstaet, dat voor desen de dochter van Michiel Kotermans, brouwer int Hert [brouwerij in Dordrecht] tegen danck vanden vader met den sone van Hans Waggens doorgegaen is, ende noch daerenboven van Ds. Aegidio Becio in Swijndrecht gedoopt is [zij was van huis uit doopsgezind: zie de pagina "Doopsgezinde huwelijken Dordrecht" van deze website], sonder kennisse van eenige predicanten hier binnen, so is goetgevonden, dat Ds. Buijtendijck, de Heere Beverwijck ende Jan Mathijssen Ds. Aegidium tsijnen huijsse daerover sullen aenspreken, ende versoecken dat hij daervan den broederen satisfactie doe voor gedeputeerde des classis."

NG doopboek Zwijndrecht 28 april 1625: gedoopt Anneken Jacobs, 24 jaar oud, wonende te Dordrecht

NG trouwboek Dordrecht 2 aug. 1626 (ondertrouw) Hendrick Waggens van Maaseik met Anna Cotermans Michielsdr. van Dordrecht]

f. 149 Aert Woutersse [van Gouthouven]: zie De Nederlandsche Leeuw 1984, kolom 184 e.v.

f. 149 Leendert Bastiaensse [van de Nes]: zie Kronieken 2000, p. 33 e.v.

 

De 1000e penning van Heerjansdam en Kleine Lindt, Kijfhoek, Heeroudelandsambacht, het Molenambacht, Groote Lindt en Ridderkerk (1626)

(Bron: SA Dordrecht, Stadsarchief Dordrecht nr. 3 (1572-1795), inv. 3975)

 

f. 164v

Quoijer van Heerjansdam ende de Cleijne Lindt

D'ambachtsvrouwe van Heerjansdam     32 ponden

Joris Henricxe Smith     2 ponden

Abraham Mathijsz Hoppel     3 ponden

[Abraham Matteeusz. Hoppel (alias Timmerman), heemraad van Heerjansdam (1619, 1624, 1625), zoon van Matthias Hoppel, gereformeerd predikant van Heerjansdam (1583-1616): zie Ons Voorgeslacht 1957, p. 41 en p. 63.]

Henrick Mathijsse Hoppel     5 ponden

[Hendrik Mathijsz. Hoppel, broer van Abraham. geboren ca. 1579, schout van Heerjansdam (1613), trouwde naar schatting ca. 1600 Inghen Bastiaensdr. Zie Ons Voorgeslacht 1957, p. 62.]

Heijltgen Sebastiaensdr.     1 pond

[Waarschijnlijk identiek met Heijltge Bastiaensdr. jongedochter uit de Linde wonende te Heerjansdam (1631), trouwde NG Barendrecht 7 dec. 1631 (3e gebod) Adriaen Heijndricksz. Outraet, schout van Oost- en West-Barendrecht en Carnisse (Ons Voorgeslacht 1991, p. 173).]

f. 165

Adriaen Wijtten     1 pond en 10 stuivers

[Hij was stedehouder van Heerjansdam van 1622 tot 1629: zie Ons Voorgeslacht 2003, p. 71-73.]

Cornelis Plonen     6 ponden

[Zie De Nederlandsche Leeuw 1996, kolom 413]

Dirck Aerts     4 ponden

Jan Lambrechtsz     1 pond

Willem Jacobsz     3 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 2003, p. 72-73.]

f. 165v

Adriaen Cornelissen Vliet     1 pond

Jan Jacobsz     3 ponden

Adriaen Adriaensz     4 ponden

[Vermoedelijk identiek met Adriaen Adriaensz., boer te Heerjansdam en heemraad ald. (o.a. in 1626): zie Kronieken 1999 (nr.4), p. 242-243.]

Cornelis de Vries     2 ponden en 10 stuivers

[Cornelis Jacobsz. de Vries, heemraad van Heerjansdam (1619, 1622, 1623, 1624) en heemraad van Kleine Lindt (1618, 1626, 1627, 1630): zie De Nederlandsche Leeuw 1996, kolom 413 e.v.

- 5 dec. 1657: comp. voor een Dordtse notaris Aert Cornelisz. de Vries, zoon van wijlen Cornelis Jacobsz. de Vries, "tegenwoordich mondich ende bejaert wesende", geassisteerd met Jan Willemsz. metselaar, voor zichzelf en tevens vervangende Wouter Gerritsz. in Kijfhoek, gewezen voogden van hem, comparant. Hij geeft te kennen, dat zijn moeder, Dieuwken Cornelisdr., weduwe van Cornelis Jacobsz. de Vries, wonende op Heerjansdam bij Develsluis, omstreeks mei 1657 verkocht heeft aan Dirick Schijvelberch, koopman te Dordrecht, 11 hondt 25 roeden zaailand in het Volgerland van Rijsoord onder de watermolen van Rijsoord, met nog ongeveer 10 hondt weiland in Rijsoord. (ONA Dordrecht inv. 65, f. 324)]

De Cleijne Lindt

Pieter Hermansz     2 ponden     seggen geen briefken en hebben

f. 166

De kindere van Leendert Jansse     2 ponden     idem seggen niet opt quoier en staen

[Zie Ons Voorgeslacht 1995, p. 446]

Cornelis de metselaer     2 ponden

Somma over Heerjansdam ende Cleijne Lindt     75 ponden

f. 166v

Quoijer van Kijffhouck

De weduwe ende erffgenamen van Arijen Cornelisz. Jeijskoot     4 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 2002, p. 362-365.]

Wouter Gerritsz [van Gameren alias Hoogerwerf]    6 ponden

[Zie De Nederlandsche Leeuw 1984,  kolom 202.]

D'erffgenamen van Evert Cornelisz. Bijl timmerman     12 ponden [deze inschrijving is doorgehaald, in de marge staat "goet"]

[Onder deze inschrijving staat:] nota: desen boel is al verdeelt inde jaren 1614 ende sijn d'erffgenamen daerover verhoocht en seggen geen billetten hier van en hebben gehadt

Dirck Jansz wonende int Volgerland van [het] voornoemde Ambacht     1 pond

Somma van Kijffhouck     23 ponden

f. 167

Quoijer van Heeroudelantsambacht

Dirck Stevensz. schout     3 ponden en 10 stuivers

[Hij was een zoon van Steven Aertsz. en Mariken Schalckendr. Zie K.J. Slijkerman, Het geslacht van Aert Heijnrickxz. met de tak van der Heul te Heeroudelandsambacht, Hendrik Ido Ambacht en Zwijndrecht (Kapelle 1993), p. 45-48.]

Jan Sijmonsz     3 ponden 10 stuivers

[Hij was getrouwd met een zuster van Dirck Stevensz. Zie K.J. Slijkerman, o.c., p. 48-49.]

De weduwe van Steven Aertsz wonende achter Dordrecht     3 ponden 10 stuivers

[Mariken Jaspersdr., de tweede vrouw van Steven Aertsz., woonde in die tijd waarschijnlijk bij haar zoon Jasper Stevensz. in Dubbeldam (cf. Slijkerman, o.c., p. 40-45 en p. 49). Jasper wordt vermeld in de 1000e penning van Dubbeldam, welk dorp - tenminste vanaf de Merwede gezien - inderdaad achter Dordrecht ligt. Het grootste deel van het Eiland van Dordrecht (de stad zelf en de heerlijkheid van de Merwede uitgezonderd) behoorde tot de jurisdictie van Dubbeldam  De 1000e penning van Dubbeldam 1626 is door mij gepubliceerd in Ons Voorgeslacht 2005, p. 238-245.]

Lijntgen Aeriens weduwe van Leendert Pietersz     3 ponden

[Lijntgen Ariaensdr., weduwe van Leendert Pietersz. Pieterman (Ons Voorgeslacht 2002, p. 230-231.]

Cornelis Sijmonsz van der Giessen     1 pond

[Zie Ons Voorgeslacht 2002, p. 366-367.]

f. 167v

Henrick Adriaensz     2 ponden

Fop Adriaensse     1 pond

[SA Dordrecht, ORA Heeroudelandsambacht, inv. 1, akte dd 10 mrt. 1585: vertichting door Neeltken Reijersdr., weduwe van Adriaen Voppensz., geassisteerd met Jasper Ariaensz., haar gekoren voogd, enerzijds en Cornelis Geritsz. [getrouwd met Jaepken Voppendr.], als oom en bestorven voogd  (van zijnen huisvrouwen wege) over Reijer Adriaensz., 9 jaar oud, Ariaentken Ariaensdr., 5 jaar oud en Vop Adriaensz., 2 jaar oud, nagelaten kinderen van wijlen Adriaen Voppensz., anderzijds.

Idem inv. 1, akten dd 16 jan. 1611 en 13 febr. 1611: Vop Adriaensz. bezit land in Heeroudelandsambacht, hem aangekomen bij overlijden van zijn tante Zijken Reijersdr. (Vriendelijke mededeling van de heer K.J. Slijkerman in Waarde.]

Adriaen Crijnen int Volgerlant     1 pond 10 stuivers

Daniël van Snick     1 pond

Somma over Heeroudelantsambocht [sic]     19 ponden

f. 168

Quoijer van 't Molenambacht

Aert Melssen     2 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 2006, p. 106]

Corn[elis] Leendertsz     3 ponden

De weduwe van Willem Wijllemsz van [der] Mast     10 ponden

[Willem Willemsz van der Mast, geboren ca. 1566, heemraad Groote Lindt (1615-1618, 1620-1623), overleden ca. 1625  (voor 10 apr. 1626), trouwde 1e Aerjaentgen Aertsdr. en 2e ca. 1609 (?) Fijcke Cornelisdr. Romeijn, die hertrouwde met Cornelis Pietersz. Verschoor (Gens Nostra 1992, p. 209-210), met wie zij testeerde op 6 febr. 1641 ten overstaan van de Dordtse notaris Gijsbert de Jager. Ik schat dat Fijcken is geboren ca. 1580/1585 (in ieder geval niet veel voor 1580, omdat zij ca. 1623 nog een kind krijgt. Zij was derhalve aanzienlijk jonger dan haar eerste man.

SA Dordrecht ORA Groote Lindt (archief 509) inv. 2, f. 105 e.v.: op 10 apr. 1626 compareerden voor schout en heemraden van Groote Lindt, Kort- en Molenambacht Fijcken Cornelisdr., weduwe van Willem van der Mast, met Pieter Cornelisz. Romeijn als haar gekoren voogd, enerzijds en Willem Evertsz. van der Mast en Arien Ewoutsz. Smoor, als voogden van Willem, 17 jaar oud, Cornelis, 15 jaar oud, Heinrick, 13 jaar oud, Abram, 10 jaar en Marijken Willemsdr. van der Mast, 3 jaar oud, allen nagelaten weeskinderen van voornoemde Willem van der Mast, door hem verwekt bij Fijcken Cornelisdr., mitsgaders Gijelis Adriaensz. Vinck, schout, als voogd van 's herenwege en voornoemde Arien Ewoutsz. Smoor, als getrouwd hebbende Geertruijt Willemsdr. van der Mast, door dezelfde Willem van der Mast verwekt bij Aerjaentgen Aertsdr., zijn eerste vrouw zaliger, allen erfgenamen van Willem van der Mast, anderzijds. Comparanten zijn overeengekomen, dat Fijcken zal behouden het land, huis, boomgaard, "betelinge ende betimmeringe", ossen, koeien, hokkelingskalveren, varkens en paarden, alle huisraad, goud en zilver, gemunt of ongemunt, alle inkomsten en schulden en alle gereedschappen, die haar man heeft nagelaten. Daarvoor verbindt zij zich de schulden van de nalatenschap voor haar rekening te nemen en belooft zij haar kinderen en Arien Ewoutsz. Smoor daarvan te vrijwaren. De vijf weeskinderen zullen bij het bereiken van hun 20e jaar 1/5 part ontvangen van 12 morgen vrij land, waarvan 5 morgen zijn gelegen tegen het huis van Marienis Teunisz., bovendien nog anderhalve morgen land, van de dijk af naast het land van Joost Ariensz. Tol en tenslotte ieder 100 gl. van 20 stuivers het stuk. Fijcken Cornelisdr. belooft aan Arien Ewoutsz. Smoor een somma van 1300 gl. te betalen over zijn gedeelte van zijn vrouws vaderlijke goederen en nog 300 gl. over hetgeen hij "sustineerde" tegoed te hebben vanwege het testament van zijn vrouws moeder zaliger, samen bedragende derhalve een somma van 1600 gl.

SA Dordrecht ONA Dordrecht inv. 40, f. 7 e.v.: op 6 febr. 1641 compareerden voor notaris G. de Jager Cornelis Pietersz. Verschoor, wonende in het Kort Ambagt van Zwijndrecht en zijn vrouw Fijtgen Cornelisdr. Romeijn , om te testeren. Als hij de eerstoverlijdende is, legateert hij aan de Armen 50 gl., te verdelen door zijn vrouw naar haar goeddunken. Hij legateert aan de huisarmen, staande onder de bediening van de diaconie van IJsselmonde, 50 gl. en aan Cornelis Willemsz. van der Mast, Abraham Willemsz. van der Mast en Marijcken Willemsdr. van der Mast, de kinderen van zijn vrouw, 100 gl., uit te reiken na het overlijden van zijn vrouw, zulks dat zij daarvan haar leven lang het vruchtgebruik zal hebben. Tot erfgename van al zijn overige na te laten goederen benoemt hij zijn vrouw, op voorwaarde, dat haar efgenamen na haar overlijden aan zijn verwanten en erfgenamen ab intestato een somma van 4200 gl. zullen uitkeren. Als testatrice de eerstoverlijdende is, legateert zij aan de Armen 50 gl.. Zij benoemt tot erfgenamen van haar overige nalatenschap haar vijf [sic!] kinderen en haar man voor een kindsgedeelte. Testateren benoemen de langstlevende van hen beiden tot voogd.

Op 11 juni 1654 transporteren Cornelis Willemsz. van der Mast te Mijnsheerenland, Abraham Willemsz. van der Mast te Heeroudelandsambacht en Marijcke Willemsdr. van der Mast, weduwe van Jenefaes Hermensz. van der Kloet, vleeshouwer te Dordrecht, allen kinderen en erfgenamen van Fijcke Cornelisdr., 3 morgen land aan de Krommeweg (Gens Nostra 1992, p. 210).]

Jan Adriaensz op Meerdervoort     2 ponden

Somma over 't Molenambacht     17 ponden

f. 168v

Quoijer van de Groote Lindt

Brechgen Gillisdr weduwe wijle Adriaen Adriaensz Vinck met haar ongehoude [= ongehuwde] kinderen     30 ponden

[Zie De Nederlandsche Leeuw 1987, kolom 370-371]

Gillis Adriaensz Vinck [schout in 1626: zie hierboven bij f. 168]   13 ponden 10 stuivers

[Zie De Nederlandsche Leeuw 1987, kolom 370-371 en Ons Voorgeslacht 1997, p. 264]

Pieter Cornelisse     6 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 2006, p. 108 en  K.J. Slijkerman, Het Geslacht van Dalum (van Dalem, van Dalen) te Groote Lindt, Hendrik Ido Ambacht, en Zwijndrecht (Rotterdam 1991), p. 12-15.]

Pieter Huijgensz     5 ponden

De weduwe van Pieter Jansse Visser met haar kinderen     10 ponden

[Zij heette Lijntgen Thonisdr. Zie Ons Voorgeslacht 2002, p. 370-371 en Ons Voorgeslacht 2006, p. 110.]

f. 169

Jan Pieter Alersz   3 ponden

Pieter Adriaensz [Jeijskoot] als getrout hebbende de weduwe van Pieter Jansz     4 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 2002, p. 370-373.]

Huijch Gijlen     2 ponden

Leendert Cornelisz Soetentijt     3 ponden

[Hij is de stamvader van het geslacht Van 't Hoff te Groote Lindt: zie Nederlands Patriciaat jrg. 74 (1990), p. 269.]

Jan Cornelisz Timmerman     1 pond

f. 169v

Ghijsbert Adriaensse     3 ponden

[Uit hem ontsproot een tak van het geslacht Nuchteren: zie K.J. Slijkerman, Het geslacht Nuchteren (Nugteren) te Ridderkerk, Groote Lindt, Zwijndrecht, IJsselmonde, Hendrik Ido Ambacht en Rijsoord (Rotterdam 1991), p. 14 e.v.]

Somma over de Groote Lindt     80 ponden en 10 stuivers

Quoijer van Ridderkerck

f. 170

Adriaen Pouwels Dijckgraeff      13

Bastiaen Adriaensz. weduwe ende kinderen    1

Adriaen Maerten Sijmons       4

Aert Aertsz. weduwe met haer kinderen      9

Adriaen Cornelisse Baes      8

f. 170v

de weduwe van Pieter Cornelis Henricxe      5

Cornelis Boijensz.        2

Adriaen Bastiaensz. getrout met Maertgen Cornelisdr.      1

Damas Dircxe       7

Cornelis Bom secretaris      3

f. 171

d'erffgenamen van Daem Jansse Romanis      4

Pieter Bastiaensz.     5

Dirck Plonen Verschoor      14

Adriaen Adriaensz. Nuchteren       2

Pietergen Roocken       1

f. 171v

Adriaen Gielen      1

Cornelis Cornelisse Cleijsen      3

Pieter Jansse Ruijter      3

Bastiaen Geeraerden     4

Gerrit Sijmonsz.   3

f. 172

Jacob Adriaen Elderden, is vertrocken     [1 pond doorgehaald]

Thonis Cornelisse Cleijsen     4

Adriaentgen Aerts     2-10 [3 ponden doorgehaald]

Leentgen Willemsz., obijt, heeft nijet naergelaeten     [2 ponden doorgehaald]

Leendert Cornelisz. met sijn suster       2

f. 172v

Cornelis Aertsz.      8

Thonis Aertsse weduwe      8

Willem Bastiaensz. vande Nes    4

Janneken Jans weduwe       3

Jacob Adriaen Ploonen   3

f. 173

Adriaen Pouwelsz. Driesprong       4

Jacob Jacobsz.       8

Maertgen Jacobsdr.       6

Daen Pietersz.    3

Adriaen Gleijnen      16

f. 173v

Thonis Plonen      3

Cornelis Theunisse     1

Joost Jacobsz.     8

Herman Pleunen       5

Ploon Tucx      2

f. 174

Pieter Adriaen Teuw      1

Wouter Ellerts      4

Heijltgen Leendert weduwe met haer kinderen       8

Claes Foppen      5

Wouter Ploenen, staet Thonis        3

f. 174v

Leendert Leendertsz. timmerman   4

Dirck Jansse corencooper      7

Adriaen Coosen    6

Adriaen Leendertsz.        3

Ploon Cornelisse Hen     12

f. 175

Pieter Adriaen Willemsz. met de kinderen     4

Lijntgen Adriaen Willemsdr.      1

Jacob Gerritsz.      1

Cornelis Pietersz. Kindt      3

Jan Lourensz.     6

f. 175v

de weduwe van Huijch Jansse Meijntgens     3

Joris Bastiaensse       2

Quirijn Adriaen Huijser        7

de ses kindere van Quirijnen [sic] Adriaen Huijser     6

Jan Jacobsz. snijder       3

f. 176

Henrick Jansse Boer      1

Barber Huijgen     1

Maertgen Segers weduwe       8

Grietgen Pieters   2

Joost Pietersz. wever met sijn kinderen       2

f. 176v

Cornelis Willemsz. Stoeije      10

Agata Jansdr., is een arme ouwe weduwe, niet ten beste      [1 pond 12 schellingen doorgehaald]

Dirck Woutersz. Verduijn       5

de weduwe van Pieter Jansse cramer       2

Philps Philpsz.       1

f. 177

Pieter Henricxe        8

Sijmon Huijgen     2

Anneken Pieters weduwe    1-10

Jan Roelantsz. smith      4

Claes Pietersse Hoffman    2

f. 177v

Aert Wijten      6

Geeraert Lodewijcxe       2

Cornelis Foppen den Ouden      1

Cornelis Foppen den Jongen      2

Henrick Geeraerts     15

f. 178

de kindere van Leendert Adriaensz.     7

Vincent Franssen      12

Mariken Adriaens weduwe   12

Jacob Adriaensz. Vinck     12

Jacob Jacobsz. van der Craen      16

f. 178v

Adriaen Adriaensz. Baes      9

Cornelis Adriaensz. Baes    4

Cornelis Gielen      6

Pieter Jacobsz. Cranendonck      8

Joris Jan Damasse     8

[Joris Jan Dammis, boer in Nieuw-Reijerwaard, waarsman van Oud-Reijerwaard, diaken en ouderling van Ridderkerk, overleden tussen 1645 en 8 juli 1652 (Gens Nostra 2012, p. 143 e.v.)]

f. 179

Willem Pietersz. Penning    1

Willem Cornelisse Romani     2-10 [5 ponden doorgehaald]

Gerrit Jan Damasse        7

Teeus Sijmonsz.       6

Willem Huijgen       2

f. 179v

Cornelis Bastiaensse      2

Adriaen Ploonen       3

Cuijniertgen Ploonen     1-10

Henrick Hiesvelt collecteur, insolvent     [2 ponden doorghaald]

Somma over Rijdderkerck       477


De 200e penning van Ridderkerk  (1638)

(Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3978)

Geraadpleegde literatuur:

C. Sigmond en K.J. Slijkerman, De geslachten Cranendonck in Holland (ca.1400-1700), (Rotterdam 1992)

f. 98

Adriaen Pouwelsz. ouden Dijckgraeff [alias Kranendonk]     40 ponden

Jacob Gerritsz. [Boer alias van der Segen]  25 ponden

[Cf. De Nederlandsche Leeuw 1987, kol. 371-372]

Cornelis Arijen Maertensz. met sijn broeder ende suster    7 ponden 10 sch.

Adriaen Aerts [Kalis] met de suster     45 ponden

[Adriaen Aertsz. Kalis, gedoopt NG Ridderkerk 17 nov. 1588, overleden kort vóór 15 mei 1644, waarschijnlijk te Slikkerveer, zoon van Aert Aertsz. en IJchtgen Adriaensdr. Hij woonde evenals zijn ouder te Slikkerveer. Zijn zuster was weduwe van Claes Jacobsz. Blaeck. Adriaen Aertsz. trouwde NG Ridderkerk 13 juni 1632 Roockje Ariensdr. Cranendonck, gedoopt NG Ridderkerk 12 dec. 1607 (Sigmond/Slijkerman, o.c., p. 362-363]

de weduwe van Pieter Cornelisz. Henricxsz.      7 ponden 10 sch.

f. 98v

Cornelis Aertsz. Leeuwenburgh      10 ponden

Cornelis Boeijensz. met de kinderen       15 ponden

Adriaen Bastiaensz.     10 ponden

Damas Dircxsz.       15  ponden

Pieter Bastiaensz.      10 ponden

f. 99

Dirck Pleunen  Verschoor     70 ponden

[26 febr. 1625: Dirck Ploenen Verschoor, kapitein te Ridderkerk, voor zichzelf en als voogd van o.a. de kinderen van Leijtgen Ploenen, bij haar verwekt door Querijn Arensz. Huijser te Ridderkerk, Pieter Huijgen Cranendonck, als man van Elisabeth Ploenen Verschoor, voor zichzelf, en Ploen Ploenen Verschoor, de jongste zoon, voor zichzelf, allen kinderen en erfgenamen van wijlen Ploen Dircxz. Verschoor, verkavelen land in Dirck Smeetsland. (Sigmond/Slijkerman, o.c., p. 250)

Adriaen Adriaensz. Nuchteren     5 ponden

Adriaen Gielen        15 ponden

Bastiaen Gerritsz. getrout met de weduwe van Cornelis Cornelis Cleijsz.       30 ponden 

Gerrit Sijmonsz.          10 ponden

99v

Thonis Cornelis Cleijsz.     25 ponden

Harber Cornelisz.      5 ponden

Cornelis Cornelisz.     5 ponden

Cornelis Aert Heijmansz.       45 ponden

de weduwe van Thonis Aertsz. met haer kinderen      25 ponden

f. 100

Willem Bastiaensz. van Nes     20 ponden

Fop Leendert Foppen     25 ponden

Janneken Jans weduwe      15 ponden

Willlem Pietersz. Waert     15 ponden

Arijen Vincken    5 ponden

f. 100v

Jacob Arijen Pleunen    5 ponden

Arijen Pleunen den Jongen met sijn soon      15 ponden

Jacob Jacobsz.      70 ponden

Daen Pieter Bastiaensz.      15 ponden

Adriaen Gleijnen [Drogendijk]      105 ponden

[Adriaen Gleijnen Droogendijck, geboren naar schatting ca. 1595, jongman van Rijsoord, bouwman aan de Drogendijk onder Rijsoord (1621), weduwnaar wonende onder Ridderkerk (1641), overleden ca. 1642, trouwde 1e NG Rijsoord Heijltgen Lenaertsdr.van Driel, gedoopt NG Rijsoord 20 april 1597, jonge dochter uit Rijsoord (1621), dochter van Lenaert Foppen van Driel en Maijken Cornelisdr., 2e NG Rijsoord 11 mei/2 juni 1641 Stijntje Teunisdr., jonge dochter van Kijfhoek (1641), trouwde 2e NG Rijsoord 6 dec. 1643 Pieter Cornelisz. Velthoen

- 1637: Adriaen Gleijnen Drogendijk wordt wegens nalatigheid beboet door de dijkgraaf van Ridderkerk

- 10 mei 1641: huwelijkse voorwaarden tussen Arijen Geleijnen Droogendijck, weduwnaar wonende onder Riddekerk en Stijntgen Teunis, jonge dochter, geassisteerd met Teunis Sijmons, wonende te Kijfhoek, haar vader. (Ons Voorgeslacht 1999, p. 327)

- 12 febr. 1666: compareren voor de Dordtse notaris G. Walthery Abraham Adriaensz., schout van Kijfhoek, en Gleijn Adriaensz. Droogendijck, beiden als procuratie hebbende van Adriaen Abrahamsz. Jeijskoot, als man van Hendrixken Adriaensdr., Engel van der Laan, als getrouwd hebbende Maeijcken Adriaensdr., en Adriaen Adriaensz., mitsgaders diezelfde Gleijn Adriaensz. nog "in sijn privé", allen kinderen en erfgenamen van Adriaen Gleijnen Droogendijck zaliger en beiden zich sterk makende voor Jan van Bebber, lakenkoper en burger van Dordrecht, "indien naermaels bevonden mochte werden hem dese saecke ende de volgende parthije landts mede aen te gaen". Comparanten verklaren, dat zij in voornoemde hoedanigheid aan Jan Woutersz., wonende onder Ridderkerk, verkocht hebben 3 morgen wei- en zaailand, gelegen onder de jurisdictie van Ridderkerk, waarvan de belendingen aan koper bekend zij, welk land laatst gebruikt is door Pleun Woutersz. en Huijch Cornelisz. en "in tochte" bezeten is door Stijntien Anthonisdr., de laatste vrouw van Adriaen Gleijnen zaliger. De koopsom bedraagt 1900 gl. (ONA Dordrecht inv. 297, f. 250 e.v.)

Kinderen (ex 1, volgorde onzeker):

a. Heindricxken Arijensdr. Droogendijck, gedoopt NG Rijsoord 29 mei 1622, jonge dochter van Rijsoord (1641), weduwe wonende onder Sandelingenambacht (1648), trouwde 1e NG Rijsoord 26 mei 1641 Henrick Arijensz. van den Nes alias van der Giessen, boer te Sandelingenambacht, overleden ca. 1647, 2e NG Hendrik-Ido-Ambacht 7 nov. 1648 (ondertrouw) Adriaen Abrahamsz. Jeiskoot, jongman van Kijfhoek (1648), landbouwer (Ons Voorgeslacht 2002, p. 389)

- 19 april 1641: Henrick Arijensz. van der Giessen en Hendricxken Arijensdr. Droogendijck, jonge dochter wonende te Ridderkerk, geassisteerd met haar vader, Arijen Geleijnen Droogendijck, en haar ooms, Fop en Cornelis Leendertsz. van Driel, passeren te Dordrecht huwelijkse voorwaarden. De vader belooft zijn dochter 4 mrg. zaailand, 11 hond 75 roeden land in Kijfhoek en een bedrag van 100 gl. De tegenpartij zal er echter wel tevreden mee moeten zijn dat laatstgenoemde landerijen pas ontvangen zullen worden als Droogendijcks jongste dochter 20 jaar is geworden en dan, overeenkomstig het testament van hun moeder zaliger, met haar andere zusters zal gaan kavelen. (Kronieken 2000, nr. 1, p. 57)

b. Lijntien, gedoopt NG Rijsoord 24 okt. 1632 (getuigen: Anneken Eldertsen, Pieter Govertsen, Cornelis Lenertsen)

c. Marijken, gedoopt NG Rijsoord 5 nov. 1634 (getuigen: Barbertien Lenertsen), trouwde Engel van der Laan

d. Gleijn Adriaensz. Droogendijck

e. Adriaen Adriaensz. Droogendijck

(C.L. van Es van der Have, Genealogie van het geslacht Drogendijk [Puttershoek 1941], p. 22; Kwartierstatenboek Prometheus XIV, p. 252; Ons Voorgeslacht 1999, p. 334)]

f. 101

Thonis Ploenen     30 ponden

Cornelis Teeusz.     10 ponden

T weeskint van Herman Joosten     10 ponden

Hermen Pleunen       25 ponden

Pleun Teeusz.      5 ponden

f. 101v

Lenert Arijemaet      5 ponden

Pieter Jacobsz. Decker      5 ponden

Pieter Arijen Teeusz.        7 ponden 10 sch.

Wouter Eldertsz.        10 ponden

Heijlken Lenerts met haer kinderen        25 ponden

f. 102

De weduwe van Claes Foppen met haer kinderen       15 ponden

Wouter Pleunen [Leeuwenburg] met de dochter       35 ponden

Leendert Leendertsz. Timmerman        15 ponden

Dirck Jan Jorisz.      10 ponden

Cornelis Arijen Goossen       5 ponden

f. 102v

Adriaen Leendertsz. Schipper       10 ponden

Pleun Cornelisz. Henne       65 ponden

Pieter Arijen Willemsz.      20 ponden

Jacob Gerrartsz.       5 ponden

Pieter Arijen Robbrechtsz. nasaet van Cornelis den Hartog     5 ponden

f. 103

Cornelis Pietersz. Kints weduwe     15 ponden

Ploen Quirijnen      7 ponden 10 sch.

Dirck Arijensz.      7 ponden 10 sch.

Joris Bastiaensz.      7 ponden 10 sch.

Quirijn Ariensz. Huijser       15 ponden

f. 103v

Quijrijn Arijensz. Huijser den soon ongetrout        5 ponden

Jan Jacobsz. weduwe       10 ponden

Leendert Arijensz.         5 ponden

Henrick Jansz. Boer      10 ponden

[Hendrick Jansz. Boer, geboren naar schatting ca. 1595, jong gezel van Ridderkerk (1617), boer op de ouderlijke pachthoeve en huurlanden op Slikkerveer in Nieuw-Reijerwaard, landeigenaar in Oud- en Nieuw-Reijerwaard, woonde in Slikkerveer (1654), overleden na 17 nov. 1659 (vermoed. vóór 1665), trouwde NG Ridderkerk 15 okt. 1617 Aeltgen Cornelisdr., jonge dochter van IJsselmonde (1617) (Ons Voorgeslacht 2002, p. 103-104)]

Maertgen Segers weduwe      50 ponden

f. 104

Cornelis Jansz.       15 ponden

Leendert Heijndricxsz. In't Velt     65 ponden

Pieter Hendricksz.      65 ponden

Sijmon Huijgen       10 ponden

Jan Roelen Smith     25 ponden

f. 104v

Cornelis Foppen den Jongen      20 ponden

Heijndrick Gerritsz. van Gaembre     75 ponden

Maertgen Lenerts Arijenswagers dochter    5 ponden

Maritgen Lenertsdr.       5 ponden

Jacob Arijensz. Elderen       5 ponden

f. 105

Vincent Fransz.         30 ponden

Jacob van de Craen       80 ponden

Adriaen Adriaensz. Baes dijckgraeff       60 ponden

Jacob Arijensz. Vinck      60 ponden

[- 20 mei 1649: comp. voor een Dordtse notaris Jacob Arijensz. Vinck en Roocxken Arijensdr. van Cranendonck, weduwe van Arijen Aertsz. Kalis, wonende te Ridderkerk. Zij stellen zich borg voor Pauwels Arijensz. Cranendonck alias Romaijn, wonende te Ridderkerk, voor een schuld van 600 gl. aan Cornelia van den Hatert, weduwe van Willem Sijeren. (ONA Dordrecht inv. 45, f. 127v)]

Cornelis Adriaensz. Baes      20 ponden

f. 105v

Cornelis Michielsz.      40 ponden

De weduwe van Pieter Jacobsz. Cranendonck met haer kinderen     40 ponden

Joris Jan Damasz.        45 ponden

Willem Cornelisz. Romeijn           35 ponden

Gerrit Jan Damasz.    20 ponden

f. 106

Cornelis Quirijnen Huijser nasaet van Sijmon Matheusz.       5 ponden

Willem Huijgen     10 ponden

Leendert Gerritsz. Mijnlieff      7 ponden

[Cf. Ons Voorgeslacht 2013, p. 129 e.v.]

Adriaen Ploen Hermansz.    17 ponden 10 sch.

Cuijnera Ploenensoon      5 ponden

f. 106v

Dirck ende Willem Goossensz. Bom    5 ponden

Adriaen Arijensz. Elderen      5 ponden

 

De 200e penning van Barendrecht (1638)

(Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3978)

Geraadpleegde literatuur:

C. Sigmond en K.J. Slijkerman, Drie verwante geslachten Van Driel (Rotterdam/Waarde 1998)

f. 112

Arijen Cornelis Hordijck heemraet       70 ponden

Cornelis Danen van Driel       17 ponden 10 sch.

Arijen Foppen weeskint van Fop Danen [van Driel] ende Adriaentgen Arijens [Hordijk]      15 ponden

[Zie Ons Voorgeslacht 1965, p. 127-130; L.W. Hordijk, Geschiedenis en genealogie van de families Hordijk, deel I (Brielle 1979), p. 22 en Sigmond/Slijkerman, Van Driel, p. 171]

Henrick Sijmons      11 ponden

[Hij trouwde als j.m. van Oost-Barendrecht op 29 mei 1622 (NG Barendrecht, derde gebod) met Adriaentge Krijne (Huijser) j.d. van Ridderkerk.

ONA Dordrecht inv. 70, f. 173 e.v.: op 1 mei 1629 comp. voor notaris D. Coplaer Crijn Adriaensz. Huijser, wonende te Ridderkerk. Hij verklaart schuldig te zijn aan Wouter de Gelder, burger van Dordrecht, een bedrag van 200 gl. Borg: Hendrick Sijmonsz., wonende te Oost-Barendrecht.]

Arijen Dircxs heemraet       21 ponden

[Cf. Ons Voorgeslacht 2006, p. 269.]

f. 112v

Daniel Foppen van Driel      50 ponden

[Cf. Sigmond/Slijkerman, o.c., p. 170-171 en Ons Voorgeslacht 1965, p. 123-127.]

Leendert Foppen van Driel      7 ponden 10 sch.

[Volgens Sigmond/Slijkerman (o.c., p. 173-179) was hij een buitenechtelijke zoon van Daniel Foppen van Driel. Hij is waarschijnlijk nooit getrouwd geweest. Nog in 1668 wordt hij vermeld als inwoner van Oost-Barendrecht.]

Pieter Teeus       7 ponden 10 sch.

[Hij werd geboren ca. 1584 en trouwde als jongman van Ridderkerk op 17 nov. 1607 (NG Ridderkerk) met Ploontje Cornelisdr. Zij vestigden zich vermoedelijk omstreeks 1610 in Barendrecht. In 1608 werd nog een kind van hen gedoopt in Ridderkerk en in 1611 wordt Pieter Teeus, zwager van Jacob Cornelisz. Leeuwenburg, vermeld als inwoner van Barendrecht. (Ons Voorgeslacht 1991, p. 437-438)]

Pieter Cornelis Vogelaers weduwe      5 ponden

Frans Leenderts      40 ponden

[Hij was boer aan 's-Heerendijk te Barendrecht en trouwde vóór 5 aug. 1607 met Mariken Jansdr. (Zie Kronieken 2000, nr. 1, p. 40)]

f. 113

Arijen Pieters Driesprong       40 ponden

Jacob Quirijnen       15 ponden

Quirijn Jacobs [Groenendijk]       7 ponden 10 sch.

[Ons Voorgeslacht 2001, p. 234-235]

Coenraet Anthonis [van der Wilt]      15 ponden

f. 113v

Arijen Pieters Sandelingh      75 ponden

Pieter Dircxs       5 ponden

[ONA Dordrecht inv. 55, f. 213 e.v.: op 15 aug. 1625 testeert Pieter Dircxsz., inwoner van Barendrecht. Hij prelegateert aan zijn dochters, beiden Maijken Pietersdr. genaamd, elk een somma van 200 gl. en aan de twee weeskinderen van zijn overleden dochter Bastiaentgen Pietersdr. samen een zelfde bedrag. Tot erfgenamen van al zijn overige na te laten goederen benoemt hij zijn genoemde dochters en kleinkinderen, alsmede het weeskind van Aechtgen Francken, bij haar verwekt door Dirck Dircksz., welke Aechtgen een dochter was van testateurs overleden dochter Ariaentgen Pietersdr. Hij stelt aan tot voogden over zijn minderjarige erfgenamen Arijen Gerritsz. Boone, wonende te Maaslandsluis en Jan Aertsz., inwoner van Barendrecht. Akte door testateur ondertekend.]

Jan Bastiaens     15 ponden

 

De 200e penning van West-IJsselmonde (1667)

(Stadsarchief Dordrecht nr. 3,  inv. 3980)

f. 253

1. Roocxken Sijmonsdr. weduwe [van Willem Jacobsz. Noortdijck (vriendelijke mededeling van de heer K.J. Slijkerman in Waarde)]     45 ponden

2. de weduwe van Dirck Bastiaense Boer schout        20 ponden

3. Cornelia Pleunen weduwe van Sijmon Willemse Noortdijck      15 ponden

[doorgehaald: 4. Pietertie Arijens weduwe van Schout     10 ponden

"verarmpt, door ordre vande Gerechte geroyeert"]

4. Fleures Pauwelsz. op      10 ponden

5. de kinderen van Lijntgen Damis      50 ponden

6. Pieter Huijgen Cranendoncx weduwe      35 ponden

7. Cornelis en Leendert Arijense broeders      20 ponden

f. 253v

8. Ingen Hendricxsz.        [doorgehaald: 5 ponden]

"door ordre vande Gerechte geroyeert"

9. Pieter Jacobsz. Rap       5 ponden