»

»

»

»

»
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»


VERPONDING VAN DORDRECHT 1606 (DEEL 2)



Geraadpleegde literatuur:

M. Balen, Beschryvinge der stad Dordrecht, 2 delen (Dordrecht 1677)

H.A. van Duinen en C. Esseboom (red.), Water wordt een feest zodra het bij de brouwer is geweest. Dordtse brouwerijen door de eeuwen heen. Jaarboek van de Historische Vereniging Oud-Dordrecht 2007 (Dordrecht z.j.)

C. Esseboom en N.L. Dodde, Minerva Dordracena. 750 jaar klassiek onderwijs in Dordrecht (1253-2003), (Dordrecht 2003)

C.J.P. Lips, Wandelingen door Oud-Dordrecht, 2 delen (Zaltbommel 1974)

(f. 140)

In Steversloot [het Steegoversloot] van voeren ter slinckerhant innegaende

de weduwe van Gerit Baltensz.      12-10

bij de voorgaande in margine: 't derde part van den huijerman in surcheantie als op voorgaende jaeren

Jan Cornelisz. kleermaker       7-10

f. 141v

de weduwe van Ariaen Willemsz. Valck      5

mr. Thomas Geritsz. {van der Tuijnen, chirurgijn}       4

{Thomas Gerritsz. (van der Tuijnen), chirurgijnsgezel van Leeuwarden (1604), chirurgijn, overleden ca. 1625, trouwde NG Dordrecht 31 mrt./4 mei 1604 Maijken (Mariken) Jan Ottendr., van Dordrecht wonende in het Steegoversloot (1604) 

- 1 juni 1627: Joost Joostensz. pasteibakker verkoopt aan Frans Mathijsz. Dicke kleermaker een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Pieter Gaduijts en dat van Jan Otten kleermaker. Waarborg: Maijken Jansdr., weduwe van mr. Thomas van der Thuijnen. (ORA Dordrecht inv. 766, f. 90v)

- 2 nov. 1630: Pieter Gaduijts verkoopt aan Joost Joostensz. van Nieuwenhoven een huis in het Steegoversloot, aan ťťn zijde belend door het huis van Maeijken Jansdr., weduwe van mr. Thomas chirurgijn. (ORA Dordrecht inv. 768, f. 54 e.v.)

- 29 nov. 1634: Maeijken Jansdr., weduwe van Joost Joostensz. van Nieuwenhoven verkoopt aan Willem van der Wal een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van mr. Thomas van der Tuijnen en dat van Jan Otten. (ORA Dordrecht inv. 770, f. 57)}

Jan Otten kleermaker     4

{Jan Otten, geboren ca. 1553, kleermaker van Dordrecht (1579), overleden na 29 nov. 1634, trouwde NG Dordrecht 23 juni 1579 Heijlke Henrick Jacobsdr., geboren ca. 1549, dochter van Henrick Jacobsz. korenmeter en Truijchgen Adriaensdr. vroedvrouw

ORA Dordrecht inv. 709, f. 30: op 28 jan. 1570 verklaart Jan Otten kleermaker, dat hij volledig voldaan en betaald is door zijn broer Hubrecht Otten, wonende te "Ballegoeij" bij Grave, van alle goederen, erfenis en besterfenis, hem comparant aangekomen bij overlijden van zijn vader Oth Hubertsz.

- 22 okt. 1577: Jan Otten kleermaker verkoopt aan Cornelis Geleijne schiptimmerman een huis in de Heer Mathijsstraat (= Kolfstraat), staande tussen het huis van Cornelis van Diemen en dat van Cornelis de Gijselaer. In plaats van waarborg verbindt de verkoper zijn huis in de Vriesestraat, staande tussen het huis van de Minnebroeders en de "camere" van de erfgenamen van Colster. Koper kent schuldig aan verkoper 35 ponden 16 schellingen 8 groten Vlaams. (ORA Dordrecht inv. 733, f. 128)

- 14 mrt. 1589: Adriaen Ariensz. zwaardveger, 44 jaar oud, zijn vrouw Jaepgen Henricxdr., 42 jaar oud, Jan Otten kleermaker, ongeveer 36 jaar oud en zijn vrouw Heijltgen Henricxsdr., 40 jaar oud, leggen een verklaring af op verzoek van Lijnken Jacobsdr. van Antwerpen. (ORA Dordrecht inv. 718, f. 219)

ORA Dordrecht inv. 743, f. 115v: e.v. op 11 okt. 1593 verkopen Neeltge en Trijntge Jacobsdrs., erfgenamen van Lijsgen Gerritsdr., hun oudtante, aan Jan Ottensz. kleermaker, hun oom, de helft van een huis in de Vriesestraat, staande tegenover de dwarsgang van het Blindeliedengasthuis tussen de "Cameren van de Slingelanden" en de huizen van de Minnebroeders, waarvan de andere helft toekomt aan Jan Ottensz. Koper kent schuldig aan verkoopsters een bedrag van 500 gl.}

de weduwe van Ariaen Fransz.     3-2

Baertelmeus Bertelsz. sloetmaecker       5

f. 142

Govert Jansz. huikmaker        8

doctoer Foereest huurt van de weduwe van Cornelis Jacobsz.      15

de weduwe van Henrick Verstegen      17-10

de weduwe van Huijgo Snouck      8-15

de weduwe van Henrick Pietersz.     11-5

f. 142v

de weduwe van Pieter Aelwijn      12-10

de weduwe van Balten Fransz.       15

de weduwe van Govert Fransz. huurt van Arent Claesz.       12-10

Ariaen Ariaensz. timmerman      10

Aert Hermansz. [Wor, wijnkoper]      7

{ORA Dordrecht inv. 1594, f. 14: op 9 febr. 1617 verklaart Aert Hermansz. Wor, wijnkoper en burger van Dordrecht, dat hij tot "indemniteijt" van de borgtocht, die Quijrijn Cornelisz. voor hem en zijn vader. Herman Aertsz. Wor, heeft  gepresteert t.b.v. Bastiaen Quirijnen ten bedrage van 1500 gl., verbonden heeft een huis in de Gravenstraat, genaamd "den Middelborger", staande tussen het huis Pieter Ariensz. Cousijntgen en dat van Rut Mathijsz., alsmede een huis in het Steegoversloot, staande tussen een huis van de stad Dordrecht en het erf van Pompeus de Roovre, lid van de Oudraad.}

f. 143

Herman Aertsz. [Wor, metselaar]       5

{ORA Dordrecht inv. 1593, f. 121 e.v.: op 15 dec. 1616 verklaart Herman Aertsz. Wor, metselaar en burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan zijn zuster Anneken Aertsdr. een bedrag van 600 gl., hetwelk hij als borg voor zijn zoon Aert Hermansz. heeft betaald, verbindende een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Dirck de boogmaker en dat van wijlen ... [sic] schiptimmerman.

ORA Dordrecht inv. 1594, f. 4v: op 11 jan. 1617 verklaart Herman Aertsz. Wor, metselaar en burger van Dordrecht, schuldig te zijn aan Maerten Cornelisz. de Boeffkens een somma van 1200 gl., welke hij heeft betaald aan zijn zoon Aert Hermansz. Wor, als "beschadigde borg", verbindende een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Dirck de boogmaker en dat van de kinderen van [naam niet vermeld] huistimmerman.

ORA Dordrecht inv. 1594, f. 7v: op 14 jan. 1617 verkoopt Herman Aertsz. Wor, metselaar en burger van Dordrecht, aan Pompeus de Roovre een derde part van een erf en hetgeen daarop gebouwd is, genaamd "den Molen", staande en gelegen in het Steegovesloot tussen het grote huis van "de Molen", dat nu eigendom is van Aert Hermansz., en het huis van Thonis Thonisz. schrijnwerker.}

Dirick Barents boochmaecker       9-5

{ORA Dordrecht inv. 1554, akte 630: op 1589 verkoopt Cornelis Cornelisz. huistimmerman aan Dirck Barentsz. boogmaker de helft van een huis met een gang, waardoor men in de doorgang, genaamd Bijsterveld, komt, van welk huis de koper reeds de wederhelft bezit, staande in het Steegoversloot tussen het huis van Hermen Aertsz. metselaar en het huis van de weduwe van Willem Ariensz. muntenaar. Waarborg: Cornelis Cornelisz. alias Backer. Borg voor de koper: Cornelis Jacobsz. boogmaker.}

Frans Jansz. bakker        7

Jan Bastiaensz. schrijnwerker      13-10

[cf. hieronder bij f. 242

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 19: op 14 mrt. 1605 verklaren Wouter Woutersz., voor zichzelf en als man van Pleuntken Pietersdr., Herman Jansz., als man van Judith Pietersdr., en Lijntgen Andriesdr., weduwe van Steven Pietersz. glasmaker, allen kinderen en erfgenamen Pieter Stevensz. en Rokusken Willemsdr., dat de weduwe en erfgenamen van Dirck Melisz. op hen sprekende hebben een custingbrief, waarvan nog resteert een bedrag van 525 gl., gehypothekeerd op een huis in het Steegoversloot, staande op de hoek van de Kleine Doelstraat, welk huis zij, comparanten, inmiddels hebben verkocht aan Jan Bastiaensz. schrijnwerker, die daarvoor verleden heeft een custingbrief van 532 gl.]

Willem Jansz. brandewijnman      8-15

f. 143v

Willem Pietersz. kuiper      8-10

de weduwe van Guilliame Pelle huurt van Repelaer     8-10

Willem van den Brouck [notaris en procureur]       15

{ORA Dordrecht inv. 1583, f. 50 e.v.: op 6 okt. 1603 verkoopt Anthonis van Osch, als testamentaire voogd van de kinderen van Susanna Waerdenborch, verwekt door Joris Willemsz. Ettenestour, aan Willem van den Brouck Gerritsz., notaris en procureur te Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen de St. Jorisdoelen en het huis van de kinderen van Huijch Jansz. kuiper. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 2068 gl. Borg: Cornelis Sijbertsz. brouwer en lid van de Oudraad van Dordrecht.}

Sint Joris doel       nihil

Franchoijs Fransz. huurt van [sic]     17

{ORA Dordrecht inv. 1585, f. 56: op 12 okt. 1607 verkoopt Anneken de Haen Jansdr., echtgenote van Francois de Buijlere Francoisz., aan Cornelis en Dirck Werckman, kinderen van Ottho Werckman, verwekt bij Diricxken Cornelisdr., een jaarlijkse losrente van 14 gl., verzekerd op een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Cornelis Sandersz. en de Kloveniersdoelen. In margine: Lidewij Cornelisdr. weduwe Wouter Jansz. Diter, verklaart op 30 dec. 1617 dat de hypotheek volledig is afgelost.

ORA Dordrecht inv. 1588, f. 182: op 1 dec. 1611 verkoopt Anna Jansdr. den Haen, de vrouw van Francois de Buijlere, aan Jan Cornelisz. van Beaumont, lakenkoper en burger van Dordrecht, een jaarlijkse losrente van 28 gl., verzekerd op een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Cornelis Sandersz. en de Doelen.

ORA Dordrecht inv. 1590, f. 127v e.v.: op 30 nov. 1613 verkoopt Anna Jansdr. de Haen voor 5300 gl. aan Henrick Smits, koopman en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen de St. Jorisdoelen en het huis van Cornelis Sanders. Waarborgen: Sijmon Muijs, secretaris van de Hoge Vierschaar van Zuid-Holland en Adriaen Anthonisz. huistimmerman. Adriaen van Heusden wijnkoper en Franchois Fransz. de Beulere [de Buijlere], vervangende hun zusters en schoonzusters, verklaren, dat Sijmon Muijs en Adriaen Anthonisz. waarborgen zijn geworden voor de lasten, die eventueel nog op het door Anna Jansdr. de Haen gekochte huis in het Steegoversloot zullen vallen. De koper is schuldig aan de verkoopster een somma van 2300 gl. Borgen: Cornelis Struijs en Cornelis Smits, kooplieden en burgers van Dordrecht.

ORA Dordrecht inv. 1594, f. 95v: op 31 okt. 1617 verkoopt Henrick Smits, kruidenier en burger van Dordrecht, voor 5000 gl. aan Jordaen van Foreest, doctor in de medicijnen te Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, strekkende van de straat tot achter aan de gracht van de Doelen, staande tussen de St. Jorisdoelen en het huis van Cornelis Sandersz. Waarborgen: Cornelis Smits en Joost Cornelisz. Doot huistimmerman, burgers van Dordrecht. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 2600 gl. Borgen: Dirck Pietersz. van den Honaert en Dirck Jacobsz. Absou, brouwer en burger van Dordrecht.

Jordaen van Foreest en Isabella van Schilperoort laten dopen NG Dordrecht febr. 1608 een zoon Johan.

ORA Dordrecht inv. 1610, f. 27v e.v.: op 16 mei 1643 verkoopt Blasius van Haerlem, raad in wette van Dordrecht, als procuratie hebbende van dr. Nanning van Foreest, dijkgraaf van Geestmerambacht, Schagen en Nijedorper Coggen, voor 2400 gl. aan Cornelis Vaens, koopman en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, strekkende van de straat tot achter op de gracht en staande tussen het huis van de koper en de St. Jorisdoelen. De koper is schuldig aan de verkoper een somma van 2000 gl. In margine: Cornelis Vaens verklaart op 2 aug. 1647, dat de hypotheek volledig is afgelost.}

f. 144

Cornelis Sandersz. [kleermaker]     3-15

{ORA Dordrecht inv. 1583, f. 1 e.v.: op 1 mei 1603 verkoopt Trijntken Reijersdr., weduwe van Cornelis Cornelisz. Wor, voor 1150 gl. aan Cornelis Sandersz. kleermaker een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Franchoijs de Buijlere en dat van de kinderen van Nelleken Jansdr. Waarborg: Lijsbeth Reijersdr., weduwe van Pijeter Jansz. Fabri. De koper is schuldig aan verkoopster 700 gl. Borg: Michijel Augustijnsz. de Gelpere. In margine: de erfgenamen ab intestato van Cornelis Sandersz. verklaren op 24 jan. 1626, dat de schuld volledig is afgelost.

ORA Dordrecht inv. 1583, f. 46v e.v.: op 25 sept. 1603 verklaren Cornelis Sandersz. kleermaker en burger van Dordrecht, weduwnaar van Grijetken Jansdr., enerzijds, en Janneken Jansdr., weduwe van Adriaen Henricxsz., secretaris van Heerjansdam, als enige erfgename van Grijteken Jansdr., anderzijds, dat zij de goederen, die Grijetken Jansdr. heeft nagelaten en die zij in gemeenschappelijk bezit met haar man heeft gehad, verdeeld te hebben. Cornelis Sandersz. behoudt het huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Franchoijs de Buijlere en dat van Nelleken Jansdr. Janneken Jansdr. krijgt alle kleren van Grijetken Jansdr. en die van haar dochter Truijcken Cornelisdr., alsmede een somma van 156 gl. Voorwaarde is voorts, dat Janneken met haar kind bij Cornelis Sandersz. mag blijven wonen en bij hem in de kost zal blijven tot mei 1604.

Weeskamer Dordrecht inv. 17, 95 e.v.: inventaris dd 10 jan. 1626 van de goederen, die zijn nagelaten door Cornelis Sandersz. en zijn vrouw Grijetgen Jansdr. Tot de baten van de boedel behoort een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van mr. Adriaen van Blijenburch en dat van de erfgenamen van dr. Jordaen van Foreest, welk huis met toestemming van de weesmeesters van Dordrecht voor 1400 gl. is verkocht aan mr. Adriaen van Blijenburch. Op 7 febr. 1626 compareren voor de weesmeesters Andries Jansz. van St.Annakerk op de Bilt in Friesland, Geerit Geeritsz., als man van Geertruijt Jansdr., mede wonende aldaar, Herman Jansz., wonende in Harlingen, namens zijn drie kinderen bij Niesgen Jansdr., t.w. Jan, 20 jaar oud, Pieter, 17 jaar oud en Beligen Hermans, ongeveer 14 jaar oud, voornoemde Andries Jansz. nog als oom en voogd van moederszijde van Jelger Jelgersz., kind van Stijntgen Jansdr., samen erfgenamen ex testamento van Cornelis Sandersz., tijdens leven inwoner van Dordrecht. De comparanten verdelen onderling de boedel van Cornelis Sandersz.

ORA Dordrecht inv. 1602 (nieuw), f. 3: op 27 jan. 1626 verkopen Andries Jansz. van St. Annekerck in Friesland, voor zichzelf en als oom en voogd van Jelger Jelgersz., onmondig weeskind van Stijngen Jans, Truijgen Jans, de vrouw van Gerrit Gerritsz. van St. Annekerck in Friesland, Herman Jansz., als vader en voogd van Jan Harmensz., Pieter Hermansz. en Beeltgen Hermansdr., verwekt bij Neesgen Jans, allen erfgenamen van wijlen Cornelis Sandersz., voor 1400 gl. aan mr. Adriaen van Blijenburch, heer van Naaldwijk en oudraad te Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van de koper en dat van wijlen Jordaen van Foreest. Waarborg: Victor Jansz. van Bleijnkvliet.

ORA Dordrecht inv. 1605, f. 2e.v.: op 15 aug. 1631 verkopen mr. Cornelis van Beveren, heer van Strevelshoek, Gerrit de Pelgrum, schout van Breda, Pompeus de Rovre, heer van Hardinxveld, mr. Pieter de Rovre, baljuw van Zuid-Holland, en mr. Matthijs Berck, secretaris van Dordrecht, allen testamentaire voogden van de weeskinderen van wijlen Adriaen van Blijenburch, schout van Dordrecht, voor 1025 gl. aan Maximiliaen Milaen een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Cornelis Vaens en dat van Nanning van Foreest. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1025 gl.

ORA Dordrecht inv. 1606, f. 129v: op 20 mei 1636 verkoopt Macximiliaen Mijlanen, burger van Dordrecht aan Marijcken Maertens, weduwe van Jan Willemsz., moutmaker en burgeres van Dordrecht,een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van de erfgenamen van dr. Foreest en dat van Cornelis Vaens. Waarborgen: Pieter Schiff de oude en Servaes Willemsz., burgers van Dordrecht.} 

Sijer Teusz. huurt van Anthonij Jansz. steenhouwer      7-10

{ORA Dordrecht inv. 1586, f. 118v: op 7 juli 1609 verkoopt Jan Hermansz., burger van Dordrecht, vervangende Neeltgen Hermansdr., zijn zuster, aan Digna Geeritsdr., weduwe van Jan Govertsz. van der Haghe, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van de koopster en het huis van Cornelis Sandersz. Waarborg: Adriaen Jansz. Mes lakenkoper}

[de weduwe van] Jan Govertsz. vuijten Haege      12

{ORA Dordrecht inv. 1587, f. 99v: op 19 aug. 1610 verbindt Digna Geeritsdr., weduwe van Jan Govertsz., geassisteerd met haar zoon, Geerit Jansz., ten behoeve Dirck Pietersz. van de Honert  wegens een borgtocht van iets meer dan  5112 gl., die hij voor haar heeft gepresteerd op 14 april 1609, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Thonis Schut kuiper en dat van Cornelis Sandersz.

ORA Dordrecht inv. 1595, f. 48 e.v.: op 7 juni 1618 verkopen Dirck Pietersz. van den Honert, achtraad van Dordrecht, als procuratie hebbende van Geerit Jansz. van den Haege, voor een vierde part, Franchois Alewijnsz., achtraad van Dordrecht, als de voogd van de kinderen van zijn broer, Alewijn Alewijnsz., verwekt bij Adriana Jansdr. van den Haege, voor een vierde part, Pieter van Gelre, secretaris van de stad Tholen, als man van Marijken Jansdr. van den Haege, voor een vierde part, en Jan Pietersz. Vekemans, notaris te Dordrecht, als procuratie hebbende van Elias Schoock, als man van Geertruijdt Jansdr. van den Haege, volgens procuratie gepasseerd voor schepenen van Zaltbommel op 16 mei 1618, voor het laatste vierde part, allen kinderen resp. kleinkinderen en erfgenamen van Digna Geeritsdr., voor 5700 gl. aan Servaes Helling een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Anthonis Schut kuiper en dat van Cornelis Sandersz. Geerit Helling, koopman en burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van Servaes Helling, zijn zoon, verklaart schuldig te zijn aan de vier verkopers elk een bedrag van 825 gl.

ORA Dordrecht inv. 1601, f. 132: op 25 okt. 1625 verkoopt Blasius van Haerlem de jonge, als curator van de boedel van Servaes Helling aan mr. Adriaen van Blijenborch, heer van Naaldwijk, waardijn van de Munt van Holland en lid van de Oudraad van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Cornelis Sandersz. en dat van Anthonis Schut.

ORA Dordrecht inv. 1605, f. 1v e.v.: op 15 aug. 1631 verkopen mr. Cornelis van Beveren, heer van Strevelshoek, Gerrit de Pelgrum, schout van Breda, Pompeus de Rovre, heer van Hardinxveld, mr. Pieter de Rovre, baljuw van Zuid-Holland, en mr. Matthijs Berck, secretaris van Dordrecht, allen testamentaire voogden van de weeskinderen van wijlen Adriaen van Blijenburch, schout van Dordrecht, voor 6800 gl. aan Cornelis Vaens, korenkoper en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis, dat is gekocht door Maximiliaen Milaen, en het huis van Theunis Schut.}

Thonis Geritsz. Schut [azijnmaker]      10

{Weeskamer Dordrecht inv. 18, f. 59: op 4 sept. 1628 compareert voor weesmeesters van Dordrecht Anthonis Geeritsz. Schut, azijnmaker te Dordrecht en verklaart, dat hij overeenkomstig het testament van 11 febr. 1622 gehouden is zijn zoon Jan Anthonisz. Schut, thans 6 jaar oud, te alimenteren en te onderhouden tot zijn  twintigste jaar en hem bij zijn huwelijk een somma van 600 gl. uit te keren, boven de 278 gl., welke de verkoop van de kleren, juwelen en het zilverwerk, nagelaten door comparants overleden vrouw Janneken Brandt, heeft opgebracht. Voor de nakoming daarvan verbindt comparant zijn huis, erf en toebehoren, staande en gelegen in het Steegoversloot te Dordrecht, waarin hij woont en dat wordt belend door het huis van de schout Adriaen van Blijenborch en dat van Oth Willemsz. "spellemaker".

ORA Dordrecht inv. 1606, f. 107: op 18 dec. 1635 verklaart Thonis Schuth, azijnmaker en burger van Dordrecht, dat hij schuldig is aan Geerit Schuth en Goris Jacobsz., resp. zijn zoon en "zwager", een bedrag van 500 gl., staande tussen het huis van Cornelis Vaens en Oth Willemsz. speldenmaker.}

{ORA Dordrecht inv. 1595, f. 6 e.v.: op 10 jan. 1618 verkoopt Sara Verhaegen, weduwe van Jacob Canijn boekdrukker, voor 2850 gl. aan Sophia Cornelisdr., weduwe van Elias van Westcappel, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Otto Willemsz. en dat van Thonis Geeritsz. Waarborgen: Susanna Verhaegen, weduwe van Anthonij de Lengiers, en Thonis Jansz. wijnkoper.}

Oth Willemssen speldenmaker      7-10

{Ott(o) Willemsz. van der Valck, trouwde naar schatting ca. 1605 Stijnke Jans

ORA Dordrecht inv. 1589, f. 90v e.v.: op 19 juli 1612 verkoopt Otto Willemsz., speldenmaker en burger van Dordrecht, een jaarlijkse losrente van 46 gl. 17 st. 8 p., verzekerd op een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Thonis Schut kuiper en het huis van Barent Geeritsz. coomen.

ORA Dordrecht inv 1592, f. 8v: op 10 febr. 1615 verkoopt Ott Willemsz., peldenmaker en burger van Dordrecht, aan Johan van den Corput, rentmeester van de Hoge Lage Zwaluwe, en Jacob van den Corput, grossier van wollen lakens, "ten behoeve vant gansche geslachte van die van den Corput", een jaarlijkse losrente van 18 gl. 15 st. verzekerd op een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Thonis Geeritsz. Schut en dat van Jacob Cam.

ORA Dordrecht inv. 1617, f. 87v e.v.: op 7 april 1654 verkopen Stijntgen Jans, weduwe van Oth Willemsz. van der Valck speldenmaker, voor de helft, en Lambert Otten van der Valck, burger van Dordrecht, en Trijntgen Otten van der Valck, Catarina Otten van der Valck en Geertruijt Otten van der Valck, "bejaerde ongehoude dochters", burgeressen van Dordrecht, geassisteerd met voornoemde Lambert van der Valck, hun broer, voor de wederhelft, allen kinderen van Stijntgen Jansdr., aan Cornelis Vaens, lid van de Oudraad en thesaurier van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van de koper en dat van Arent Cock.

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht)

a. Lambert Otten van der Valck, nov. 1611

b. Perijnke, nov. 1614

c. Catarina Otten van der Valck, juli 1616

d. Geertruijdt Otten van der Valck, juli 1618}

f. 144v

Barent Geritsz. coomen        10

Anthonis Geritsz. spelmaecker      10

Jacob Thomasz. {Cotermans} pletskoper      10

{Jacob Thomasz. Cotermans, geboren ca. 1546, pletsverkoper te Dordrecht, overleden in of na 1618, trouwde naar schatting ca. 1565 Trijntgen Michielsdr.

ORA Dordrecht inv. 899: verklaring dd 19 sept. 1605 op verzoek van Aert Aertsz., inwoner van Breda, door Jacob Thomasz. Cotermans, pletsverkoper en burger van Dordrecht, ongeveer 59 jaar oud.

ONA Dordrecht inv. 54, f. 25 e.v.: op 11 sept. 1618 testeren voor notaris Anthonij Cloots Jacob Thomasz. Cotermans, ziek in bed liggende en zijn vrouw Trijntgen Michielsdr., gaande en staande, inwonende poorters van Dordrecht. Zij herroepen eerdere testamenten e.d. en verklaren bij deze te prelegateren aan Jacob Jansz. Giers en Trijntgen Jan Giersdr., nagelaten weeskinderen van Mariken Jacobsdr., hun dochter zaliger, bij haar verwekt door Hans Giers, een somma van 400 gl., welke door de na te noemen voogden op rente uitgezet dient te worden en waarvan zij hun leven lang het vruchtgebruik zullen mogen genieten. De eigendom van dat prelegaat zal evenwel toekomen aan hun wettige kinderen of de naaste verwanten en erfgenamen ab intestato van de testateuren. Zij benoemen tot erfgenaam de langstlevende van hen beiden, die gehouden zal zijn de drie kinderen van Mariken Jacobsdr. Cotermans, bij haar verwekt door Hans Giers, mitsgaders haar vierde kind, bij haar verwekt door Jan Hermansz., indien Jan Hermansz., "bij quade fortuijne ... tot armoede quame te geraecken, ende anders niet", op te voeden, alimenteren etc., tot hun achttiende jaar of tot het moment, waarop zij, met toestemming van de langstlevende van testateuren en hun naaste verwanten, gaan trouwen. Indien zij echter pas na het overlijden van testateuren achttien jaar worden of gaan trouwen, zal voor hen een somma van 2000 gl. op rente uitgezet moeten worden, uit de opbrengsten waarvan zij gealimenteerd zullen worden. De testateuren institueren Thomas Jacobsz. Cotermans, hun dochter Anneken Jacobsdr. en [de gezamenlijke kinderen van] voornoemde Mariken Jacobsdr. tot erfgenamen van hetgeen zij bij hun huwelijk gekregen hebben, waarmee comparanten genoemde kinderen "eerlijcken naer heuren state, ende gelegentheijt hebben vuijtgeseth". De langstlevende moet, indien hij of zij gaat hertrouwen, aan Thomas en Anneken elk een bedrag van 500 gl. uitreiken. Uit de goederen, die de langstlevende zal nalaten, moet voor elk een bedrag van 600 gl. op rente worden uitgezet, maar Thomas zal niets erven, zo lang hij niet aan de boedel heeft gerestitueerd de borgtocht van 1000 gl., die zijn vader voor hem heeft "gepresteert". Tot voogd over hun minderjarige erfgenamen benoemen zij de langstlevende en tot medevoogden Michijel Jacobsz. Cotermans brouwer, Claes Gijsbrechtsz. Veer [getrouwd met Anna Jacobsdr. Cotermans], koopman te Amsterdam, Jan Jacobsz. Cotermans brouwer en Frans Adriaensz. [van Dorsten] zijdenlakenkoper [getrouwd met Margaretha Jacobsdr. Cotermans.]

Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3968, f. 153: Jacob Thomassen van Breda betaalt in de verponding van 1619 voor zijn huis in het Steegoversloot 10 ponden.}

Balten Salijbos goudsmid {zilversmid}     10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 141v e.v.: op 6 mei 1606 verkoopt Jan Jansz. huistimmerman aan Balthen Salibos, zilversmid en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Jacob Thomasz. en dat van Guilliaume van de Waerde. Waarborg: Adriaen Leunissen huistimmerman. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 1900 gl. Borg: Cornelis Cornelisz. pasteibakker.

ORA Dordrecht inv. 1589, f. 18: op 11 febr. 1611 verklaart Balthen Balthensz. Zalibosch zilversmid, dat hij tot "bevrijdinge" van de borgtocht, die Wouter Schoormans voor hem ten behoeve Lijsbeth Pauwelsdr. voor een somma van 800 gl. heeft gepresteerd, verbonden heeft een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Cornelis Sijbertsz. brouwer en dat van Jacob Thomasz. Cotermans.}

Guilliame van Waerde     10

f. 145

Jan Jansz. timmerman     6

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 141: op 5 mei 1606 verkoopt Anthonia Wenssen Jansdr., weduwe van Damas Jobsz. van Slingelandt, geassisteerd met haar zoon Job van Slingelandt Damasz., aan Jan Jansz., huistimmerman en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van mr. Johannes Poliander, predikant te Dordrecht, en dat van Guilliam van de Waerde, strekkende voor van de straat tot achter aan de stadsgracht. De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 775 gl. In margine: op 8 mei 1659 verklaart Nicolaes Maes schilder, dat de schuld volledig is afgelost.}

mr. Andries de Meestere     nihil

Johannes] Poliander predikant {van de Waalse gemeente te Dordrecht}    nihil

{ORA Dordrecht inv. 1582, f. 86v e.v.: op 1 febr. 1603 verkoopt Nicolaes Simonsz. van der Mijl, procureur voor de Kamer Juditiaal van Dordrecht, voor 2650 gl. aan Johannes Polyander, predikant van de Waalse gemeente te Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van de stad Dordrecht, dat wordt bewoond door mr. Andrijes de Meester, en het huis van Damas Jobsz. Waarborgen: Franchoijs Alewijnsz. en Laurens de Gelder, burgers van Dordrecht. De koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 1938 gl. Borgen: Coenraet van Norenburch en Jan Elias Eerdewijns.}

Johannes Polyander

Cristoffel Wats huurt van Jacob van Driel    37 schellingen 6 deniers

{ORA Dordrecht inv. 1594, f. 5v e.v.: op 14 jan. 1617 verkoopt Emanuel van den Steen, burger van Dordrecht, als man van Elisabeth van Driel, voor zichzelf voor een derde part, tevens als procuratie hebbende van Schrevel van Driel, raad ordinaris van de Provinciale Raad "van zijne hoocheden geordonneert in Vlaenderen", volgens procuratie gepasseerd voor twee notarissen te Gent op 30 sept. 1616, voor een derde part, en als procuratie hebbende van Cornelis van Driel, wonende te "Empts", voor een derde part, aan Henrick van Kessel, wonende te Dordrecht, een huis met een klein huis daarnaast, staande in het Steegoversloot tussen de gracht en een huis van de stad Dordrecht. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1125 gl. Borgen: Cornelis Dircxsz. en Franchoijs van Aeckerlaeck.}

Jacob Hamers verwer huurt van Damas Jobsz.     30 schellingen

f. 145v

Over de brug

Jacob Hannecop      15

Dirick Jansz. Claptas      8

de weduwe van Herman Walraven     2-12

Bengamijn Ariaensz. [Troost] timmerman      7

bij de voorgaande in margine: in surcheantie 2-10 als op voorgaende jaeren

Jacob Willemsz. timmerman       2

f. 146

Thuijsken van Groenevelt       2-10

4 woninkjes gaan om godswille    nihil

Aende Vest

de gouverneur Groenevelt      12-10

Wederom inde straat

Mels Joesten geelgieter huurt van Abram Joesten [schoenmaker]      3-15

Cornelis Jochemsz. [hoedenmaker]       2-12-6

f. 146v

Jan Willemsz. timmerman      2-12

Hans Doeijen muntenaar       6

Meus Aertsz. timmerman     6

Jacob Aertsz. van den Bos huurt van Dirick Bastiaensz.     10

Dirick Huijgen timmerman     3

f. 147

Jan Bastiaensz. sledenaar    2-12-6

In de Augustijnenkamp

Jan Joesten molenaar 2-12-6

Adriaen Cornelisz. [leertouwer]     6-5

Henrick Roelen sledenaar voor de twee woningen   2-10

Diricxken Jacobsdr. [weduwe]     2-10

f. 147v

Jan Meusz. spelmaecker     2-12

Reijnier Mateusz. wever      2

Goessen Mateusz. wever    3

Henrick Aertsz. huurt van de weduwe in de Kelck     3-10

Wouter Huijbertsz. schoenlapper     2-12

f. 148

Franchoijs Schouttet voor de tuin       2-12-6

Ocker Ariaensz.        2-12-6

Jacob Willemsz. schrijnwerker    3-18-6

de weduwe van Claes van Beaumont      9

Robert Coleth de Jonge      4

f. 148v

Frans Lamertsz. timmerman       3

Anneken Jansdr. huurt van de Pimpel     4

Floris Mateusz. mesmaecker       6

bij de voorgaande in margine: voor den huijerman in surcheantie 20 schellingen als op voorgaende jaeren

Janneken Henricxdr.     4

de weduwe van Maerten Henricxsz.       4

Andrijes Pietersz. [smid] in het huisje van Embrecht      2

bij de voorgaande in margine: is geremitteert ten aensiene van des eijgenaers armoede als op voorgaende jaeren

f. 149

Pieter Jansz. wever      6

de weduwe van Balten orlogemaecker       6

de woning en het vethuis van Frans Beens       7-10

Cornelis Henricxsz. huurt van Frans Snouck     2-12-6

f. 149v

Marijken Jans huurt van voornoemde Snouck    37 schellingen 6 deniers

Aende ander sijde

De Groote Schoel      nihil

["De Magistraet der stad Dordrecht altijt in alle treffelickheyt uytgemunt hebbende, ende wel bewust zijnde, hoe vele datter in't welvaren van hare Borgery gelegen was aen de Geleertheyt, heeft na de veranderinge van Regeringe ende Religie, om in geen duysterheyt te onderstutten, in't jaer 1579 van het Grau-susteren [Clarissen-] klooster een groote Schole opgerecht, alwaer de Ionckheyt de Latijnsche ende Griecsche talen, als oock de beginselen van de Philosophie zoude leren". (Johan van Beverwijck, geciteerd door Esseboom/Dodde, o.c., p. 119). De Latijnse school was dus gevestigd in het voormalige Clarissenklooster, dat stond in de Nieuwstraat op de noordoosthoek van de Augustijnenkamp. (ibid.)]

De Latijnse school (nr. 24) op de plattegrond van J. Blaeu (1645)

Jan van de Drijessen wever      2-12-6

Cornelis Segersz.       35 schellingen

Jacques Eliasz. huurt van de erfgenamen van Wouter Corssen    2-12-6

bij de voorgaande in margine: in surcheantie 17 schellingen 6 deniers

f. 150

Cornelis Pietersz. sledenaar     25 schellingen

Willem Ariaensz. kalkdrager     37 schellingen 6 deniers

Jorden Jansz. timmerman     2-12-6

Pieter de kleermaker     2-12-6

de weduwe van Ariaen Goessen     2-12-6

f. 150v

Hans Tambourijn   2-12-6

Maerten Cornelisz. schoenmaker    2-12-6

{ORA Dordrecht inv. 1602 (nieuw), f. 6: op 16 febr. 1626 verkopen Willem Jacobsz. timmerman, Cornelis Jansz. schoenmaker en Cornelis Gerritsz., arbeider aan de straat [sjouwer], als erfgenamen van Maerten Cornelisz., voor de ene helft, en Robbert Jansz., als man van Lijntgen Maertens, en Jasper Troijen, als transport hebbende van Meijnsgen Jacobs, weduwe van Fredrick Jansz. kousenmaker, als erfgenamen van Marijcken Arijensdr., voor de andere helft, aan Goovert Jansz. Heijmans, als oom en voogd van Isaack Lambertsz. Heijmans, een huis in de Augustijnenkamp, staande tussen het huis van Hans Tamborijn en dat van Aert Pietersz. metselaar.}

Lambert Cornelisz. metselaar      2-12-6

Over de brug

Claes Jansz. wever     3-15

de weduwe van Oth Geritsz.      2-12-6

f. 151

Gerit Matijsz. brilmaker      3-15

Reijer Cornelisz. bakker      4

Anthonij Reijniersz. [Valckenier]     30 schellingen

Henrick Geritsz. steenhouwer     2-12-6

Cornelis Hal[l]inck lakenbereider    4-2-6

f. 151v

mr. Philips schoolmeester huurt van Struijs      4-10

de weduwe van Ariaen Mertensz.     2-12-6

Wederomme int Steversloot

Sijmon Geemensz. [schoenmaker]     5

[NG trouwboek Dordrecht 3 jan. 1593: Simon Gemensz. schoenmaker van Geertruidenberg en Borchten [Borgien] Evertsdr. van Dordrecht, weduwe van Adriaen Lenaertsz., getrouwd op 17 jan. 1593

idem 27 febr. 1600: Sijmon Gemansz. uit de Langstraat van Capelle weduwnaar schoenmaker en Jacomijntgen Cornelisdr. [Oems] van 's-Hertogenbosch weduwe van Jan Petersz., getrouwd op 12 mrt. 1600

Kinderen (ex 2, volgorde onzeker):

a. Borchien Sijmonsdr. van Cappel, overleden vůůr 21 jan. 1653

b. Jan Sijmonsz. van Cappel, overleden vůůr 21 jan. 1653

c. Maeijken Sijmonsdr.

- 21 sept. 1593: Simon Gemansz. verkoopt een jaarlijkse rente van 9 gl., verzekerd op een huis in de MariŽnbornstraat, staande tussen het huis van Pieter Adriaensz. en het huis van Emmeken Jans, weduwe van Jan Jenefaesz. (ORA Dordrecht inv. 743, f. 95)

- 20 mei 1596: Simon Gemansz. verkoopt aan Bartholomeus  Henricxsz. en Huijbert Jacobsz., beiden schoenmakers, voor 1000 gl. een huis in de MariŽnbornstraat, staande tussen het huis van Pieter Claesz. en dat van Emmeken Adriaensdr. Waarborgen voor verkoper: Maerten Jansz. schoenmaker en Pieter Ariensz. schipper. (ORA Dordrecht inv. 744, f. 69v)

- 30 april 1605: Barent Gerritsz., kramer en burger van Dordrecht, verkoopt aan Zijmon Geemansz., burger van Dordrecht, een huis, genaamd "de Houthaeck", staande in het Steegoversloot op de hoek van de Augustijnenkamp tussen het huis van de erfgenamen van Marijken de kaaskoopster en 's herenstraat. Borgen van Sijmon Gemensz.: Jan Ariensz. bakker en Maerten Jansz. Buijs. (ORA Dordrecht inv. 748, f. 42 e.v.

- 4 april 1613: Jan Cornelisz. en Sijmon Gemansz., schoenmakers te Dordrecht, borgen voor Frans Corstiaensz., molenaar te Dordrecht. (ORA Dordrecht inv. 754, f. 30v)

- 23 juli 1620: Seger Cornelisz., huistimmerman te Dordrecht, verklaart, dat hij "ter bevrijdinge van alsulcke borchtochte als Sijmon Geemansz. ... voor hem comparant ter somme van ses hondert gulden metten intereste van dien ... ten behouve van Jan Adriaensz. Lotterich op huijden ... heeft gepresteert", verbonden heeft een erf omtrent het Weeshuis, liggende tussen het huis van de weduwe en erfgenamen van Jan Maertensz. kuiper en het erf van Jacob Nevel. (ORA Dordrecht inv. 761, f. 97)

- 11 febr. 1623: Sebastiaen de Graeff, notaris en procureur te Dordrecht, verkoopt in die hoedanigheid, met toestemming van de Kamer Judiciaal, aan Simon Geemansz. een huis achter de Doelen, staande in het Weeshuisstraatje tussen het huis van Maerten Jansz. kuiper en dat van Jacob Nevel. (ORA Dordrecht inv. 764, f. 23)

- 29 april 1643: Sijmon Geemansz. verkoopt aan Franchois Monie een huis in de Doelstraat, staande tussen het huis van Samuel Berckenbosch en dat van de weduwe van Maarten Jansz. kuiper. Waarborg voor verkoper: Jan Sijmonsz., boekbinder te Dordrecht. (ORA Dordrecht inv. 774, f. 17)

- 21 jan. 1653: Jan Geemansz. van Cappel en Pieter Arijensz. van der Linde, burgers van Dordrecht, als voogden van de kinderen van Jan Sijmonsz. van Cappel en het kind van Borchien Sijmonsdr. van Cappel, en Maeijken Sijmonsdr., geassisteerd met Jan Pietersz. Walbeecq, samen kinderen en kindskinderen van wijlen Sijmon Geemansz. van Capelle, verkopen aan Arent Muijs van Holij, notaris te Dordrecht, een huis in de Wijnstraat, staande tussen het huis van Huijbert Roosboom en dat van Nicolaes van Bree. De koper is schuldig aan de weeskinderen van Jan Sijmonsz. van Cappel een somma van 800 gl. (ORA Dordrecht inv. 1615, f. 7v e.v.)]

Anthonij Ariaensz.      3

Henrick Stevensz. timmerman    2-12-6

f. 152

Truijcken Jacobsdr.    25 schellingen

Walraven Claesz.     12

dokter Persijn    12

Ghijsbrecht Lamertsz. [Lambertsz.]       12

de weduwe van Damas Jobsz.       6-12-6

[I. Damas Jobsz. van Slingeland, trouwde Anthonia Jansdr. Wenssen, overleden in of na 1606

- ORA Dordrecht inv. 736, f. 189v: op 3 juni 1581 verkopen Fijcken Cornelisdr., weduwe van Jan Wensen Jacobsz., voor de ene helft, en Thomas Thomasz., als man van Machtelt Wenssen, Damas Jobsz., als man van Thoontgen Wenssen,  en Jacob Simonsz. de oude, als man van Aerjaentgen Wensen, allen voor zichzelf en samen tevens vervangende Adriaen Jacobsz., als man van Baertgen Wensen, alsmede de overige kinderen van wijlen Jan Wensen, verwekt zowel bij Aerjaentgen van Megen als bij voornoemde Fijcken Cornelisdr., [voor de andere helft], aan Claes Apersz. schipper een huis op de Vogelmarkt [Groenmarkt], staande tussen het huis van Henrick Jansz. kleermaker en dat van Jacob Willemsz. vleeshouwer. Waarborgen: Pieter Jansz. kuiper en Jacob Simonsz. de oude voor de helft van de weduwe, en Damas Jobsz. en dezelfde Jacob Simonsz. voor de helft van de kinderen. De koper is schuldig aan verkopers 1440 gl. Borgen: Jan Philipsz. en Trijntge Philipsdr., weduwe van Frans Cornelisz.

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 141: op 5 mei 1606 verkoopt Anthonia Wenssen Jansdr., weduwe van Damas Jobsz. van Slingelandt, geassisteerd met haar zoon Job van Slingelandt Damasz., aan Jan Jansz., huistimmerman en burger van Dordrecht, een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van mr. Johannes Poliander, predikant te Dordrecht, en dat van Guilliam van de Waerde, strekkende voor van de straat tot achter aan de stadsgracht. De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 775 gl. In margine: op 8 mei 1659 verklaart Nicolaes Maes schilder, dat de schuld volledig is afgelost.

RA Hendrik-Ido-Ambacht inv. 1, f. 182: op 3 juni 1606 verkoopt Anthonia Wensen, weduwe van Damis Jobsz. van Slingelant, secretaris van de Weeskamer van Dordrecht, geassisteerd met Jop Dammisz. van Slingelant, haar zoon, aan Nicolaes Jansz. Cruijdenier te Dordrecht een boomgaard van 244 roeden, liggende in Schilmanskinderenambacht.

Kinderen:

a. Job Damisz. van Slingeland

b. Barthout Damisz. van Slingeland, volgt II

II. Barthout Damisz. van Slingeland, geboren Dordrecht 28 juli 1590, van Dordrecht (1618), overleden Dordrecht 31 jan. 1638, trouwde NG Dordrecht 14 okt./4 nov. 1618 Geertruijt Govertsdr. van Beaumont, van Dordrecht (1618)

Kinderen (allen NG gedoopt in Dordrecht):

a. Damis (Damas) Barthoutsz.van Slingeland, april 1621, trouwde NG Dordrecht 31 okt. 1649 Cornelia Gijsbrechtsdr. van Beaumont

b. Govert van Slingeland, 12 jan. 1623, volgt III

c. Bartholomeus, sept. 1624

d. Simon, mei 1626

e. Anthonia, aug. 1628

f. Reijmburg, sept. 1630

III. mr. Govert van Slingeland, gedoopt NG Dordrecht 12 jan. 1623, pensionaris van Dordrecht, overleden Den Haag 3 juli 1690, trouwde 1e Christina van Beveren, 2e NG Dordrecht/Den Haag 4/29 sept. 1661 (per schrijven van Den Haag) Arnoudina van Beaumont, gedoopt NG Dordrecht april 1635, trouwde 1e Roelant Schou, dochter van Herbert van Beaumont en Elisabeth de Jonge

Kinderen (ex 2):

a. Herber, gedoopt NG Dordrecht 4 juli 1662

b. Simon van Slingeland, gedoopt NG Dordrecht 21 jan. 1664 , raadpensionaris van Holland 1727-1736, overleden Den Haag 1 dec. 1736, trouwde 1e 31 juli 1690 Susanna de Wildt, 2e 1726 Johanna van Coesvelt (zijn huishoudster).

"Simon van Slingelandt werd in 1664 in Dordrecht geboren, waar hij de Latijnse school bezocht. Hij studeerde onder andere rechten te Leiden en werd in 1690 als opvolger van zijn vader Govert van Slingelandt tot secretaris van de Raad van State benoemd. Slingelandt was een sterke persoonlijkheid, zeer intelligent en buitengewoon kundig. Hij was niet alleen een groot rechtsgeleerde en kenner van de staatsinstellingen, maar ook een bekwaan financier. Zijn invloed op de binnen- en buitenlandse politiek was groot en nam met de jaren nog aanzienlijk toe. Hij wist een zaak snel tot in haar kern te doorgronden, maar was een realist, die gericht bleef op wat in de politiek haalbaar was." (F. Jagtenberg, Willem IV. Stadhouder in roerige tijden 1711-1751 [Nijmegen 2018], p. 38. In 1726 wist "vriend en vijand Ö te verbazen door zijn 'extravagante' gedrag in de privťsfeer, waardoor sommigen zelfs een ogenblik aan zijn verstandelijke vermogens begonnen te twijfelen. Enkele jaren aan de dood van zijn eerste vrouw Susanna de Wildt kondigde hij aan in september 1726 met zijn huishoudster Johanna van Coesveld in het huwelijk te zullen treden, een afkeurenswaardige besluit in de ogen van zijn vriend Goslinga, die hem deze stap dan ook ten zeerste, zij het tevergeefs, ontried. Ö Het jaar daarop was iedereen het voorval alweer vergeten. Ö " Op 17 juli 1727 werd Van Slingelandt tot raadpensionaris van Holland benoemd. (Idem, p. 180-181)]

f. 152v

Cornelis Tonisz. kuiper      25 schellingen

de weduwe van Huijbert van Vleeck      10

Jacob Henricxsz. comen      5

Paesschier Gillis {bakker}    5

{ORA Dordrecht inv. 1584, f. 140v: op 5 mei 1606 verkoopt Paschier Gillisz. bakker aan Clara Schoremans, weduwe van Adriaen Schoremans, een jaarlijkse losrente van 8 gl. op een huis in het Steegoversloot, staande naast het huis van Jan Jacobsz. bakker.}

Henrick Jansz. bakker     5

{ORA Dordrecht inv. 1584, f. 148v: op 12 mei 1606 verkoopt Aechtgen Jansdr., weduwe van Bastiaen Joosten, geassisteerd met Franchois Schoutet brouwer, aan Henrick Jansz. bakker een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Anneken [sic], de weduwe van Lodewijck Jansz. muntenaar en dat van Paschijer Gillisz. Waarborg: Franchoijs Schoutet. De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 1103 gl. Borgen: Arien Joppen en Jacob Henricxsz.}

f. 153

Ariaen Cornelisz. Thudt       6

Trijntgen Stevens      6

Claes Jacobsz.      6

[Claes Jacobsz., geboren ca. 1558, glasmaker van Dordrecht, trouwde 13 mei 1582 Anneken Steven Cornelisdr.

NG trouwboek Dordrecht 29 april 1582: Claes Jacobsz. glasmakersgezel en Anneken Steven Cornelisdr. beiden van Dordrecht, getr. 13 mei 1582

Kinderen:

a. Anneken Claes Jacobsdr., gedoopt NG Dordrecht 28 okt. 1584, "van Dordrecht", wonende in het Steegoversloot naast "het Paternoster" (1610), trouwde 1e NG Dordrecht  14 nov./12 dec. 1610 Augustijn Garlasz. Le Sijre (de le Sire, Lesier), "uijt s Gravenhage wonende in het Steegoversloot naast het Paternoster" (1610), weduwnaar van 's-Gravenhage, schilder, wonende in het Steegoversloot,  (1631), begraven Dordrecht (Grote Kerk) 30 aug. 1648 (een baar in het Steegoversloot voor Augustijn Lesier schilder), Augustijn trouwde 2e NG Dordrecht 29 juni/ 15 juli 1631 Claartken Bartholomeusdr. (van Eissel), weduwe van Henrick Jansz. timmerman, begraven Dordrecht (Grote Kerk) 10 juni 1673 (een baar in de Kannekopersbuurt [Voorstraat] voor Claertie Bartelmeesdr. van Eissel, weduwe van Augustijn Lesier)

b. Elijsabeth, gedoopt NG Dordrecht nov. 1589

- ca. 4/10 aug. 1587: verklaring door Claes Jacobsz., glaesmaecker, ongeveer 29 jaar oud, op verzoek van "de dekenen van de Schilders". (ORA Dordrecht inv. 739, f. 224v)

- 26 jan. 1591: verklaring door Claes Jacobsz., glaesmaker, 32 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 741, f. 191v)

- 1 sept. 1595: Jan Jansz. Cock metselaar verkoopt een huis in het Steegoversloot. Waarborg: Claes Jacobsz. glaesmaker. (ORA Dordrecht 743, f. 362)

- 13 jan. 1596: Aert Jansz. kuiper koopt een huis in de Vleeshouwersstraat. Borgen: Adriaen Jaspersz. metselaar en Claes Jacobsz. glaesmaker. (ORA Dordrecht inv. 744, f. 25)

- 5 okt. 1596: Laurens Aertsz. passementwerker is 200 gl. schuldig aan Hans Jansz. ladenmaker. Borgen: Jan Jansz. Cock en Claes Jacobsz. glaesmaker. (ORA Dordrecht inv. 744, f. 108)

- 27 april 1603: Willem Jansz. brandewijnman koopt een huis in het Steegoversloot. Borgen: Claes Jacobsz. glaesmaker en Pieter Fransz. schrijnwerker. (ORA Dordrecht inv. 745, f. 236 e.v.)

- 20 april 1608: comp. voor schepenen van Dordrecht Claes Jacobsz., als voogd van Adriaen Adriaensz., zoon van wijlen Fransken Anthonisdr., mede-erfgenaam van wijlen Willem Anthonisz., in zijn leven wijnkoper te Dordrecht (ORA Dordrecht inv. 749, f. 96)

- 19 mrt. 1618: Anneken Stevens, weduwe van Claes Jacobsz. glasmaker, cum tutore voor 1/4 part, Lijsbeth Claes, jonge dochter cum tutore en Steven Claesz. [van Esch] glasmaeker, elk voor 1/3 part in 1/4 part, mitsgaders voornoemde Anneken Stevens als procuratie hebbende van Jan Andriesz., getrouwd met Truijcken Jacobsdr. en Andries Geeritsz., elk voor 1/4 part, volgens procuratie gepasseerd voor Dirck Jacobsz. Gommerbach, notaris te Schiedam, op 13 mrt. 1618, verkopen aan Augustijn Lesiere, schilder en burger van Dordrecht, de voorschreven drie 1/4 parten en twee 1/3 parten in 1/4 part van een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Johannes Bocardius, predikant te Dordrecht en dat van Balten Willemsz. schrijnwerker, van welk huis 1/3 part in 1/4 part toebehoort aan Augustijn Lesiere zelf, als man en voogd van Annege Claesdr., zijn vrouw (ORA Dordrecht inv. 759, f. 19 e.v.)

- 28 jan. 1622: Augustijn de Lesiere, schilder en burger van Dordrecht, verkoopt aan Pieter Anthonisz. steenhouwer een huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van ds. Johannis Bocardius en het huis van verkoper, voor 1100 gl. contant.

- 1622 (Hoofdgeld Dordrecht anno 1622), f. 119v: Steegoversloot: Augustijn Lesier, zijn vrouw en vier kinderen - 4 ponden; 1 jongen - 20 stuivers (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3974)

- 1626 (Kohier van de verponding Dordrecht anno 1626): Steegoversloot: Augustijn Lesier schilder - 2 ponden 2 st. 2 p. (Stadsachief Dordrecht inv. 3970)}

Jan Jacobsz. timmerman       3-15

Jan Jansz. van Bree      7-10

f. 153v

Henrick de Briever {munter}     6-5

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 111: op 10 jan. 1606 verkoopt Lijsbeth Henricxsdr., weduwe van Jacob Henricxsz. timmerman, geassisteerd met haar vader, Henrick de Brijevere, munter en burger van Dordrecht, aan Francoijs van den Berch, Baen Cornelisz., Gillis van Belle en Andrijes Adriaensz. suikerbakker, als dekens van het Kramersgilde te Dordrecht, een jaarlijkse losrente van 24 gl., verzekerd op een huis op het Nieuwe Werck, staande tussen het huis van Bastiaen Woutersz. en dat van Willem Drom, Schotsman. Borg: Henrick de Brijevere, verbindende zijn huis in het Steegoversloot, staande tussen het huis van Jeutgen Willems, weduwe van Pieter Dionijsz. en dat van Jan Jansz. van Breen.} 

{Jeutgen Willems} de weduwe van Pieter Denissen [Schepens]      7-10

Bastiaen de molenaars zoon       8-15

een vroe vrou      nihil

Broer Cornelisz.    nihil

f. 154

Cornelis Mertensz.     nihil

Marijken Pieters huurt van Ariaentgen Jans     5

mr. Gillis chirurgijn huurt van de Heilige Geest     10

Laurens Aertsz. [passementwerker]        9

Nijs Jansz. goudsmid        7-10

f. 154v

Inde Nieuwstraet ter slinckerhant ingaende

Abram Aertsz. twijnder     5-12-6

Lijsbet Jansdr.     nihil

Aeltgen Jansdr.    nihil

Ferdinandus Schilder huurt van   [sic]      6

f. 155

het huis van pensionaris Berck     nihil

de twee kelders onder het voornoemde huis         [geen bedrag vermeld]

mr. Davit Heij huurt van de pensionaris        22-10

bij de voorgaande in margine: is bij ordre vande camer op 13 febr. 1606 geremitteert

Inde Hoffstraet

Vincent Jansz. huikmaker      3-10

Het schilderij De Vismarkt van Jacob Cuijp toont twee vrouwen die een huik (lange mantel zonder mouwen) dragen.

mr. Balten [Baltesar Bols] chirurgijn      3-10

[Vader van de kunstschilder Ferdinand Bol, gedoopt NG Dordrecht juni 1616, begraven Amsterdam (Zuiderkerk) 24 juli 1680. Ferdinands moeder was Tanneken Forts (Ferdinandes, Bols).

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 121v: op 16 febr. 1606 verkoopt Dinge Jacobsdr. aan mr. Balthen [Bol] chirurgijn een huis in de Hofstraat, staande tussen het huis van Vincent Jansz. Stopper en dat van Jan Jacobsz. knoopmaker. Waarborg voor verkoopster: Anthonis Thonisz. den Elinck.]

f. 155v

Jan Jacobsz. knoopmaker   3-10

Cornelis Michielsz.      3-10

Jan Aertsz. goudsmid      3-10

Aert Jansz. mesmaecker      3-10

Karel de Boes huurt van Jan Rutijng [Ruijtinck]     3-10

f. 156

Crijntgen Jans in het huisje van de stad    nihil

Jan Geritsz. kleermaker     3-10

Wederomme inde Nieustraet

Anthonij Wijericx      7-10

Dirick van Haerlem     7-10

Cornelis van Bergen schipper     7-10

f. 156v

de kaatsbaan van Ariaen in Hoochstraten     18

Anneken Barents huurt van mr. Jan Ruijtijng    nihil

Cornelis Aertsz. wever     7-10

f. 157

Johannes Becius predikant      nihil

Baltesar Becius predikant     nihil

Claes Mantel molenaar     5

de woning van Geertgen Bachrach, tot laste vande eijgenaer       7-10

de tuin van het Heilige Geesthuis    nihil

de tuin van Jopgen de spinster, niet inden Herman Tijsstraet [Kolfstraat]     11-13

f. 157v

Over de brugge

Pieter Jansz. sledenaar huurt van de wed. van Jan Bouwensz. Schoenhout  3-15

de weduwe van Jacques van Gameren    6-15

Joest [de] naaldenmaker     7-10

Hans Panckraets      7-10

Levijntgen Jansdr. huurt van Goris Jacobsz.     6

f. 158

Hans Beens voor de tuin en woning   5-17-6

de tuin van mr. Pieter Spinoeij {apotheker}      2

bij de voorgaande in margine: wert gehouden in surcheantie als op voorgaende jaeren

Jan Jansz. timmerman huurt van mr. Pieter {Spinoeij}      7

{ORA Dordrecht inv. 1593, f. 65v e.v.: op 9 juli 1616 verkopen mr. Davidt Despenoij chirurgijn en mr. Emanuel Despenoij apotheker voor 987 gl. aan hun broer, mr. Wemmer Despenoij apotheker twee derde parten in de helft en twee vierde parten in de wederhelft van een huis en tuin in de Nieuwstraat, staande en gelegen tussen het huis van de weduwe van Franchois van den Berge, genaamd "den Jongen Salm", en het erf van Franchois Beens.]

Cornelis Ariaensz. timmerman    2-12-6

Matijs Mockert predikant      2-12-6

f. 158v

de weduwe van Gillis Barentsz.      2-12-6

Jacob Willemsz. metselaar     25 schellingen

Jan van Erckel coomen        3-15

de dochter van Jacob Florisz.      5

Wouter Jansz. schiptimmerman      7-10

f. 159

Claes Jansz. kleermaker      4-5

Henrick Fransz. kleermaker     5

Inden Dwarsganck

Jan Huijgen kraankind [kraankind = iemand die een hijskraan bedient, meestal met behulp van een tredmolen]      37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Huijch Jacobsz.    37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Pieter Aertsz.    2-12-6

f. 159v

Egbert Jansz. huurt van Jan Jacobsz. timmerman      2-10

twee woninkjes van Marijcken Crijnen, tot laste vande eijgenaer     2-10

Aende ander sijde

Pieter Jansz. huurt van Franck van Bonckelwaert      6

Cornelis Reijersz. metselaar voor zijn woningen     10

f. 160

Inde Nieustraet wederomme

de weduwe van Jacob Jordensz.     2-12-6

Marijken Ariaensdr.     3-15

Ariaen Fransz. schrijnwerker    3-15

Jan Geritsz. Brandewijn {brandewijnman}   5-12-6

de weduwe van Jacob Huijgen kuiper     7-10

Jan Carel bezemmaker huurt van de Romeijnen [de Romeinheren]    5-12-6

f. 160v

de weduwe van Jacob Pietersz. schoenmaker      3-15

Gerit Jansz. snijder    30 schellingen

de weduwe van Ariaen Cornelisz. oft mr. Claes     2

de weduwe van Willem Bouckquet huurt van Clootwijck     3

Jan Henricxsz. korenmeter      3-2-6

f. 161

Truijcken de hekelster huurt van Willem Ariaensz. vleeshouwer    5-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [derde] part vande huijerman is geremitteert

Gerbrant Jansz. bode huurt van Robert Cornelisz.      11-5

Henrick Barentsz. verwer    7-10

DaniŽl de Male    3-10

Beatricx Huijbertsdr.     3

f. 161v

Ariaen Jacobsz. huikmaker      5

het huis van Frans Willemsz.     4

Cleijsken Stevens weduwe     5-12-6

Rijck Henricxsz. bezemmaker huurt van Oloff Jansz.     7-10

Michiel de hoedenmaker huurt van Pouwels Ariaensz.     5

f. 162

Inden Hermantijsstraet [Kolfstraat]

den Coomen Colff      nihil

Jacob Henricxsz. kleermaker huurt van Sweer Jansz.    3

Heijltgen Wackers huurt van de Heilige Geest      nihil

Aert Slijper huurt van Heijl Peet    nihil

Ariaen Jansz. wever huurt van Jan Beaumont      35 schellingen

f. 162v

Olivier Thomasz. sloetmaecker huurt van Cornelis Geritsz.    2-10

Claes Jansz. kleermaker huurt van idem    2-10

de weduwe van Wouter Ariaensz.      2-12-6

Jan Jacobsz. kramer      4

Conelis Geritsz. provoost     2-10

f. 163

Servaes Carel huurt van de erfgenamen van Ariaentgen Kijen   7

drie woninkjes "gaen om godtswille vande Mosienb."     nihil

["De Kameren van Moesien-broek", bestaande uit woningen voor de armen, gesticht door Adriaen van MoesiŽnbroek Govardsz., burgemeester van Dordrecht 1571 en 1572. (Balen, o.c., p. 201 e.v.)

ORA Dordrecht inv. 734, f. 106v e.v.: op 30 aug. 1578 verklaart Sijcken Jorisdr., huidige echtgenote van Cornelis Herbertsz. kleermaker, 49 jaar oud, dat zij op 27 aug. 1578 door Barbara Kouskens is verzocht te komen bij Wouwerick van Drenckwaert, Cornelis Mosienbrouck, Joris Woutersz., en diverse andere personen, die haar niet bekend waren, in de tuin, die wijlen Barthout Geritsz. in huur gehad heeft, gelegen in de Kolfstraat tegenover de rosmolen. Daar gekomen zijnde heeft Cornelis Mosienbrouck haar gevraagd, wie haar in het huisje gezet heeft, waarin zij thans woont. Zij heeft daarop geantwoord: Willemken Screvel Ockersz.*"deur bede ende vriendelijk versouck van Mariken de mutsmaeckster ende Ariaentken Kijen", die zij, deposante, namens haar naar Willemken gestuurd heeft. De mannen zeiden daarop, dat het huisje alleen bewoond mag worden door "oude schamele weeukens die winnen noch wercken en kunnen want ons brieven die wij nu gevonden hebben die vermelden ende inhouden sulcx ... want dat wij u hier ontbieden dat is ter oorsake dat wijlieden om dese selve brieve van onse meuije [tante] gecomen sijnde van andere luijden in rechte gemolesteert worden".

* Vermoedelijk is bedoeld Wilhelmina van Drenckwaert, trouwde 1538 Schrevel Halling Ockersz.]

 Sander Stevensz.       2-12-6

Jan Govertsz. int Schepel, het pakhuis       5

Thonis IJemantsz. wever    2-10

f. 163v

Abram Sanders in het huisje van Driel     nihil

Jan Huijgen kuiper     5-12-6

Pieter Jansz. kleermaker     5-12-6

bij de voorgaande in margine: te laeten jaerlicx volstaen met [4 ponden 10 schellingen] 3 meij 1607

[Pieter Jansz. (Lacroij, de la Croix), van Antwerpen (1594), kleermaker, overleden vůůr 16 april 1625, trouwde NG Dordrecht 11 dec./10 jan. 1595 Emmeken Roelof Pietersdr., van 's-Hertogenbosch (1594)

Weeskamer Dordrecht inv. 17, f. 31v: extract in het weesboek ingeschreven van het testament van Emmeken Roelofsdr., weduwe van Pieter de la Croij, gepasseerd voor notaris J.P. Vekemans te Dordrecht op 16 april 1625. Zij heeft tot voogden benoemd Jaecques van Wassenhoven en Govert Pietersz. kuiper.

ORA Dordrecht inv. 1603, f. 73 e.v.: op 29 mei 1629 verkopen Samuel van Baseroij, als man van Grietgen La Croij, Sander La Croij, Maeijken en Janneken La Croij, beiden ongehuwde personen, voor zichzelf en tevens vervangende hun broer Pieter La Croij, kinderen en erfgenamen van Pieter La Croij de oude, aan Aelbert Janssen, knoopmaker en burger van Dordrecht, een huis in de Kolfstraat, genaamd "de Keern", staande tussen het huis van Frans Geemansz. bakker en dat van Aert Joosten Verstappen. Waarborg: Warnaert Schrijvers, schilder en burger van Dordrecht.

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Pieter Lacroij, jan. 1598, trouwde NG Dordrecht 26 mrt. 1623 Maeijken Pietersdr.

b. NN, mei 1600

c. Grietge Lacroij(s) Pietersdr., geboren naar schatting ca. 1600, van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1623), weduwe van Dordrecht wonende in de Steenstraat, trouwde 1e NG Dordrecht 12 nov./5 dec. 1623 Lucas Jansz., jong gezel van Dordrecht wonende in het St. Jansgasthuis (1623), kleermaker, 2e NG Dordrecht 13 dec. 1626 (ondertrouw) Samuel van Baseroo, van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1626), kleermaker

Kind:

c-1. Bartholomeus Samuelsz. van Baseroij, schrijnwerker te Amsterdam

ONA Dordrecht inv. 178, f. 262 e.v.: op 11 febr. 1658 testeert Bartholomeus Samuelsz. van Baseroij, ongehuwde schrijnwerker, wonende te Amsterdam. Hij benoemt tot universele erfgenaam zijn tante, Sara Hendricxdr., vrouw van Cornelis Dircksz. van Oosterwijck, op voor waarde, dat zij aan de nakomelingen van wijlen Susanneken van Baseroij, zijn tante, een somma van 150 gl. zal uitkeren, alsmede aan Jenneken Lacroix, de vrouw van Bartholomeus Asteijn, zijn tante, of bij vooroverlijden haar kinderen, een bedrag van 100 gl., en aan de kinderen of kleinkinderen van wijlen Sander en Pieter Lacroij, zijn ooms van moederszijde, een bedrag van 25 gl. Tot voogd benoemd hij Cornelis Dircksz. van Oosterwijck.

d. Mariken, febr. 1602

e. Sander (Alexander) Lacroij Pietersz., mei 1604, jongman van Dordrecht wonende in de Kolfstraat (1628), kleermaker, trouwde NG Dordrecht 23 juli/6 aug. 1628 Maijken Andries Gulijcksdr., van Ueskercke in het Land van Gulik wonende in de Wijnstraat op de hoek van de Mattensteiger (1628)

f. Janneken Lacrois, mrt. 1607, trouwde Bartholomeus Abrahamsz. Asteijn

15 sept. 1630: Bartholomeus Abrahamsz. Asteijn schilder jongman van Dordrecht won in de Vriesestraat en Janneken Pietersdr. Lacrois [la Croix] jonge dochter van Dordrecht wonende in de dwarsgang in de Bornput, getr. 29 sept. 1630

Stilleven door Bartholomeus Asteijn

ONA Dordrecht inv. 195, f. 523 e.v.: inventaris dd 7 okt. 1662 van de huisraad en roerende goederen, die zijn overgedragen door Adriaen van der Reijdt aan Cornelis de Jongh, getaxeerd door Cornelia de Gelder en Maeijken Arijens, gezworen uitdraagsters, op verzoek van De Jongh en Van der Reijdt, alsmede van Jan Michielsz. Deijlman en Pieter de Laresse:

o.a. "een achtkantige schilderije, een fruijtagie van Asteijn", getaxeerd op 6 gl., en een "schilderije van de selven met bloemkens en seehoorntjes", getaxeerd op 4 gl.]

Laurens Pouwelsz.      7-10

Nijs Cornelisz.     2

Michiel Jansz. wever      2-12-6

f. 164

Frans Jansz. kuiper    3-15

Herman Jansz. bakker    6-10

Hans Boes weduwe     6-10

Thijs Jacobsz. weduwe     9

Jan Willemsz. wever     3-15

f. 164v

Thomas Teller, de tuin     4-2-6

Ariaen Mathijsz. metselaar     2-10

Dirick Diricxsz. twijnder    37 schellingen 6 deniers

Anna Geritsdr. weduwe van Pieter de koolweger       15 schellingen

Pelgrum Adams       30 schellingen

f. 165

de weduwe van Jan Goessensz. drager huurt van Jan Fiot    2-5

bij de voorgaande in margine: opten 23 [november] 1609 geremitteert 15 schellingen

Claes Jansz. huurt van Diemen  2-12-6

de tuin van Diemen    3-15

Glaude La Mote       2-12-6

Evert Jacobsz. huurt van de weduwe van Aert Jacobsz. metselaar    2-12-6

f. 165v

de weduwe van Cornelis Jacobsz.    nihil

bij de voorgaande in margine: comt hijer aende ander sijde    

Abram Cornelisz. twinder     2-12-6

Claes Claesz. van Bomel     2

Jan Henricxsz. spelmaecker      2-12-6

Aert Diricxsz. Spel huurt van Clootwijck    6-5

{ORA Dordrecht inv. 1599, f. 19v e.v.: op 8 april 1622 verkopen Pieter Dircxsz. Clootwijck en Johan de Loutre, als procuratie hebbende van Grietgen Henricxdr., weduwe van Dirck Jacobsz. Clootwijk, voor 2050 gl. aan Cristoffel Molenschot en Thomas van den Bosch, burgers van Dordrecht, een huis en een tuin in de Kolfstraat, staande tussen het huis van Jan Henricxsz. speldenmaker en 's herengracht. Waarborg: Jan de Loutre. De kopers zijn schuldig aan de verkoopster een somma van 1250 gl. Borg: Gillis van den Bossche. In margine: Adriaen van Clootwijck verklaart op 8 okt. 1642, dat de schuld volledig is voldaan.}

f. 166

het bleekveld, komt in de Nieuwstraat      nihil

Ghijsbert Tonisz. voor de hof en tuin, huurt van Claes Aertsz. schrijnwerker   6

Aende ander sijde

Pieter Joesten van der Heijden heeft Ghijsbert Thonisz. voor de hof en woning [sic]  5

Cornelis Jacobsz. Back heeft de woning 2 huisjes     3

Henrick verwer in den Blauwen Garensack }

Jan van Munsters tuin                                }   2

Joest Joesten van der Heijden voor de tuin     35 schellingen

f. 166v

de burgemeester Beveren voor de woningen     3-15

een erf en huisje van de Oude Mannen    nihil

Over de brug

Gerit Been voor het vethuis     3-2-6

Jan Gille huurt van Maeij Coenen    37 schellingen

bij de voorgaande in margine: t [3e] part vande huijerman is opten 22 meij 1607 geremitteert

Cornelis van Boucxsel huurt van Claes Jansz. Heijnsoen   37 schellingen

f. 167

Robert Jansz. huurt van Gerit Beenen     3-15

de weduwe van Damas Henricxsz.     37 schellingen 6 deniers

Andries Jansz. huurt van Arent Claesz.    37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Jan Ariaensz. metselaar   37 schellingen 6 deniers

Cornelis Jacobsz. lijndraaier     37 schellingen 6 deniers

f. 167v

Henrick Lendertsz. wever     37 schellingen 6 deniers

Goessen Willemsz. wever     37 schellingen 6 deniers

Herman Jacobsz. huurt van Sijbert van Welij     3-10

Jan Aertsz. huurt van Barent Geritsz.    3-10

Hans Coelaert huurt van Jaepken inden Leijhamer    2-12-6

f. 168

Gommer Govertsz. huurt van Jaepken inden Leijhamer     2-12-6

Jan Diricxsz. schiptimmerman     37 schellingen 6 deniers

Cornelis van  Basseroeij huurt van Govert predikant in het Gasthuis  37 schellingen 6 deniers

Corstiaen Jansz. wever    2-12-6

Pieter Jansz. wever   2-12-6

f. 168v

Thonis Jansz. kuiper   2-12-6

Pieter Baron   2-12-6

Jan Mercusz. huurt van de Cater    37 schellingen 6 deniers

Ariaen Jansz. drager huurt van Trijntgen Carel     37 schellingen  6 deniers

Abram Willemsz.     37 schellingen 6 deniers

f. 169

Jan Willemsz. outkleerkoper     3

Inden Dwarsganck

een huisje van Jan Willemsz.   nihil

de weduwe van Jan Geritsz.     25 schellingen

een huisje achter de Olijfant    nihil

Hans van Bergen in de Olijfant    11-5

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie als op voorgaende jaeren

f. 169v

Cornelis Lendertsz. wever    2-12-6

Henrick Tonisz. koolmeter      2-12-6

Jacob Diricxsz. coomen      3

de weduwe van Jacob Herbertsz.    2-12-6

Willem Cornelisz. kuiper     3-10

f. 170

de weduwe van Cornelis Lendertsz.      2-12-6

Willem Henricxsz. huurt van Pieter Bouwensz.     7-10

Wessel Lamertsz. mesmaecker    7-10

Aeltgen Crijnen hekelster     25 schellingen

Dirick Jacobsz. munter     2

f. 170v

Crijn Jansz. huurt van Lamert Cornelisz. metselaar     2-12-6

Cornelis Claesz. flesmaecker     2-12-6

Pieter Jacobsz. wijelmaecker met het huisje naast hem    3-12-6

Thomas Telder voor de molen en het huisje    11-15

Aert Aertsz. wever huurt van het Heilige-Geesthuis     30 schellingen

f. 171

Jan Aertsz. huurt van het Heilige-Geesthuis    30 schellingen

Anthonij Jansz. huurt van het Heilige-Geesthuis     30 schellingen

Gerit Cornelisz. huurt van het Heilige-Geesthuis     30 schellingen

Inde Tollebrugstraet [Landzijde]

Hans van Hes hoemaecker    6-5

Janneken Abrams tesmaexster      2-5

f. 171v

Marijken Jans weduwe van Ariaen Jacobsz.    5

DaniŽl Goessensz.       2-10

Cornelis Cornelisz. kleermaker    2-10

Jan de Wijs huurt van Marijken Bacx de kaatsbaan      13-10

Cornelis Ariaensz. kuiper huurt van de weduwe van Henrick Fransz.    7-10

f. 172

Adriaen Panckraets   35 schellingen

Jan Aertsz. hoemaecker      3-15

Anneken Pieters    3

bij de voorgaande in margine: is bij preferentie geremitteert

DaniŽl de Craen blindeman, tot laste vande eijgenaer      2

Merten Ceelen outcleerkoper     2-10

f. 172v

Willem Ariaensz. kuiper     4-7

Inde Crommenelbooch

Janneken Huijgen huurt van Lijntgen de heuijckemaecxter   2-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie als opte voorgaende jaeren

Jasper Jansz. huurt van Jan Pietersz. de capel     5

[Onzer L. Vrouwen Capelle: zie Balen, o.c., p. 196.]

Jacob Tijelmansz.       2-12

f. 173

Theunis van Berckeloe   2-12-6

Jan Jansz. van Hulst     2-12-6

Ariaen Jansz. wever    37 schellingen 6 deniers

Ariaen Geritsz. kalkdrager     3

Ghijsbrecht Andriesz. wever      2-12-6

f. 173v

DaniŽl Jansz. wever   2-12-6

Jan Govertsz. mesmaecker huurt van [brouwerij] 't Rijplant

Henrick Henricxsz. huurt van de weduwe van Jan Jacobsz.   37 schellingen 6 deniers

Henrick Huijbertsz. kalkdrager    37 schellingen 6 deniers

Joest Willemsz. metselaar   25 schellingen

f. 174

Henrick Pouwelsz. spelmaecker     2-10

Dirick Cornelisz. keteler huurt van Marijken Wouters     5-5

Inden Dwarsganck

Floer straetmaecker   }

Grijetgen Joppen       }   nijet

Lijsbeth Pouwels       }

f. 174v

Aende Ander Zijde

Jan Ariaensz. appelkoper     2

Tobias Aertsz. eigenaar [doorgehaald is: Pieter Claessen huurt van Cornelis Reijersz.]    2

Frans Jansz. huurt van Cornelis Reijersz.    2

Wederomme Inden Crommen Ellebooch

Crijn Jansz. schoenlapper    2-10

f. 175

Pieter Claesz. drager     nihil

Aert Henricxsz. in't Poortgen   37 schellingen 6 deniers

Jan Gillisz. schoenlapper     2-12-6

Dirick Anthonisz. spelmaecker    2-12-6

Philips Jansz. huurt van Aeltgen inden Ruijter     37 schellingen 6 deniers

f. 175v

Pieter Cornelisz. drager    2-12-6

Willem Staes lintwercker    2-12-6

Gijsbert de leertouwer    2-12-6

Joest Joesten    2-10

Cornelis Thonisz. sledenaar  2-10

f. 176

Ghijel Damissen    2-10

Huijbert Henricxsz. kalkdrager      25 schellingen

onder de voorgaande staat: Joest Joesten

Gerit Huijben      25 schellingen

Euwout Thomasz. schipper   37 schellingen 6 duiten

Bastiaen de scheimaker     37 schellingen 6 duiten

f. 176v

Jan Tijssen wever    37 schellingen 6 duiten

het vethuis van Gerit Fransz.    2-12

het vethuis van Wouter Ariaensz. met de woning    37 schellingen 6 duiten

het vethuis van Jasper Pietersz. coomen in de Vriesestraat   2-12-6

Over de brug

2 woninkjes aende missie daer in woenen Luijcker Waelen   nihil

f. 177

Aert Ariaensz. int bleijckvelt vande Oude Mannen     nihil

het vethuis van Frans Fransz. tot Bastiaen de scheimaker   2-12-6

Cornelis Jansz. voor zijn vethuis en woning     6

Joest Cornelisz. voor de tuin    2-12-6

Jan Ariaen drager    3-15

f. 177v

2 woninkjes van Lijsken van Muijlick gaen om godtswille    nihil

Claes Cornelisz. huurt van Aeltgen inden Ruijter     2-12-6

Henrick Aertsz. huurt van Aeltgen inden Ruijter     2-12-6

Thonis Jansz. huurt van de weduwe van Ariaen Aertsz. wever    2

Cornelis Jansz. leertouwer    2-12-6

f. 178

Balten Diricxsz. huurt van de weduwe van Ariaen Aertsz.    2-12-6

Dirick Diricxsz. kuiper huurt van Claes Wijcken [hellebaardier]   3-15

Pieter Pietersz. wever     2

Ariaen Pietersz. Vinck bakker     2-15

Inden Dwarsganck

Claes Pietersz. huurt van Jan Gillisz.     25 schellingen

f. 178v

Neesken Jansdr. huurt van Wouter Jansz. steenhouwer    25 schellingen

Aende Ander Zijde

Jan Andriesz. Bras huurt van Berbel Pouwels    35 schellingen

Pieter Pietersz. stoeldraaier    37 schellingen 6 deniers

Hans de Saeger huurt van Jan Mercusz.    2-12-6

Wederomme inden Crommenellebooch

Dirick Boudewijnsz. huurt van Jan Mercusz.     2-12-6

f. 179

Lijsbeth Bouwens huurt van Jan Mercusz.    37 schellingen 6 deniers

het huisje van Gijsbert de schrijver van de ponten   35 schellingen

Jan Fransz. wever      2-12-6

Jan Andriesz. wever   2-12-6

Joest Jacobsz.        30 schellingen

f. 179v

Robert Schotsman huurt van Marijken Wouters, tot laste vande eijgenaer    2-12-6

Cornelis Robertsz. wever     2-12-6

Huijbert Jansz. en Hans Voetgen huren van Marijken Wouters    3

Embrecht Jansz. wever    2-12-6

Marijken de lapster in de Engel     2-12-6

bij de voorgaande in margine: is opten 27 April 1610 de helft geremitteert tot den Jaere 1609 incluijs

f. 180

Jan Fransz. huurt van Berckelo  2-12-6

de weduwe van Corstiaen Willemsz.     2-12-6

bij de voorgaande in margine: in surcheantie als op voorgaende jaeren

de weduwe van Andries de kalkdrager    37 schellingen 6 deniers

Kalkdragers (gevelsteen aan de Oudegracht te Utrecht)

Opte Gevolde Gracht

Trijn Jans huurt van de weduwe van Andries de kalkdrager   37 schellingen 6 deniers

Henrick Willemsz. huurt van Aert Tonisz.   3-2-6

f. 180v

Jan Pietersz. Pimpel in het huis van zijn vader     3-2

DaniŽl Jansz. bakker      3-15

Laurens Thomas met het erf naast hem   3-15

Abram Henricxsz. huurt van Jacob Pietersz. kramer    2-5

bij de voorgaande in margine: in surcheantie 15 schellingen

f. 181

Pieter Cornelisz. sledenaar in het huis van zijn vader   2-12-6

Dingna Willemsdr. huurt van [sic]    2-12-6

Ariaen Jansz. huurt van de erfgenamen van de weduwe van Jan Cornelisz.   37 schellingen 6 deniers

Joest Henricxsz. huurt van de weduwe van Pieter Cornelisz.    2-12-6

f. 181v

de weduwe van Guert, de mouterij huurt van [sic]    35 schellingen

f. 182

Het Vijerde Quartier vande Tollebrug tot de Vuijlpoort [Voorstraat van Tolbrugstraat Landzijde tot Prinsenstraat]

Huijbert Claesz. huurt van de weduwe van Jan Pietersz.      17-10

Boudewijn Segersz. {Taijaert} huurt van idem   15

Joris Sterlinckx      9-7-6

Dirick Lamertsz. cruijenier    21

Joest Joeste tingieter     10

Aelbert Aelbertsz.      7-10

Pieter Jansz. tingieter    9

Jacob Nouwers schoenmaker    11-5

Willem Pietersz. schoenmaker     10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 161: op 7 juni 1606 verkopen Henrick Jansz., Jan Henricxsz. en Deliaentken Cornelisdr., geassisteerd met Reijer Gerritsz. korenkoper, elk voor een derde part, aan Willem Pietersz. schoenmaker een huis bij de Tolbrug aan de Landzijde [Voorstraat], staande tussen het huis van Michiel de Gelpaert en dat van Jaecques Nouwaerts Henricxsz. Waarborg: Reijer Gerritsz. korenkoper. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1606 gl. Borg: Jacob Nouwaerts.}

f. 183

Oloff Boudewijnsz. twijnder    12-10

Lendert Stercken cruijenier     12-10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 48 e.v.: op 7 mei 1605 verkopen Jan Pietersz., DaniŽl DaniŽlsz. en Cornelis Jansz. van Munster, als testamentaire voogden van de weeskinderen van wijlen Gerrit DaniŽlsz. en Jaepken Ghijsbrechtsdr., voor 3450 gl. aan Leonardt Willemsz., kruidenier en burger van Dordrecht, een huis, genaamd "de Grave van de Marck", staande aan de Landzijde tussen het huis van Michiel de Gelpert en het huis van voornoemde weeskinderen. Waarborgen: de hierboven genoemde voogden. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 2266 gl. Borgen: Nicolaes Buijs, koopman en burger van Dordrecht, en Jan de Braemaecker lakenkoper.

ORA Dordrecht inv. 1604, f. 28v: op 18 mei 1630 verklaren Pieter Ariensz. van de Werff, als man van Anneken Lenertsdr. Stercken, Huijbert Jansz. van de Wetering, als man van Cornelia Lenertsdr. Stercken, en Arent Walen, lid van de Oudraad van Dordrecht, als voogd van Lijsbeth Lenertsdr. Stercken, allen kinderen van Lenert Stercken, dat zij de goederen, die Lenert Stercken heeft nagelaten, onderling verdeeld hebben en dat daarbij aan Pieter Ariensz. van de Werff zijn toebedeeld twee naast elkaar staande huizen tegenover de Vriesestraat, staande tussen het huis van Samuel Barentsz. en dat van Jacob Blom.}

Cornelis Jansz. Put     15

Samuel Barentsz.   10

Lijntgen Ockers weduwe     15

f. 183v

Dirick Verhaegen    12

Pieter Thonisz. tingieter       11-10

Jan Evertsz. kousenmaker     11-5

Ariaen Claesz. Cloot     11-5

Jan Jansz. Coninck      11-5

f. 184

Pieter Anthonisz.    10

mr. Davit chirurgijn huurt van Ariaen van ende weduwe [sic]    15

Bengamijn de Bruijn huurt van Jan Pietersz. kousenmaker    7-10

Jan Henricxsz. schoenmaker   7-10

de weduwe van Dirick Melisz.   10-12-6

f. 184v

Cornelis Renson [int Wapen van Emden]     12

Neesken Gijsbertsdr.     12-10

Jacob DaniŽlsz. schiptimmerman     9-7

Abram Caen    12-10

f. 185

Opte Visbrug

Ariaen Coenen oudschoenmaecker huurt van Lijeven Neeringe   12-10

de weduwe van Thonis Cornelisz.    9-7-6

Laurens Cornelisz. Buerman huijs{timmerman}    9-7-6

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 93v: op 11 okt. 1605 verkoopt Pieter Cornelisz. van Beaumondt huistimmerman voor 875 gl. aan Laurens Cornelisz. huistimmerman een huis op de Vismarkt, staande tussen het huis van Marigen Jansdr. en dat van de weduwe van Pouwels Dircxsz. viskoper. Waarborgen: Aelbert Govertsz. van Beaumont en Joost Jansz. van Dijck. De koper is schuldig aan Jan Joosten smid een somma van 470 gl. Borg: Frans Cornelisz. "groot werckman".}

Marijken Jans hekelster     9-7-6

Michiel Augustijnsz.     12-10

f. 185v

de weduwe van Pouwels Bouwensz.     10

bij de voorgaande in margine: is bij requeste opten 28 Junij 1608 geremitteert

{ORA Dordrecht inv. 1593, f. 50v: op 26 mei 1616 verkoopt Jan van Wels, viskoper en burger van Dordrecht, voor 1000 gl. aan Lijsbet Jansdr. van Wels, weduwe van Pouwels Bouwensz., een huis op de Vismarkt, genaamd "den Cleijnen Palinck", staande tussen het huis van de verkoper en dat van Michiel de Gelper. De koopster is schuldig aan verkoper een somma van 454 gl.}

Jan van Wels {Jacobsz.} viskoper     15

[Jan van Wels Jacobsz. (de oude), geboren ca. 1543, viskoper te Dordrecht, overleden na 7 nov. 1613, trouwde naar schatting ca. 1565 Nelken (Neesken) Jansdr.

- 10 sept. 1569: Jan Jacopsz. van Wels transporteert aan Gijsbrecht Jansz., thesaurier en schepen van Dordrecht, de eigendom van een legaat van 400 gl., dat aan hem, comparant, is gemaakt in het testament van Dirckxen Bartoutsdr., zijn grootmoeder. (ORA Dordrecht inv. 708, f. 245)

- 27 okt. 1575: verklaring t.b.v. Trijntken Jansdr., vrouw van Thoenis Barthoutsz. bakker, door Jan van Wels viskoper, ongeveer 32 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 711, f. 7v)

- 10 jan. 1576: Marijcken Ariensdr., geassisteerd met Reijer Ariensz. en Jan van Wels, als man van Neesken Jansdr., viskopers, "als vande vrunden vande voorsz. Marijcken Ariensdr.", verklaren, dat zij ontvangen hebben uit handen van Lijsbeth Michielsdr., die eerder gehuwd geweest is met wijlen Dammas Quirijnsz., drie rentebrieven van resp. 6, 3 en 3 gl. (ORA Dordrecht inv. 711, f. 44v)

- 1580 (50e penning Dordrecht): Jan van Wels Jacobsz. betaalt 7 gl. voor zijn huis aan de Vismarkt. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3962, f. 76)

- 11 juni 1580: verklaring op verzoek van Jan Cramer door Jan van Wels Jacobsz., burger van Dordrecht, ongeveer 36 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 735, f. 294)

- 2 okt. 1581: Jan van Wels viskoper is waarborg voor Bastiaen Jansz. kleermaker, als man van Marijcken Cornelisdr. en Jan Cornelis molenaar, die 2/3 delen van een huis op de Appelmarkt aan de havenzijde verkopen aan Anthoni Wiltens schoenmaker. (ORA Dordrecht inv. 736, f. 242)

- 23 juli 1582: Jan van Wels' huis aan de Kleine Vismarkt [Voorstraat tussen Visbrug en Stadhuis] wordt belend door het huis van Geerit Pijetersz. "scheepslijter", dat op die dag is verkocht aan Jacob Cornelisz. Back. (ORA Dordrecht inv. 736, f. 365)

- 27 mei 1587: Jan Maertensz. schipper, als man van Janneken Willemsdr. en als voogd van Dircxgen Willemsdr., de zuster van zijn vrouw en onmondig weeskind van Willem Willemsz. hellebaardier, verwekt bij Marichgen Egbertsdr., transporteert aan Jan van Wels viskoper een schepenenschuldbrief, verleden door Willem Ingeenpas op 31 jan. 1587, inhoudende een somma van 550 gl. (ORA Dordrecht inv. 739, f. 175)

- 1 aug. 1587: Reijer Adriaensz., Jan van Wels, Wit Joosten en Jan Brouwer Arentsz. stellen zich waarborg voor Jan Maertensz. schipper, als man en voogd van Janneken Willemsdr. en Dircxgen Willemsdr., onmondig kind van Willem Willemsz. hellebaardier en Marijcken Egbertsdr., "omme off namaels bevonden worde den bogert vanden zelven Willem Willemsz. ... ende zijnen toebehoren, gelegen in Zwindrecht, gecocht bij Jan Bouwensz. ende Cornelis Adriaensz. Jaeger, borgers deser stede, meer belast te zijn dan met vier ponden groten Vlaems tjaers losrente den penning XVI, dat men dat aen henlieden in zulcken gevalle zal moegen verhaelen als aen goede waerborgen." (ORA Dordrecht inv. 739, f. 223)

- 5 okt. 1587: Dirck Meeusz. leertouwer verkoopt aan Pieter Jansz. Mes bakker een huis, strekkende tot de stadsgracht toe, staande in de Kromme Elleboog tussen het huis van Joost Willemsz. metselaar en dat van Jan Jacobsz. schiptimmerman. Waarborgen: Hendrick Woutersz. en Jan Jacobsz. van Wels viskoper. (ORA Dordrecht inv. 739, f. 252v)

- 25 mrt. 1593: Jan van Wels viskoper verkoopt aan Bartholomeus Henricxsz. en Cornelis Leenertsz. schoenmakers een huis in het straatje genaamd het Kousken, staande op de hoek van de gracht tussen kopers erf en 's herenstraat. (ORA Dordrecht inv. 743, f. 20)

- 1594 (verponding Dordrecht): Jan van Wels viskoper betaalt voor zijn huis op de Visbrug (belenders: Maerten Pietersz. kleermaker en Ariaentgen Cornelisdr. "coomenster") 15 ponden. Hij heeft ook een huis in de Breestraat (verhuurd aan Jan Govertsz.) en een zouthuis bij de hoek van dezelfde straat (boven welk zouthuis een zekere Henrick Juriaensz woont). (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965,  f. 186v en f. 243)

-11 juni 1594: Aeltgen Jacobsdr., weduwe van Adriaen Aertsz., verkoopt aan Jan van Wels viskoper de helft van de muur, die tussen hun resp. huizen staat, op de hoek van de Visstraat. (ORA Dordrecht inv. 743, f. 200)

- 9 okt. 1598: Arien Pietersz. Boon vogelkoper verkoopt aan Jan van Wels de oude, viskoper, een huis op de Vismarkt, staande tussen het huis van de koper en dat van Hermen Jenefaesz. viskoper. Waarborg: Bastiaen Ruwel verwer. Koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 1600 gl. Borg: Willem Pietersz. viskoper. (ORA Dordrecht inv. 744, f. 1v)

- 21 dec. 1606: Govert Jacobsz., burger van Dordrecht, verkoopt aan Arien Reijersz. "glaesmaker" een huis in de Voorstraat omtrent de Pelserbrug, staande tussen het huis van Henrick Jacobsz. schoenmaker en dat van Truijcken Beijmen. Koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 743 gl. Borgen: Jan Jacobsz. van Wels viskoper en Bastiaen Crijnen viskoper. (ORA Dordrecht inv. 748, f. 194)

- 15 mei 1607: Jan van Wels, viskoper en burger van Dordrecht, verkoopt aan Abraham Govaertsz. kuiper een huis op de hoek van de Breestraat, strekkende voor van 's herenstraat tot achter aan de gracht, staande tussen het huis van Dirck Jacobsz. schuitmaker en dat van verkoper, voor 500 gl. contant. (ORA Dordrecht inv. 749, f. 30v)

- 21 okt. 1609: Jan van Wels Jacobsz. verkoopt aan Frans Cornelisz. van Beaumont, rentmeester van "de goederen specterende ten Capittele eertijts binnen deeser Stede", 8 gl. 13 st. jaarlijkse losrente, verzekerd op een huis, dat zijn zouthuis is geweest, staande in de Visstraat op de hoek van de Breestraat tussen het huis van Jan Jansz. verwer en dat van Mels Lenertsz. kuiper en op een huis, genaamd "de Palinck", staande op de Kleine Vismarkt [Voorstraat bij de Visbrug] tussen het huis van Anthonij van Valckenborch en dat van Mels Lenertsz. kuiper. (ORA Dordrecht inv. 750, f. 159v e.v.)

- 7 nov. 1613: Jan van Wels Jansz. de Jonge verklaart ter zake van "t collecteren van de pacht bij Jacob Ariensz. binnen Schiedam gepacht soo van t gemael als van den bier imposten ... bij affreeckeninghe tusschen hem comparant en den selven Jacob Arijensz. gelooffden" schuldig te zijn een somma van 914 gl. Borgen: Maria van Welsse, weduwe van Johan Brouwers Arentsz., in zijn leven raad ter Admiraliteit te Rotterdam, Abraham Govertsz. koekenbakker, Arien Jansz. Blom Londenvaarder en Jan van Wels de oude. Laatstgenoemde verbindt hiervoor zijn huis omtrent de Vismarkt, genaamd "de Grooten Palinck", staande tussen zijn eigen huis en dat van Anthonij van Valckenburg. (ORA Dordrecht inv. 754, f. 118v e.v.)

NG trouwboek Dordrecht 28 okt. 1618: Jacob Jansz. van Wels glasmaker wonende bij de Vismarkt in "den Palinck" en Teuntken Pieter Jacopsdr. wonende bij Adriaen Reijersz. glasmaker beiden van Dordrecht, getrouwd op 11 nov. 1618]

Anthonij Valckenborch de Jonge     15

Mon Screvelsz. viskoper      12

de kinderen van Hans Vijerlincx     12

f. 186

Sijmon Jacobsz. huijert vande concherge    15

Aert Gleijnen     8-15

Joest Joesten    12-10

Robert Jansz. {van Heusden} hoemaecker     15

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 93 e.v.: op 10 okt. 1605 verkopen Claertgen Jochumsdr., weduwe van Willem Cornelisz. ketelboeter, voor zichzelf voor een achtste part, tevens vervangende de kinderen van Jaecques Jochumsz. en Eduwaert Penter, haar overleden broers, elk voor een achtste part, Henrick Otten, als man van Aechgen Jans, eertijds weduwe van Frans Penters, voor een achtste part, allen erfgenamen van wijlen Anneken Penters, de vrouw van Pieter Jansz. Severijn, en Pieter Jacobsz., als procuratie hebbende van Judith Jansdr. Severijn, weduwe van Cornelis Dregge, volgens procuratie gepasseerd voor notaris Jeronimus Pottelberge te Londen op 30 juni 1604, voor 2550 gl. aan Robbrecht Jansz. van Heusden, hoedenstoffeerder en burger van Dordrecht, een huis, staande [in de Voorstraat] tussen de Lombardbrug en het huis "Leijden". Waarborgen: Pieter Jacobsz. wielmaker voor de ene helft en Henrick Otten en Claertken Jochums voor de andere helft. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1639 gl. Borg: Herman Genefaesz.}

Dirick Ariaensz. in Leijden    15

f. 186v

de weduwe van mr. IJsbrant huurt van Cornelis Lendertsz.     10

Floris Lendersz. in Den Brijel     7-10

Govert Jacobsz. mandenmaker huurt van Naerden   8-10

Gerit Tijssen korenkoper      11-5

de weduwe van Jan Pietersz. lantaarnmaker     15

f. 187

Reijer Woutersz. koekenbakker     15

Teeus Henricxsz. kleermaker     9

de weduwe van Bouwen Sijmonsz.       8

Jacques Louwijs twijnder     6-5

{NG trouwboek Dordrecht 30 mrt. 1597:  Jacob Lowijsz twijnmaker van Zevenbergen en Heijlken Jacob Henricxsz. van Nieuwpoort, getrouwd op 13 april 1597

ORA Dordrecht inv. 1596, f. 90 e.v., akte dd 2 okt. 1619: Jacob Lowijs, blauwverver en burger van Dordrecht, is borg voor Michiel Cornelisz. huistimmerman [echtgenoot van Hendricxken Govertsdr. (Weeskamer Dordrecht inv. 18, f. 111)]

ORA Dordrecht inv. 1596, f. 93v e.v., akte dd 3 okt. 1619: Jacob Lowijs, blauwverver en burger van Dordrecht, borg voor Anthoni Lam blauwverver.

NG trouwboek Dordrecht 29 april 1629 (ondertrouw): Jacob Lowijsz. blauwverver weduwnaar van Zevenbergen woont bij brouwerij de Engel en Teuntgen Laurens Thonisdr. van Capelle in de Langstraat wonende in de Vriesestraat

Weeskamer Dordrecht inv. 18, f. 186: boedelscheiding dd 10 febr. 1633 tussen Dingentgen Stevens, weduwe van Jan Fransz. Visser, geassisteerd met Jacob Lowijsz., haar gekoren voogd, enerzijds, en Jochum Fransz. Moets, als oom van vaderszijde van Henricxken Jans, circa 3 jaar oud, weeskind van Jan Fransz. Visser, anderzijds.

Weeskamer Dordrecht inv. 20, f. 10 e.v.: extract testament Barent Eeuwoutsz. schipper en zijn vrouw Dignum Stevens *, gepasseerd voor notaris W. van der Elst te Dordrecht op 4 jan. 1640. De testateuren hebben tot voogden over hun minderjarige erfgenamen benoemd Willem Dolphijn, hun zwager, @ en Jacob Lowijs. Gecollationeerd op 23 febr. 1640. In margine: Willem Dolphijn verklaart op 28 febr. 1640 de voogdij te aanvaarden. %

* NG trouwboek Dordrecht 15 jan. 1634 (ondertrouw): Barent Euwoutsz. schippersgezel jongman van Gouda en Digneken Stevens van Geertruidenberg weduwe van Jan Fransz. de Vischer schipper # beiden wonende aan de Vest bij de Riedijkspoort

# NG trouwboek Dordrecht 10 mei 1626: Jan Fransz. schipper van Geertruidenberg wonende op de Riedijk beneden den Blaeuwen Ancker en Dingenke Steven Albertsdr. van "Vliemen", beiden wonende te Dordrecht, zij woont bij de bruidegom en heeft bewijs van de toestemming van haar "vrienden" [verwanten], getrouwd op 28 mei 1626

@ NG trouwboek Dordrecht 15 sept. 1630: Willem Dolphen weduwnaar Engels soldaat onder de compagnie van kolonel Vere en Cunierken Euwits Hendricx van Gouda wonende te Dordrecht aan de Riedijk, proclamatie in de Engelse kerk, getrouwd op 1 okt. 1630

% NG trouwboek 11 mrt. 1640: Barent Eeuwouts schipper weduwnaar en Aeltje Cornelis weduwe van Teunis Ariensz. schipper beiden van Dordrecht en wonende op de Riedijk, getrouwd op 2 april 1640

ORA Dordrecht inv. 1610, f. 2v: op 13 jan. 1643 verkopen Dirck van Dalen en zijn vrouw Anneken Huijbertsdr. aan Wouter Woutersz. een jaarlijkse losrente van 20 gl., verzekerd op een huis [in de Voorstraat] tegenover de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Jacob Lowijsz. twijnder en dat van Dirck Dircksz. boekbinder.

NG trouwboek 16 aug. 1643: David Willemsz. schiptimmerman weduwnaar van Dordrecht wonende in de Dorrenboom en Teuntje Laurensdr. van Capelle weduwe van Jacob Lowijsz. wonende bij de Kleine Spuistraat}

Jacob Gijsseler keteler huurt van Fabes erfgenamen   9

f. 187v

de weduwe van Jan Aertsz. schoenmaker      6-15

Ariaen Joppen schoenmaker      3-15

Gerit Henricxsz. goudsmid     7-10

Wouter Woutersz. kramer     8-15

de weduwe van Cornelis Jacobsz.     11

f. 188

Cristoffel Cornelisz. huurt van Reijer Geritsz.      12-10

Herman Henricxsz. kleermaker      10

Willem Croeswijck      9

de weduwe van Frans van Diemen      15

Henrick Jacobsz. van Diemen   6-5

f. 188v

Govert Michielsz. mandenmaker     10

de weduwe van Pieter Schots     12

Cornelis Jansz. kramer    15

Andries Matijsz. schoenmaker     12

Joris Houbraecken in De Lissen     12

f. 189

de weduwe van Ariaen Back     15

boven de voorgaande is met een andere hand bijgeschreven: Hendrick Jansz. van der Hooch

de weduwe van Thijs Diricxsz.     15

de weduwe van Jan Willemsz. kaaskoper     15

Marijken Frans hekelster      8-15

de weduwe van Cornelis de emmermaker      nihil

f. 189v

Evert Cornelisz. verwer     9

Barent Vonck goudsmid [zilversmid]       18

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 58v: op 28 mei 1605 verkopen Dominicus van Doren en Adriaen Pietersz. de Wijck, als testamentaire voogden van de weeskinderen van wijlen Willem Gerritsz. verver, aan Bernardt Fonck, zilversmid en burger van Dordrecht, een huis, genaamd "de Gulde Wan", staande [in de Voorstraat] tussen de Pelserbrug en het huis van de weduwe van Evert Cornelisz. Smith.}

Willem Gijsbrechtsz. coomen      8

Willem van Diemen       8

Ariaen Cornelisz. kaaskoper       12-10

f. 190

DaniŽl Renson goudsmid      12

DaniŽl Heerman lakenkoper      18

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 42v e.v.: op 30 april 1605 verkoopt Adriaen Jansz. Saijer, burger van Dordrecht, voor 3000 gl. aan DaniŽl Hereman, lakenkoper en burger van Dordrecht, een huis [in de Voorstraat] omtrent de Pelserbrug, staande aan de havenzijde tussen het huis van Davidt Reijnsz. goudsmid en dat van Swarte Claes. Waarborgen: Jan Huijgens olieslager en Henrick Jansz. van der Hooch. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 2300 gl. Borgen: Arent Schepper Adamsz. en Baerthout Cornelisz. viskoper.}

Claes Ghijsbertsz. [Swarte Claes] schipper      6-5

Sijer Damisz. schipper     9

Dirick Evertsz. passementwerker     13-15

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 162v: op 7 juni 1606 verkoopt Lucas Fredricxsz., koopman te Amsterdam, aan Jan Corssen Pincx kruidenier een huis bij de Vuilpoort, staande tussen het huis van Sier Damasz. en dat van Jaecques Halewijn. Waarborg: Andries Adriaensz. suikerbakker. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 1375 gl. Borgen: Job Cornelisz. wagenmaker en Jan Corsz. azijnmaker.}

f. 190v

Herman Jansz.      13

Barent Jansz. mandenmaker     6

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 78: op 13 aug. 1605 verkoopt Barent Jansz. mandenmaker aan Cathelina Goossens en Marige Goossens, weeskinderen van wijlen Goossen Huijgen een jaarlijkse losrente van 8 gl., verzekerd op een huis [in de Voorstraat] omtrent de Vuilpoort, staande tussen het huis van Neeltgen Jans, weduwe van Gerrit Egbertsz., en dat van Jaecques Hallewijn.}

de weduwe van Egbert Geritsz. kleermaker    2-12

Willem Henricxsz. appelkoper    7-10

Elias Evertsz. kleermaker     11-15

{ORA Dordrecht inv. 1606, f. 4v e.v.: op 14 febr. 1634 verkopen Aelbert Pieterz. van der Werff, voor zichzelf en tevens vervangende Adriaen van der Werff, als curators van de boedel van Elias Evertsz. kleermaker en Joosken Pietersdr., aan Adriaen Janz. Swaen, kleermaker en burger van Dordrecht, een huis omtrent de Vuilpoort aan de havenzijde, staande tussen het huis van Barent Jansz. mandenmaker en dat van Josina van der Hagen. De koper is schuldig aan de verkopers 475 gl. Borg: Pieter Hoochlander apotheker.}

f. 191

de weduwe van Huijbert Jacobsz.    16-10

Barent Lamertsz. appelkoper       5-12-6

Jan Geritsz. smid     5

Janneken Jansdr.    6-5

de weduwe van Aert Geritsz. mandenmaker     2-10

f. 191v

de weduwe van Arent Dammert    14-5

Cornelis Jansz. van Breda    9-7

bij de voorgaande in margine: zij gelet dat dit huijs nu verhuijert wort om tselve daer naer te setten

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 31v e.v.: op 1 april 1605 verkoopt Arien Cornelisz. schipper voor 2900 gl. aan kapitein Johan Lucasz. brugmeester een huis bij de Vuilpoort, staande tussen het huis van Arent Dammert en dat van de erfgenamen van de weduwe van Matthijs Fransz. Compareren mede Heijltgen Hermansdr. en Aeltgen Hermansdr., weeskinderen van wijlen Herman de Best, verwekt bij Dignum Claesdr., en verklaren dit huis "te ontlasten ende ontslaen van alsulcke actien ende recht als sijluijden eenichsints opten voorsz. huijse soude mogen pretenderen, nopende de alimentatie ende andere pretensien die sijluijden vuijt saecke van haere vaderlijcke goederen opten voorsz. huijse souden mogen pretenderen".

ORA Dordrecht inv. 766, f. 47v: op 2 okt. 1626 verkopen Melchior van de Broeck, schepen in wette te Dordrecht en Dingman Beens, beiden geordonneerde voogden van de weeskinderen van Cornelis Jansz. van Breda en zich sterk makende voor Franchoijs Beens, mede voogd van voornoemde kinderen, aan Jeronimus Terwen, koopman en burger van Dordrecht, een huis, waar uithangt den Witten Engel, staande achter het stadhuis, tussen het huis van Jan Jansz. van Dongen en dat van Henrick van Valckenberch. Waarborgen: Melchior van de Broeck en Dingman Beens, vervangende Franchoijs Beens. Kent betaald. Promittit quitare.}

de kinderen van Tijs Fransz.      7

bij de voorgaande in margine: in surcheantie tot dattet huijs vercoft wort is opten 9 [december] 1610 de helft geremitteert

Marijken Thonis kaaskoopster     8-10

Lamert Woutersz. schoenmaker     11-10

f. 192

de weduwe van Jan Geritsz. bakker    18-15

bij de voorgaande in margine: in surcheantie [6 ponden 5 schellingen] als op voorgaende jaeren

Henrick Jansz. kaaskoper huurt van 't Jonck Roosken     7-10

de weduwe van Henrick Boogers    9-7-6

Cornelis Cornelisz.     8-15

de weduwe van Henrick Woutersz.     7-10

f. 192v

Aert Lauwen zeilmaker     3-6

Aert de Carsseboem schipper     7-10

de weduwe van Dirick Cornelisz. kaaskoper      20-10

Stijn Goessen caescoopers [sic]     10

f. 193

Abram Jansz. kaaskoper      11-5

Buijten de Vuijlpoort

Gerit Jacobsz. scheepslieter       4-10

Balten Woutersz. in den Engel   16-10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 123 e.v.: op 17 febr. 1606 verkopen Jacob Jansz., als man van Marijken Laurisdr., voor zichzelf, en Lambrecht Buijs, als procuratie hebbende van Jan Joppen, schipper en burger van Dordrecht, als oom en bloedvoogd van Cleijs Willemsz., onmondig weeskind van Willem Jopper Kuijter en Truijken Cleijsdr., aan Pieter Witten de helft van twee naast elkaar staande huizen buiten de Vuilpoort, het ene genaamd "den Engel", belend door het huis "den Hulick" en een erf, dat toebehoort aan de stad Dordrecht. Waarborgen: Aefken Joppen, weduwe van Pieter Pietersz., en Arien Hermansz., elk voor de helft. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1637 gl. en 10 st. Borgen: Jan Joosten en Schalck Joosten, gebroeders.

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 123v e.v.: op 17 febr. 1606 verklaren Pieter Wittensz., voor zichzelf en tevens vervangende Abraham Bartholomeeusz., als man van Joosken Wittensdr., de zuster van Pieter Wittensz., beiden kinderen en erfgenamen van wijlen Wit Joosten, en Jan Joosten, wonende in Strijen, als testamentaire voogd van Neelken en Ariaen Witten, eveneens kinderen en erfgenamen van With Joosten, enerzijds, en Jaecques Jansz., wonende in Westmaas, als man van Mariken Laurisdr., alsmede Lambrecht Buijs, als procuratie hebbende van Jan Joppensz., als oom en bloedvoogd van Claes Willemsz., kinderen en erfgenamen van wijlen Truijken Claesdr., de laatste echtgenote van With Joosten, anderzijds, dat zij de goederen, die zijn nagelaten door With Joosten en Truijken Claesdr., onderling hebben verdeeld. Daarbij is aan de erfgenamen van With Joosten o.a. toebedeeld de helft van een huis buiten de Vuilpoort, genaamd "den Engel" en een huis daarnaast, staande op de hoek van 's herenerf.}

Floris Jansz. in den Hulck      3-15

{Floeris Jansz. Bosman vletter van Dordrecht trouwde NG Dordrecht 29 mei 1588 Maricken Hendrick Engelendochter, van Dordrecht. (Ons Voorgeslacht 2005, p. 346)}

Willem Henricxsz. in Hamborch     7-10

f. 193v

de weduwe van Cornelis Jansz. houtslijter      15

bij de voorgaande in margine: mach volstaen met 10 [ponden] als op voorgaende jaeren

Pieter Mertensz. huurt van Jan Cornelisz. in Antwerpen     10

Gerit Jacobsz. Keth voor zijn nieuwe huis       5

Bastiaen Joesten in Rosendael      6-5

f. 194

Stijn Jansdr. huurt van Stijntgen Ariaensdr.   3-2-6

de weduwe van Dirick Jacobsz. in de 3 Coningen      11-5

de kinderen van Jan Jacobsz.   4-2-6

Andries Mathijsz. metten runtmoelen    20

Abram Willemsz.       3-15

f. 194v

Jacob Cornelisz. schipper       5

Euwout Jansz. huurt van Cleijs Pouwelsz.      3

Jan Henricxsz. huurt van Cleijs Pouwelsz.      3

Joest Jansz. schipper       3

{- 26 mrt. 1610: Joost Jansz., schipper en burger van Dordrecht, en Marijken (Fransdr.?), zijn vrouw, transporteren aan Huijch DaniŽlsz. hoedenstoffeerder en aan Pieter, Adriaen en Neeltgen Witten een somma van 138 gl. aan geleende penningen, verzekerd op een huis buiten de Vuilpoort, staande tussen het huis van Dirick Geeritsz. en dat van Jan van Leijden. (Ons Voorgeslacht 2005, p. 347-348)}

Dirick Geritsz.     6-5

f. 195

Frans Cornelisz. visser     nihil

Pieter Stoffelsz. schipper     3-15

Neeltgen Jacobsdr.     3-15

Inde Weij aende Draeijboem

Thielman houtdrijver [sic]     nihil

Cornelis Lendertsz.   [doorgehaald is: 30 schellingen]

Jan Vassen huurt van [brouwerij het] Rijplant    7-10

f. 195v

Jop Ariaensz. huurt van de dochter van Ariaen Bosmans   3

zes of zeven "stroe huijskens"    nihil

Laurens Gillisz. knoopmaker   3

"sekere stroe huijskens"     nihil

Jan Pietersz. en Jan Cornelisz. molenaars voor de [molen] de Buijserinne  12

f. 196

Dirick Govertsz. en Frans Diricxsz. voor de molen de Backerinne    12-1

Wederomme inde Stadt [in de Voorstraat aan de landzijde]

Henrick DaniŽlsz. Verlou      6

Cleijs Pouwelsz. zeilmaker     22-10

Aert Reijniersz. bakker     11-5

f. 196v

Reijnier Schoumans bakker   11

bij de voorgaande in margine: t derde part in surcheantie sijn[de] [3 ponden 15 schellingen]

Grietgen Sijmons koomenster      30 schellingen

Jan Govertsz. [van Beaumont, olieslager]    18

[I. Govert Jansz. van Beaumont, geboren naar schatting ca. 1530, olieslager te Dordrecht, overleden in of na 1591, trouwde Neeltgen Joppen, geboren naar schatting ca. 1530, dochter van Job Geemansz. olieslager en NN

- 2 okt. 1546: Cornelis van Diemen Jacopsz. wantsnijder verkoopt aan Pieter Willemsz. van Alblas een huis op de Riedijk aan de rivierzijde, staande tussen het huis van Thomas Jansz. wantsnijder en dat van Cornelis Jansz. Borstrock. Waarborg: Jop Ghemensz. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 450 gl. Borg: Gherit Aertsz. (ORA Dordrecht inv. 1531 (nieuw), akte 188)

- 14 aug. 1550: Jop Ghemansz. verkoopt aan Pieter Lambertsz. en diens vrouw Beatris [sic] een lijftochtrente van 4 Vlaamse ponden jaarlijk, verzekerd op een huis, staande tussen het Sint Jansgasthuis en het huis van Katherina Fransdr. (ORA Dordrecht inv. 1532 (nieuw), akte 333)

- 23 juli 1551: Job Ghemansz. transporteert een rentebrief van 6 gl. jaarlijkse losrente aan Leentgen en Aeltgen Jansdrs. (ORA Dordrecht inv. 1534 (nieuw), akte 82)

- 26 nov. 1552: verklaring op verzoek van Jan Willemsz., bakker te Delfshaven, door Jop Gheemansz., 47 jaar oud, en Jorden Diericxsz. bakker, 34 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 1534 (nieuw), akte 589)

- 2 dec. 1560: Dirck Jacopsz. schipper verkoopt aan Adam Woutersz. schoenmaker een jaarlijkse losrente van 4 gl., verzekerd op een huis buiten de Vuilpoort, staande tussen het huis van Jop Gemansz. en dat van Matheus Apersz. (ORA Dordrecht inv. 722, f. 113)

- 22 jan. 1561: Dirck Jacobsz. [schipper is doorgehaald] wagenmaker verkoopt Andries Willemsz. glasmaker een jaarlijkse losrente van 6 gl., verzekerd op een huis [buiten de Vuilpoort], genaamd "die Drie Coningen", staande tussen het huis van Job Geemansz. en dat van Theu Apersz. Borg:  Cornelis Jacobsz. schiptimmerman, broer van Dirck Jacobsz., die hiervoor verbindt een huis in de Botgensstraat, staande tussen het huis van heer Jan van de Linde en dat van Hillichje Claesdr. (ORA Dordrecht inv. 1538 (nieuw), akte 273)

- 10 mrt. 1561: Job Gemansz. olieslager transporteert aan Henrijck Aertsz. koolmeter een rentebrief van 3 gl. jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 1538 (nieuw), akte 380)

- 26 sept. 1571: Job Geemansz. verkoopt aan Cornelis Wor Cornelisz. de oude een huis, staande aan de Landzijde [Voorstraat] bij de Grote Spuistraat tussen het huis van Sijmon den Ouden en dat van Heiltgen Buijs, weduwe van Coemen Dirck. Waarborg: Govert Jansz. olieslager. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 375 gl. Voor het geval hij in gebreke blijft deze schuld af te lossen geeft hij Job Geemansz. als onderpand ten eerste een schepenenschuldbrief van 36 ponden 6 schellingen 8 groten Vlaams, sprekende op zijn zoon Cornelis Wor de jonge, en tevens een huis in het Steegoversloot, staande tussen de gang van Henrick Pietersz. en het huis van Hubrecht Jong Adriaensz. Borg: Jan Wor Cornelisz. (ORA Dordrecht inv. 709, akten 894 en 895) 

- 17 okt. 1575: Pieter Jansz. Vinck, voor zichzelf en tevens vervangende de overige erfgenamen van Bartholomeus van der Poel, verklaart, dat zij sprekende hebben op het huis van Anthoenis Anthoenisz. in het Steegoversloot een jaarlijkse losrente van 5 gl., "daer onder andere mede verbonden stont thuijs daer den Schilt van Bourgongien vuijthangt", dat ook toebehoord heeft aan Anthoenis Anthoenisz. De erfgenamen hebben ontvangen van Govert Jansz. van Beaumont olieslager, die het huis "het Boergoenssschen Schilt" heeft gekocht, over de hoofdsom en de verlopen interest van de rentebrief van 5 gl. een bedrag van 17 ponden 10 schellingen groten Vlaams. (ORA Dordrecht inv. 711, f. 4 e.v.)

- 8 jan. 1577: Cornelis DaniŽlsz., als man van Aeltgen Joppen, Govert Jansz., als man van Neeltgen Joppendr., en Simon Jansz., als man van Marijcken Joppen, samen erfgenamen van wijlen Jop Gemansz. *, verkopen aan Jan Adriaensz. van Ept een huis in de Grote Spuistraat, staande tussen het huis van de erfgenamen van Jan de smid en dat van Aert Heijmansz. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 400 gl. (ORA Dordrecht inv. 732, f. 244)

- 17 juni 1578: Adriaen Jansz., weduwnaar van Henrixgen Apersdr., verbindt 1/5 deel van een huis, staande bij de Vuilpoort, waarin Henrixgen overleden is, aan de ene zijde belend door het huis van Govert Jansz. olieslager en aan de andere door het huis van Grietgen Simonsdr. (ORA Dordrecht inv. 734, f. 45v e.v.)

- 1580: Govert Jansz. van Bemondt betaalt 11 ponden in de 50e penning van Dordrecht, belenders: Evert Jansz. comen en Ariaen Apersz. bakker (50e penning Dordrecht op deze website, f. 82v)

- 29 mrt. 1580: scheiding van de goederen, die zijn nagelaten door Anthoenis Ariensz. olieslager, tussen Simon Jansz. Cabassa apotheker, als man van Mariken Joppendr., die eerder gehuwd is geweest met wijlen Anthoenis Ariensz. olieslager, enerzijds, en mr. Adriaen Adriaensz. de Jonge van Gorinchem en Mariken Adriaensdr., weduwe van Jasper Jansz., mede van Gorinchem, voor zichzelf en samen vervangende Willem Ariensz. Louff, die in het buitenland verblijft, en Mariken Jansdr., wonende te Schoonhoven, weeskind van wijlen Jan Ariensz. olieslager, samen erfgenamen van wijlen Claes Anthoenisz., kind van wijlen Anthoenis Ariensz. en Mariken Joppendr., anderzijds. Aan Simon Jansz. is toebedeeld de gehele boedel, mits hij belooft alle schulden te betalen, "waer jegens dvoorsz. errfgenamen in qualitť als boven die overmits de sopre staet vande goederen metten clocken tot drie reijse geciteert zijnde alleen bedeelt ... zijn aen [een bedrag van 10 gl.] eens die alreede aen deselve overleden Claes Anthoenissoens montcoste betaelt zijn". (ORA Dordrecht inv. 714, f. 39 e.v.)

- 1588: op verzoek van Cornelis DaniŽlsz. Vernas en Govert van Beaumont Jansz., als ooms en voogden van de weeskinderen van wijlen Sijmon de Cavasse, genaamd Cornelis, Glaude, Heijltgen, Anneken en Sijmon de Cavasse, verklaren Thomas Gerard van Carmangola en la Marcqusaet de Saluces, ongeveer 60 jaar oud, en Michiel Solario van Caringana, ongeveer 34 jaar oud, dat zij Sijmon de Cavasse zeer goed gekend hebben en derhalve weten, dat hij bij zijn eerste vrouw, Heijltgen Cornelisdr., een kind, genaamd Cornelis, heeft verwekt, en voorts dat hij na haar overlijden is hertrouwd met Marijcken Joppendr. "met de welcke hij langen tijt huijs gehouden heeft ende hem selven eerlijcken gedragen ende hemselven mit neringe als cruijdenijer beholpen heeft", en dat hij bij haar de volgende kinderen heeft verwekt: Glaudi, Heijltken, Anneken en Sijmon de Cavasse, die allen nog in leven zijn. (ORA Dordrecht inv. 718, akte 181)

- 5 febr. 1591: Geertruijt Fransdr., weduwe van Geman Jobsz., voor de ene helft, en Frans Gemansz. bakker, voor de andere helft, transporteren aan Govert Jansz. van Beaumont olieslager een rentebrief van 9 gl. jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 719, akte 1018)

- 2 april 1591: Hubert de Manghelere, als man van Margaretha Cobbe Francoisdr., transporteert aan Govert Jansz. olieslager een rentebrief van 6 gl. jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 719, akte 1129)

* - 10e penning Dordrecht anno 1543: Jop Gemansz. in de Voorstraat tussen Nieuwstraat en Kolfstraat, huurwaarde getaxeerd op 11 Car. gl., belenders: Trijn de bontwerkster en Jan Bol. (f. 19)

- 10e penning Dordrecht anno 1558: Job Gemansz. in de Voorstraat tussen Nieuwstraat en Kolfstraat, huurwaarde getaxeerd op 18 Rijnse gl., beloopt de 10e penning 36 st. Belenders: St. Jansgasthuis en de weduwe van Aert Geritsz. de bontwerker. (internet, f. 92v)

- 27 jan. 1571: verklaring op verzoek van Sijchen Adriaensdr., de weduwe van Gijsbert Cornelisz. alias Coster Ghijs van Streefkerk, door Job Geemansz,. 65 jaar oud, en Gerrit Pluijm Geerlofsz., 46 jaar, poorters van Dordrecht. (ORA Dordrecht 709, akte 529)

- 2 mei 1571: Adriaen van Blijenborch Adriaensz., schout van Dordrecht, Boudewijn van Drenckwaert Willemsz., en Arent Cornelisz., ambachtsheer van De Mijl, Dubbeldam etc., als kerkmeesters van de Grote Kerk te Dordrecht, verkopen aan Job Geemansz., zijn erfgenamen en nakomelingen, een graf in de trans binnen de Grote Kerk, liggende tussen de Ververskapel en het altaar van de schoenmakers, "ten midden wegen, een graft lengte vande glaes muijeren responderende met het hooffden eijndt aen die voeten eijnde van Jan int Voskens graft, streckende zoe voorts mette voeten naer Sinte Anna outaer toe". (ORA Dordrecht inv. 709, akte 662)

Kind:

a. Jan Govertsz. van Beaumont, volgt II

II. Jan Govertsz. [van Beaumont, geboren ca. 1564, olieslager van Dordrecht (1583), overleden tussen 1606 en 1619, trouwde NG Dordrecht 5/22 mei 1583 Jennicken Anthonisdr. van Gameren, van Dordrecht (1583), overleden in of na 1619, dochter van Anthonis van Gameren, waard in "de Sterre" te Dordrecht, en NN

- 17 mei 1564: compareren voor Pieter Muijs Jacobsz. en mr. Adriaen van Blijenborch heer Adriaensz., schepenen in wette van Dordrecht, als daartoe geordonneerd zijnde door de Kamer Judicieel van Dordrecht, "omme te hoeren ende examineren alsulcken getuijgen als van wegen eenen Goijaert Lenertsz. ... geproduceert zijn geweest", Hubrecht Thomasz. lakenkoper, 44 jaar oud, en Anthonis van Gameren, 44 jaar oud, die verklaren, dat Wijnant Jansz. en zijn vrouw Elijsabeth gewoond hebben zowel in de buurt van hen, deposanten, als elders in Dordrecht, en Wijnant en Elijsabeth samen, en na Wijnants overlijden zijn vrouw alleen, getapt en verkocht hebben bier en brandewijn, maar dat zij niets weten van enige handel in "linnelaecken" of andere goederen, die Elijsabeth gedaan zou hebben. Zij verklaren voorts, dat Elijsabeth na het overlijden van haar man geen "erffhuijs ofte boulhuijs" heeft gehouden van de door hem nagelaten goederen (ORA Dordrecht inv. 704, akte 507)

- 6 okt. 1564: Cornelis Cornelisz. Crommenij verkoopt aan Damas Cornelisz. korenkoper een vijfde part in een huis genaamd "de Half Maen", staande aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis "den Bock" en het huis "Besoijen", zulks als hem, verkoper, is aanbestorven als man van Grietken Hermansdr. Waarborg (voor verkoper): Anthonis van Gameren. (ORA Dordrecht inv. 704, akte 98) De koper is schuldig aan verkoper een somma van ruim 366 gl. Borg: Cornelis Adriaensz. (idem, akte 100)

- 18 jan. 1566: verklaring op verzoek van Baernt Hermansz. schipper door Anthonis van Gameren, 43 jaar oud, en Lenert Jansz., 35 jaar oud, inwonende poorters van Dordrecht. Zij verklaren, dat zij Baernt al 14 of 15 jaar of nog langer kennen, en dat het hun derhalve zeer goed bekend is, dat hij al die tijd met de Engelsen gehandeld heeft "ende oock factorie van hen gehat heeft". (ORA Dordrecht inv. 705, akte 96)

- 6 febr. 1567: verklaring op verzoek van Anthonis van Gameren, waard in "de Sterre" te Dordrecht, door Gerrit Fransz., 30 jaar oud, poorter van Dordrecht. Hij verklaart, dat hij in juni 1566 ten huize van de rekwirant van Thomas Bratis, dienaar van Willem Maes, Engelsman, "gedongen" heeft zeker blauw laken, maar die niet heeft gekocht. (ORA Dordrecht inv. 706, akte 341)

- 27 mrt. 1587: verklaring door o.a. Jan Govertsz. van Beaumont, olieslager, 23 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 739, f. 128)

- 5 juli 1591: Adriaen Baerntsz. hordenmaker verkoopt aan Cornelis Jansz. schoenmaker en Pieter Willemsz. bakker, als voogden van het weeskind van Bastiaen Willemsz. muntenaar, ten behoeve van dat kind, een huisje of loodsje, staande aan de stadsvest bij de Vuilpoort tussen de oliemolen van Jan Govertsz. van Beaumont en het erf van Adriaen Baerntsz., alsmede een gang naast het huisje/loodsje, die wijd is vier en een halve voet van 11 duimen de voet, te meten uit de gevel van Jan van Beaumonts oliemolen, strekkende ter zijde van de oliemolen tot aan de stadsvest. De kopers zijn schuldig aan de verkoper een somma van 237 gl. De voornoemde voogden, Cornelis Jansz. en Pieter Willemsz., verkopen aan Jan Govertsz. van Beaumont een huisje of loodsje, staande aan de stadsvest bij de Vuilpoort tussen de oliemolen van de koper en de gang van het weeskind van Bastiaen Willemsz. muntenaar. Van Beaumont is schuldig aan de verkopers een somma van 10 ponden 10 schellingen groten Vlaams. (ORA Dordrecht inv. 719, akte 1277 t/m 1280)

- 1594: Jan Govertsz. olieslager betaalt in de verponding van Dordrecht 18 ponden 15 sch., voor een huis in de Voorstraat aan de zuidzijde bij de Vuilpoort, belenders: Grietgen Willemsdr. comenster en Evert Cornelisz. comen. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965, f. 200)

- 2 sept. 1605: Arien Jacobsz., Heijltgen Jacobsdr., Leendert Jacobsz. en Neeltgen Jacobsdr., geassisteerd met Arien Jacobsz., haar broer, verkopen aan Jan Govertsz. van Beaumont en Aert Anthonisz. van Ghammeren een jaarlijkse losrente van 4 Vlaamse ponden, verzekerd op een huis in de Vriesestraat. (ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 84v e.v.)

- 1619: de weduwe van Jan Govertsz. olieslager betaalt in de verponding van Dordrecht 18 ponden 15 schellingen, huis in de Voorstraat zuidzijde bij de Vuilpoort, belenders: Willem Willemsz. coemen en Evert Cornelisz. coemen. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3968, f. 207v

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht):

a. Anthonis van Beaumont Jansz., nov. 1585, trouwde Elisabeth van Haerlem Rochusdr., geboren 10 jan. 1583, dochter van Rochus van Haerlem Gijsbertsz. en Beatrix van Rijn Klaasdr. "hadde Kinderen, alle Ongetroud gestorven". (Balen, o.c., p. 1066-1067; dat al hun kinderen ongetrouwd bleven, is onjuist, zoals uit onderstaande notariŽle akten blijkt)

- 14 dec. 1653: compareren voor een Dordtse notaris Adriana Jans, weduwe van Rochus van Beaumont, en Barent Nelsen, als man van Biatris Anthonisdr. van Beaumont, voor zichzelf en tevens vervangende zijn vrouw. Zij verklaren, dat zij "onderrecht werden", dat Johan van Beaumont, hun broer resp. zwager, als procuratie hebbende van Biatris van Beamont en als oom en voogd van de minderjarige kinderen van Rochus van Beaumont, "mandement vande Hove van Hollant geÔmpetreert heeft", waarbij Uldrich Saeijers, als erfgenaam van Angenieta Crijnen en derhalve eigenaar van zekere oliemolen, die enige tijd geleden door Antonis van Beaumont, hun schoonvader, is verkocht en gekomen is uit de boedel van Janneken Tonisdr. van Gameren, hun behuwd grootmoeder, maar dat zij "wel expresselijck ... ontkennen eenige procuratie aende voorsz. Johan van Beaumont gegeven te hebben, ende indien Jae, daer van bij desen te renunciŽren ende sulcx te improberen tegens [hetgeen] den selven daerinne gedaen ende gehandelt heeft ende dienvolgens oock te approberen den accoorde op den 21 meij 1651 ten reguarde vande vercoopinge van voorsz. olijmolen ende andre goede[ren] gemaeckt ende vervolgens oock dhr. Johan van Haerlem, voor sich selve ende als oom ende voocht vande minderjarige erffgenamen van ... sr. Gijsbert van Haerlem ende sr. Arent Dichters, als getrout hebbende joffrou Antonette van Haerlem ende medevoocht over de minderjarige mitsgaders de generale erffgenamen van ... Gijsbert van Haerlem, te ontslaen vande haerlieden geÔnterponeerde waarborchtochte" voor de verkoping van voornoemde oliemolen aan Anneta [sic] Crijnen, en van 5 morgen 71 roeden land aan Cornelis van Beveren, heer van Strevelshoek, alsmede van de borgtocht voor de lichting van zodanige penningen als ter weeskamer gelicht zouden mogen zijn. (ONA Dordrecht inv. 108, f. 259 e.v.)

- 12 aug. 1659: comp. Barent Nelssingh, schoenmaker wonende te Oud-Beijerland, als weduwnaar en enige erfgenaam van Beatris Anthonisdr. van Beaumont, en Adriana Jansdr. Stam, eerst weduwe van Rochus Anthonisz. van Beaumont, en zulks moeder en voogdes over haar kinderen, verwekt door haar eerste man, geassisteerd met Johannes van Biestraten, haar tegenwoordige echtgenoot. De comparanten verlenen procuratie aan Johannes Melanen, notaris te Dordrecht, om te vorderen en innen van de kinderen en erfgenamen van wijlen Gijsbert van Haerlem, "als borge gebleven sijnde" voor wijlen Anthonij van Beaumont, hun schoonvader, alzulke twee derde parten van een somma van 596 gl. kapitaal met de daarop, sedert het overlijden van Anthonij van Beaumont, verlopen interesten, als hun, comparanten, nog toekomen uit de boedel van Janneken Anthonisdr. van Gameren, "over penningen, die bij deselve volgens haere testamente subject fideÔcommis waeren gemaeckt opten voorn. Anhonij van Beaumont haeren soon", en de eigendom ervan aan zijn kinderen of kleinkinderen, welke 596 gl. gestaan hebben op het gemeneland van de provincie Holland "ter comptoire" van Dordrecht en op een partij land in Nieuw-Lekkerland, alwaar "deselve bijden voorn. Anthonij van Beaumont onder de voors. borchtochte vanden voors. Sr. Gijsbert van Haerlem zar. sijn gelicht ende beleijt aen seecker huijs in de Vriesestraet [te Dordrecht]". De comparanten hebben voornoemde penningen niet kunnen ontvangen, aangezien het huis in de Vriesestraat met meer belast was dan het bij de verkoping ervan heeft opgebracht. (ONA Dordrecht inv. 95, f. 115 e.v.)

Kinderen (volgorde onzeker):

a-1. Jan (Johan) van Beaumont

- 13 juli 1653: comp. voor notaris G. de Jager te Dordrecht Jan van Beaumond, burger van Dordrecht, en geeft te kennen, dat hij "door opgeplecte billetten compt te sijen ende te lesen dat het huijs ende erve bij sijns comparants za. vader Anthonij van Beaumont eertijts gekocht, staende ende gelegen inde Vriesestraet nu wederom geveijlt werd om op morgen wederomme int openbaer te werden vercoft door Aernt Muijs van Holij, notaris ende procureur, seggende daer toe vande Camere Juditiale deser stede te sijn geauthoriseert. Soo ist sulcx dat hij comparant nijet gehouden [is] ... inde voorn. vercoopinge te bewilgen vuijt oorsaecke dat de penningen daer mede tvoors. huijs es aengecoft geprocedeert zijn vande goederen van za. Janneken van Gameren zijns comparants grootmoeder zaliger gedachte van svaderszijde ende van zaliger Beatrix van Rijn zijns comparants grootmoeder van smoederszijde ende van anderen zijne vrunden, dewelcke bij sijns comparants vader zaliger maer beseten sijn in tochte, ende waren van het fidei commis specterende op hem comparant, dat nochtans hij ... dvoorsz. vercoopinge sal laten hebben hare voortganck onder expresse protestatie dat de penningen daer van te procederen sullen blijven van die natuijre als tvoorsz. huijs ende erve es, om bij hem comparant daer op sijn gerechticheijd behouden ende vervolgt te mogen werden". (ONA Dordrecht inv. 46, f. 406 e.v.)

a-2. Rochus van Beaumont, trouwde Adriana Jansdr. (Stam) 

a-3. Beatrix van Beaumont Anthonisdr., trouwde Barent Nelsen (Nelsingh), schoenmaker te Oud-Beijerland

b. Govert, jan. 1587

c. Maricken, nov. 1587

d. Cornelis, nov. 1589

e. Job, nov. 1591

f. Govaert, aug. 1593]

Evert Cornelisz. coomen    16

de weduwe van Jan Pouwelsz. bakker       22

f. 197

Frans Geemensz. bakker     16-5

Wouter Mertensz. de Bouffkens   16-5

Melchior van de Broucke     15

Maerten Cornelisz. [de Bouffkens] zeilmaker     15

Kapitein Sijbert [Sijbertsz.]  18-15

[ORA Dordrecht inv. 745, f. 191 e.v.: op 15 juni 1600 verklaart kapitein Sijbert Sijbertsz., dat hij volgens testament gepasseerd voor notaris Damas Jobsz. van Slingelant op 19 nov. 1597 gehouden is zijn kinderen, die hij heeft verwekt bij Mariken Thonisdr., zijn inmiddels overleden vrouw, te alimenteren en onderhouden en hun bij het bereiken van hun 20e jaar een somma van 1200 gl. uit te keren. "Ter meeder versekeringe" van deze verplichting heeft hij verbonden een huis op de hoek van de Cellebroersstraat, staande tussen die straat en het huis van Maerten de Bouffkens.]

f. 197v

Matijs Geritsz. van Asperen    25

hieronder staat: als vant huijs [17 ponden 10 schellingen] ende vant erff gecomen van Crijn Willemsz. Louff [7 ponden 10 schellingen], tsedert den Jaere 96 tot 1606 incluijs beloopende [67 ponden]

Ariaen Sijeren coomen   12

Wouter Rocusz. koekenbakker  20

Claes Willemsz. de With   30

Dirick Bastiaensz. coomen    18

f. 198

de weduwe van Cornelis Willemsz. de With    25

Cornelis Cornelisz. brouwer     62

Jan Cornelisz. koekenbakker  22-10

Jan Huijgen olieslager met de oliemolen   23-15

Laurens Ariensz. bakker   26-5

f. 198v

Reijer Geritsz. korenkoper      20

Ariaen Ariaensz. de Jonge    20

Floris van Cuijl brouwer [doorgehaald is: de weduwe van Ariaen Ariaensz.]    30

[ORA Dordrecht inv. 1593, f. 66v e.v.: op 11 juli 1616 verklaart Floris van Cuijl, brouwer en burger van Dordrecht, dat hij "tot verseeckeringe ende indemniteijt van alsulcken acte van condemnatie van garant" als Pieter Aertsz. Brantwijck, heer van Blokland, op hem, comparant, op 15 sept. 1614 heeft verkregen om gegarandeerd te zijn van zekere obligatie van 600 gl. ten behoeve van wijlen Sijmon Cornelisz. van Gesel, verbonden heeft een huis en brouwerij omtrent de Vuilpoort, staande tussen het huis van Adriaen den Groenen en dat van Jop Cornelisz. wagenmaker.]

Job Cornelisz. wagenmaker      11-5

Jan Cornelisz. van Gesel      21-5

f. 199

Henrick Jansz. de Hooch huurt van Jan van Gesel    22-10

Rocus Fransz. [van Wesel] viskoper       23-15

[ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 10 e.v.: op 7 febr. 1605 verkopen Cornelis Wor Godtschalcxsz., Margrieta Godtschalcxsdr. en Aechte Godtschalcken, weduwe van mr. Sijmon Menniker, allen kinderen van wijlen kapitein Godtschalck Wor, voor zichzelf, en procureur Henrick van Naerden, als procuratie hebbende van Andries Jansz., als bloedvoogd van de overige, nog onmondige kinderen van Godtschalck Wor, aan Rochus Fransz. van Wesel, burger van Dordrecht, een huis, genaamd "den Hemel", staande omtrent de Vuilpoort, tussen het huis van Jan Cornelisz. van Gesel, genaamd "het Recht Cromhout", en het huis van de weduwe en kinderen van Henrick Cornelisz. lakenkoper. Waarborg: Cornelis van Beveren. De koopsom bedraagt 6562 gl., waarvan de koper reeds 800 gl. contant betaald heeft en de rest zal aflossen in termijnen. Borg: Franchois Rastiau.]

Marijken Cornelisdr. weduwe    22-10

[16 april 1626: Jan Henricxsz. van Slingerlant, Abraham Henricxsz. van Slingerlant, Pieter Claesz. van Hensberch, als man van Maddaleentge Henricxdr. van Slingerlant, en Jacob Stoop Dircxsz., als man van Henricxken Nicolaes Coltsensdr., voor zichzelf en tevens vervangende zijn broers en zuster, verkopen aan Govert Roechusz. van Wesel, houtkoper en burger van Dordrecht, een huis omtrent de Pelserbrug, staande tussen het huis van Aefken Henricx, weduwe van Roechus Fransz. van Wesel, en dat van Gerrit Schut. De koper is schuldig aan Maria Bouwensdr. van Bercheijck een somma 4100 gl. Borgen: Evert Schrevelsz. van Eijssel en Schrevel Evertsz. (ORA Dordrecht inv. 1602 (nieuw), f. 11v)]

Aert Cornelisz. Schut      15

bij de voorgaande in margine: hij verwacht dat dit huijs verhuijert wert, dien volgende te stellen

Dirick Henricxsz. coomen     20

f. 199v

Jan Corssen kruidenier     18

Ariaen Hermansz. brouwer huurt van de weduwe van [brouwerij] het Rijpland    90

Michiel Pietersz. bakker  18-15

{ORA Dordrecht inv. 1596, f. 5v (deze akte is niet gepasseerd): op 18 jan. 1620 verklaart Pieter Michielsz., als procuratie hebbende van zijn moeder, Lijsbet Dircxdr., weduwe van Michiel Pietersz., wonende te Steenbergen, schuldig te zijn aan Lijdewij Jansdr., weduwe van Isbrant Sas, een bedrag van 1000 gl., verbindende een huis tegenover de Pelserbrug, staande tussen brouwerij "het Rijplandt" en het huis van Laurens de Gelder.

ORA Dordrecht inv. 1596, f. 139v e.v.: op 10 dec. 1620 verkoopt Cornelis Thomasz., wonende te Steenbergen, als curator van de boedel van Michiel Pietersz., voor 3800 gl. aan Thonis Cornelisz., burger van Dordrecht, een huis, genaamd "de Twee Vergulde Paelen", staande bij de Pelserbrug tussen de brouwerij van Maria Gijsberts, brouwster in "het Rijplandt", en het huis van Laurens de Gelder. De koper is schuldig aan Grietken Cornelisdr. een somma van 2300 gl. Borg: Cornelis Jansz., azijnmaker en burger van Dordrecht.}

Ariaen Stevensz. zeilmaker    25

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 39 e.v.: op 20 april 1605 verkoopt Jan Jansz. Droochbroot, burger van Dordrecht, aan Adriaen Stevensz., burger van Dordrecht, een huis met de "zeperij" daarachter, staande [in de Voorstraat] tegenover de Pelserbrug tussen het huis van Michiel Pietersz. bakker en het huis van Dirck de mandenmaker. De koper zal "nu ende ten eeuwigen daege" een vrije doorgang hebben over de stadsgracht door het huis van de erfgenamen van Marigen Cornelisdr., dat staat achter het verkochte huis. Waarborgen: Johannes Beditius en Abraham Droochbroot. De koopsom bedraagt 4900 gl. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 2270 gl. Borgen: Jan Matthijsz. brouwer en Wouter Pietersz. van Breeda.}

Lijsbeth Cornelisdr.      12-10

f. 200

Dirick Govertsz. mandenmaker     10

de weduwe van Pieter Waelen    25

de weduwe van Jacob Jansz.    35

Ariaen Jansz. bakker   18-15

Jan Willem Nijssen huurt van de weduwe van Jan Jansz.      10

f. 200v

Sijbert Cornelisz. brouwer huurt van zijn vader     72

Pieter Willemsz. bakker     16-5

Pieter Govertsz. Diemers [smid]   12

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 45 e.v.: op 2 mei 1605 verkoopt Clara de With, geassisteerd met Nicolaes de With, raad in wette van Dordrecht, en Johan Wilemsz. de With, haar broers, voor 2100 gl. aan Pieter Govertsz. smid een huis, zoals zij dat op 11 mei 1604 gekocht heeft van Laurens Ariensz., welk huis is genaamd "den Engel" en staat aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis "de Vijff Ringen" en het huis van Pieter Willemsz. Waarborgen: Claes Willemsz. de With, raad in wette van Dordrecht, en Jan Willemsz. de With. De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 1385 gl. Borgen: Jacob Govertsz. smid en Bartholomeus Henricxsz. schoenmaker, burgers van Dordrecht.}

Gerit Govertsz. korenkoper  16-5

Erasmus Pietersz. huurt van de weduwe van Willem Nijssen     48

bij de voorgaande in margine: is bij requeste van dato 26 Junij 1608 geremitteert

f. 201

Arent Waelen lakenkoper huurt van burgemeester Ariaen Jansz.     21-5

de weduwe van Jan Joesten     15

Jan Philipsz. lakenkoper     18-15

Jan Willemsz. de With brouwer     42-15

Cornelis van Bel brouwer      50

f. 201v

Dirick Jacobsz. Absou [brouwer]  45

Cornelis Jansz. thesaurier        30

Claes Jansz. van Wesel     35

Gerit Jansz. Mulder      15

Cornelis Thonisz. Praem  12-10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 60: op 28 mei 1605 verkoopt Cornelis Thonisz. Praem aan Arien Pietersz. Vinck, zijn "broeder", een jaarlijkse losrente van 8 gl., verzekerd op een huis, staande op het Spui tussen het huis "den Tuijmelaer" en het huis van Willem Jansz. appelkoper.}

f. 202

Geertgen Jans huurt van Willem Henricxsz.   2-12-6

Thonis Cornelisz. schoenmaker     9-7-6

Thomas Jacobsz. huurt van Gerit Jansz. Mulder     12-10

Frans Ariaensz.   20

Cornelis Ariaensz. lakenkoper     12-10

f. 202v

Dirick Geritsz. in de Bijlen    12-10

de weduwe van Jan Croeswijck    17-10

Floris van Cuijl huurt van Bouwen de Coninck om [675 ponden] tsjaers    22-10

{ORA Dordrecht inv. 1583, f. 10v e.v.: op 5 mei 1603 verkopen Pijeter Henricksz., Adriaen Henricksz. en Franchois Schouteth brouwer, als voogden over de twee kinderen van Franchois Schouteth, verwekt bij Adriana Henricksdr., samen tevens vervangende Cornelis Henricksz. en Henrick Henricksz., hun broers, allen erfgenamen van Neeltge Cornelis Snoeckendr., voor 4090 gl. aan Bouduwijn Coninck Gijsbrechtsz., brouwer en lid van de Oudraad van Dordrecht, een huis bij de Lombardbrug aan de Landzijde, staande tussen het huis van de weduwe van Thomas Willemsz. de With en het Pickelstraatje [Haringstraat], genaamd "de Drie Haringen". De koper is schuldig aan de verkopers een bedrag van 2565 gl.}

de weduwe van Thomas Willemsz. de With     37

de weduwe van Hans Schaers huurt van Aeltgen Roelants    22-10

f. 203

Boudewijn de Coninck     63-10

ORA Dordrecht inv. 739, f. 256v, akte dd 6 okt. 1587: Dirck Stoop Gerbrantsz. is borg voor Bouduwijn [Gijsbertsz.] Coninck, brouwer te Dordrecht, die 1984 gl. schuldig is aan Steven Dionijsz., tollenaar te Gorinchem, wegens de koop van een huis op de Kleine Vismarkt, staande op de hoek van de Lombardstraat en het huis daarnaast.

ORA Dordrecht inv. 739, f. 257, akte dd 6 okt. 1587: Dirck Stoop Gerbrantsz. is borg voor Bouduwijn Gijsbertsz. [Coninck], die 256 gl. schuldig is aan Cornelis Jansz. vaandrig, als voogd van de weeskinderen van Neeltgen Jansdr., verwekt door Willem Dionijsz. en 134 gl. aan Jaepgen Jan int Voskendr., voor zoveel de weeskinderen aangaat ter voldoening van zekere schepenenschuldbrief, die door Steven Dionijsz. op 6 juli 1585 is gepasseerd voor schepenen van Dordrecht ten behoeve van zijn broer Willem Dionijsz.]

Adriaen Henricxsz. lakenkoper   17-10

Cornelis Cornelisz. bakker    20

Bartelmeus Philipsz. lakenkoper huurt van kapitein Vos   27 -10

Gerit Baerthoutsz.    32-10

Pauwels Ariaensz. bakker   15

f. 203v

Reijnier Ariaensz. brouwer    65

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 68 e.v.: op 9 juli 1605 verkoopt Cornelis Jansz., als curator van de boedel van Gijsbert Francken brouwer en Geertruijt Jansdr., diens overleden vrouw, voor 15.100 gl. aan Reijnier Adriaensz. hopkoper een huis met brouwerij, mouterij, rosmolen etc., genaamd "de Goutsblomme", staande [in de Voorstraat] achter het stadhuis tussen het huis van Pouwels Ariensz., raad in wette van Dordrecht, en dat van Franchoijs van den Berch. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 10.412 gl. Borg: Arent Maertensz., ambachtsheer van Schobbelandt.

ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 174 e.v.: op 20 juli 1606 verkopen Jacob Ariensz. Gijselaer en Alewijn van de A, als procuratie hebbende van hun vader resp. behuwd vader, aan Pouwels Jacobsz. een huis, genaamd "den Block", staande in de Voorstraat tussen het huis van Jan Cornelisz. van Beaumondt en dat van de weduwe van Pieter Cornelisz. schrijnwerker. Waarborg: Reijnier Ariensz. hopkoper, die hiervoor als onderpand stelt zijn huis, brouwerij en mouterij, genaamd "de Goutsblomme", staande tussen het huis van Pouwels Ariensz. bakker en dat van Francoijs in de Meriminne [sic]. De koper is schuldig aan verkoper en somma van 2860 gl. Borg: Arien Pietersz.}

Franchoijs van de Berch    16

de weduwe van Jan Laurensz. huurt van Franchoijs van de Berch    7

Neeltgen in de Bruijnvis     15

bij de voorgaande in margine: in surcheantie [5 ponden] als op voorgaende jaeren

Jacob Hermansz. nestelmaker     12

f. 204

Jan Bom brouwer     60

[1604: Jan Bom, brouwer in "het Vergulde Vlies" (in de Voorstraat bij de Visstraat) wordt lid van het Grootschippersgilde te Dordrecht. (H. A. van Duijnen, C. Esseboom, I. Dewald (red.), Water wordt een feest zodra het bij de brouwer is geweest. Dordtse brouwerijen door de eeuwen heen. Jaarboek Oud-Dordrecht 2007 [Dordrecht 2007], p. 180)]

ONA Dordrecht inv. 26, f. 305 e.v., 1621: huwelijkse voorwaarden tussen Frans Ruttensz., jongman wonende te Dordrecht, geassisteerd met Johan van Slingelandt Boudewijnsz. en Henrick van Bladegom apotheker, zijn goede bekenden en gewezen voogden, mitsgaders ["Soetgen Ruttensdr., zijn zuster" is doorgehaald] Matheus Apersz. zeilmaker en Abraham Pietersz. Mortijer, resp. zijn zwager en behuwd neef, enerzijds en Janneken Lenertsdr., weduwe van Rocus Andriesz. schipper, geassisteerd met Jan Bom van Cranenburch, brouwer in "het Vlies" en Gerardt Goossensz., haar goede vrienden en notaris Gijsbert de Jager, anderzijds. De bruidegom zal inbrengen 100 ponden groten Vlaams, zijn kleren "ende andere properheden van cleijnodiŽn" en het vruchtgebruik van al zijn overige goederen, "alsoo d'selve goederen belast zijn met fideÔ commis". De bruid zal inbrengen al hetgeen zij op dat moment bezit.]

Jan Ariaensz. bakker    17-10

de weduwe van Henrick de mandenmaker     7-10

de weduwe van Mels Gijsbertsz.      22-10

Cornelis Pietersz. Lith huurt van de dekens van het Viskopersgilde    18-10

[ORA Dordrecht inv. 1593, f. 24 e.v.: op 9 mei 1616 verklaart Willem Jansz. vlaskoper, als procuratie hebbende van Marijken Adriaensdr., weduwe van Jan Govertsz. van der Goude, dat Marijken Adriaensdr. (tegen betaling) aan de dekens van het Viskopersgilde ten behoeve van dat gilde toestaat, dat zij uit hun gildenhuis, staande omtrent de Vismarkt tussen het huis van Willem Adriaensz. bakker en dat van Anneken Melssen, door de straat en door het huis van haar, Marijken Adriaensdr., staande tegenover het gildenhuis tussen het huis van Michiel Augustijnsz. de Gelper en het huis van Sijmon Woutersz., tot in de haven toe, zullen laten graven een "gotier" [riool] om daardoor het secreet en het vuile water van hun gildenhuis te kunnen lozen, alsmede een ander "gotier", waardoor zij ten behoeve van hun gildenhuis en anderen, die het hun gelieven zal, schoon water uit de haven zullen kunnen verkrijgen. "Kent betaelt etc. Promittit quitare."]

f. 204v

Willem Ariaensz. bakker     17-10

Anthonij van Valckenborch    17-10

{ORA Dordrecht inv. 750, f. 151: op 1 okt. 1609 verkoopt Anthonis Lauwerensz. Valckenburch aan Evert Schrevelsz. een huis aan de Vismarkt, staande tussen het huis van koper, genaamd "de Steur", en het huis van Willem Adriaensz. bakker, genaamd "de Meerminne".}

Evert Screvelsz. [van Eijssel] viskoper      23-15

{I. Mon Bartholomeusz. van Eijssel, schepen van Dordrecht 1552, overleden ca. 1555, trouwde Geertruijt van Diemen Jacobsdr., dochter van Jacob van Diemen Gijsbertsz. en Clara van de Poel (Balen, o.c., deel II, p. 1040-1041)

27 jan. 1559: Gerbrandt Dircxsz. [Stoop] verkoopt aan zijn broer Jan Dircxsz. [Stoop] een vierde deel van een huis aan de Poortzijde [Wijnstraat] tegenover de Mattensteiger, staande tussen het huis van Frans Moelen en dat van de weduwe van Mon Bartholomeusz. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 200 gl. (ORA Dordrecht inv. 1537, akten 181 en 182)

30 sept. 1560: Screvel Monnesz., voor zichzelf en tevens vervangende zijn moeder, Geertruijt van Diemen Jacobsdr., verleent procuratie aan Pieter van Bree Cornelisz., o.a. om voor hem haring en andere handelswaar te kopen. (ORA Dordrecht inv. 702, akte 82)

16 mei 1580: burgemeester Willem Stoop Dircxsz., Gerbrant Dircxsz. Stoop en Willem Stoop Dircxsz. de Jonge, als ooms en voogden van de onmondige kinderen van wijlen Jan Dircxsz. Stoop, door hem verwekt bij Lijntge Fransdr., verkopen aan Wouter Cornelisz. zeilmaker een huis omtrent het Groothoofd, genaamd "Zevenbergen", staande tegenover de Mattensteiger tussen het huis van de erfgenamen van Frans Moelen en dat van de erfgenamen van Mon Bartholomeusz. Koper is schuldig aan verkopers een bedrag van 841 gl. Borgen: Marcelis Cruijs en Adriaen Cornelisz. in de Stoer. (ORA Dordrecht inv. 735, f. 277 e.v.)

ORA Dordrecht inv. 736, f. 286: op 30 jan. 1582 compareren Bartholomeus Monnen voor zichzelf, Melchior Veris, als van man van Pieterken Monnendr. en Jan Otten, als man van Anneken Monnendr., samen vervangende Joris Cornelisz.van Schiedam, als man van Fransken Monnendr., allen erfgenamen van wijlen Mon van Eijssel Bartholomeusz., schepen van Dordrecht. Zij verlenen procuratie aan hun broer resp. zwager Screvel van Eijssel Monnesz., hun mede-erfgenaam, om te procederen tegen Adriaen Govertsz. Mosienbroeck en Henrick Pietersz. Meerenburg c.s. aangaande zeker land of aanwas, gelegen aan de Dussen.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 505 en 506: op 11 mei 1584 verkopen Bartholomeus Monnesz. en Joris Cornelisz., wonende te Schiedam, als man van Fransgen Monnendr., aan Dirck Stoop Gerbrantsz. een huis genaamd "Op Steenbergen", nagelaten door Mon Bartholomeusz. en staande op het Groothoofd tussen het huis van Wouter Cornelisz. zeilmaker en dat van Pieter Jansz. van Bree. Waarborgen: Screvel Monnesz. en Melchior Veris.

Kinderen (volgorde onzeker):

a. Bartholomeus Monnen

b. Pieterken Monnendr., trouwde Melchior Veris

c. Anneken Monnendr., trouwde Jan Otten

d. Fransken Monnendr., trouwde Jan Cornelisz., van Schiedam

e. Schrevel van Eijssel Monnesz., volgt II

II. Schrevel Monnesz. van Eijssel, geboren naar schatting ca. 1530, trouwde Janneken Evertsdr.

5 mei 1579: Screvel Monnesz., als man van Janneken Evertsdr., en Margaretha Evertsdr., beiden voor zichzelf en tevens vervangende hun broer Gerrit Evertsz., verkopen voor 2700 gl. aan Franchoijs Clementsz. viskoper, hun zwager, een huis, waarvan het resterende vierde part toekomt aan de koper, als man van Emmeken Evertsdr., staande op de hoek van de Schuitenmakersstraat tussen die straat en het erf van het Oudemannenhuis. Voorwaarde is, dat, indien Franchoijs Clementsz. het huis weer gaat verkopen, de verkopers de keuze hebben het huis over te nemen voor de prijs, waarvoor zij het thans verkocht hebben. (ORA Dordrecht inv. 713, f. 145v e.v.)

ORA Dordrecht inv. 739, f. 98v: verklaring dd 29 jan. 1587 op verzoek van Pieter Jansz. kraankind, uit naam van zijn vrouw, door Mon Screvelsz. viskoper, ongeveer 25 jaar oud, burger van Dordrecht.

ORA Dordrecht inv. 740: op 3 mrt. 1588 verkoopt Schrevel van Eijssel Monnesz., burger van Dordrecht, aan Ghijsbrecht van Diemen Cornelisz. een huis genaamd "Emaus", staande in het Gravenstraatje tussen het huis van Maerten Jan Vos en dat van Pieter Willemsz. kuiper, met de loods daarachter staande, strekkende van voren van de straat af tot aan het erf van jonkheer Pieter van Heerjansdam. Het huis is belast met o.a. een somma van 150 Rijnse gl., welke verkoper schuldig is aan Jan Dircxsz. timmerman wegens de laatste termijn van het erf, waarop het huis staat.

Kind:

a. Evert Schrevelsz. van Eijssel, volgt III

III. Evert Schrevelsz. van Eijssel, geboren naar schatting ca. 1565, van Dordrecht (1593), weduwnaar van Dordrecht wonende op de hoek van de Visstraat (1624), viskoper, overleden in 1630, trouwde 1e NG Dordrecht 11 juli 1593 (ondertrouw) Maricken Jan Marcusdr., van Breda (1593), 2e NG Dordrecht/Papendrecht 7/21 nov. 1593 Maricken van As Cornelisdr., van Dordrecht (1593), 3e NG Dordrecht 18 febr./5 mrt. 1624 Maeijken Damis Jansdr., van Antwerpen wonende in het "Suijkerhuijs" (1624), trouwde 1e Andries Adriaensz. suikerbakker

ORA Dordrecht inv. 1603, f. 73v: op 29 mei 1629 verkoopt Maricken Damis, vrouw van Evert Schrevelsz. van Eijssel, aan Louijs Saulmon en Jaecques Canioncle een tuin met de daarop staande beteling, bepoting, bomen en planten, liggende achter in de Kolfstraat tussen de tuin van Jaecques Canioncle en de erven van de huizen in de Stoofstraat.

ORA Dordrecht inv. 1604, f. 10: op 10 jan. 1630 verkoopt Mariken Daems Jansdr., de vrouw van Evert Schrevelsz. van Eijssel, geassisteerd met haar man, aan Josina Hagers, weduwe van Christoffel van Campen, een jaarlijkse losrente van 36 gl. op een huis op de hoek van de Wijnbrug, genaamd "het Suijckerhuijs".

ORA Dordrecht inv. 1604, f. 42: op 23 aug. 1630 verklaren Schrevel Evertsz. van Eijssel, Cornelis Evertsz. van Eijssel, Govert Rochusz. van Wesel, als man van Elisabeth Evertsdr., en Dirck Kelderman, als man van Neeltgen Evertsdr. van Eijssel, kinderen en erfgenamen van wijlen Evert Schrevelsz. van Eijssel, dat zij de goederen, die hun vader heeft nagelaten, onderling hebben verdeeld. Daarbij is aan Dirck Kelderman toebedeeld een visstal op de Grote Vismarkt.

1626: Evert Schrevels viskoper in de 1000e penning van Dordrecht aangeslagen voor een vermogen van 10000 gl.

Kinderen (ex 2, volgorde onzeker):

a. Schrevel Evertsz. van Eijssel

b. Cornelis Evertsz. van Eijssel

c. Elisabeth Evertsdr. van Eijssel, trouwde Govert Rochusz. van Wesel

d. Neeltgen Evertsdr. van Eijssel, trouwde Dirck Kelderman}

het huis van Jan Aertsz. hoedenstoffeerder    20

f. 205

DaniŽl DaniŽlsz.     6-5

Ghijsbrecht Ariaensz. {Boterton}   7-10

{ORA Dordrecht inv. 1584, f. 105: op 30 nov. 1605 verklaren Jacob Centen en Gijsbrecht Ariensz. Boterton schuldig te zijn aan Goris Maertensz., thesaurier van Dordrecht, ten behoeve van de stad Dordrecht, een somma van 1924 gl. 12 st., zijnde het restant van de pacht van de turfaccijns, "geŽxpireert" op 14 april 1604. Gijsbrecht Ariensz. verbindt hiervoor een huis, staande [in de Voorstraat] omtrent de Vismarkt tussen het huis van Lieven van der Heijden en dat van DaniŽl DaniŽlsz.}

de weduwe van Corstiaen Thonissen verwer     10

Steven Geritsz. viskoper     6

Abram Fransz. huurt van de weduwe van Willem Cornelisz.     6

f. 205v

Sijbert van Welij huurt [sic]     10

Gerit Govertsz. hoedenstoffeerder    11-5

Rocus Jansz.     12-10

Euwout Aertsz. Schut huurt van Cornelis Ariaensz. roeder    18-10

Frans Geritsz. Snouck    21-10

f. 206

Jan Aertsz. koekenbakster [sic]     7-10

Heijltgen Sijmons huurt van Lijn Ockers     15

Gerit Fransz. Snouck   21

Jan Pietersz. Capiteijn bakker  17-10

Jacob Centen kaaskoper   7-10

{ORA Dordrecht inv. 1584, f. 105: op 30 nov. 1605 verklaren Jacob Centen en Gijsbrecht Ariensz. Boterton schuldig te zijn aan Goris Maertensz., thesaurier van Dordrecht, ten behoeve van de stad Dordrecht, een somma van 1924 gl. 12 st., zijnde het restant van de pacht van de turfaccijns, "geŽxpireert" op 14 april 1604. Jacob Centen verbindt hiervoor het huis, waarin hij woont, staande omtrent de Vriesestraat tussen het huis van Jan Pietersz. in de Lantaeren en dat van Jacob Moleschot.}

f. 206v

Jacob Molenschot {koopman}   12-10

{ORA Dordrecht inv. 746, f. 178 e.v.: op 11 nov. 1602 verkopen mr. Niclaes Barthoutsz. en Geerit Jobpen, als erfgenamen van Barthout Barthoutsz., mitsgaders Bartholomeus Willemsz. en Adriaen Apersz. [bakker], als man en voogd van Claerken Willemsdr. en als actie hebbende van Schrevel Willemsz., zijn zwager, Arent Andriesz. voor zichzelf en vervangende Aelken en Mariken Andriesdochters, kinderen van wijlen Aeffken Willemsdr., voor zichzelf en samen vervangende Willem Jacobsz., zoon van wijlen Jacob Willemsz., allen erfgenamen van wijlen Catharina Willemsdr., die huisvrouw was van Barthout Barthoutsz., aan Jacob Moleschot, koopman te Dordrecht, een huis omtrent de Vriesestraat, staande tussen de Vriesestraat en het huis toebehorende aan Marijken de pasteibakster, voor een bedrag van 3100 gl., waarvan 800 gl. contant. Waarborgen: mr. Niclaes Barthoutsz. en Geerit Jobpen. Jacob Moleschot kent schuldig aan verkopers een bedrag van 2300 gl. te betalen met 36 ponden alle jaren op Bamisdag. Borg: Pieter Hagens. Koper kent schuldig aan Bartholomeus Willemsz. wegens koop van de helft van het voornoemde huis een somma van 1150 gl. te betalen met 18 ponden Vlaams alle jaren op Bamisdag. In margine: comp. Adriaen Apersz. bakker voor zichzelf en van wege Bartholomeus Willemsz. tingieter, mitsgaders uit naam van alle andere houders van deze schuldbrief en verklaart, dat de schuld volledig is afbetaald. Derhalve geroyeerd op 17 juli 1614.}

Cornelis Struijs kannenkoper    20

Claes Jansz. capiteijn    13-15

Ariaen Ariaensz. tingieter     10

Thomas Blom in de Schoupen   8-10

{8 april 1591: boedelscheiding tussen Jan Reijersz. in de Schoppen, weduwnaar van Aechgen Hermansdr., enerzijds, en Arien Apersz. bakker en Jan Corstiaensz. glasmaker, als naaste bloedvoogden van Fransken Jansdr., 13 jaar oud, en Marijken Jansdr., 8 jaar oud, nagelaten weeskinderen van Aechgen Hermansdr., bij haar verwekt door Jan Reijersz., anderzijds. Jan Reijersz. behoudt alle goederen, belooft zijn kinderen te onderhouden etc. tot zij twintig jaar zijn geworden en zal hun dan elk een somma van 4 Vlaamse ponden uitkeren. Voor de nakoming hiervan verbindt hij een huis omtrent de Vriesestraat, genaamd "de Drie Schoppen", staande tussen het huis van Corstiaen van der Heijden en dat van Pouwels Dircxsz. viskoper. (ORA Dordrecht inv. 719, akte 1139)}

f. 207

Pieter Fransz. brouwer   48 [doorgehaald is: 56 ponden 10 schellingen]

bij de voorgaande in margine: te laeten volstaen met [48 ponden] ten respecte hij eijgenaer is geworden van Solingen brouwerije

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 83 e.v.: op 30 aug. 1605 verkopen Francoijs Geerolffs, wonende te Middelburg, als procuratie hebbende van jonkheer Dionijs Piron, jonkvrouwe Franchoise Barradots, voor zichzelf en tevens als moeder van haar twee kinderen, bij haar verwekt door wijlen kapitein Jan Piron, juffouw Elisabeth Piron, weduwe van kapitein Charles Rassart, en Casper Nicolai, als man van juffrouw Anna Piron, allen kinderen en erfgenamen van wijlen kolonel Jean Piron, in zijn leven gouverneur en superintendant van de stad Axel, voor 7500 gl. aan Pieter Fransz., brouwer en burger van Dordrecht, een huis met een brouwerij en mouterij daarachter staande, genaamd "den Valck", staande [in de Voorstraat] omtrent de Vriesestraat tussen het huis van Jan Reijersz. [in de Schoppen] en dat van Aernout Servaesz. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 6000 gl. Borg: Franchoijs Schoutet, brouwer en burger van Dordrecht.}

Aernolt Servaesz. in Gent  5-12-6

Euwout Aertsz. zijdelakenkoper huurt van Jan Henricxsz.    28-2-6

de weduwe van Aert Teruwen huurt van Clootwijck     7-10

Jacob Henricxsz. schoenmaker, Jan Ariaensz. Coels huurt van [sic]     15

f. 207v

Jan de Louter    17-10

Opte Gevolde Graft van achteren tot vooren ter slinckerhant

Jan Claesz. hellebaardier   2-12-6

de weduwe van Cornelis Gijsbertsz.   2

Baltesar Kijels    37 schellingen 6 deniers

Pieterken Screvels   2-12-6

f. 208

Frans Claesz. zager    37 schellingen 6 deniers

Jan Florisz. servetwerker     5

Huijch Jansz. huurt van Snouck    2-12-6

Jan Pietersz. Pimpel huurt van Snouck    2-12-6

IJken Jansdr. bewoont in lijftocht     2

bij de voorgaande in margine: in surcheantie soe lange IJcken leeft

f. 208v

Joest Lijevensz. knoopmaker     2

Cornelis Koenen huurt van Berckenbos     2

Jeronimus Diricxsz.      25 schellingen

Hans Huijbertsz. schaarmaker      2-12-6

IJsbrant Henricxsz.       5

f. 209

Huijmen Willemsz.      2-12-6

Jan Stevensz. huurt van Jan van Boucxsel     2-12-6

de weduwe van Thomas Jacobsz.     2-12-6

Henrick Willemsz. huurt van de weduwe van Matijs Ariaensz.     2-12-6

bij de voorgaande in margine: opten 16 Augustij 1607 geremitteert 7 sch. 6 d.

Marijken Jans huurt van Claes Jansz. Cruijenier    2-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [derde] part insurcheantie als op voorgaende jaeren

f. 209v

Cornelis Jansz. huurt van Claes Jansz. Cruijenier, tot laste vande eijgenaer     25 schellingen

de weduwe van Pieter Poortvliet huurt van Claes Jansz.      2-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [derde] part in surcheantie

Caerel Diricxsz. huurt van Mateus Lijevensz.     7-10

bij de voorgaande in margine: 't [derde] part in surcheantie

Cornelis van Bergen, Philips Bortens huurt van Jan Phillipsz. twijnder    7-10

bij de voorgaande in margine: 't derde part vande huijrman is geremitteert

f. 210

Claes Wijcken hellebaardier huurt van de weduwe van Coen Jansz.    3-15

Lijntgen de huikmaakster      5

bij de voorgaande in margine: 15 schellingen in surcheantie als op voorgaende jaeren

Cornelis Jeroensz. kaaskoper      6

f. 210v

Int Vrijesestraet

Evert Henricxsz. bakker      6

Ariaen Pietersz. kleermaker    8-15

Jacob Ariaensz. kaaskoper     7-10

Antonij Jansz. oudschoenmaker     7-10

f. 211

Sijmon Jansz. [in der Velde] landmeter     18

de weduwe van Hans Verschuijren      4

Jacob Pietersz. coomen       3-15

de weduwe van Henrick Panckraets [huurt] van de erfgenamen van Gerit Daenen     4-10

Marijken Henricxsz. huurt van voornoemde erfgenamen       4-10

f. 211v

twee woninkjes van het Weeshuis       nihil

Inden Dwarsganck achter de Blindeluijden

de weduwe van Jacob Centen     2-12-6

Dirick Boudewijnsz. in de Engel      2-12-6

Jan Geritsz. oudeklerenkoper      2-12-6

de zuster van Ariaen Brantsz.     2-12-6

f. 212

Wederomme inde [Vriese]straet

Jan Diricxsz. kleermaker      7-10

Henrick Merckhoff      3

Ariaen Pietersz. bakker Vinck int van Claes Euwoutsz. [sic]    2-12-6

Henrick de With      8-12-6

de weduwe van Tomas Pietersz. glaesmaecker     6

f. 212v

Lijn van Geldere         9

Willem Geritsz. wever       4-7-6

Jan Ariaensz. uitdrager      9

bij de voorgaande in margine: in surcheantie [30 schellingen] als op voorgaende jaeren

Aert Ghijsbrechtsz. kleermaker       5

de weduwe van Ariaen Cruijs      12

bij de voorgaande in margine: in surcheantie als op voorgaende jaeren

f. 213

mr. Lambert schoolmeester      10

Jan Henricxsz. haakmaker     7-10

Jan Cornelisz. touwer       9

Herman Corstiaensz.     7-10

In de dwarsgang

Dirick Matheusz.       25 schellingen

[NB: de schrijver van dit register heeft bij de nummering van de bladen per abuis f. 213v en 214 overgeslagen]

f. 214v

Gerit Diricxsz.     20 schellingen

de weduwe van Jacob Lauwen      25 schellingen

Aende ander sijde

Hans Vos kleermaker     37 schellingen 6 deniers

Sander Joesten provoost       3

Cornelis Cornelisz. huurt van Rocus Jansz.    4-10

f. 215

Aerent Chepper [Schepper] huurt van Bonckelwaert     4-10

Wederomme inde [Vriese]straet

Willem Jansz. coomen met het huisje in de straat    10

Aert Crispijnsz.       8

Gillis Mertensz. metselaar      2-12-6

f. 215v

Ariaen Thonisz. metselaar    2-12-6

IJsack Massoijs      3-15

Huijch Tonisz. timmerman      3-15

Euwout Aertsz. [Schut] kuiper     5

Gillis Sandersz. met het huisje achter      6

bij de voorgaande in margine: de [2 ponden] vant cleijn huijsken sijn bij mijn Ed. heeren geremitteert

f. 216

Joest Cornelisz. Doot timmerman       2-12-6

Cors Geritsz. viskoper     6-5

Lammert Bastiaensz.       2-12-6

Cornelis Aelbertsz. sledenaar       2-12-6

de weduwe van Thonis de kramer voor de woningen    6

f. 216v

de woningen van de swarte mannekens gaen om godtswille    nihil

[4 aug. 1586: Neeltgen Cornelisdr., weduwe van DaniŽl Aertsz. linnenwever, enerzijds en Lenert Jansz. schuitenaar, als oudoom en voogd van Ariaentgen DaniŽlsdr., ongeveer 10 jaar oud, dochter van DaniŽl Aertsz., verwekt bij Neeltgen Cornelisdr., anderzijds, verdelen de goederen, nagelaten door DaniŽl Aertsz. De weduwe behoudt alle goederen en zal in ruil daarvoor haar dochter alimenteren en opvoeden tot haar achttiende jaar en dan gehouden zijn haar niet meer dan 1 pond Vlaams uit te keren, "overmits den soberen staet van de boel ende dat sij noch twee kinderen den tijde van twee jaeren heeft gealimenteert." Zij verbindt voor de nakoming hiervan de helft van een huis in de Vriesestraat, staande tussen het huis van Philips Tijelmansz. en het huis, genaamd "de Swarte Mannekens." (ORA Dordrecht inv. 717, f. 34 e.v.)]

Jan Willemsz. Muts huurt van Rocus Jansz.       6

Abram Ariensz. bakker     2-12-6

Dirick Jacobsz. huurt van Herman Corstiaensz.    7-10

Prince de timmerman huurt van Herman Corstiaensz.     3

f. 217

Jan Michielsz.      2-12-6

Henrick Cornelisz. timmerman      5

Claes Mertensz. timmerman       2-12-6

Jan Geritsz. huurt van Lenert Sijbertsz.     2-12-6

Thonis Henricxsz. wollewever huurt van Lenert Sijbertsz.     5

f. 217v

Claes Jansz. knoopmaker huurt van Gerit Beenen, tot laste vande eijgenaer    20 schellingen

Jan Aertsz. wollewever huurt van burgemeester Beveren     3-15

Pieter Joesten huurt de tuin van de burgemeester       5-12-6

bij de voorgaande in margine: t [3e] part in surcheantie als op voorgaende jaeren

Michiel Mostert huurt van de erfgenamen van Jacob Ariaensz. met het huis daarnaast        14-17

Cornelis Cornelisz. drager    2-12-6

f. 218

Dircxken Jansdr.      nihil

Janneke Lenders huurt van Cornelis Mesjan     2-12-6

Aende Vest

Geertgen Abrams, een oud vrouwtje       3

bij de voorgaande in margine: in surcheantie soo lange sij leeft als op voorgaende jaeren

Jan Ariaensz. Bout huurt van Tonis Roecken      8-5

bij de voorgaande in margine: is opten 8 december 1608 geremitteert totte jaere 1608 incluijs

Henrick Henricxsz. lijndraaier      3

Pieter Jacobsz. twijnder huurt van Cornelis Ariaensz. Both    5

Aende ander sijde

Neeltgen Huijberts huurt van Tonis de kramer     2

Maijcken Claes huurt van Tonis de kramer, tot laste van de eijgenaer    2-10

f. 219

Henrick Claesz. zager en Cornelis Jansz. huren van de weduwe van Willem Stoffelsz.        6-10

Ariaen Ockersz. sledenaar       35 schellingen

Ariaen Jansz. wollewever        4-12-6

Gerit Jochemsz. huurt van Willem Muts      2-12-6

een oud vrouwtje, weduwe van Jan Geritsz. kalkdrager  [geen bedrag vermeld]

Over de brug

Jan Jansz. zager huurt van de weduwe van Claes Jansz. Borstel     3-15

f. 219v

Sijmon Tijssen huurt van Quijntijn de bakker       3-15

Willem Govertsz. drager      3-15

bij de voorgaande in margine: is opten 17 april 1609 geremitteert

Joest Joestensz. huurt van Herman Corstiaensz.       7-10

bij de voorgaande in margine: in surcheantie 25 schellingen als op voorgaende jaeren

Luijcas Luijcasz., als eijgenaer volgende dispositie op 1605 folio 221      5

Willem Willemsz. wollewever      7-7-6

f. 220

Goris Pietersz. hoemaecker     5-8

Cornelis Huijbertsz. droogscheerder     2-12-6

de weduwe van Jacob Woutersz.      2-12-6

bij de voorgaande in margine: in surcheantie soo lange sij leeft als op voorgaende jaeren

Huijch Jacobsz. bakker      6-5

Lambert Govertsz. spelmaecker      37 schellingen 6 deniers

f. 220v

Cornelis Jansz. wollewever      4-5

Aelbert Fransz. molenaar     11-5

Jan de Wael leertouwer     2-12-6

Aeffken Hermansdr.      2-12-6

de weduwe van Cornelis Jansz. kuiper     3-15

f. 221

Laurens Cornelisz. wollewever    2-5

de Plouch Capel       nihil

["In 1410 wordt "die plage capelle"genoemd. ... Het was een oude vestigingsplaats van de cellebroers, die de pestlijders, dat zijn lijders aan de "plaach" of pest, verzorgden ... Toen er een nieuwe gracht gegraven was en de [Vriese]straat al te zeer bebouwd werd, verplaatste men de cellebroers naar de Dolhuisstraat ... en bracht men de kapel binnen de Oudegracht, want over die Oudegracht begon immers het "wilde leven". Toen vergat men de pestlijders en ontstond de naam Plouchkapel. Tijdens de pest of plaach moesten de mensen uit de besmette huizen ter kerke gaan en mis horen in de Ploechkapel achter in de Vriesestraat. [Na de Hervorming (1572) gaven de dekens en overmannen van de Ploechkapel hun gehele bezit, met uitzondering van het altaar en de beelden, aan het gasthuis. In strijd met de toen gesloten overeenkomst besloot het gasthuis in 1612 de kapel voor afbraak te verkopen. Op dezelfde plaats bouwde men vijf woningen van "geringe architectonische waarde". (Lips, o.c., deel II, p. 455-456)]

Joestgen de weduwe van Ariaen Thonisz.      2-12-6

Ariaentgen Fransdr.    37 schellingen 6 deniers

Wouter Aertsz. metselaar     4-7-6

f. 221v

Jaepken in de Leijhamer    5

[23 nov. 1587: Willem Jansz. leidekker, waard in "de Leijhamer" [herberg bij de Tolbrug (ORA Dordrecht onv. 717, f. 255v, akte dd 6 aug. [sic] 1587)], als man van Jaepken Aertsdr., transporteert aan Hubert Sluijmer, boomsluiter aan het Groothoofd, een huis in de Wijngaardstraat aan de landzijde, staande tussen het huis van Stijn Jacobsdr., weduwe van Pouwels de schoenlapper oostwaarts en dat van Jan de Veer westwaarts, welk  huis hij, Willem Jansz, heeft gekocht van Pieterken Dircxsdr., weduwe van Frans Moelen. (ORA Dordrecht inv. 717, f. 230)]

Jan Jansz. wever    3-15

bij de voorgaande in  margine: in surcheantie 25 schellingen als op voorgaende jaeren

Wouter Ariaensz. bakker 3-15

Cornelis Woutersz. in de Kerper    10

Franck van Bonckelwaert      10-10

f. 222

In de dwarsgang

Huijch Jacobsz. voor 2 woningen     3

de weduwe van Ariaen Huijgen bakker     10

Thomas Thonisz. metselaar     5-12-6

Jasper Pietersz. coomen      5

Jasper Ariaensz. kleermaker     37 schellingen 6 deniers

f. 222v

Jacob Engelen huurt van de weduwe van Claes Ariaensz. houtzager    2-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie als op voogaende jaeren

Henrick Bastiaensz. kleermaker    37 schellingen 6 deniers

Pieter Faes schrijnwerker     6-5

de weduwe van Jan Aertsz.     6-5

Huijbert Cornelisz. lakenkoper     10

f. 223

Adam Mostert     7-2

3 woningen van de Slingelanden gaen om godtswille    nihil

Diricxken Govertsdr. van Beaumont       7-10

de weduwe van Jan Visscher huurt van de stad    nihil

Herman Cornelisz. huurt van de stad     nihil

f. 223v

de weduwe van de Kijevit huurt van de stad    nihil

Marijken Pieters huurt van de stad    nihil

Frans Verschuijeren huurt van de stad    nihil

Pieter Goffa huurt van Cornelis Reijersz.      5-12-6

de weduwe van Jan Jansz.     2-12-6

f. 224

Tijelman Michielsz.      5

Barent Mercus goudsmid      8-15

Dirick Diricxsz. Coeijeman       8

Pieter Pietersz. kleermaker      5

Philips Bortens huurt het huis de Drie Kandelaars van Claes Jansz. Cruijdenier     10

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part vande huijrman is opten 11 december 1610 geremitteert sijnde [3-6-3]

f. 224v

Martijntgen Willems huurt van Neesken Ghijsbrechts      5

In de Visstraat ter slincker hant

De gevelsteen van het Sacramentsgasthuis in de Visstraat bevindt zich tegenwoordig in het Albert Schweitzer Ziekenhuis te Dordrecht. Op de steen eronder staat Psalm 41 vers 2: "Wel dien die hem des nootdruftighen aenneemt: dien sal de Heere verlossen in der booser tyt".

Lijsbet Pieters huurt van het Gasthuis    nihil

mr. Willem van Asperen     3

Henrick Willem Foppen huurt van de stad     6

f. 225

Aeltgen Jans van Vlijet     3

Jan Matheusz. metselaar      4-10

Corstiaen Pietersz. glaesmaecker       2-12-6

Pieter Cornelisz. huurt van Jan de Vlijers dochter   3-12-6

Pieter Carel bakker     6

f. 225v

In de Sarisgang

Philips Gillisz. kleermaker    25 schellingen

Jan Pietersz. Romp     2-12-6

de weduwe van Henrick Segersz.     37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Ariaen Willemsz. kuiper      2-12-6

f. 226

de weduwe van Claes Jansz.      2-12-6

bij de voorgaande in margine: mach volstaen met [15 schellingen] als op voorgaende jaeren

Rombout Romboutsz.     2-12-6

Joris Leder[s] verwer      2-12-6

Bartelmeus Willemsz. wever      5

Aan de andere zijde

Lijntgen Pietersdr.    nihil

f. 226v

de weduwe van Willem Andriesz.     3-2-6

Gerit Romboutsz.       3

Bruijn Otten kleermaker     3

Cornelis Pietersz. metselaar     2-12-6

Aert Lucasz. stoeldraaier       2-12-6

f. 227

Jop Gillisz. timmerman       2-12-6

Cornelis Pietersz.      2-12-6

den Caertsetter huurt van Jan Diricxsz.     2-12-6

Embrecht Jansz. drager [omroeper]    2-12-6

Voor het Bagijnhof

Claes Jansz. schoenlapper      6

f. 227v

de weduwe van Evert Willemsz.      2-12-6

Joest Joesten kleermaker     4

[NG trouwboek Dordrecht 22 dec. 1619: Bruijn Otto provoost van Zwolle wonende in de Vriesestraat en Janneken Geraerts van Roosendael weduwe van Joost Joosten kleermaker wonende voor het Bagijnhof, getrouwd in Zwijndrecht op 18 jan. 1620]

Jacob Woutersz.      2-12-6

Gijsbrecht Geritsz. in den Ruijter     5-5

Ariaen Cornelisz. timmerman    3-15

f. 228

mr. Jasper van Hartvelt     8-2

bij de voorgaande in margine: mach als eijgenaer volstaen met [5 ponden 10 schellingen] als opte voorgaende jaeren

Andries de Reijger verwer voor de verwerije     9-7-6

Mathijs de zandman     30 schellingen

Andries de Reijger     2-12-6

Bastiaen van Solingen     5

f. 228v

Joest Ariaensz.     3-15

de weduwe van Pieter Joppen, pro deo      nihil

Steven de vleeshouwer     35 schellingen

Jacob Geritsz. huurt van [brouwerij] 't Rijplant     12

Goessen Henricxsz. huurt van Pel     5-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part vande huijrman is opten 20 aug. 1606 geremitteert

f. 229

Henrick Ambrosius huurt van Slijpen erfgenamen      7

Schalck Pietersz. huurt van de weduwe van Floris Lendertsz.     6

Jan Sandersz.      2-12-6

Michiel Jansz.      2

f. 229v

de weduwe van Dirick Cornelisz. drager       nihil

Jan Beaulogijer huurt van de weduwe van Henrick Jansz. klapper      3-15

Jan Jansz. van Pluvieren huurt van de weduwe van Ariaen Jansz.    2-12-6

Melis Anthonisz. huurt van het Oudemannenhuis      2-12-6

Jacob Cuijper huurt van het Sacramentsgasthuis     2-10

f. 230

Over de brug

Josep Henricxsz. huurt van Wouter Lenertsz.     3-15

Wouter Lenertsz. op de hoek van de Vleeshouwersstraat bakker, voor de woningen     4

Joest Jacobsz. wever, gekocht een huisje van Aeltgen Wouters    20 schellingen

Frans Alewijnsz. voor de tuin     7-10

Marijken Aerts huurt van Steven den Bour    20 schellingen

Inde Raemt

de dochter van Henrick van Neck      5

de weduwe van Balten Mateusz.     7

f. 230v

Jacob Corssen voor de molen [de Hoogmoed]     12

Pieter Aertsz. voor de molen [het Raaphout]        12

Jacob Corssen voor het huisje    2

Op het Bagijnhof

Willem Jansz. poortier     2-12-6

Pel Aertsz., bleekveld, staat leeg      37 schellingen 6 deniers

[Pel Aertsz., bleker te Dordrecht, trouwde voor 1594 Lijsbeth Jansdr.

Uit dit huwelijk (o.a.):

a. Aert Pellen, geboren naar schatting ca. 1600, bleker te Dordrecht

NG trouwboek Dordrecht 26 nov. 1628: Aert Pellen bleker jongman van Dordrecht wonende buiten de St. Jorispoort en Pieterken Pietersdr. Schuijten van Budel wonende buiten de spuipoort, getrouwd op 10 dec. 1628]

de weduwe van Ariaen Henricxsz.     37 schellingen 6 deniers

f. 231

In de Raamstraat

Jacob Jansz. timmerman      2-12-6

Baertgen Ariaensdr. huurt van Lijn Ockers    2-12-6

de stal van Ariaen Diricxsz. vleeshouwer      3-15

Corstiaen Leenertsz. leertouwer      2-12-6

f. 231v

Susanna Thonisdr.      37 schellingen 6 deniers

het vethuis van Aert Jacobsz. in de Calomme      3-2-6

de weduwe van Govert Andriesz. schipper      2-12-6

Ariaen Willemsz. voor de stal      3-2-6

Job Jansz. wever huurt van Henrick Woutersz.      2-10

bij de voorgaande in margine: mach volstaen met [2 ponden] als op voorgaende jaeren

f. 232

de weduwe van Jacob Rutten huurt van Henrick Woutersz.     2-10

Henrick Woutersz.      2-12-6

het vethuis van Huijbert Jacobsz.     3-15

Cornelis Mateusz. [koolmeter] huurt van Jacob Hermansz.     3-2-6

de weduwe van Huijbert Jacobsz., Cornelis Lendertsz. voor zijn vethuis, nu op de Hil      3-2-6

f. 232v

Lijntgen Crijnen voor het vethuis van Bastiaen Fransz.    2-12-6

Pieter Huijbertsz. zager       2

de weduwe van Adam Adamsz.      2

Dirck Cornelisz. Calff     37 schellingen 6 deniers

Int Cousken

het vethuis van de erfgenamen van  Jacob Cornelisz.     37 schellingen 6 deniers

f. 233

het vethuis van Bartelmeus Henricxsz.      2

Henrick Michielsz. in de tuin van Lijer Sijon       3

[NB: Lijer is vermoedelijk vervangen door Sijon, maar niet doorgehaald.]

Anthonis Ariaensz. makelaar voor de woningen van de man van Coelen      8

Gleijn Geritsz. huurt van Schickop      30 schellingen

f. 233v

Joris Baltensz.     30 schellingen

Cornelis Lendertsz. schoenmaker      30 schellingen

Ariaen Pietersz. drager    35 schellingen

Thonis Ariaensz. bierdrager huurt van Baptista van Lijer     2

Jan Diricxsz. lintwercker in de tuin van Lijer     5-12-6

f. 234

Ghijsbrecht Jansz. wever      30 schellingen

Willem Willemsz. spelmaecker     30 schellingen

Willem Pietersz. wever     30 schellingen

het bleekveld van Ja [IJa] Luijcas   5-2-6

de weduwe van Louwijs DaniŽlsz. huurt van Ja Luijcas     2

f. 234v

6 huisjes "die alle tijt met nijet gestaen hebben"    nihil

Lendert Cornelisz. Schickop     30 schellingen

Lijsken Wouters, een oud vrouwtje       25 schellingen

bij de voorgaande in margine: in surcheantie als opte voorgaende jaeren

de tuin van de Haerinck      37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Merten Joesten      4-2-6

f. 235

Corstiaen Leerse huurt van Cornelis Ariaensz. Both     8

Marijken Ariaensdr.     25 schellingen

de tuin van Franck Ariaensz.      25 schellingen

Opte Elffhuijsen

de volmolen [van de Sperwer] van de erfgenamen van Willem Geritsz.    3-15

Claes Hermansz. [korenmeter]      35 schellingen

f. 235v

Jan Jansz. metselaar     35 schellingen

Lendert Jansz. volder         2-10

Marijken Ockeren       nihil

Bastiaen Ruwel       7-10

Jacob Ariaensz. munter      2

f. 236

de weduwe van Cornelis Gleijnen     37 schellingen 6 deniers

Thonis de bierdrager      3-15

Hans Ariaensz. passementwerker      3-15

Ariaen Pietersz. verwer met het huisje daarnaast   21-17-6

onder de voorgaande staat: ende noch alsoo dese verwerij in huijre gebruijct wort 11-2-6

Bij de Spuipoort

Gerit Pietersz. in 't Hert      15

f. 236v

Wederomme daer St. Laurenscapelle gestaen

Ariaen Pietersz. schoenlapper huurt van de weduwe van Cornelis Aertsz.   3

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part is in voorgaende boucken in surcheantie

de weduwe van Ariaen Soetmansz.      10

Neeltgen Cornelisdr. een oud vrouwtje      30 schellingen

Cornelis Jansz. drager     2-12-6

Jan Wemmersz. kuiper      2-12-6

f. 237

Anthonij binnen tlant     3-15

Jan Jansz. drager    [geen bedrag vermeld]

Pieter Stockmans drager     nihil

Ariaen Pietersz.   [geen bedrag vermeld]

Sijken Nijssen    nihil

bij de voorgaande in margine: dit is een huijs

Pieter Jansz.      25 schellingen

Inde Raemstraet

Henrick Tonisz. huurt van Schout drager     2-10

f. 237v

Lijeven Lindeman verwer       9-12

Crijn Segersz. slickwercker      2-12-6

Pieter Henricxsz. bierdrager        2-12-6

de weduwe van Gerit Bastiaensz.     2-12-6

Jan Jansz. bakker huurt van de erfgenamen van Gerit Rutten      4-10

f. 238

Wouter Monnen huurt van de erfgenamen van Gerit Rutten    4-10

Dingentgen Cornelisdr. huurt van de erfgenamen van Gerit Rutten    3-15

Marijken Herbertsdr.     3

een huisje van het klooster [het klooster Bethlehem van de Cellezusters of Broodzusters]    nihil

de Brootsusteren     nihil

f. 238v

Henrick Claesz. spelmaecker      3-2-6

de weduwe van Jan Geritsz., pro deo     nihil

de stal van Aert Cornelisz.     2-12-6

Jan Hesselse Vogel      2-12-6

Daen Joosten wever      2-12-6

f. 239

Jan van Geel drager    2-12-6

Thobias Ariaensz.     2-12-6

Inde Breestraet

Dirick Jacobsz. schuitenmaker      5-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie als op voorgaende jaeren

Jan Govertsz. verwer huurt van Jan van Wels     3-15

Pieter Woutersz. huurt van Jan van Wels    2-12-6

f. 239v

Mels Lendertsz. kuiper     6

Henrick Jansz. huikmaker      5

de weduwe van Snouck Henricxsz.     5

Herbert Jansz. wever     5

de weduwe van Aert Schut     3-15

f. 240

Pieter van Doren     9

Thonis Fransz. Schut kuiper       5-12-6

Jacob Vos timmerman     5

Jacob Meusz. wagenmaker     5

de weduwe van Willem Thonisz. bierdrager      7-10

f. 240v

het Taenhuijs     nihil

Jan Geritsz. sledenaar       3-2-6

Henrick Gleijnen kuiper      3-12

Meus Fransz. huurt van Frans Cornelisz. werkman     6-7

Wouter Ariaensz. in de Ramshooren      11-5

f. 241

Pieter Bouwensz. koperslager     9-7-6

Jan Willemsz. wollewever       4-4

[de voorgaande inschrijving is doorgehaald, in de marge staat: is hijer te veel gestelt]

Frans Cornelisz. kuiper in het huis van Jan Willemsz. wolle[wever]      4-4

Aelbert Jansz. kuiper     5

de weduwe van Jan Hillebrantsz.    6

f. 241v

de weduwe van Jan Danckersz.     5-12

Ariaen Cornelisz. Trochgen     8-15

Jacob Anthonisz. Wijcken      5

de weduwe van mr. Eeuwout Aertsz.      3-15

Jan van Nes huurt van Jan Jaspersz.     7-10

f. 242

Jan Louff kuiper     2-12-6

Cornelis Willemsz. schiptimerman      4

Willem Jaspersz. wagenmaker       4

Philips Paeijeman     8-15

Ghijsbrecht Bastiaensz. molenaar    7-10

[Ghijsbrecht Bastiaensz. werd later predikant. Hij en zijn gezin waren opvarenden van het VOC-schip "Batavia" dat op 4 juni 1629 verging bij de Houtman Abrolhos voor de kust van West-AustraliŽ. Zijn vrouw en al zijn kinderen, behalve de oudste dochter Judith Gijsbrechtsdr., werden daar door muiters vermoord. (M. Dash, De ondergang van de Batavia [Amsterdam 2002], passim)

Genealogie:

I. Bastiaen Ghijsbrechtsz., van Dordrecht, geboren naar schatting ca. 1550, molenaar in het Steegoversloot (50e penning, f. 64v), trouwde NG Dordrecht april 1575 Haesken Jansdr., van Dordrecht.

- 26 aug. 1606: Gijsbrecht Bastiaensz. molenaar, Jan Bastiaensz. schrijnwerker en Henrick Gillisz. Stierman, voor zichzelf en tevens vervangende Pieter Willemsz. wijnkuiper, als voogden over de onmondige kinderen van Willem Bastiaensz. en [tevens als voogden over] Agniet Bastiaensdr. en Huijgo Bastiaensz., verkopen aan Anthoni Anthonisz. schrijnwerker een huis in het Steegoversloot, staande op de hoek van de Hofpoort, strekkende voor van 's Herenstraat tot achter aan de muur van het Hof. Waarborgen: Gijsbrecht en Jan Bastiaensz. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 700 gl. Borgen: Cornelis Fleurisz. en Cornelis Francken. (ORA Dordrecht inv. 748, f. 179v)

- 10 juni 1613: Gijsbert en Jan Bastiaensz. voor zichzelf en vervangende Willem Bastiaensz. en Agneta Bastiaensdr., hun broer en zuster, mitsgaders Henrick Gillisz. Stierman en Pieter Willemsz. Cranenburch, beiden in hun hoedanigheid van testamentaire voogden over Hugo Bastiaensz., onmondige zoon van wijlen Sebastiaen Gijsbrechtsz., verkopen aan Anthoni Anthonisz., schrijnwerker en burger van Dordrecht, een erf met hetgeen daarop "getimmerd" staat, staande en gelegen in het Steegoversloot tussen het huis van koper en dat van Herman Aertsz. Waarborg: Gijsbert en Jan Bastiaensz. Koper kent schuldig aan verkoper een somma van 500 gl. (ORA Dordrecht inv. 754, f. 68v e.v.)

Kinderen

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht; volgorde deels onzeker):

a. Jan Bastiaensz., geboren naar schatting ca. 1575, van Dordrecht (1600), schrijnwerker aldaar (zie hierboven f. 143), trouwde NG Dordrecht 2/16 jan. 1600 Peterken Anthonisdr., van Dordrecht (1600)

b. Gijsbert (Gijsbrecht) Bastiaensz., geboren naar schatting ca. 1580, volgt II

c. Willem Bastiaensz., overleden in of vůůr 1606

d. Elijsabeth, 1581

e. Cornelis, 1583

f. Agneta Bastiaensdr., geboren naar schatting ca. 1585

g. Elijsabeth, 1588

h. Hugo Bastiaensz. (van de Meer), 24 febr. 1595, van Dordrecht (1626), twijnder aldaar, weduwnaar van Dordrecht wonende bij de Nieuwbrug (1631, 1637),  trouwde 1e NG Dordrecht 22 mrt./21 april 1626 Adriaenken van Wassenhoven Michielsdr., van Bommel, weduwe van Pieter van den Broecke lakenbereider (1626), overleden ca. 1630, 2e NG Dordrecht 30 nov./14 dec. 1631 Anneken Verelst Willemsdr., van Dordrecht, wonende op de Nieuwe Haven (1631), 3e NG Dordrecht 23 aug./8 sept. 1637 Margareta van der Velde, van Rotterdam, weduwe van Joh. Fortreij chirurgijn, wonende op de Hil te Dordrecht (1637)

- 8 febr. 1652: "Daniel Paludanus en Huig Bastiaansz. zyn by Sententien van den Hove ... ter zaake van onbehoorelyke vergaderingen en oproerige discoursen tegens de Regeering der Stad Dordrecht, de voorsz. Stad, en drie mylen in het rond ontzegt". (Nieuwe Nederlandsche Jaarboeken [Leiden 1784], p. 1864)

Kinderen (ex 1):

h-1. Barbara van de Meer, gedoopt NG Dordrecht mrt. 1627

h-2. Sebastiaen van de Meer, gedoopt NG Dordrecht aug. 1629

Kind (ex 2):

h-3. Willem van de Meer, gedoopt NG Dordrecht okt. 1632

II. Gijsbrecht (Gijsbert) Bastiaensz., geboren naar schatting ca. 1580, van Dordrecht (1604), molenaar in het Steegoversloot (1604), eigenaar van een rosmolen in de Breestraat, ouderling van de NG gemeente te Dordrecht, later (vermoedelijk vanaf 1628) predikant, overleden Banda (Nederlands Oost-IndiŽ) voorjaar 1633, trouwde 1e NG Dordrecht 18 jan./10 febr. 1604 Maeijcken Pieter Dionijs Schepensdr., van Dordrecht (1604), vermoord op de Houtman Abrolhos 1629, 2e Batavia juli 1631 Maria Cnijf, weduwe van de deurwaarder van Batavia (Dash, o.c., p. 94 e.v., en p. 293)

- 7 mei 1604: Neeltgen Willemsdr., weduwe van Cornelis Gillisz. molenaar, verkoopt aan Gijsbrecht Bastiaensz. molenaar een rosmolen in de Breestraat, staande tussen het huis van Philips Paeijman en dat van Jacob Adriaensz. molenaar. Waarborgen: Gillis Pietersz. huistimmerman, Claes Pietersz. zijdekramer en Adriaen Joesten lijndraaier. (ORA Dordrecht inv. 747, f. 95

- 21 juni 1604: Anthoni Jansz. van der Elst en Gijsbert Bastiaensz. molenaar zijn borgen voor Jan Bastiaensz. schrijnwerker, die een huis koopt in het Steegoversloot. (ORA Dordrecht inv. 747, f. 114v) 

- 1626 (1000e penning Dordrecht, f. 121): Gijsbert Bastiaens molenaer [in de Breestraat], nihil habet (4 ponden is doorgehaald)

- 1626 (verponding Dordrecht): Gijsbert Bastiaensz. molenaar betaalt 7 ponden 10 sch. voor zijn huis in de Breestraat (met de aantekening: is ontvangen op 9 jan. 1629). Belenders: Jan Pietersz. Cruijskercken en Jaecques Plattebeurs. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3970, f. 193 e.v.) 

Kinderen (allen NG gedoopt te Dordrecht; Bastiaen was, toen hij werd vermoord ,23 jaar oud [Dash, o.c., p. 189]):

a. Bastiaen Gijsbertsz., geboren ca. 1606, VOC-assistent, vermoord juli 1629

b. Judith Bastiaensdr., 1608, kinderloos overleden na okt. 1635, mogelijk te Dordrecht, trouwde 1e Pieter van der Hoeven, 2e Helmich Helmichius, van Utrecht, predikant, overleden Ambon 1634 (Dash, o.c., p. 294 e.v.)

c. Pieter Bastiaensz., 1610, vermoord juli 1629

d. Hester Bastiaensdr., 1612, jong overleden

e. Willemijnke Bastiaensdr., 1614, vermoord juli 1629

f. Johannes Bastiaensz., 1615, vermoord juli 1629

g. Agnete Bastiaensdr., 1618, vermoord juli 1629

h. Roelant Bastiaensz., 1621, vermoord juli 1629] 

f. 242v

Jacob Ariaensz. molenaar      2

Jan Olens     2

de weduwe van Pieter Andriesz.      11-5

bij de voorgaande in margine: [3e] part in surcheantie als op voorgaende jaeren

Corstiaen Ariaensz. smid      11-5

bij de voorgaande in margine: is opten 26 Januarij 1604 gestelt op [7 ponden 10 sch.] dit ende naervolgende jaeren alsoo Corstiaen eijgenaer is

Govert Jansz. huurt van IJsack Claesz.      35 schellingen

f. 243

Maerten Carel huurt van IJsack Claesz.      35 schellingen

Ariaen Cornelisz. huurt van IJsack Claesz.      35 schellingen

Jan Jansz. bierdrager      3-15

de weduwe van Thomas Jansz., op Jan van Nes bode      2

bij de voorgaande in margine: in surcheantie als op voergaende jaeren van tragen [= het dragen] van de billietten als opt jaer 1604 ...

In de Lombardstraat

Caerel van Aertrijcke       12-10

f. 243v

Jan Martensz. schrijnwerker     6

de weduwe van Jasper Ariaensz. wagenmaker      3-15

de weduwe van Ariaen Jansz. bakker     6

Sander Henricxsz. schrijnwerker     6-5

Ariaen Thonisz. smid      7-10

f. 244

de weduwe van Egbert Claesz.      10

Aende ander sijde

Jan Jansz. in de Rosenboem     7-7-6

de weduwe van Jan Schalcxsz.        12

Pieter Goessensz. kuiper    6-5

Ariaen Cornelisz. bezemmaker      7-10

f. 245

Wederomme inde Breestraet

Laurens Govertsz.    25 schellingen

Meus Cruijs huurt van Rogier Quirijnen    3

Maerten Jansz. wever        2-12-6

bij de voorgaande in margine: in surcheantie [12 sch. 6 d.] als op voorgaende jaeren

Wijnant Jansz. drager     2-12-6

de weduwe van Wouter Woutersz.   37 schellingen 6 deniers

f. 245v

Dirick Jansz.       35 schellingen

Quintijn Pietersz. [van de Velde] bakker     5

Laurens Cornelisz. timmerman      5

de weduwe van Pieter Claesz.       5

de weduwe van Frederick Cornelisz.      5

f. 246

Cornelis Jansz. wever huurt van Nederhoven      7-10

Henrick Aertsz. glaesmaecker     8-9

de weduwe van Salario huurt van de weduwe van Jan Pietersz.    7-10

[1585: Michiel Salario pacht de slagroede van de erfhuizen voor de periode 1585/1586 voor 216 ponden 9 sch. 6 d. Vlaams. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 2607, f. 5)]

Samuel Jansz. huurt van Jan Aertsz. of Cornelis Jansz. van Munster    7-10

het werkhuis van Jonas Cruijs      2-12-6

f. 246v

In de Visstraat

de weduwe van Jacques Teruwen      11-5

Gerit Damisz. kuiper huurt van de erfgenamen van Jan Diricxsz. schrijnwerker      5

Gerit Philipsz. wollewever     4-2

Staes Ariaensz. kuiper      5

de weduwe van Cornelis Thonisz. Kennip      5-12-6

f. 247

de weduwe van Jan Mes      5-12-6

de weduwe van Jan Willemsz. int St. Pieter     10

Jacques Aelwijnsz. voor het zouthuis     3-2-6

Jan Jansz. {Kouck de jonge} in de Bruijnvis      5-12-6

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 148 e.v.: op 12 mei 1606 verkoopt Aert Roovers aan Jan Jansz. Kouck een huis in de Visstraat, genaamd "den Bruijnvis", staande tussen het huis van de weduwe van Mels Gijsbrechtsz. en het zouthuis van Jacob Allewijnsz. Waarborg: Jacob Jaspersz. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 950 gl. Borgen: Reijnier Ariensz. hopkoper en Cornelis Ariensz. viskoper.}

Gerit Jansz. coomen huurt van de weduwe van Mels {Gijsbrechtsz.} de coomen     8-1-6

f. 247v

Jan Jaspersz. coomen met het huis daarnaast   14-10

Huijch Cornelisz. Nout     5-12

de weduwe van Anthonij Henricxsz.     5-12

[Dit is het huis genaamd "het Cromhout": ORA Dordrecht inv. 745, f. 197 e.v.: op 12 juni 1600 verkopen Arien Claesz., als man van Mariken Baerthoutsdr., en Arien Pietersz. Boon voor 450 gl. aan Claes Ouwensz. van Gorchum [Gorinchem] de helft van een huis genaamd "het Cromhout", staande in de Visstraat tussen het huis van Nout Cornelisz. viskoper en dat van Joris Celi Engelsman. Waarborg voor Arien Pietersz. Boon: voornoemde Arien Claesz. De koper is schuldig aan Arien Pietersz. Boon wegens koop van 1/4 part 214 gl., waarvan te betalen aan Cornelis Woutersz. bierdrager 173 gl. en aan Arien Pietersz. Boon 41 gl. Borg: Anthoni Henricxsz. van den Beemt.]

de weduwe van Jorge Celij    7-10

achter Evert Screvelsz.    nihil

f. 248   vacat

f. 248v

In de [Grote] Spuistraat

Pieter Cornelisz. kleermaker     5-12

het huisje achter Cornelis Ariaensz. in de Garaetappelen [Granaatappelen]  3-15

Pieter Tonisz. sloetmaecker   5-12

Lijsken Pieters huurt van Floris Lendertsz.    7-2-6

f. 249

Cornelis Henricxsz. bakker      7-10

de weduwe van Servaes Luijcas      6-5

Pieter Aelbertsz. hoemaker        6-5

Sijmon Pietersz. smid     7-10

Michiel Cornelisz. timmerman     3-15

{NG trouwboek Dordrecht 27 sept. 1609: Michiel Cornelisz. huistimmernan weduwnaar van Drimmelen en Heijndricxken Govarts van 's-Hertogenbosch weduwe van Cornelis Pietersz. wonende in de Spuistraat naast Digna Beuijens.}

f. 249v

Ariaentgen Jansdr.     5

Egbert Henricxsz. smid      3-10

de weduwe van Cornelis Ghijssen       3-10

Cornelis Huijmensz. wagenmaker huurt van Gerit Ket     6

Steven Stevensz. smid       7-10

f. 250

de weduwe van Cornelis Diricxsz. huurt van Gerit Geritsz.       3-15

Aan de andere zijde

Ja[n] Lucasz. brugmeester     17-10

{ORA Dordrecht inv. 1584 (nieuw), f. 117 e.v.: op 24 jan. 1606 verkopen mr. Adriaen van Meusienbrouck, licentiaat in de rechten, als man van Anna Elandts, voor zichzelf en tevens vervangende Johan Elandts, zijn broer, en zijn zusters, voor een derde part, Hilleken Gerritsdr., weduwe van Pieter Andriesz. timmerman, geassisteerd met Reijer Gerritsz. korenkoper, samen voor een derde part, en Henrick Verlouff zeilmaker voor zichzelf en tevens namens zijn broer en zusters, voor het laatste derde part, aan kapitein Johan Lucasz. een huis, genaamd "Antwerpen", staande omtrent de Spuipoort tussen het huis van Athanasius Fransz. lakenbereider en 's herengracht. De koper is schuldig aan verkopers een bedrag van 1550 gl. Borgen: Cornelis Jansz. Pel pottenbakker en Jan Joosten van Eijck smid.}

Atanasius Fransz. {lakenbereider}     7-10

Jan Bouwensz. schipper      5

Willem Cornelisz. passementwerker      5

f. 250v

Cornelis Aertsz. glaesmaecker      8-15

Jacques Andriesz. bakker     6-5

Daentgen Jansdr.      5

Jacob Joesten kleermaker huurt van Keth       3-15

Abram Jansz. kleermaker       3-15

f. 251

Frederick de wever daer bij woent Willemken Jordens blinde vrou      nihil

bij de voorgaande in margine: zij geleth off zij noch leeft

Willem Willemsz. schoenlapper huurt van Griet Aert Canten     2-10

Cornelis Pietersz. bierdrager huurt Jan Broer schipper    7-10

Cors de hellebaardier     3

Ariaen Evertsz. smid      4-2-6

f. 251v

Willem Pietersz. viskoper      3-2-6

Henrick Laurensz. visknecht     2-12-6

de weduwe van Gerit Thonisz.      8-15

Fransken van der Ept      5

Jan Corssen schoenlapper     5

f. 252

In de Kleine Spuistraat

Claes Jansz. van Wesel, 2 woninkjes en de tuin, tot laste van de eijgenaer    4-10

Bartelmeus Philipsz. voor de 2 woningen     4-10

de weduwe van Absou, een huisje     3

f. 252v

Tousijn Boudewijns {Tousijn Gillisz.}     2-12-6

Tonis Jansz. wollewever      3-7-6

[ORA Dordrecht inv. 748, f. 133, akte dd 20 april 1606: Jaepken Jansdr., weduwe van Gherit Joosten, Steven Cornelisz., echtgenoot van Anneken Aertsdr. en Pieter Aertsz., samen vervangende Jacob Aertsz., allen erfgenamen van Aert Pietersz. Broeijken, verkopen aan Ariaentgen Aertsdr., weduwe Jacob Aertsz., een huis in de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Touchijn Gillisz. en het huis van Cornelis Pietersz. stadsbode. Waarborg: Cornelis Maesz. hordenmaker.

ORA Dordrecht inv. 753, f. 5: op 14 jan. 1612 verkopen Anthonis Jansz. drappenier en zijn vrouw Ariaentgen Aertsdr. aan Alijdt Cornelisdr. Rutten een losrente op een huis in de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Cornelis Pietersz. stadsbode en dat van Tosijn Gillisz.

ORA Dordrecht inv. 754, f. 55v: op 18 mei 1613 verkoopt Thonis Jansz. drapenier Anneken Cornelis, weduwe van Thonis Dircxsz. wagenmaker, een huis in de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Cornelis Pietersz. stadsbode en dat van Toucheijn Gillisz. Waarborg: Jan Jansz. wollewever.]

Cornelis Pietersz. bode {stadsbode}   2-12-6

bij de voorgaande in margine: is jaerlicx elcken stadsbode geremitteert [2 ponden 10 sch.] vande verpondinge over 't draegen van de bilgetten vande verpondinge als opt quohijer vande verpondinge ao. 1605 folio [254] voor hooft staet

Cornelis Jansz. met de azijnplaats     6

Egbert Henricxsz. kuiper      3-2-6

f. 253

het vethuis van Tonis Cornelisz. met een klein huisje      2

Cornelis Thonisz. twijnder     4-10

Aan de andere zijde

de woninkjes van Cornelis Jansz. thesaurier, tot laste van de eijgenaer      6

f. 253v

In de Botgensstraat

Ariaen Thonisz. timmerman      3-15

Marijken Jansdr. weduwe      2

Josijna Ariaensdr. huurt van Ariaen Thonisz.      7-10

Gertgen de Roch      2-12-6

Ploen Geritsz.     3-15

f. 254

de weduwe van kapitein Vos         6

[ONA Dordrecht inv. 3, f. 77: op 18 jan. 1602 transporteert Baertken Wenssen, weduwe van Adriaen Jacobsz., geassisteerd met notaris Willem van den Brouck, aan kapitein Adriaen Jacobsz. Vos een bedrag van 55 gl. en 15 "dalve" st., haar toekomende uit een custingbrief, gepasseerd voor schepenen van Dordrecht op 20 juli 1589 en verzekerd op het huis van Jaecques Floris in het Steegoversloot.]

de weduwe van Thonis Aertsz. Vaer       2-12-6

Henrick Corstiaensz.      2-12-6

Henrick Segersz.       2-12-6

Joris Matijsz. kuiper huurt van Jan Willemsz.    6-17

f. 254v

Aan de andere zijde

de weduwe van Damas Geritsz., een rosmolen      3-15

Meijnsken de appelkoopster, huurt van Geertgen de Roch   3-12

de weduwe van Sijmon Jansz.      2

Nijs Jansz. schiptimmerman     4-12-6

Joest Willemsz. metselaar        25 schellingen

f. 255

Franck Vechters bezemmaker      3-10

de weduwe van Jacob Diricxsz. Absau       2-12-6

Crijn Otten huurt van de weduwe van Ariaen Lamertsz.    3-10

de weduwe van Ariaen Lamertsz.     37  schellingen 6 deniers

Robert Cornelisz.      2-12-6

f. 255v

de weduwe van Lendert Cornelisz. Leu     2-12-6

Govert Jacobsz. huurt van burgemeester Ariaen Jansz.       2-12-6

Lijn Jansdr. huurt van burgemeester Ariaen Jansz.     25 schellingen

In de Pelserstraat

Neltgen Bollen huurt van Cornelis Loeijken       2-12-6

f. 256

Charles de houtzager huurt van [brouwerij] het Rijplant     35 schellingen

Steven Henricxsz. in het huisje van de oude boomsluiter    nihil

achter Bastiaen Fransz. 2 woningen     nihil

Aan de andere zijde

de weduwe van Jan Adriaensz. huurt van achter het Gulden Hooft     2-12-6

Cornelis Jansz. in Hoboecken       4-7-6

f. 256v

Jan Peet Luijcker Wael huurt van de weduwe van Jacob Lauwen     37 schellingen 6 deniers

bij de voorgaande in margine: t [3e] part van de huijerman in surcheantie

Cent Barthoutsz.       2-12-6

Jan Cornelisz. Vis       2-12-6

Dirick Jansz. drager huurt van Cornelis Schiltmansz.      25 schellingen

de weduwe van Cornelis de clapman     25 schellingen

f. 257

Henrick Jansz.     2-12-6

Jacob Diricxsz. visser     2-12-6

Over de brug

Willem Pietersz. bezemmaker      2-12-6

Anthonij Aertsz. twijnder, tot laste van de eijgenaer als opt quoijer van 90     3-15

f. 257v

In de Vlaminckstraat [Ruitenstraat]

Cornelis Cornelisz. huurt van Heijltgen de brouwster    37 schellingen 6 deniers

een nieuw huisje van Rocus Fransz.      2-10

Clement Pietersz. huurt van Pieter Goessensz. kuiper      2-10

Cornelis Jansz. Pottgen, 2 woninkjes      2-10

f. 258

Jan Ariaensz. Vrijes schuitenaar      2-10

Aan de andere zijde

Joest Joesten plankdrager huurt van Barent Geritsz.     2-10

de huisjes van de weduwe van Cornelis Willemsz. de With, tot laste vande eijgenaer     2-10

bij de voorgaande in margine: is opten 16 januarij 1608 geremitteert alsoo het een huijsken is affgebroocken

f. 258v

In de Cellebroersstraat [Dolhuisstraat]

Jan Aernout huurt van Mathijs Geritsz.       2-12-6

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie

Andries Jansz. in Breda      5

Jedeon Wessels huurt van de Lotering      8-10

Jorden Mertensz. huurt van Matijs Geritsz.      3-15

f. 258 [bis]

Ariaen de steenhouwer     37 schellingen 6 deniers

Corstiaen Tijssen in de Coninck van Spaenien       5

Willem Jansz. sledenaar       3-15

Ariaen Fransz. huurt van Ariaen Ariaensz.      31 schellingen

Bastiaen de schoenlapper huurt van Ariaen Ariaensz.      31 schellingen

f. 258v [bis]

de stal achter Matijs Geritsz. comt aent voorhuijs     nihil

Jan Huijgen, oliemolen, comt aent voorhuijs     nihil

Ariaen Pietersz. Boen huurt van Matijs Geritsz.     37 schellingen 6 deniers

de weduwe van Claes Back   25 schellingen

bij de voorgaande in margine: dese [25 schellingen] sijn opten 15 december 1607 bij requeste geremitteert

Aan de andere zijde

IJsbrant Willemsz. in het Cellebroerscloester     7-10

f. 259

Mercus Mercusz. huurt van de Heilige Geest     31 schellingen

Jacob Fransz. huurt van de Heilige Geest    31 schellingen

Hans Bouwensz. huurt van de Lotering       31 schellingen

Dirick Reijersz. huurt van Dirick Bastiaensz.    37 schellingen 6 deniers

Ariaen Thonisz. bezemmaker huurt van Jan Huijgen      2-12-6

f. 259v

Jacob Matijs huurt van Baen Cornelisz. [doorgehaald is: kapitein Sijbert]   nihil

In de Suikerstraat

een huisje achter de weduwe van Jan Pouwelsz. bakker     35 schellingen

Dingentgen Ariaensdr. huurt van voorn. weduwe     35 schellingen

Davit Gillisz. huurt van voorn. weduwe     35 schellingen

[NG trouwboek 7 mei 1589: David Gillisz. knopmaecker van Anwerpen en Lijsbeth Mattheus Aertsdr. van Amelroo bij Bommel, getr. 28 mei 1589]

f. 260

Stoffel Pietersz. huurt van Frans Gemensz.      35 schellingen

Cors Barensz. houpmaecker      35 schellingen

Jan Gaton      7

de weduwe van Jan van Gelder       25 schellingen

f. 260v

Aan de Vest

Dirick Henricxsz. voor de rijsthuijn       3-15

de weduwe van Egbert Pietersz.     35 schellingen

Dirick Henricxsz. voor de woning       3-15

de weduwe van Frans den Esel,  eigen      pro deo

f. 261

Sijken Monnen, haar leven lang in het huisje van Ariaen Tonisz. vleeshouwer   nihil

Pieter Egbertsz. huurt van Matijs Geritsz.      37 schellingen 6 deniers

bij de voorgaande in margine: 't [3e] part in surcheantie

IJsack Pietersz. huurt van Claes Willemsz. de With    37 schellingen 6 deniers

Pieterken Crijnen huurt van Claes Willemsz., is tot 2 woningen    nijet

Cornelis Joppen timmerman     37 schellingen 6 deniers

f. 261v

een oud vervallen huisje van Cornelis Joppen    nihil

Sijken Jorisdr.       37 schellingen 6 deniers

Cornelis Claesz.     37 schellingen 6 deniers

Stoffel Huijmensz. drager      37 schellingen 6 deniers

Cornelis Willemsz. huurt van Hutspot, tot laste vande eijgenaer     2-10

f. 262

Willem IJsbrantsz. huurt van Aeriaentgen Beenen, tot laste vande eijgenaer    2-10

Willem de Keijser      2-10

Adriaen Pasteij schiptimmerman       2-12-6

de weduwe van Gerit Jansz.      2-12-6

de weduwe van Mercus Jacobsz.      2-10

f. 262v

de weduwe van Jan Thonisz. in Reijerkerck     5

Jan Hermansz. naast Reijerkerck     34 schellingen

de weduwe van Roes Pouwelsz. huurt van Sijmon van Gesel     35 schellingen

Boudewijn Maskerijn huurt van Tijs Jansz.     35 schellingen

een huisje achter Rocus Fransz.    31 schellingen

f. 263

Ariaen Geritsz.     25 schellingen

Jan Ariaensz. Crimper    nihil [doorgehaald is: 3-15]

Marijken Jans achter [brouwerij] het Rijplant     3-15

Jan Sillershouck, de inwoen van't Rijplant, Anneken Hermansdr.     7-10

Jan de Honde achter de 3 Roosen de 3 Aschtonnen, de weduwe van Ariaen Pouwelsz. bakker      37 schellingen 6 deniers

f. 263v

2 woninkjes achter de 3 Roosen, tot laste vande eijgenaer    3-15

Jacob Willemsz. in het Houte Been       3-15

de oliemolen van Cristoffels Cornelisz.       6

de weduwe van Abram Bastiaensz. huurt van Cornelis Jacobsz.    25 schellingen

Cornelis Jacobsz. houtvletter     37 schellingen 6 deniers

f. 264

Ariaen Joesten bierdrager      nihil

Soetman Andriesz.     31 schellingen

Lendert Oliviersz. huurt van de erfgenamen van Lijntgen Crijnen     3

Machtelt Jansdr. huurt van IJa brugmeester    3

5 woninkjes van de erfgenamen van Marijcken Jan Tonisdr.   nihil

f. 264v

Totalis somma van dese quoijere    23.770 ponden 12 schellingen 3 deniers