BEKENDE FAMILIELEDEN



Wist u dat?

Martinus Menken, die getrouwd was met Hillegonda van Kampenhout (geb 25-06-1899), was de zoon van  de melkfabrikant Menken & Van Grieken. Zijn vader Leen Menken begon in 1926 als melkboer die met paard en wagen zijn klanten in Oegstgeest bediende. Na een aantal jaren ging hij thuis zelf boter maken, en na de Tweede Wereldoorlog kocht hij een melkfabriekje in Wassenaar. Het waren ook de Menkens die de frisdrankenfabriek in Bodegraven begonnen, en die frisdranken gingen bottelen en inblikken. De nering van de Van Griekens was nog ouder, maar verder gelijk: melkboer in Rijswijk. Van Grieken had al voor de Tweede Wereldoorlog de hand gelegd op een fabriekje. De twee families besloten pas in 1988 tot een fusie die Menken&Van Grieken opleverde. Later werd deze inmiddels tot grote holding gegroeide bedrijf overgenomen door Campina.

Wist u dat?

Juwelier van Kampenhout is al sinds 1865 gevestigd in Leiden, opgericht door Joannes van Kampenhout (geb. 24-02-1841) (gehuwd met Van Oerle) was eerder gevestigd op de Oude Vest 191. Dit pand was strategisch aangekocht omdat de Beurtschippers in die tijd, precies aan de overkant van de winkel met hun boot aanmeerden. 
In 1922 kocht zijn zoon Petrus Josheph van Kampenhout (geb. 29-01-1876) het pand aan de Haarlemmerstraat 125-127. De winkel ging open in 1924. De reden van deze aankoop was omdat er nu meer boeren en hun vrouwen met de bus naar de stad kwamen. Later namen Joannes Paulus Jozef Maria van Kampenhout (geb 29-10-1911) en zijn broer Adrianus Joannes Josef Maria van Kampenhout (geb.19-06-1913) de winkel over tot aan hun dood.
Helaas waren er geen erfgenamen meer die de Juwelierszaak over konden nemen. Echter de firma naam is gehandhaafd gebleven en behoort nu tot een van de langst gevestigde winkels in de Haarlemmerstraat te Leiden.

Juwelierswinkel aan de Haarlemmerstraat te Leiden.

Juweliersgezin Van Kampenhout-van Oerle:

Wist u dat?

Reinier Franciscus van Kampenhout (geb.03-01-1907) en zijn vrouw Jobje Barnhorn waren in de Tweede Wereldoorlog zeer actief als verzetsstrijder. In hun streven, op te komen voor "de verworpenen der aarde" redden zij samen met Leesha Rose, vele joodse kinderen van de deportatie. Reinier van Kampenhout was werkzaam in de bouw en lid van de gemeenteraad van Oegstgeest voor de SOAP (Sociaal-democratische arbeiderspartij). Reinier maakte deel uit van de zgn. TaIboo-groep, onder de schuilnaam Frits van Dongen. Hulp aan onderduikers hield in, hen onderbrengen bij schuiladressen (die vaak moesten wisselen, als huiszoeking dreigde) en hen voorzien van bon-kaarten voor de levensmiddelendistributie. Deze bonkaarten werden verkregen door fraude, "terwille van de goede zaak" van distributieambtenaren of door overvallen op distributiekantoren. Zulke overvallen werden uitgevoerd door de zg. Knokploegen (KP), die samenwerkten met de organisaties "Tot hulp aan onderduikers". Bij zo'n overval, door de KP Koog-Bloemwijk uitgevoerd op het distributiekantoor in Oegstgeest (op 9 november 1943), maakte Reinier deel uit van het beveiligingskordon. Ook in eigen huis hebben Reinier en Jobje enige tijd Joden in veiligheid gebracht.Op 19 januari 1945 werden beiden opgepakt, waarbij belastend materiaal werd gevonden. Reinier is waarschijnlijk de volgende dag al gefusilleerd in Kamp Amersfoort.

Zijn vrouw Jobje werd opgesloten in de gevangenis in Scheveningen " Het Oranjehotel" en is daar ziek geworden. Zij is overgebracht naar een verpleeghuis in Den Haag, waar zij op 27 april 1945 is overleden. Na de oorlog heeft Leesha Rose het boek " De Tulpen zijn rood" geschreven.
Hierin wordt ook de verzetswerkzaamheden van Reinier en Jobje beschreven.

 

Op 25-03-1980 wordt Reinier in Israel postuum geeerd. Neefje Reinier (geb.05-05-1984)
is in het bezit van het aan (oom) Reinier verleende Oorlogsherinneringskruis.


Op 11-02-1998 wordt er op de grens van Leiden en Oegstgeest een straat naar hem vernoemd.
Dit kwam mede tot stand door medewerking van Wil Stavleu-van Kampenhout (geb.14-04-1932)

Op de lijst van gevallenen tijdens De Tweede Wereldoorlog worden de namen van Reinier en Jobje vermeldt. Zie ook via www.erelijst.nl