»

»

»

»

»
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -
 -

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»

»


50E PENNING DORDRECHT 1580 (DEEL 3)



Laatst bijgewerkt op 29 juli 2017

f. 74

Tvierde Quartijer beginnende aen de lantzijde [Voorstraat] vande Tollebrug aende havenzijde gaende nae de Vuijlpoort toe [= Voorstraat aan de zijde van de Voorstraatshaven van Scheffersplein naar de Leuvebrug]

Anneken Stoopen huurt van Cornelis Fransz. om 15 gl.   4-16

Ariaentgen Pouwels huurt van idem om 16 gl.     5-2-6

De weduwe van Cornelis de tasmaker huurt van idem om 15 gl.    4-16

[naam niet vermeld] huurt van idem om 15 gl.     4-16

Marijken de hekelster huurt van idem om 15 gl.     4-16

Cornelis Pietersz. schoenmaker     7-13-8

f. 74v

De weduwe van Ruth Dircxsz.     6

Pieter Jansz. tingieter     6

Tomas Thomasz. huurt van de weduwe van Geerit Balthasarsz. om 30 gl.      9-12

Cornelis Claes gortmaker     6

Bastiaen Jansz. snijder      5

[ORA Dordrecht inv. 736, f. 242, akte dd 2 okt. 1581: Bastiaen Jansz. kleermaker, als man van Marijcken Cornelisdr. en Jan Cornelisz. molenaar, voor zichzelf, verkopen Anthoni Wiltens schoenmaker 2/3 delen van een huis aan de Appelmarkt aan de havenzijde, staande tussen het huis van Cornelis Claesz. gortmaker en dat van Pieter Cornelisz. lakenkoper. Waarborg: Jan van Wels viskoper.]

Anthoni Wiltens schoenmaker huurt van Pieter Cornelisz. om 36 gl.     11-10-4

Geerit Danilsz. kruidenier    8

[ORA Dordrecht inv. 714, f. 291: op 14 mrt. 1582 leggen Jan Barthoutsz., ongeveer 54 jaar, en Achtgen Cornelisdr., ongeveer 40 jaar, op verzoek van Geeridt Danilsz. een verklaring af.]

Sijmon Lenertsz. poingertmaker   8 [ponjaard: korte degen]

f. 75

Quijrijn Sijeren     9

De weduwe van Thomas Thomasz.    9

Aert Adriaensz. mandenmaker    6

Maerten Jansz. schoenmaker    8

Pieter Henricxsz. Boon   6

Mr. Gielis van de Kerck    9

Jan Ariaensz. Kennip   6

Pieter Jacobsz. viskoper    12

Lijsbeth Pietersdr.   4

f. 75v

Pieter Sijmonsz. boekbinder   5

Dirck Melisz. snijder     6

Marijken Hermansdr.     7

Het huis van Aeltgen Ariaens botermeijt    10

Jan Aertsz. kruidenier    7

Jacob Danilsz.    7

Jan Ariaensz. huurt een huis van Lenert van Dort om 24 gl.     6-15-2

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 143: op 14 okt. 1578 verkoopt Lenert van Dort Woutersz. aan Willem Joostensz. een jaarlijkse losrente van 9 gl., verzekerd op twee naast elkaar staande huizen aan de Landzijde, het ene staande op de opgang van de Visbrug tussen de haven en het stadsinhuis, en het andere staande op de hoek van de Visbrug tussen het inhuisje en het huis, dat eertijds toebehoorde aan Andries Woutersz. viskoper. Van Dort verbindt voor genoemde losrente tevens een huis tussen de Willem Oskenssteiger en het huis van Rochus Cornelisz. Praem, alsmede een tuin met twee huisjes, liggende achter in de Heer Heymansuysstraat tussen het huis van Thonis Josephsz. en 's-herenstraat of gang.]

Marijken Hermans huurt een huis van idem om 21 gl.     6-14-6

f. 76

De Vismarkt [Voorstraat tussen Visbrug en Stadhuis]

De weduwe van Jan Woutersz.

Cornelis Govertsz. Slijp    6

[ORA Dordrecht inv. 739, f. 180v e.v.: op 11 juni 1587 verkoopt Cornelis Govertsz. viskoper aan Engelken van der Linde Damasdr., weduwe van Adriaen Mes Laurensz. en Laurens Adriaensz. Mes en Damas Adriaensz. Mes, beiden kinderen van voornoemde Adriaen Mes, de eerstgenoemde verwekt bij Aerjaentgen Lenertsdr. en de tweede bij Engelken Damasdr., een jaarlijkse losrente van 4 Rijnse gl. en 4 st., verzekerd op een huis op de Kleine Vismarkt, staande tussen het huis van Vastert Jansz. en dat van Janneken Wouters.]

Vastert Jansz.     6

Jonas Cruijs huurt van Pieter Jacobsz. viskoper om 30 gl.     9-12

Geerit Pietersz.  ["scheepslijter"] 6

[ORA Dordecht inv. 736, f. 365: Geerit Pijetersz. "scheepslijter" verkoopt op 23 juli 1582 zijn huis aan de Kleine Vismarkt aan Jacob Cornelisz. Back]

Jan van Wels Jacobsz.    7

De weduwe van Pieter Ariaensz.    7

Neeltgen Goodschalcken    8

Erasmus van Houwelinghen    7

f. 76v

Het Stadhuis van achteren [Voorstraat]

Aert Geleijnsz. snijder    6

Jan Lenertsz. coperslager huurt van Jacob metten Baert om 30 gl.   9-12

Pieter Jansz. Englisman     10

Pieter Sijmonsz.     7

Soetman Cornelisz. schipper    4

Jopken Arisdr.    6

Ariaen Henricxsz. vleeshouwer     7

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 33v: op 16 mrt. 1579 verkoopt Jacob Cornelisz. Bakelaris, als voogd van zijn drie onmondige kinderen, verwekt bij Neeltgen Jansdr., en tevens vervangende Adriaen Barthoutsz., die vanwege zijn vrouw oom van die kinderen is, aan Adriaen Henricxsz. vleeshouwer de helft van een  huis aan de Landzijde omtrent de Lombardbrug aan de havenzijde, staande tussen het huis van mr. Adriaen Barthoutsz. en dat van Jopken Adriaensdr. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 13 Vlaamse ponden.

ORA Dordrecht inv. 1571, f. 39v: op 27 mrt. 1579 verklaart Adriaen Henricxsz. vleeshouwer ontvangen te hebben van Niclaes Jansz. Cruijenier en Jan Simonsz. van Cappel, als voogden van de twee weeskinderen van wijlen Lijntgen Jansdr. van de Eijnde, bij haar verwekt door Niclaes Jansz. Cruijenier een somma van 28 Vlaamse ponden, waarvan hij, Adriaen, belooft die kinderen jaarlijks een somma van 2 Vlaamse ponden uit te keren, verbindende een huis aan de Landzijde bij de Lombardbrug, staande tussen het huis van Adriaen Barthoutsz. en dat van Jopken Andriesdr.]

Ariaen Baerthoutsz.     8

f. 77

Tonis Ariaensz.    11

Sijmon Jansz. [Cabassa, de Cavasse] kruidenier huurt van Reijer Jacobsz. om 45 gl.      14-8

[Sijmon Jansz. de Cavasse, overleden ca. 1585, trouwde naar schatting 1e Heijltgen Cornelisdr., ca. 2e naar schatting  1576 Mariken Joppen, trouwde 1e Anthoenis Ariensz. olieslager, dochter van Jop Gemansz. en NN

Kind (ex 1):

a. Cornelis Cavasse, geboren naar schatting ca. 1570

ORA Dordrecht inv. 709, akte 743: op 21 juni 1571 verkoopt Wouter Cornelisz. bierdrager aan Jan Adriaensz. kruidenier, als voogd van Cornelis Sijmonsz. Cavasse, weeskind van wijlen Heijltgen Cornelisdr., verwekt door Sijmon Cornelisz. Cavasse kruidenier, een jaarlijkse losrente van n pond Vlaams op een huis in de Kolfstraat, staande tussen het hui van Jan Adriaensz. en dat van Aert de molenaar.

Kinderen (ex 2):

b. Glaude

c. Heiltken

d. Anneken 

e. Simon, gedoopt NG Dordrecht 11 juni 1581 

- 29 mrt. 1580: scheiding van de goederen, die zijn nagelaten door Anthoenis Ariensz. olieslager, tussen Simon Jansz. Cabassa apotheker, als man van Mariken Joppendr., die eerder gehuwd is geweest met wijlen Anthoenis Ariensz. olieslager, enerzijds, en mr. Adriaen Adriaensz. de Jonge van Gorinchem en Mariken Adriaensdr., weduwe van Jasper Jansz., mede van Gorinchem, voor zichzelf en samen vervangende Willem Ariensz. Louff, die in het buitenland verblijft, en Mariken Jansdr., wonende te Schoonhoven, weeskind van wijlen Jan Ariensz. olieslager, samen erfgenamen van wijlen Claes Anthoenisz., kind van wijlen Anthoenis Ariensz. en Mariken Joppendr., anderzijds. Aan Simon Jansz. is toebedeeld de gehele boedel, mits hij belooft alle schulden te betalen, "waer jegens dvoorsz. errfgenamen in qualit als boven die overmits de sopre staet vande goederen metten clocken tot drie reijse geciteert zijnde alleen bedeelt ... zijn aen [een bedrag van 10 gl.] eens die alreede aen deselve overleden Claes Anthoenissoens montcoste betaelt zijn". (ORA Dordrecht inv. 714, f. 39 e.v.)

- 1588: op verzoek van Cornelis Danilsz. Vernas en Govert van Beaumont Jansz., als ooms en voogden van de weeskinderen van wijlen Sijmon de Cavasse, genaamd Cornelis, Glaude, Heijltgen, Anneken en Sijmon de Cavasse, verklaren Thomas Gerard van Carmangola en la Marcqusaet de Saluces, ongeveer 60 jaar oud, en Michiel Solario van Caringana, ongeveer 34 jaar oud, dat zij Sijmon de Cavasse zeer goed gekend hebben en derhalve weten, dat hij bij zijn eerste vrouw, Heijltgen Cornelisdr., een kind, genaamd Cornelis, heeft verwekt, en voorts dat hij na haar overlijden is hertrouwd met Marijcken Joppendr. "met de welcke hij langen tijt huijs gehouden heeft ende hem selven eerlijcken gedragen ende hemselven mit neringe als cruijdenijer beholpen heeft", en dat hij bij haar de volgende kinderen heeft verwekt: Glaudi, Heijltken, Anneken en Sijmon de Cavasse, die allen nog in leven zijn. (ORA Dordrecht inv. 718, akte 181)]

Jan Lodewijcxsz. snijder      5

Bouwen Sijmonsz. cramer    8

Marijken Jacobs hekelster    5-8-12

Marijken Jansdr.    4

Cornelis Willemsz. schiptimmerman     5

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 4: op 29 dec. 1578 verkoopt Cornelis Willemsz. schiptimmerman aan zijn broer Cornelis Willemsz. schipper een jaarlijkse losrente van 6 gl., verzekerd op een huis in de Voorstraat aan de havenzijde omtrent de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Lijntgen Henrixdr. en dat van Marijcken Jansdr.]

Lijntgen Henricxsdr.    4

[ORA Dordrecht inv. 740, f. 59: op 17 febr. 1588 verkopen Claes Zegersz. en Jan Zegersz., voor zichzelf en vervangende Beatrix Huijmansdr., weduwe van Jan Bartholomeusz., wonende te Delft, Neeltgen Jansdr., weduwe van Joos Quirijnen schuitenaar en hun broer Henrick Zegersz., allen erfgenamen van Lijntgen Henricxdr. hekelster, aan Lijsbeth Willemsdr., weduwe van Cornelis Dircxsz. schipper, een huis aan de Landzijde (Voorstraat) omtrent de Kleine Spuistraat aan de zijde van de (Voorstraats)haven, staande tussen het huis van Jan Aertsz. schoenmaker en dat van Jacob Dircxsz. van Abswou. Koopster kent schuldig aan verkopers een somma van 300 gl. Borgen: Jan Willemsz. schipper, Thonis Reijnen schipper en Evert Willemsz. smid.]

Cornelis Aertsz. huurt van Jacob Dircxsz. Apsou om 30 gl.    9-12

f. 77v

Jan Aertsz. huurt van Pieter Jacobsz. om 30 gl.     9-12

De weduwe van Hans Sloetgens    9

Jacob Cornelisz. schoenmaker    8

Reijer Geeritsz. korenkoper    9

Ariaen Lambertsz. schipper   7

Jan Jansz.    8

Frans Corssen [schipper] comen      9

Jacob van Diemen snijder    6-10

Tonis Aert Coolen schipper    6-10

f. 78

Joachim Meusz. zeilmaker     8

Pieter Adriaensz. Waelen     8-10

Willem Nijsz.    8

De weduwe van Elias Tack    7

Cornelis Ariaensz. schipper    9

Mathijs Diricxsz. schoenmaker   9

Jan Willemsz. kaaskoper    10

Marijken Fransdr.   7

Ariaen Cornelisz. huurt van Ariaen Verkerck om 28 gl.    8-19-2

f. 78v

Frans Geeritsz. stoeldraaier     5

De weduwe van Ariaen Schots    14

[ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), f. 13: op 30 jan. 1580 verkoopt Anthonis Jansz. smid aan Ariaentken Anthonisdr., weduwe van Adriaen Jansz. Schot, een jaarlijkse losrente van 3 Rijnse gl. op een huis aan de stadsvest omtrent Spuipoort, staande tussen het huis van Claes Cornelisz. en dat van Adriaen Ariensz. in Medemblick.]

Willem Ghijssbertsz. comen     6

Goris Maertensz.     7

Frans Stevensz. schipper     6

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 3: op 5 mei 1578 verkoopt Adriaen Pietersz. korenkoper aan Frans Stevensz. schipper een huis aan de Landzijde [Voorstraat] bij de Pelserbrug, staande tussen het huis van Goris Maertensz. en dat van Willem Cornelisz. van Diemen. Waarborg: Cornelis Joosten Doot schiptimmerman. De koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 466 gl. Borgen: Thonis Inden Wingert, Willem Jan Claesz., Cornelis Jansz. brouwer en Jacob Adriaen Huijgen.]

Bastiaen Fransz. [olieslager]   10

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 49v: op 12 april 1579 verklaart Bastiaen Fransz., olieslager en burger van Dordrecht, dat hij 15 febr. 1579 aan Cornelis Loijs, kruidenier en burger van Dordrecht, verkocht heeft 9 amen raapolie en 6 amen kennipolie.]

Claes Ghijssbertsz. schipper    6

Sijer Damasz. schipper    6

f. 79

Cornelis Louijs kruidenier    7

Ariaen Jansz. schipper    6

[ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), f. 19v: op 9 febr. 1580 verklaart Marijken Cornelisdr., weduwe van Adriaen Jansz. Kivie, schuldig te zijn aan het weeskind van haar overleden man, genaamd Marijken Adriaensdr., door hem verwekt bij wijlen Heijltken Gerritsdr., een somma van 13 ponden 5 schellingen Vlaams, met een interest van 5 schellingen, welke Adriaen Jansz. Kivie zijn dochter beloofd had uit te reiken wegens haar moederlijke goederen volgens de vertichtingsbrief daarvan zijnde, gedateerd 19 nov. 1574. De comparante verbindt voor de nakoming hiervan een huis omtrent de Vuilpoort, staande tussen het huis van Jacob de mandenmaker en dat van Cornelis Lowijs suikerbakker.]

Joris Pietersz. kousenmaker huurt van Jacob de mandenmaker om 22 gl.      7 gl. 12 penn.

De weduwe van Jan Geritsz. wagenmaker    6

Bartholomeeus Noppen huurt van Cornelis Cornelisz. om 15 gl.     4-16

De weduwe van Pieter Ariaensz. comen     8

Jacob Willemsz. glaessmaecker     11

[ORA Dordrecht inv. 741, f. 203, akte dd 15 mrt. 1591: Neeltgen Huibrechtsdr. koopvrouw, echtgenote van Jacob Willemsz. glaesmaecker, verleent procuratie aan haar zoon Arien Jacobsz., wonende in Oude Tonge, om voor haar te innen en te vorderen alle schulden, penningen en restanten, die men haar in Oude Tonge of daaromtrent schuldig is.]

Cornelis Jansz. lantaarnmaker    4

f. 79v

Marijken Joosten   4

Jan Jacobsz. korenkoper    6

Ghijssbert Noeij    4

Aert Jansz. schiptimmerman    9

Govert Jacobsz. bocxmaker    6

Thijs Fransz. viskoper   7

Tomas Rossing huurt van Thijs Geeritsz. om 36 gl.     11-10-4

Cors Jansz. schipper    7

Ariaen Cornelisz. schoenlapper    6

f. 80

Jan Ariaen Wijcken huurt van Neeltgen Jans om 20 gl.      6-8

Wouter Pietersz. zwaardveger    4

Maerten Cornelisz. [de Bouffgens] zeilmaker   7 

[9 aug. 1575: Mathijs Diricksz. schoenmaker verkoopt Maerten Cornelisz. zeilmaker een huis [in de Voorstraat] omtrent de Vuilpoort aan de havenzijde, staande tussen het huis van Willem Willemsz. apotheker en het huis van Dirrick Claesz. korenkoper. Waarborg: Herman Ariensz. schipper. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 458 gl. Borg: Cornelis Woutersz. Bouffgens. (ORA Dordrecht inv. 732, f. 4)

ORA Dordrecht inv. 736, f. 55v: op 6 okt. 1580 verkoopt Maerten Cornelisz. de Bouffgens aan Cornelis Cornelisz. schoenmaker een huis bij de Vuilpoort op de havenzijde, staande tussen het huis van Dirck Claesz. en dat van Jan Pieter Corssen houthaker. Waarborg: Thijs Dircxsz. schoenmaker. Koper is schuldig aan verkoper 508 gl. Borgen: Jacob Cornelisz. schoenmaker en Pieter Jansz. kleermaker.]

Jan Jansz. huurt van Dirck Claesz. [korenkoper] om 21 gl.     6-14-6

Lambert Ghijssbertsz. wagenmaker    4

Claes Fransz. schoenmaker   7

[ORA Dordrecht inv. 713, f. 204v en 205: op 29 aug. 1579 verkopen Michiel Nijssen, Cornelis Nijssen en Barbara Nijssen, weduwe van Jan Ariensz. schipper, allen erfgenamen van Trijncken Nijssen, hun zuster, aan Cornelis Egbertsz. schoenmaker, 5 delen van 12 parten in een huis staande aan de Landzijde omtrent de Vuilpoort tussen het huis van Balthasar Fransz. schepen in wette en dat van Lambrecht Gijsbrechtsz. wagenmaker, waarvan de overige 7 delen toebehoren aan Claes Fransz. schoenmaker. Waarborg: Pieter Cornelisz. schipper. Koper kent schuldig aan verkopers 34 ponden 9 schellingen en 5 groten Vlaams.]

Balthaser Fransz.     9

Willem Andriesz. schipper     7

f. 80v

Lauris Claesz. [Leutering] schipper    8

[ORA Dordrecht inv. 728, f. 104, 8 maart 1571:  Jan Claesz. Leutering, Marijcken Claesdr., voor zichzelf en vervangende Laurens Claesz. Leutering en Bouwen Claesz. Leutering, mitsgaders Jacob en Gerrit Claesz., onmondige kinderen, hun broers, allen kinderen van wijlen Claes Thonisz. Leutering, verlenen aan Adriaen Thonisz. Leutering "vuijtten achten",  hun oom en Thomas Thomasz., mede hun oom, procuratie "ad recipienda debita" en voorts volmacht om te verkopen alle goederen, die hun aangekomen zijn bij overlijden van Claes Thonisz. en Lijsgen Laurensdr., hun vader en moeder en om hun huis, staande bij de Vuilpoort, te mogen verhuren. Comparanten beloven, voor zichzelf en hun broers, geen van hun goederen te vervreemden vooraleer Jacob en Gerrit Claesz. mondig zijn geworden "ende clouck genouch zullen wesen omme heur broot te winnen".

ORA Dordrecht inv. 729, f. 267 e.v.: op 14 mei 1573 compareren Bouwen Claesz., Jacob Claesz., voor henzelf en Marichgen Claesdr. voor haarzelf, samen vervangende Jan Claesz., uitlandig zijnde en Gerit Claesz., hun broeders, allen erfgenamen van Lijsken Laurensdr., hun moeder en verklaren bij handen van Laurens Claesz. ontvangen te hebben de goederen, hun nagelaten door hun moeder en nog twee jaren huishuur, die Laurens Claesz. het sterfhuis schuldig geweest is van zijn moeders huis bij de Vuilpoort.

ORA Dordrecht inv. 732, f. 110: op 19 april 1576 verkoopt Bouwen Claesz. schipper aan Lauwerens Claesz. schipper, zijn broer, een zesde part in een huis omtrent de Vuilpoort aan de havenzijde, staande tussen het huis van Truijchgen Monnen en dat van Willem Henricxsz. schipper. De koper kent schuldig 13 Vlaamse ponden.

ORA Dordrecht 712, f. 218: op 20 jan. 1578 verkoopt Jan Claesz. schipper aan zijn broer Laurens Claesz. een zesde part in een huis omtrent de Vuilpoort, staande tussen het huis van Truijchgen Monnen en dat van Lijel Huijbertsz. De koper kent schuldig 9 Vlaamse ponden.]

Dirck Ariaensz. schipper huurt van Ariaen Jacobsz. om 24 gl.    7-13-8

Gaende voorts buijten die Vuijlpoort

De Vuilpoort (midden, onder de Grote Kerk) op de kaart van Van Deventer uit 1545. Wat meer naar het zuiden de Sint Adriaanskerk en daaronder het huis van de Leprozen. De oudste vermelding van de Vuilpoort is van 1386. De poort verloor haar functie als doorgang in 1573, toen het buurtschap rond de Sint Adriaanskerk binnen de stadsmuur werd getrokken. Een andere benaming is Gevangentoren. Nadat de stad het recht gekregen had om zelf gevangenen vast te zetten, werd het poortgebouw namelijk bestemd tot gevangenis, welke functie het heeft behouden tot 1646. In dat jaar werd de poort verkocht aan een particulier en werden gevangenen voortaan opgesloten in een ruimte boven in het Stadhuis. De naam Vuilpoort is mogelijk afgeleid van de leprozen en andere zieken, die - zoals men dat toentertijd noemde - aan een "vuile ziekte" leden. (Van der stede muere, p. 28) Maar het valt niet uit te sluiten, dat de naam is afgeleid van een vuilstortplaats, die zich ooit buiten de poort heeft bevonden. Vast staat in ieder geval wel, dat er in de zestiende eeuw buiten de stad melaatsen verpleegd werden. Op 10 jan. 1569 transporteerde Jacob Muijs Pietersz. aan de leproosmeesters van het Leprooshuis buiten de Vuilpoort een rentebrief van 1 pond Vlaams jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 726, f. 216). In een akte van 19 mrt. 1571 is sprake van Lijn, de "moeder" van de leprozen buiten de Vuilpoort. (ORA Dordrecht inv. 728, f. 115). Voorts wordt er in een akte van 15 mrt. 1566 melding gemaakt van de kerk van de Leprozen, waarmee de St. Adriaanskerk is bedoeld. (ORA Dordrecht inv. 705, akte 237. Zie de plattegrond hierboven.)

Jacob Ariaensz. inden Engel     7

[ORA Dordrecht inv. 713, f. 74v e.v.: op 13 dec. 1578 leggen op verzoek van Lenert Henricxsz. van IJsselmonde Jacob Ariensz., wonende in "de Engel" buiten de Vuilpoort van Dordrecht, ongeveer 46 jaar oud, en Pouwels Thijsz. van IJsselmonde, ongeveer 40 jaar oud, een verklaring af. Jacob Ariensz. getuigt, dat hij tijdens het beleg van Krimpen als admiraal met zijn schepen gelegen heeft voor de Zwijndrechtse Waard "omme die te helpen defenderen ende dat int selve belegge binnen den dorpe van Ridderkerck gehouden werdende een generael monsterdach daer mede onder andere waeren die van IJselmont met haer vendel daer van dvoersz. Pouwels Thijsz. capiteijn ende Lenert Henricxsz. ... lieutenant was, en dat hij hen na afloop van die "monsterdach" nog bij zich gehouden heeft om hen "zeeckere notelijke affairen dienende tot preservatie vanden selven waert aen te geven laetende zulcx tvendel van IJselmont naer IJselmont trecken ende blijvende den Requirant ... [en] Pouwelsz Thijsz. bij hem getuijge". Pouwels verklaart, dat, toen hij en Lenert afscheid genomen hadden van Jacob Ariensz., zij beiden naar IJsselmonde zijn vertrokken, "wesende nuchteren ende nijet gedroncken hebbende dan elcx twee cannen bier ende comende ontrent IJselmont is dvoersz. Lenert Henricxsz. van een Engelsche soldaet dwers duer zijn lijff geschoten, sonder dat [hij] .. metten selve soldaet eenige woorden hadde".] 

De weduwe van Henrick Engelen [schipper]   5

[Hij was eigenaar van het huis "den Hulck" buiten de Vuilpoort. (Zie Ons Voorgeslacht 2005, p. 345 e.v.)

Hij had bij een onbekende vrouw (tenminste) drie dochters, nl.:

a. Ariaenken Hendricksdr., trouwde Wit Joosten schipper (zie f. 81)

b. Neelken Hendrick Engelendr., trouwde NG Dordrecht 10 mei 1587 Cornelis Joppen wagenmaker

c. Maricken Hendrick Engelendr., trouwde NG Dordrecht 29 mei 1588 Floeris Jansz. Bosman houtvletter

- 22 aug. 1550: Jan Pietersz., waard in "Sint Joris", verkoopt aan Jannegen, weduwe van Jan Woutersz., een jaarlijkse losrente van 1 pond Vlaams, verzekerd op een huis buiten de Vuilpoort, genaamd "Sint Joris", staande tussen het huis van Grietgen, weduwe van Govert Adriaensz. en dat van Aecht Zijmons. (ORA Dordrecht inv. 1533 (nieuw), akte 167)

- 15 juni 1553: Aechte Willemsdr., weduwe van Sijmon Cornelisz., verkoopt aan Pieter Heijnricxsz. schuitenvoerder een huis, staande achter op de werf van haar huis, genaamd "den Hulck", staande tussen het huis "den Engel" en het huis "Sint Joris", alsmede een stuk erf van 4 voeten, waarover de koper via een poortje uit zijn huis zal kunnen gaan. (ORA Dordrecht inv. 1534 (nieuw), akte 645)

- 13 sept. 1560: Jan Pietersz. den Boer, wonende buiten de Vuilpoort, verkoopt aan Henrick Engelsz. een huis, genaamd "den Hulck", staande buiten de Vuilpoort tussen de huizen "Sint Joris" en "den Engel". De koper is schuldig aan verkoper een somma van 772 gl. Borgen: Cors Jansz., Cors Engelsz., Baertgen Adriaensdr., weduwe van Jan de Gelder, en Dionijs Michielsz. (ORA Dordrecht inv. 702, akten 31 en 32)

- 20 sept. 1560: Pouwels Pietersz. den Boer en Jacob Joesten Both stellen zich ten behoeve van Jan Pietersz. den Boer borg voor eventuele lasten en renten, die zullen blijken te rusten op het huis "den Hulck", staande buiten de Vuilpoort tussen de huizen "Sint Joris" en "den Engel". Jan Pietersz. den Boer stelt ten behoeve van zijn borgen tot onderpand zijn huis, genaamd "Sint Joris", staande buiten de Vuilpoort, een rentebrief van twee ponden Vlaams jaarlijks en zeker land, gelegen te Heusden. (ORA Dordrecht inv. 702, akte 30 [sic])

- 2 juni 1564: Henrick Engelsz. schipper verkoopt een jaarlijkse losrente van 3 gl. aan Toenken Jansdr., weduwe van Zeger Cornelisz. kleermaker, verzekerd op een huis, genaamd "den Hulck", staande buiten de Vuilpoort tussen het huis "Hamburch" en een huis, waarvan de eigenaar of bewoner niet wordt vermeld. (Ons Voorgeslacht 2005, p. 346)]

Hans Hexkens huurt van de erfgenamen van Marijken Geleijnen om 72 gl.     23 gl. 12 penn.

Grietgen Jacobsdr.    8

Marijken Claes huurt van Grietgen Jacobs om 30 gl.      9-12

f. 81

Tielman van Bladegom     8

Jacob Cleijsz. visser     4

Tonis Lenertsz. slijter    3-4

Wit Joosten schipper    3-4

[Zie Ons Voorgeslacht 2005, p. 345 e.v. Zijn ouders waren Joost Adriaensz. en Neeltje Witten (f. 81v). Hij trouwde 1e NG Dordrecht 23 juli 1577 (ondertrouw) Ariaenken Hendricksdr., dochter van Henrick Engelen (f. 80v).

13 mei 1585: Jeutgen Hermansdr., vrouw van Jan Schalckxsz. kapitein, en Wit Joostensz. schuitenmaker, beiden als procuratie hebbende van Jan Schalckxsz., verkopen aan Cornelis Hendrickxsz. Corthals een huis, staande buiten de Vuilpoort binnen het Bolwerk tussen het huis van Dirck Jacobsz. schipper en dat van Jan Joosten van Roosendael. Waarborgen: Wit Joostensz. en Frans Cornelisz. De koper is schuldig aan Jan Schalcksz. kapitein een somma van 638 Rijnse gl. Borgen: Jan Gijelisz. en Willem Willemsz. hellebaardier. (ORA Dordrecht inv. 716, akten 166 en 167)]

Dirick Jacobsz. schipper     4

Aert Jansz. huurt van Anna Schouten om 12 gl.     3-16-12

Jan Jacobsz. visser     3-4

[26 april 1578: Jan Paijs van Geertruidenberg, als voogd van Jacob Cornelisz., weeskind van wijlen Cornelis Willemsz., voor 3 vierendelen en Jan Philipsz., uit naam van Joosgen Philipsdr., weduwe van Aper Matheusz., voor het vierde vierendeel, verkopen aan Jan Jacobsz. visser een huis buiten de Vuilpoort, eertijds toebehoord hebbende aan Matheus Apersz., staande tussen het huis van [de erfgenamen van] Gerrit Sijmonsz. en dat van Dirck Jacobsz. schipper. (ORA Dordrecht inv. 712, f. 263v)

3 mei 1578: Jan Jacobsz. visser is schuldig aan Jan Pais, als voogd van Jacob Cornelisz., weeskind van wijlen Cornelis Willemsz. en Joosgen Philipsdr., weduwe van Aper Matheusz. schipper, een somma van 212 gl. wegens de koop van voornoemd huis. (ORA Dordrecht inv. 712, f. 267)

ORA Dordrecht inv. 1570, f. 18v: op 15 mei 1578 verkopen Jan Jacobsz. visser, voor de ene helft, en Cornelis Adriaensz. timmerman, als man van Anneken Jansdr., Damas Jorisz., als man van Aerjaentgen Jansdr., en voornoemde Cornelis Adriaensz. tevens vervangende Jan Willemsz. van Breda, als man van Henricxgen Jansdr. en mr. Dionijs [sic], secretaris te Antwerpen, als man van Aerjaentgen Jansdr., en voornoemde Damas Jorisz. tevens vervangende Jacob den Ram, als man van Lijntgen Jansdr., en Bastiaen Dircxsz. als man van Pieterken Jansdr., allen erfgenamen van Lijntgen Jansdr., voor de andere helft, verkopen Digman Florisz. klaphoutwasser een huis buiten de Vuilpoort op de Luiersdijk, staande tussen het huis van Thonis Jansz. van Crimpen en de "vissers" van Trijntgen van Beveren. Waarborg: Jan Jacobsz. visser en Cornelis Adriaensz. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 200 gl.]

Jan Joosten schipper huurt van [naam niet vermeld] om 24 gl.     7-13-8

f. 81v

Ariaen Baenen     3-4

De weduwe van Cors Jacobsz. visser    3-4

Jan Fransz.     3-4

De weduwe van Joost Ariaensz.     3-4

[Joost Adriaensz. alias Joost Schalcken, schipper, overleden tussen 30 juli 1566 en 27 april 1575, trouwde (vr ca. 1555) Neeltje Witten. Zij waren de ouders van Wit Joosten (zie f. 81). (Ons Voorgeslacht 2005, p. 343 e.v.)]

Cornelis Cornelisz. clapman    3-4

Ghijssbert Henricxsz.    3-4

Janneken Jacobs    3-4

De windmolen genaamd de Buijserinne   9-12

[ORA Dordrecht inv. 723, f. 96v: op 29 april 1562 verkoopt Peter Geritsz. molenaar aan Adriaen Jacobsz. Been lakenkoper een jaarlijkse losrente van 3 gl., verzekerd op een huis buiten de Vuilpoort, staande tussen het huis van Baertgen Caeslan en dat van Adriaen Brechgen, op de helft van een windmolen, genaamd "de Buiserinne" en op een rosmolen, staande buiten de Vuilpoort.

15 jan. 1579: Cornelis Cornelisz. molenaar en Huijch Dominicusz., als man van Haesgen Cornelisdr., beiden voor zichzelf en tevens vervangende hun zusters Neeltgen en Quirijntgen Cornelisdrs., verkopen aan Adriaen Dircxsz. molenaar de helft van een windmolen, genaamd "de Buijserinne", staande buiten de Vuilpoort buiten het bolwerk, met nog een huis, dat tegenover de molen staat, in welk huis de koper reeds woont. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 1128 gl.]

De windmolen genaamd de Backerinne    9-12

[ORA Dordrecht inv. 724, f. 131: op 1 nov. 1562 verklaart Adriaen Jacobsz. schuldig te zijn aan Dirick Jacobsz. molenaar een somma van 1100 gl. wegens de koop van een huis en de helft van een molen, staande buiten de Vuilpoort aan de Dorreboom, genaamd "de Backerin". Borgen: Cornelis Jacobsz. van Hofwegen en Joost Jacobsz. bakker.

ORA Dordrecht inv. 1570, f. 1 e.v.: op 3 mei 1578 verkoopt Adriaen Barentsz. wielmaker, wonende te Rotterdam, als voogd van Neeltgen Andriesdr., weeskind van Andries Jacobsz. molenaar, aan Adriaen Jacobsz. Heijthoven de helft van een windmolen, genaamd "de Backerinne" met de bijbehorende werf, staande en gelegen buiten Vuilpoort. Waarborg: Lenert Cornelisz. molenaar. De koper is schuldig aan Dirck Pietersz. van St. Geertruijdenberg een somma van 300 gl. en aan Neeltgen Andriesdr. een bedrag van 15 Vlaamse ponden. Voorwaarde is, dat indien de molen binnen zes jaar na dato van deze akte mocht komen te verbranden, om te waaien of door oorlogsgerucht "ingehaelt" te worden, of wanneer Neeltgen Andriesdr. binnen genoemde termijn komt te overlijden, de koper niet gehouden zal zijn het bedrag van 15 Vlaamse ponden te betalen. Borg: Jasper Pietersz. Bengelroede.

ORA Dordrecht inv. 713, f. 29v: op 2 aug. 1578 verkoopt Job Jansz. van Geerwen molenaar aan Huijch Cornelisz. molenaar een vierde part in een windmolen, genaamd "de Backerinne", staande buiten de Vuilpoort tussen Pieter Lappers molen en de kleine molen.

- 5 dec. 1581: Adriaen Jacobsz. Heijthoven, brouwer te Dordrecht, verklaart, dat hij "tot satisfactie" van moederlijke goederen van zijn kinderen Willem en Evert Adriaensz., verwekt bij Neeltgen Herbertsdr., zijn tweede vrouw, belooft uit te reiken elk een jaarlijkse losrente van 50 gl., tot wanneer zij 18 jaar zullen zijn geworden. Hij verbindt hiervoor zijn huis en brouwerij, staande in de Kannekopersbuurt aan de Landzijde [Voorstraat], staande tussen de plaats van de erfgenamen van Ghisbert van Haerlem en het huis, genaamd "de Bonte Koe", in welk huis Thonis Woutersz. de stoeldraaier heeft gewoond en waarin hij is overleden, alsmede een windmolen, genaamd "de Backerinne", staande buiten de Vuilpoort. Heijthoven herroept deze akte kort daarna, mogelijk nog op dezelfde dag. (ORA Dordrecht inv. 714, f. 264 e.v.)]

f. 82

Die Vuijlpoort wederom incomende ende die Voorstraet op die rechter handt voorts gegaen tot die Tollebrug toe

Danil Verlou houtkoper    4

Neeltgen en Anneken Cleijsdrs.    12

De weduwe van Bastiaen de bakker    7

De weduwe van Aert Ariaensz. bakker     7

Grietgen Sijmonsdr.     16

Willem Abelsz. bakker    16

[ORA Dordrecht inv. 702, akte 39: op 16 sept. 1560 sluiten Willem Cornelisz., enerzijds en Claertken Aertsdr., weduwe van Abel Willemsz. bakker, en Willem Abelsz., vervangende zijn zuster, Neeltgen Abelsdr., anderzijds, een overeenkomst aangaande de drie tussenmuren van hun huizen, staande bij de Vuilpoort tussen het huis van Aert Aertsz. bakker en dat van Joost Jansz. schoenmaker.]

Evert Jansz. comen    8

f. 82v

Govert Jansz. van Bemondt [olieslager]   11

Ariaen Apersz. bakker      11

[17 juni 1578: Adriaen Jansz., weduwnaar van Henrixgen Apersdr., verbindt 1/5 deel van een huis, staande bij de Vuilpoort, waarin Henrixgen overleden is, aan de ene zijde belend door het huis van Govert Jansz. olieslager en aan de andere door het huis van Grietgen Simonsdr. (ORA Dordrecht inv. 734, f. 45v e.v.)]

Jan Cornelisz. van Gesel huurt van Grietgen Sijmons om 40 gl.     12-16-8

Mathijs Geeritsz. huurt van Jop de wagenmaakster om 48 gl.      15-6-12

Ariaen Cornelisz. Bouffkens     12

Tonis Cornelisz. wagenmaker     12

Sijmon Puttens huurt van Jan Hingen om 60 gl.     19-4

Tonis Ariaensz. Lotering     8

[ORA Dordrecht inv. 736, f. 337v e.v., boedelscheiding dd 23 mei 1582: de weduwe van Thonis Adriaensz. jonge Leutering, Maijken Corssen, is uit de door hem nagelaten goederen o.a. toebedeeld een huis bij de Vuilpoort, staande tussen het huis van Quirijn Willemsz. olieslager en dat van Mathijs Geritsz.]

f. 83

Quijrijn Willemsz. [Louff] met de oliemolen     17

Tonis Willemsz. met de oliemolen    17

[ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), akte 2: op 1580 verkoopt Cornelis van Scharlaecken Pietersz. aan zijn neef Thomas de Wit Willemsz. een huis bij de Vuilpoort, staande tussen het huis van Crijn Willemsz. Louff c.s. en dat van Dirck Bastiaensz.]

Dirck Bastiaens.       12

Willem Jan Wittensz. met de oliemolen      15

Cornelis Jansz. brouwer    26

Jan Mathijsz. cruijenijer     12

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 47v: op 8 april 1579 verklaart op verzoek van Jan Matheusz. koekenbakker Marijcken Bartholomeusdr., de vrouw van Pel Aertsz., ongeveer 49 jaar oud, dat zij 18 jaar geleden gedurende vier en een half jaar gewoond heeft bij Frans Anthonisz. Groonenhoven, staande omtrent de Vuilpoort, en dat zij Frans, haar meester, meerdere malen heeft horen zeggen, dat zijn huis aan de zijde van Pieter Fransz. olieslager zijn vrije drop had.]

De weduwe van Pieter Fransz. [olieslager]   10

De weduwe van Jacob Spaen    12

[14 aug. 1574: Joetgen Spaens, weduwe van Jacob Spaen, heeft ter voldoening van de erfenis, die haar schoonzoon, Ogier Philipsz., als man en voogd van Lijsbet Jacobsdr., aangekomen is door overlijden van Jacob Spaen, Lijsbets vader, aan Ogier overgedragen de eigendom van een huis, staande omtrent de Vuilpoort tussen het huis van Balthen Jacobsz. bakker en dat van de erfgenamen van Jan Cleijsz. (ORA Dordrecht inv. 731, f. 27)]

De weduwe van Balten de bakker    11

[28 aug. 1551: Balten Jacopsz. bakker verkoopt Aechgen Jansdr. van de Graef een jaarlijkse losrente van 1 pond Vlaams, verzekerd op een huis, staande bij de Vuilpoort tussen het huis van Deniz Denizsz. en dat van Frans Moelen. (ORA Dordrecht inv. 721, akte 462)]

f. 83v

Tonis Henricxsz. Stoel huurt van Adriaen Adriaensz. om 42 gl.     13-8-12

Ariaen Ariaensz. met de oliemolen en mouterij      19

Jop Cornelisz. wagenmaker    6

Mr. Jan Danilsz.     12

Govert Olifiersz.     12

Haddeman Joosten     12

Henrick Cornelisz. lakenkoper     13

Jan Pietersz. [tapper]  12

f. 84

Cornelis Zegersz. brouwer    14

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 7v: op 7 mei 1578 verkoopt Adriaen Jansz. brouwer aan Cornelis Zegersz. bakker een huis op de westhoek van de Pelserstraat, staande tussen die straat en het huis van Jan Pietersz. tapper. Waarborg: Jop Cornelisz. wagenmaker. De koper is schuldig aan verkoper een somma van 800 gl. Borg: Balthasar Fransz., oudraad in wette van Dordrecht,]

Volcxken [Pietersdr.] die comanster     10

Ariaen Jansz. brouwer, van voren tot achteren      42

[Adriaen Jansz. kocht in 1576 van Syon Lus, tafelhouder van de Bank van Lening, een pand in de Voorstraat bij de Pelserstraat en vestigde er de brouwerij "het Rijpland". Voordat Syon Lus het kocht (1574) was dit huis het zogenaamde Doldiefshuis of Doldeshuis, waarin volgens Lips behalve krankzinnigen en dieven ook zwervers en bedelaars opgesloten werden. Het stond tussen twee huizen aan de oostzijde van de Pelserstraat, reikte tot de oude stadsgracht en had twee bijgebouwen in de Pelserstraat. (Lips. o.c., p. 354-355)

ORA Dordrecht inv. 732, f. 187: op 18 sept. 1576 verkoopt Siond Lus, tafelhouder te Dordrecht, aan Adriaen Jansz., brouwer in "'t Gulden Hooft", een huis genaamd het Doldiefshuis, van voren tot achteren aan de gracht, staande tegenover de Pelserbrug tussen het huis van Volcxgen Pietersdr. comenster en het huis, dat toebehoord heeft aan wijlen Dirck de Joode, "mitsgaders het huijsken daerinne gestelt bij Elias Tack". Waarborg: Jacob Cool. Koper is schuldig aan verkoper een somma van 3300 gl. Borgen: Cornelis Jansz. brouwer en Jop Cornelisz. wagenmaker.

ORA Dordrecht inv. 732, f. 195v: op 9 okt. 1576 verkopen Adriaen Jansz. brouwer voor vier zevende delen, Jop Cornelisz. wagenmaker, als man van Neeltgen Jansdr., voor n zevende deel, Cornelis Jacobsz. visser, als man van Ploentgen Jansdr., voor n zevende deel, en Cornelis Jansz. brouwer, als voogd over de vier weeskinderen van Pouwels Pietersz. molenaar zaliger, voor n zevende deel, allen erfgenamen van wijlen Jan Thielen houthaker, aan Huijch Cornelisz. molenaar een rosmolen in het Suikerstraatje "metten halven put", staande achter het huis van Meus Jansz., strekkende "noertwaert recht tvoorsz. Suijckerstraetgen op totten achtergevel" van het huis van Govert Jansz. olieslager.

ORA Dordrecht inv. 734: op 9 aug. 1578 verkoopt Jannegen Jansdr. aan Adriaen Jansz., brouwer in "t Gulden Hooft" een klein erfje in het Pelserstraatje, gelegen tussen het huis van Jacob Pouterius en het erf van de koper.

ORA Dordrecht inv. 719, f. 137v e.v.: op 5 mei 1590 verkopen Adriaen Jansz., brouwer in "het Rijpland" en Job Cornelisz. wagenmaker, als voogden van de twee weeskinderen van Jan Hermansz. bakker, verwekt bij Bastiaentgen Jansdr., aan Cornelis Engbertsz. zeepzieder een huis, staande omtrent de Pelserbrug aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis van voornoemde Cornelis Engbertsz. en dat van Dirck Govertsz. mandenmaker.]

Reijer Geeritsz. bakker    11

[ORA Dordrecht inv. 732, f. 79 e.v.: op 13 febr. 1576 verkoopt Adriaen de Jode Goodtschalcxsz., voor zichzelf en vervangende de overige erfgenamen van heer Dirck de Jode Adriaensz., aan Dirck Gerritsz. bakker een huis "van voeren tot achter aende gracht toe", staande aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis van Cornelis Egbertsz. zeepzieder en het Doldiefshuis, in welk huis heer Dirck is overleden. Waarborg: Neeltgen de Joede Goodtschalcxdr., weduwe van Cornelis Jacobsz. Ben. Koper is schuldig aan verkopers een somma van 820 gl. Borg: Thijs Dircxsz. schoenmaker. (Zie Gens Nostra april/mei 2009, p. 270 e.v.)]

Cornelis Egbertsz. zeepzieder     14

Jan Hermansz. bakker       7

[ORA Dordrecht inv. 719, f. 137v e.v.: op 5 mei 1590 verkopen Adriaen Jansz., brouwer in "het Rijpland" en Job Cornelisz. wagenmaker, als voogden van de twee weeskinderen van Jan Hermansz. bakker, verwekt bij Bastiaentgen Jansdr., aan Cornelis Engbertsz. zeepzieder een huis, staande omtrent de Pelserbrug aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis van voornoemde Cornelis Engbertsz. en dat van Dirck Govertsz. mandenmaker.]

Jacob Ariaensz. mandenmaker     6

Cornelis 't Jong schoenmaker     14

Jacob Jansz. met de oliemolen     22

Ariaen Jansz. bakker     14

Dingna Wouters     7

Cornelis Sijbertsz. brouwer     42

Pieter Willemsz. bakker      8

Danil Florisz. huurt van Adriaen Back om 42 gl.      13-8-12

Geerit Govertsz. glaessmaecker      12

Pouwels Roecken huurt van Jacob in den Engel om 36 gl.    11-10-4

Ariaen Jansz. lakenkoper     14

f. 85

De weduwe van Ariaen Rijssborch       9

Geerit Allertsz. en Jan Philipsz.     16

[De vijf hierna volgende huizen stonden volgens Jan van de Maas tussen de Botgensstraat en de Kleine Spuistraat. (Dordrechtsche Courant, 22 febr. 1924)]

Adriaen Louff met de oliemolens   20

Ariaen Fransz. [Adriaen Vrancken in de Moises] korenkoper     16

Jacob Dircxsz. Apsou brouwer    28

[Jacob Dirksz. Absou, geboren ca. 1551, van Delft (1574), brouwer te Dordrecht, trouwde NG Dordrecht aug. 1574 met Christina Jan Thomasdr. van Wesel

ORA Dordrecht inv. 1571, f. 20v: op 31 jan. 1579 verklaart Jacob Dircxsz. Absou brouwer schuldig te zijn aan Adriaen Vrancken inden Moises een bedrag van 370 gl. wegens leverantie van mout, verbindende het huis en brouwerij, waarin hij woont, staande aan de Landzijde [Voorstraat] tussen het huis van Cornelis Jansz. inden Both en dat van Adriaen Vrancken. 

ORA Dordrecht inv. 1571, f.48v: op 9 april 1579 verkoopt Jacob Dircxsz. Absou brouwer aan Niclaes Woutersz. van de Borch, als voogd van Anneken Govertsdr., weeskind van wijlen Govert Geeritsz., een jaarlijkse losrente van 6 gl. op zijn huis aan de Landzijde, staande tussen het huis van de erfgenamen van Jacob Adriaensz. brouwer en dat van Lijntgen Pietersdr.

ORA Dordrecht inv. 713, f. 145: op 2 mei 1579 transporteert Jacob Dircxsz. van Absou aan zijn schoonmoeder Maria Jacobsdr. een rentebrief van 19 ponden 11 groten en 12 mijten [1 mite = een derde penning] jaarlijkse losrente, verzekerd op een huis en brouwerij aan de Landzijde, staande het huis van Cornelis Jansz. in de Both en van Adriaen Vrancken.   

ORA Dordrecht inv. 736, f. 289v, akte dd 6 febr. 1582: Jacob Dircxsz. Absou is schuldig aan Niclaes Jansz. van Wesel brouwer en Frans Jansz. van Wesel een somma van 650 gl. wegens geleende penningen, daarvoor verbindende zijn huis en brouwerij aan de Landzijde [Voorstraat], waar uithangt "de Clospoort", staande tussen het huis van Cornelis Jansz. in den Both en dat van Adriaen in den Moijsis.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 577: op 29 juni 1584 legt Jacob Dircxsz. Absou, collecteur van de uitheemse bieren te Dordrecht, ongeveer 33 jaar oud, een verklaring af op verzoek van Jan Henricxsz. Smit, kaaskoper en burger van Amsterdam.

ORA Dordrecht inv. 1580, f. 99: op 2 aug. 1596 verkoopt Jacob Dircxsz. Abswou aan Cornelis Ariensz. Bogaert, koopman te Delft, een jaarlijkse losrente van 5 gl. 8 st. op een huis bij de Kleine Spuistraat, staande tussen het huis van Cornelis Jansz. Capiteijn en dat van Cornelis Servaes.

Kinderen:

a. Anthonia Jacobsdr. Absou, geboren naar schatting ca. 1575, trouwde Blasius van Haerlem

b. Dierick Jacobsz. Absou, gedoopt NG Dordrecht 29 febr. 1580, van Dordrecht (1602), brouwer, trouwde NG Dordrecht 22 dec. 1602/12 febr. 1603 Neelken Pietersdr. van den Honaert, van Dordrecht (1602)

c. Jan en Janette Absou, gedoopt NG Dordrecht juli 1586

d. Christina (Stijnken) Jacobsdr. Absou, gedoopt NG Dordrecht sept. 1591, trouwde Wouter van Wijngerden Pietersz.

e. Jan Absouw, gedoopt NG Dordrecht okt. 1593

(Balen. o.c., p. 1266 e.v.)]

Cornelis Jansz. [in de Both] vaandrig      18

De weduwe van Jan Thomasz. [van Wesel] munter met de "zeperije"     30

[Dit huis stond op de hoek van de Kleine Spuistraat en was genaamd "de Vijgeboom". (Lips, o.c., deel II, p. 352)

I. Thomas van Wesel Cleijsz., trouwde Cristina Pietersdr. (van Slingeland?)

- 31 okt. 1577: (coram Willem Stolck Dirixsz. Stopen) compareren Willem Jansz. Witte, schepen in wette van Dordrecht, als man van Marijcken Thomasdr., Marijcken Fransdr. van Thol, weduwe van Rochus Thomasz. [van Wesel], Marijcken Jacobsdr. [van Telshout], weduwe van Jan Thomasz. [van Wesel] en Geertruijt Pietersdr. [echtgenote van Pieter Jacobsz. de Stercke], voor zichzelf en tevens voor haar kinderen, Laurensken Quirijnen, weduwe van Tomas Pietersz. [de Bije] en Marijcken Cornelis [dochter van Cornelis Hendriksz. van Slingeland], weduwe van Andries Pietersz. [de Bije], voor zichzelf en haar kinderen, allen erfgenamen van wijlen Cristina Pietersdr., die "ten echten man heeft gehadt" Pieter Willemsz. van Overacker de Bije. Zij verlenen procuratie aan Cornelis Willemsz., de zoon van voornoemde Willem Jansz. [Witte] om namens hen te transporteren aan Jan Rutten, burgemeester van Besoijen, de helft van 7 morgen, zowel land als "slijck", liggende aan de Dussen in de "brassaert", genaamd Belinweer, zoals dat land is verkocht aan Pieter Willemsz. van Overacker de Bie zaliger door de dekens van het St. Hubertusgilde te Dordrecht, blijkens de oude brieven daarvan zijnde, voorts brieven van eigendom te passeren etc., alles "naer coustume" van het ambacht Munsterkerk aan de Dussen, waar het land gelegen is. (ONA Dordrecht inv. 712, akte 725, f. 188v) 

Kinderen:

a. Jan Thomasz. van Wesel, volgt II

b. Maria van Wesel Thomasdr., trouwde Willem de Witt Jansz., burgemeester van de Gemeente, van het Gerecht, schepen van Dordrecht

c. Pieter van Wesel Thomasz., trouwde naar schatting ca. 1535 NN de Bye

ORA Dordrecht inv. 728, f. 72: op 26 jan. 1571 verklaart Thomas Pietersz. de Bije schuldig te zijn aan Jan Thomasz. zeepzieder en Willem Jan Wittesz., zijn ooms, Andries Pietersz. de Bije, zijn broer en Geertruijt Pietersdr., weduwe van Jacob Cornelisz. Sterck, zijn zuster, een bedrag van 125 gl. wegens geleende penningen.

d. Rochus van Wesel Thomasz., trouwde Maria van Toll Fransdr.

II. Jan Thomasz. van Wesel, geboren naar schatting ca. 1510, zeepzieder te Dordrecht, overleden in 1577, trouwde Maria Jacobsdr. van Elshout (van Telshout)

- 1585: door de stad Dordrecht lijfrenten voor het jaar 1584 uitbetaald aan Jacob Jan Thomasz., Claes Jan Thomasz., Jan Thomasz. [sic], Frans Jan Thomasz., en Christina Jan Thomasdr., elk 30 schellingen en samen 7 ponden 10 sch. Vlaams, bij kwitantie van hun moeder. (Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 2607, f. 40v)

Kinderen (o.a.; volgorde onzeker):

a. Christina van Wesel Jansdr., trouwde naar schatting ca. 1575 Jacob Dirksz. Absou (zie hierboven, f. 85)

b. Barbara van Wesel Jansdr., geboren ca. 1544, overleden in 1573, trouwde Govert van Beaumont Jansz., brouwer in "de Vier Heemskinderen" te Dordrecht, trouwde 2e NG Dordrecht febr. 1576 Reijnsburg van Slingeland (Ons Voorgeslacht 2006, p. 101)

c. Nicolaes van Wesel Jansz., geboren ca. 1546, schepen (1583), veertigraad (1586) van Dordrecht, trouwde Maria Boot Dominicusdr.

ORA Dordrecht inv. 728, f. 17 e.v.: op 28 okt. 1570 verkoopt Jacob Croeswijck Cornelisz. aan Nicolaes Jansz. van Wesel 1/7 deel van een huis aan de Poortzijde omtrent de Vogelmarkt [Groenmarkt], genaamd "Keijserrijck", staande tussen het huis van Govert Aertsz. vleeshouwer en dat van Magdalena Adriaensdr.

31 okt. 1570: Nicolaes Jansz. van Wesel verklaart, dat hij in mindering van de koopsom van het huis etc. genaamd "Keijserrijck", dat hij heeft gekocht van de erfgenamen van Cornelis Croeswijck Jansz., o.a. aan Jan Croeswijck Cornelisz. overgedragen heeft een rentebrief van 6 gl. 10 st. 15 penn. jaarlijks, welke Jan Croeswijck aanbedeeld is bij de vertichting, die is gemaakt tussen de erfgenamen van Cornelis Croeswijck Jansz. op 9 nov. 1566. (ORA Dordrecht inv. 728, f. 21 e.v.)

ORA Dordrecht inv. 728, f. 24v e.v.: op 31 okt. 1570 verkopen Jan Croeswijck Cornelisz., voor zichzelf, en Aert Pietersz. als man van Emmechen Croeswijck Cornelisdr., samen tevens vervangende Cornelia Croeswijck Cornelisdr., weduwe van Nicolaes Euwoutsz., en Cornelis Croeswijck Cornelisz., alsmede de weeskinderen van wijlen Digna Croeswijck Cornelisdr., aan Nicolaes Jansz. van Wesel, 5 [bedoeld is 5/7] delen van een huis, erf en "spijker", genaamd "Keijserrijck", staande aan de Poortzijde omtrent de Vogelmarkt tussen het huis van Magdalena Adriaensdr. en dat van Govert Aertsz. vleeshouwer. Waarborgen: Jan Croeswijck Cornelisz. en Aert Pietersz. De koper is wegens de koop van dit huis schuldig aan de voornoemde erfgenamen van Cornelis Croeswijck Jansz. een somma van 600 gl. Borgen: Jan Thomasz. van Wesel en Govert van Beaumont Jansz. brouwer.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 434: op 24 mrt. 1584 verklaren op verzoek van Huijbrecht Sanders Niclaes Jansz. van Wesel, schepen in wette van Dordrecht, ongeveer 38 jaar en Cornelis Engbrechtsz. ziepzieder, ongeveer 47 jaar oud, burger van Dordrecht , dat zij ongeveer 14 dagen tevoren, na het overlijden van Aeltgen Thomasdr., in haar huis in de Spuistraat zijn geweest, waar mede aanwezig waren de rekwirant en Franchois de Buijlere de Jonge, die daar in aanwezigheid van Huijbert Balis schoolmeester zekere boedel genventariseerd hebben.

d. Frans Jansz. van Wesel

ORA Dordrecht inv. 1571, f. 53v e.v.: op 29 april 1579 transporteert Frans Jansz. van Wesel aan Euwout Willigen, Quirijn van de Grave en Dirck Paijenborch, als voogden van Jan Geeritsz. Craen, weeskind van wijlen Geerit Jansz. Craen, verwekt bij Anna Jansdr., een rentebrief van 12 gl. jaarlijks, verleden door Geerit Jansz. Bornwater en een rentebrief van 1 pond Vlaams, verleden door Geerit Jansz. Vlan, beide hem, Frans, aangekomen bij overlijden van zijn vader, Jan Thomasz

e. Jacob Jansz. (van Wesel), olieslager te Dordrecht, trouwde 1e Lijntgen Jacobsdr., overleden vr 2 april 1569, dochter van Jacob Cornelisz. in den Block en NN, 2e Cornelia (Neeltken) Jacobsdr. Cotermans (zie pagina Doopsgezinde Huwelijken op deze website)

- 2 april 1569: scheiding tussen Jacob Jansz., weduwnaar van Lijntgen Jacobsdr., enerzijds en Jacob Cornelisz. in den Block, oudraad in wette van Dordrecht, als grootvader en voogd van Cornelis Jacobz., n jaar oud, nagelaten weeskind van Jacob Jansz. en Lijntgen Jacobsdr., anderzijds, van de goederen, die door Lijntgen zijn nagelaten. De weduwnaar krijgt o.a. de helft van een huis, genaamd "die Drie Roesen", met oliemolen, huisjes en andere toebehoren, staande omtrent de Vuilpoort, in welk huis hij woont en dat hem, toen hij met Lijntgen trouwde, ten huwelijk is gegeven door zijn vader en moeder, Jan Thomasz. en Marichgen Jacobsdr. De grootvader krijgt t.b.v. het weeskind de andere helft van genoemd huis en toebehoren, alsmede een rentebrief van 100 gl. jaarlijkse losrente, sprekende op de stad Dordrecht, die hij zijn dochter bij het aangaan van haar huwelijk gegeven heeft. (ORA Dordrecht inv. 727, akte 180)

- 25 juli 1620: compareert Thomas Jacobsz. Cotermans, als man van Mariken Tijssen, die eerder getrouwd was met Cornelis Jacobsz., zoon van Jacob Jansz. van Wesel, als verkregen hebbende bij de verdeling van goederen tussen Lijnken Jacobsdr. en Jacob Cornelisz. de eigendom van een rente van 6 ponden Vlaams, en verklaart, dat hij uit handen van Dirck Dircksz., brouwer te Breda, ontvangen heeft het kapitaal van deze rente met de verlopen interest. (ORA Dordrecht inv. 727, in de marge van akte 180)

Kind:

e-1. Cornelis Jacobsz., geboren ca. 1568, trouwde Mariken Tijssen, trouwde 2e Thomas Jacobsz. Cotermans

(Zie Balen o.c., deel II, p. 1264 e.v.)]

De erfgenamen in "den Tuijmelaer"      8

[ORA Dordrecht inv. 1538 (nieuw), akte 534: op 23 mei 1561 verkoopt Jacob Jacobsz. schiptimmerman aan Cornelia Jansdr. een vierde deel van een huis, genaamd "den Tumelaer", staande aan de Landzijde tussen 's herenstraat [Kleine Spuistraat] en het huis van de weduwe van Gerrit Willemsz.]

Cornelis Aertsz. bakker, is muntenaar     vrij

f. 85

Jan Jansz.      4

[ORA Dordrecht inv. 735, f. 52 e.v.: op 22 april 1579 verkoopt Dirck Thonisz., als man van Aerjaentgen Jacob Melssendr. aan Jan Jansz. schoenlapper een huis aan de Landzijde [Voorstraat] op het Spui, staande tussen het huis van Cornelis Aertsz. bakker en dat van Thonis Cornelisz. schoenmaker. Waarborg: Adriaen Dircxsz. Droochgen. Koper is schuldig 49 ponden 10 sch. groten Vlaams. Borg: Simon Claesz. schipper.]

Tonis Cornelisz. schoenmaker    6

Jan Jansz. chirurgijn       7

Adriaen Joachimsz. huurt van Jan Dircxsz. om 48 gl.       15-6-12

Laurens Joosten bakker      12

[ORA Dordrecht inv. 714, f. 336: op 19 juni 1582 verkoopt Aechge Govertsdr., weduwe van Cornelis Cornelisz. Wor, aan haar zwager [= schoonzoon] Laurens Joostensz. een huis bij de Spuistraat, staande tussen het huis van Jan Dircxsz. en het huis "de Bijlen". De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 700 gl. Borgen: Frans en Cornelis Pietersz. Op 17 mrt. 1612 verklaren Jan Sibertsz. Wor en Cornelis Cornelisz. Wor, erfgenamen van Aechge Govertsdr., dat de schuld volledig is voldaan.] 

Claes Engbertsz. in de Bijlen   10

Jan Croosswijck Cornelisz.     12

De weduwe van Henrick in den Harinck     14

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 46v: op 7 april 1579 verklaart Adriaen Henricxsz. in de Harinck, burger van Dordrecht, dat hij als "factoor" van Michiel Smit, koopman van Londen, op 3 april 1579 ontvangen heeft uit het schip van Huijbrecht Jacobsz. van Antwerpen 64 "pinsoenen seroop", waarvan door Thimothe Boudwijns Engelsman een vierde deel geleverd is aan de koekenbakkers van Dordrecht en Delft.]

Cornelis Pietersz. van Schaerlaecken     24

[ORA Dordrecht inv. 1534 (nieuw), akte 248: op 19 febr. 1552 verkoopt Cornelis Pietersz. aan Saris van Slingelant Ottesz. een jaarlijkse losrente van 2 Vlaamse ponden, verzekerd op het huis, waarin hij woont, genaamd "den Groete Molensteen", staande aan de Landzijde [Voorstraat] tegenover de Lombardbrug tussen het huis van Coenraert Scrijver Adriaensz. en dat van Heijnrick Adriaensz. in de Haringh.]

f. 86

De weduwe van Coenraet Scrijver    11

Steven Nijsz. brouwer     32

[ORA Dordrecht inv. 703, f. 142 e.v.: op 14 april 1562 comp. voor schepenen van Dordrecht Cornelis Pietersz., als man en voogd van Sijcken [Lucia] Nijssen, Adriaen Nijssen, Willem Nijssen, Steven Nijssen en Cornelis Nijssen, allen erfgenamen van wijlen Dionijs Jansz. en Lijnken Nijssen, hun ouders.

ORA Dordrecht inv. 703, f. 230, akte dd 3 juli 1562: Cornelis Nijssen stelt zich borg voor zijn oom Jacob Claesz. Braet.

ORA Dordrecht inv. 1570 (nieuw), f. 150 e.v.: op 28 okt. 1578 verkopen Steven Dionijsz., voor drie vierde parten, en Cornelis Dionijsz., voor een vierde part, aan Adriaen Louff Adriaensz., als grootvader en voogd van Jacobmina Jansdr., onmondig kind van wijlen Jan Bartholomeusz., verwekt bij Jaepgen Arien Louffendr., een jaarlijkse losrente van 4 Vlaamse ponden, verzekerd op een huis en brouwerij, staande tussen de Lombardstraat en het huis van de comparanten, alsmede een jaarlijkse losrente van 2 Vlaamse ponden, verzekerd op een huis, staande omtrent de Lombardstraat tussen het huis van Steven Dionijsz. en dat van Pieter Jacobsz. van Bemont.

ORA Dordrecht inv. 737, f., akte dd 5 okt. 1583: Steven Dionijsz. en zijn broer Cornelis Dionijsz. zijn eigenaars van een brouwerij en woning in de Lombardstraat.

ORA Dordrecht inv. 738, f. 310v, akte dd 4 jan. 1586: Steven Dionijsz., tollenaar te Gorinchem, verkoopt aan zijn broer Willem Dionijsz. en diens kinderen, verwekt bij Neeltgen Jansdr., een jaarlijkse losrente van 4 ponden groten Vlaams, verzekerd op 3/4 parten van een huis en brouwerij op de hoek van de Lombardstraat, belend door die straat aan de ene zijde en het huis van Steven Dionijsz. en zijn broer Cornelis Nijssen aan de andere zijde en bovendien verzekerd op 3/4 parten van een huis, staande tussen voornoemde brouwerij en het huis van Adriaen Henricxsz. in de Haring.

ORA Dordrecht inv. 717, f. 14 okt. 1586: Boudewijn Conincx, huidige brouwer in "de Drie Witte Lelin" te Dordrecht, verzoekt in aanwezigheid van schepenen van Dordrecht aan Steven Dionijsz., tollenaar te Gorinchem, dat die hem onmiddellijk de brouwerij "de Witte Lelin" zal leveren, met alle daarbij horende gereedschappen e.d., overeenkomstig hetgeen is bepaald in de huurceel en inventaris, die tussen hem, comparant, en Steven zijn gemaakt. Steven antwoordt, dat hij de vorige huurder, Pieter Cornelisz., "met rechte daertoe zal porren dat dzelffde brouwerije eerstdaechs ... bijden zelven Pieter Cornelisz. gelevert zal werden".

ORA Dordrecht inv. 739, f. 256v, akte dd 6 okt. 1587: Dirck Stoop Gerbrantsz. is borg voor Bouduwijn [Gijsbertsz.] Coninck, brouwer te Dordrecht, die 1984 gl. schuldig is aan Steven Dionijsz., tollenaar te Gorinchem, wegens de koop van een huis op de Kleine Vismarkt, staande op de hoek van de Lombardstraat en het huis daarnaast.

ORA Dordrecht inv. 739, f. 257, akte dd 6 okt. 1587: Dirck Stoop Gerbrantsz. is borg voor Bouduwijn Gijsbertsz. [Coninck], die 256 gl. schuldig is aan Cornelis Jansz. vaandrig, als voogd van de weeskinderen van Neeltgen Jansdr., verwekt door Willem Dionijsz. en 134 gl. aan Jaepgen Jan int Voskendr., voor zoveel de weeskinderen aangaat ter voldoening van zekere schepenenschuldbrief, die door Steven Dionijsz. op 6 juli 1585 is gepasseerd voor schepenen van Dordrecht ten behoeve van zijn broer Willem Dionijsz.]

Pieter Jacobsz. van Bemont      14

Pieter Pietersz. lakenkoper    13

Henrick van Baerl     10

Jan Dircxsz. korenkoper    16

Ariaen Jansz. bakker     9

Dirck Dircxsz. brouwer    32

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 22v: op 6 febr. 1579 stelt Dirck Dirckz. brouwer zich borg voor Pieter Claesz. van Haerlem voor zodanig recht als Claes Woutersz. van de Borch "pretenderende is hem op ten zelven te competeren".]

Jan Jansz. Pot kramer     12

[ORA Dordrecht inv. 736, f. 443 e.v.: op 7 mrt. 1583 verkoopt Jan Pietersz. Dorpman aan Pieter Pouwelsz. Both een huis op de Kleine Vismarkt [Voorstraat tussen Stadhuis en Visbrug], genaamd "de Gulden Plouch", staande tussen het huis en brouwerij van Dirck Dircxsz. en het huis van Anneken de hekelster.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 270: op 21 nov. 1583 verkoopt Pouwels Joosten aan Franchois van de Berge een huis, genaamd "den Plouch", staande op de Kleine Vismarkt tussen het huis en de brouwerij van Dirck Dircxsz. en het huis van Anneken de hekelster. Waarborg: Franck Ghijsbertsz. in Altena. Koper kent schuldig een bedrag van 1191 Rijnse gl. Borg: Aert Maertensz.]

f. 86v

Janneken Andries hekelster    4

Jan Thonisz. in den Bruijnvisch   12

De weduwe van Claes Mon    7

Jan Pietersz. van den Burch huurt een huis en brouwerij van de weduwe van Goodschalck Ariaensz. om 116 gl.     37-2-6

Jan Ariaensz. bakker     9

Henrick [Gillisz.] de mandenmaker    7

[ORA Dordrecht inv. 1531 (nieuw), akte 5: op 22 juni 1546 verkoopt Arie Cornelisz. schrijnwerker aan Aeltgen Pietersdr. van Caem, vrouw van Jan Baers olieslager, een jaarlijkse losrente van 6 gl. op een huis, genaamd "Volckerack", staande op de Vismarkt tussen het huis van Jan Jansz. viskoper en dat van Jan Munter. Borg: Jan Jansz. viskoper.

ORA Dordrecht inv. 734, f. 141v: op 13 okt. 1578 verkopen Geerit Jordaensz., als man van Marijcken Jacobsdr. en Geerit Jansz. glaesmaker, als man van Grietgen Jacobsdr., aan Reijer Adriaensz. viskoper de helft van een huis genaamd "Volckerack", staande op de Kleine Vismarkt tussen het huis van Mels Ghijsbertsz. kaaskoper en dat van Jan Adriaensz. bakker. Waarborgen: Jorden Dircxsz. [de Haen, bakker] en Adriaen Jansz. steenhouwer, elk voor een vierde part. De koper is schuldig aan Geerit Jordensz. een somma van 349 gl. Borgen: Jan van Wels en Willem Willemsz. kruidenier.

ORA Dordrecht inv. 713, f. 52v: op 23 okt. 1578 verkoopt Reijer Adriaensz. viskoper aan Henrick Gillisz. mandenmaker een huis, genaamd "Volckerack", staande op de Kleine Vismarkt tussen het huis van Mels Ghijsbertsz. kaaskoper en dat van Jan Adriaensz. bakker. Waarborgen: Adriaen Jansz. Cant en Willem Willemsz. De koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 718 gl. Borg: Anthonis Anthonisz. vaandrig.

Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965, f. 207v: Henrick de mandenmaker betaalt in de verponding van 1594 voor zijn huis in de Voorstraat 7 ponden 10 sch. Belenders: Jan Ariaensz. bakker en Jan Huijmansz. in den Salm, die huurt van de Viskopers.

ORA Dordrecht inv. 743, f. 291: op 5 april 1595 verkoopt Henrick Gillisz. mandenmaker aan Pieter Cornelisz., burger van Dordrecht, een jaarlijkse losrente van twee Vlaamse ponden, verzekerd op een huis, genaamd "Volckerack", staande op de Vismarkt tussen het huis van Jan Ariensz. bakker en dat van de weduwe van Mels Ghijsbrechtsz.]

Mels Ghijssbertsz. comen    12

[ORA Dordrecht inv. 1529 (nieuw), akte 123: op 18 aug. 1543 verkoopt Jan Reijersz. "excijsenaer", voor zichzelf en als voogd van zijn zuster Stijntgen Reijersdr., en Bartout Thonisz., elk voor een derde deel, aan Jan Jansz. viskoper een huis op de Vismarkt, genaamd "den Gulden Helm", staande tussen het huis van Jan Halincx en het Gildehuis van de Viskopers.

ORA Dordrecht inv. 1547, f. 85v e.v.: op 27 mrt. 1576 verkopen Lubbert Revertsz. voor een derde part, Henrick Jansz. wijnkoper, als man van Pieterken Revertsdr., voor een derde part, en Jan van Teijlingen, als man van Janneken Revertsdr., voor een derde part, erfgenamen van Revert Ludtbertsz., aan Mels Ghijsbertsz. uit Sliedrecht een huis op de Grote Vismarkt, genaamd "den Helm", staande tussen het huis van de Viskopers, genaamd "den Salm", en het huis van de erfgenamen van Adriaen Cornelisz. schrijnwerker.]

Huijman Augustijnsz. huurt van de dekens van de Viskopers om 48 gl.    15-6-12

[Dit is het huis van het Viskopersgilde, genaamd "de Zalm".

Verponding 1594: Jan Huijmansz. in den Salm huurt van de Viskopers: 18-10, belenders: Henrick de mandenmaker en de weduwe van Mels Ghijsbertsz., Voorstraat landzijde tussen Vuilpoort en Tolbrug (archief 3 inv. 3965, f. 207v)

Verponding 1608: Cornelis Pietersz. Lith huurt van de dekens van de Viskopers: 18-15, belenders: de weduwe van Mels Gijsbertsz. en Willem Ariaensz. bakker, Voorstraat landzijde tussen Vuilpoort en Tolbrug (archief 3, inv. 3967, f. 208 e.v.)

Verponding 1619: Jan Joosten viskoper "int Viscoop gilt": 18-15, belenders: Mels Ghijsbertsz. coemen en Willem Ariaensz. bakker, Voorstraat landzijde tussen Vuilpoort en Tolbrug (archief 3 inv. 3968, f. 215v)

Verponding 1626: Adriaen Roelen beenhakker: 18-15, belenders: Arent van [der] Hagen en de weduwe van Willem Ariensz. bakker, Voorstraat tussen Vuilpoort en Tolbrug (archief 3 inv. 3970, f. 165)

Verponding 1633: Adriaen Roelen in het Viskopershuis: 18-15, belenders Arent van der Hagen lakenkoper en de weduwe van Willem Adriaensz. lakenkoopster (archief 3 inv. 3971, f. 242v)]

f. 86v

Pouwels Joosten [Both] viskoper     16

[ORA Dordrecht inv. 710, f. 296v e.v.: op 19 mei 1575 verkopen Willem Jordensz. [de Haan] en Adriaen Jacobsz. [de Veer], voor zichzelf en tevens vervangende hun zwager Adriaen Cornelisz. [Vingeroff] en de weeskinderen van wijlen Cornelis Henricxsz. [Vingeroff], verwekt bij Aeltgen Claesdr., aan Pauwels Joosz. viskoper een huis aan de Landzijde op de hoek van de Botgenssteiger, staande tussen het huis van de erfgenamen van Cornelis Corsz. schoenmaker en de Botgenssteiger. Waarborgen: Jorden Diericxsz. [de Haan] bakker en Cornelis Danckertsz. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 500 gl.

ORA Dordrecht inv. 714, f. 59v e.v.: op 2 mei 1580 verkoopt Marijken Jansdr., weduwe van Huijbert Thomasz., aan Pouwels Joesten Both viskoper een huis, genaamd "die Grote Merminne", staande op de Kleine Vismarkt tussen het huis van Anthoenis Philipsz. en het huis, dat toebehoort aan het Gilde van de Viskopers, genaamd "den Salm", en een huis, staande achter het voorgaande huis in de Visstraat tussen het huis van de verkoopster en het huis van Remmit Jacobsz. Waarborg: Oeloff Jansz. smid. De koper is schuldig aan verkoopster een somma van 1350 gl. Borg: Frans Ghijsbrecthsz. in Althena. 

ORA Dordrecht inv. 736, f. 443: op 7 mrt. 1583 verkoopt Pouwels Joosten Bot viskoper aan Jan Pietersz. Dorpman viskoper een huis, genaamd "die Groote Meerminne", staande op de Kleine Vismarkt tussen het huis van Anthonis Philipsz. bakker en het huis, dat toebehoort aan het Viskopersgilde, genaamd "die Zalm", en een huis in de Visstraat, staande achter het voornoemde huis tussen dat van de weduwe en erfgenamen van Huijbert Thomasz. en het huis van de vrouw van Remmit Jacobsz. Waarborgen: Frans Gijsbertsz. in Altena en Willem Ariensz. muntenaar. Koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 1475 gl. en 7 st. Borgen: Jacob Simonsz. de Oude en Pieter IJsbrantsz. koperslager.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 381 e.v.: op 25 febr. 1584 verkopen Jan Pietersz. Dorpman voor de ene helft en Jacob Simonsz. de Oude voor de andere helft aan Jan van Gent lakenkoper een huis op de Grote [sic] Vismarkt, genaamd "de Gulde Meermin", staande tussen het huis van Anthonis Philipsz. bakker en het huis, genaamd "den Salm", "welverstaende dat het cleijn huijs daer achter aen comende in de Visschstraet met het plaetsken, streckende van het cosijn van het voorsz. cleijn huijs aff recht viercant vuijt tot de pijp vande privaets toe, blijft in vrijen eijgendomme aende vercopers." Koper kent schuldig aan Jan Pietersz. Dorpman 1117 Rijnse gl. en 10 st. en aan Jacob Simonsz. 1117 Rijnse gl. Borg: Jan Adriaensz. bakker.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 486-487, akte dd 3 mei 1584: Jan van Gent lakenkoper wonende Dordrecht is schuldig aan Jacob Simonsz. de Oude wegens koop van de helft van een huis, erf en toebehoren, staande op de Grote Vismarkt, genaamd de Gulden Meermin, staande tussen het huis van Anthonis Philipsz. bakker en het huis genaamd "de Zalm", de somma van 150 gl. van 20 stuivers het stuk. Hij heeft ook op zich genomen aan Pouwels Joosten viskoper als zijn eigen schuld te betalen een somma van 1475 Rijnse gulden, die Jacob Simonsz. en Jan Pietersz. Dorpman wegens de koop van het genoemde huis nog schuldig zijn aan Pouwels Joosten.]

Tonis Philipsz. bakker     12

Ariaen Cornelisz. Roerom [hopkoper]    14

[ORA Dordrecht inv. 734, f. 104: op 27 aug. 1578 verleent Cornelis Aertsz. procuratie ad recipienda debita aan zijn schoonzoon, Adriaen Cornelisz. Roerom, wonende in "de Steur".

ORA Dordrecht inv. 734, f. 141v: op 14 okt. 1578 verklaart Adriaen Cornelisz. Roerom, burger van Dordrecht, dat hij zich dagelijks is "generende met de coopmansch[app]e van hoppe".

ORA Dordrecht inv. 736, f. 183v e.v., akte dd 25 mei 1581: verklaring op verzoek van Thimothe Boudwijnsz. en Mels Backhuijs, kooplieden [van Londen: cf. ORA Dordrecht inv. 736, f. 182v, akte dd 24 mei 1581] uit Engeland, door Hans Graeff, ongeveer 39 jaar oud, Adriaen Cornelisz. Roerom, ongeveer 39 jaar oud, en Anthoni van Osch, ongeveer 34 jaar oud, allen hopkopers en inwoners van Dordrecht.

1594: de stad Dordrecht betaalt 6 gl. aan Adriaen Cornelisz. Roerom, "die een nijeuw huijs staende opte Nijeuwhaven getimmert heeft op een erff daer noijt huijs gestaen heeft ende tselve gedeckt met coeverdack [bepaald soort leien dak] houdende zes Roeden volgende de metinge daervan bij Anthonis Janssen Verelst gesworen reetrecker binnen deser Stede gedaen diemen hier met quitantie van Adriaen Cornelisz. overlevert (Stadsarchief Dordrecht inv. 2615).]

Het Sacramentsgasthuis [in de Visstraat]

Het Sacramentsgasthuis (getekend door J. Rutten ca. 1830). De gevelsteen boven de ingang is bewaard gebleven en bevindt zich thans in het Albert Schweitzer Ziekenhuis bij de Karel Lotsyweg.


De gevelsteen van het Sacramentsgasthuis (foto: A.B. den Haan, 2013)

Mels Henricxsz. schoenmaker huurt van Willem Abelsz. [bakker] om 30 gl.      9-12

[ORA Dordrecht inv. 715, f. 113v: op 10 okt. 1583 verkopen Jaeptien Roeckendr., weduwe van Aert Aertsz. bakker, voor de ene helft, en Willem Abelsz. bakker, voor zichzelf, en Pieter Nan Aertsz., als man van Neeltgen Abelsdr., voor de andere helft, aan Melchior Henricksz. schoenmaker een huis aan de Landzijde [Voorstraat], staande tussen de kerk van het Sacramentsgasthuis en het huis van Danil Danilsz. schiptimmerman. De koper is schuldig aan verkopers .... [sic], te betalen met 100 Rijnse gl. jaarlijks.] 

Danil Danilsz. [schiptimmerman] huurt van Magdalena Ariaensdr. om 16 gl.    5-2-6

Ariaen Ghijssbertsz. huurt van mr. Jan Mes om 16 gl.     5-2-6

Lievijn Verheij hoemaecker    5

Goossen Geeritsz. viskoper    7

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 24v: op 11 febr. 1579 verklaart op verzoek van Goossen Geeritsz. viskoper c.s., erfgenamen van Geerit de Colster, Jacob Willemsz. glasmaker, ongeveer 60 jaar oud, dat circa 12 of 13 jaar geleden de vader van de rekwirant, Geerit Claesz., en diens vrouw Bastiana, geleend hebben aan wijlen Simon Fransz. een somma van 13 gl., waamee Simon gereisd is naar Antwerpen om zijn zoon, Jacob Simonsz., aldaar te besteden bij een goede meester om het vak van schilder te leren. Stijntgen Willemsdr., de zuster van de deposant en echtgenote van Simon Fransz., heeft nooit eerder geweten van die lening dan na het overlijden van haar man. Geerit Claesz. heeft het voornoemde geldbedrag na het overlijden van Stijntgen Willemsdr. opgeisd van Lijsbeth Pietersdr., de weduwe van Jacob Simonsz., en van hem, Jacob Willemsz., als voogd van de andere kinderen van Simon Fransz. Jacob Willemsz heeft Gerrit Claesz. beloofd het geld te betalen van de opbrengst van de schoppen, die op de zolder waren blijven staan. Die schoppen zijn echter verkocht door een zekere Damas Ariensz. en de opbrengst daarvan heeft Damas overgedragen aan Lijsbeth Pietersdr., die het geld heeft verzwegen en achtergehouden.]

f. 87v

Cornelis Claesz. hoemaecker    7-13-8

Ariaen Boon     4-10

Michiel Gelpert lakenkoper    12

Damas Aertsz. huurt van Geerit Fransz. om 60 gl.       19-4

De weduwe van Cornelis Rochusz.      6

Het huis van Quijrijn Sieren  [schipper]    8

[ORA Dordrecht inv. 727, akte 526: op 10 aug. 1569 verklaart Elisabeth Quirijen Zierendr., dat haar oom Frans Corstiaensz. rekening gedaan heeft van het beheer, dat hij heeft gehad over de goederen, die zij heeft gerfd van haar moeder, Cleijsken Corssendr.
 
ORA Dordrecht inv. 728, f. 159: op 6 mei 1571 stelt Quirijn Sieren, schipper en poorter van Dordrecht, zich borg voor Barthout Barthoutsz., als "geordonneerde" voogd van Jacob Pietersz., voor het beheer, welke Barthout heeft over de goederen van Jacob Pietersz.]

Geerit Fransz. lakenkoper      14

Lievijn Lievijnsz. huurt van de weduwe van Jan Jansz. om 18 gl.    5-15-2

De weduwe van Jan de maeldrijer      5-12

f. 88

Wouter Jansz. bakker      7

Baerthout Baerthoutsz. [kruidenier]   9

[Barthout Barthoutsz., geboren ca. 1538 (?), overleden tussen 31 mei 1602 en 6 juni 1602, trouwde 1e Neeltgen Jacobsdr., geboren ca. 1522, overleden vr 4 okt. 1591, 2e Trijnken Willemsdr.

2 mei 1569: verklaring op verzoek van Cornelis Heijmansz. kuiper door Pieter Jansz. kuiper, 44 jaar oud, en Barthout Barthoutsz., 31 jaar oud. (ORA Dordrecht inv. 727, akte 243)

18 nov. 1570: compareren voor schepenen van Dordrecht Pieter Matheusz. schipper, als voogd van Digna Pietersdr., "innocent zijnde", en nog als voogd over haar kinderen Pieter Willemz., Aeriaentgen Willlemsdr., Jacob Willemsz. en Jan Willemsz., alsmede Floris Willemsz. en Cornelis Willemsz., voor zichzelf en tevens vervangende Cornelis Cornelisz. Mosselman, als man van Marijken Willlemsdr., Soetgen Gerritsdr., weduwe van Baltasar alias Coel van Sinnen, als grootmoeder en voogdes van Jasper Cornelisz., nagelaten weeskind van wijlen Swaenken Willemsdr., Sebastiaen Jacob Gerritsz., namens zijn moeder, Aeriaentgen Jansdr., en nog als procuratie hebbende van Katelijn Henrick Pietersdr., gepasseerd op 16 nov. 1570, en tevens procuratie hebbende van Adriana Willemsdr., gepasseerd op 20 mei 1569, Barthout Barthoutsz., voor zichzelf en tevens vervangende zijn broer, Claes Barthoutsz., Job Jacobsz., als voogd van de nagelaten weeskinderen van wijlen Lijsken Barthoutsdr., Floris Barthoutsz., voor zichzelf, Jan Aelbrechtsz., als man van Janneken Barthoutsdr., en Henrick Henricxsz., als man van Marijken Barthoutsdr., allen erfgenamen van wijlen Aeriaentgen Pietersdr. De comparanten verklaren volledig voldaan en betaald te zijn door mr. Pieter Aertsz. Dussenus van de helft van een schepenenschuldbrief, sprekende op Cornelis Aertsz. kuiper en inhoudende 33 Vlaamse ponden, en van alle overige goederen, die hun zijn aangekomen bij overlijden van Aeriaentgen Pietersdr. (ORA Dordrecht inv 709, f. 135v e.v.)

22 nov. 1570: op verzoek van Lijn Clooten verklaart Neeltgen Jacobsdr., echtgenote van Barthout Barthoutsz., 48 jaar oud, dat zij ongeveer 9 of 10 jaar geleden aan Cornelis Bouwensz. schipper, de zoon van Lijn Clooten, geleend heeft een somma van 10 Vlaamse ponden, en dat Cornelis haar als onderpand daarvoor gegeven heeft twee "mans tabberts", drie "paltrocken", een "casack" en twee wambuizen. (ORA Dordrecht inv. 709, akte 448) 

ORA Dordrecht inv. 728, f. 159: op 6 mei 1571 stelt Quirijn Sieren, schipper en poorter van Dordrecht, zich borg voor Barthout Barthoutsz., als "geordonneerde" voogd van Jacob Pietersz., voor het beheer, welke Barthout heeft over de goederen van Jacob Pietersz.

20 juni 1571: Digna Woutersdr. transporteert aan Barthout Barthoutsz., die door het Gerecht van Dordrecht is aangesteld tot voogd over Jacob Pietersz. [doorgehaald: weeskind van wijlen Pieter Jacobsz.], een rentebrief van 4 gl. 10 st. (ORA Dordrecht inv. 709, akte 738)

5 sept. 1571: Barthout Barthoutsz., door het Gerecht van Dordrecht aangesteld tot voogd over Jacob Pietersz., 17 jaar oud, verklaart, dat hij van Digna Woutersdr., die het vruchtgebruik heeft gehad van de goederen, die zijn nagelaten door Egmont Mathijsz. Bemminck, heeft ontvangen een somma van 18 Vlaamse ponden, een rentebrief van 4 gl. 10 st. jaarlijkse losrente, sprekende op Adriaen Adriaensz., bakker te Rotterdam, en twee obligaties van 20 Vlaamse ponden, sprekende op Jan Bemminck, en dat zij hem, Barthout, rekening gedaan heeft van het beheer, dat Egmont Mathijsz. gehad heeft over de goederen van voornoemde Jacob Pietersz. (ORA Dordrecht inv. 709, akte 841)

23 sept. 1571: Margriete Ockersdr., weduwe van Herman Jansz. viskoper, verkoopt aan Barthout Barthoutsz., als voogd over Jacob Pietersz., onmondig weeskind van wijlen Pieter Jacobsz., een jaarlijkse losrente van 8 gl., verzekerd op een huis aan de Poortzijde, staande tussen het huis van Neelken Thomasdr. en de Halsteiger [een sinds 1671 niet meer bestaande steiger aan de zuidwestzijde van de grote Hal, het latere stadhuis]. Borg: Jan Claesz. schipper, die voor deze borgtocht als onderpand stelt zijn huis aan de stadsvest bij de Botgenspoort. (ORA Dordrecht inv. 709, akte 896)

4 okt. 1591: Laurens Jansz. Robos apotheker, als man van Grietgen Jacobsdr., en Gerit Cornelisz. van Zierikzee, als man van Neeltgen Aertsdr., enige dochter en erfgename van Ariaentgen Jacobsdr., erfgenamen van wijlen Neeltgen Jacobsdr., verklaren betaald te zijn vanwege haar erfenis door haar weduwnaar Barthout Barthoutsz. kruidenier. (ORA Dordrecht inv. 741, f. 311v)

31 mei 1602: testament van Barthout Barthoutsz. kruidenier, ziek te bed liggende. De testateur wenst, dat de goederen, die hij zal nalaten, alsmede de goederen, die hij van zijn vrouw heeft gerfd, zullen vererven op de wijze, die hij met zijn vrouw heeft vastgelegd  in hun gezamelijk testament, dat zij hebben gepasseerd voor notaris Bartholomeus van de Corput op 21 nov. 1594, t.w. de ene helft aan zijn erfgenamen ab intestato en de wederhelft aan zijn vrouws erfgenamen. Hij wil, dat de 6 gl., die hij heeft gelegateerd aan zijn dienstbode Anneken, na haar overlijden zullen vererven op het Sacramentsgasthuis te Dordrecht. Tot executeurs-testamentair benoemt hij zijn broer, mr. Niclaes Barthoutsz., en Jacob Spaen, licentiaat in de rechten. Gedaan ten huize van de testateur, staande op de hoek van de Vriesestraat, in aanwezigheid van Gerit Danilsz. kruidenier en Cornelis Struijs, kannenkoper, beide burgers van Dordrecht, als getuigen. (ONA Dordrecht inv. 4, f. 3 e.v.)

6 juni 1602: inventaris van alle goederen, die zijn nagelaten door Barthout Barthoutsz., opgemaakt door W. van den Brouck, notaris te Dordrecht, op verzoek van de erfgenamen van Barthout Barthoutsz. en Trijnken Willemsdr. Tot de boedel behoort o.a. een huis op de hoek van de Vriesestraat. Op f. 146v van de inventaris staat: "den gemeen[en] boedel is schuldich aen mr. Claes Barthoutsz., den broeder vanden voorsz. Barthout Barthoutsz. de somme van hondert gul." (ONA Dordrecht inv. 3, f. 145 e.v.)

6 nov. 1602: mr. Niclaes Barthoutsz. en Geerit Jobpen, als erfgenamen van Barthout Barthoutsz., en Bartholomeus Willemsz. [tingieter] en Adriaen Apersz., als man van Claerken Willemsdr. en als gemachtigde van zijn zwager Schrevel Willemsz., Arent Andriesz. voor zichzelf en vervangende Aelken en Marijken Andriesdochters, kinderen van wijlen Aeffken Willemsdr., voor zichzelf en samen vervangende Willem Jacobsz., zoon van wijlen Jacob Willemsz., allen erfgenamen van Catharina Willemsdr., die echtgenote was van voornoemde Barthout Barthoutsz., verkopen aan Jacob Moleschot, koopman te Dordrecht, een huis, dat staat tussen de Vriesestraat aan de ene zijde en het huis van Marijken de pasteibakster aan de andere zijde. Waarborgen: mr. Nicolaes Barthoutsz. en Geerit Jobpen. De koopsom bedraagt 3100 gl., waarvan koper 800 gl. contant betaalt en de rest in jaarlijkse termijnen van 216 gl. Koper is wegens de koop van 1/4 part van het voornoemde huis schuldig aan Nicolaes Barthoutsz. een somma van 575 gl. (In margine: comp. Geerit Joppen varkenslager, burger van Dordrecht, als procuratie hebbende van zijn oom Nicolaes Barthoutsz., die in Delft woont. Hij verklaart, dat de schuld volledig is afgelost. Schuldbrief derhalve geroyeerd op 17 juli 1614.) (ORA Dordrecht inv. 746, f. 178v en 179)]

Cornelis Struijs     13

Dionijs Jansz. Engelsman     6

Pouwels Dircxsz. schipper    5

Jan Reijersz. [in de Schoppen] snijder     6-10

[13 okt. 1552: Gijsbert Jansz., grossier van Engelse lakens, verleent als oom van Jan Thomasz., die ongeveer 16 jaar oud is, procuratie aan Bastiaentgen, de vrouw van Reijer in de Schoppen, om te innen van de weesmeesters te Amsterdam het hoofdgeld van 1 Rijnse gl. jaarlijks. (ORA Dordrecht inv. 1534, akte 555)]

4 aug. 1590: op verzoek van Godschalck Wor Cornelisz. kapitein verklaart Jan Reijersz. in de Schoppen, 47 jaar oud, dat hij, komende van de Lombardbrug af, "meenende voorbij den huijse van Pieter Cornelisz. brouwer naer huijs te gaen", gezien heeft, dat Pieter "met zijn bloot geweer vuijt zijnen huijse gecomen is omme met den requirant te slaen die staende was de deure van Pouwels Ariaensz. bakker ende naer dat den reqt. den selven Pieter Cornelisz. verbeijt hadde tot dat hij gereet was omme met hem reqt. te vechten hij deposant gesijen heeft dat dzelve Pieter ende den requirant hants gemeen geworden zijn verclarende voorts dat hij deposant in't minste nijet gesijen en heeft dat den reqt. den voorsz. Pieter Cornelisz. eerst gequetst heeft gehadt". (ORA Dordrecht inv. 719, akte 650)

19 febr.1591: op verzoek van Reijnier de Leeuw kleermaker verklaren Cornelis Aelbertsz. Dotter, 43 jaar oud, en Fredrick Jansz., 40 jaar oud, dat zij de voorgaande avond gehoord hebben, dat Hercules Adriaensz. kleermaker de rekwirant in de vergadering van het Kleermakersgilde in het Sint Jansgasthuis uitgescholden en geslagen heeft. Jan Reijersz. in de Schoppen, 48 jaar oud, verklaart, dat hij gehoord heeft, dat Hercules gedreigd heeft Reijnier te zullen slaan. (ORA Dordrecht inv, 719, akte 1045)

8 april 1591: boedelscheiding tussen Jan Reijersz. in de Schoppen, weduwnaar van Aechgen Hermansdr., enerzijds, en Arien Apersz. bakker en Jan Corstiaensz. glasmaker, als naaste bloedvoogden van Fransken Jansdr., 13 jaar oud, en Marijken Jansdr., 8 jaar oud, nagelaten weeskinderen van Aechgen Hermansdr., bij haar verwekt door Jan Reijersz., anderzijds. Jan Reijersz. behoudt alle goederen, belooft zijn kinderen te onderhouden etc. tot zij twintig jaar zijn geworden en zal hun dan elk een somma van 4 Vlaamse ponden uitkeren. Voor de nakoming hiervan verbindt hij een huis omtrent de Vriesestraat, genaamd "de Drie Schoppen", staande tussen het huis van Corstiaen van der Heijden en dat van Pouwels Dircxsz. viskoper. (ORA Dordrecht inv. 719, akte 1139)]

Cornelis Claesz. baeckerman     16

[13 juli 1576: Lijsbeth Jansdr., echtgenote van Cornelis Claesz., verkoopt Balthen Jacobsz. bakker, als oom en voogd van Marijken en Baertgen Jansdr., onmondige weeskinderen van wijlen mr. Jan Willemsz. chirurgijn, verwekt bij Pieterken Jacobsdr., een rentebrief van 2 ponden Vlaams jaarlijks, verzekerd op een huis, staande omtrent de Tolbrug aan de landzijde tussen het huis van Jan Reijersz. in de Drie Schoppen en dat van de weduwe van Jan Elantsz. (ORA Dordrecht inv. 711, f. 157)]

Maerten Pietersz.      5

Icken Pieters appelkoopster     7

Henrick Snouck schoenmaker     7

f. 88v

Jan Jacobsz. Raepoff       12-10-6

De Gevulde Gracht van achteren ingegaan en voor uitgekomen [Gevulde Gracht (ook, maar ten onrechte, Gevolde Gracht genoemd, was een gedempte gracht in het verlengde van de Tolbrugstraat Landzijde]

Henrick Andriesz. schiptimmerman      3-4

Pieter de draaier huurt van Ariaentgen Rutten om 12 gl.      3-16-12

Gobel Bastiaensz.      3 gl. 12 penn.

Claes Willemsz. platijnmaker     3 gl. 12 penn.

Pieter Jansz. spelmaecker huurt van Bastiaen Cornelisz. om 15 gl.     4-16

Aert Jacobsz. metselaar    3 gl. 12 penn.

f. 89

De weduwe van Ariaen Woutersz. schoenlapper    3 gl. 12 penn.

Coen Jansz. leidekker     3 gl. 12 penn.

Huijch Jopsz. hoeckmaecker    3 gl. 12 penn.

Jan Jansz. snijder huurt van Jan Hanaen om 20 gl.     6-8

De Vriesestraat van voeren die slinckerhandt ingegaen

Geerit Geeritsz. huurt van Neessken Roecken om 18 gl.     5-12-2

Mr. Oth chirurgijn     3-4

Ariaen Pietersz. glaessmaecker huurt van Zara [sic] om 18 gl.     5-12-2

f. 89v

Jan Dircxsz. timmerman huurt van de weduwe van Geman Joppen om 24 gl.    7-13-8

[ORA Dordrecht inv. 731, f. 220: op 24 sept. 1575 verkopen de erfgenamen van wijlen Frans Jansz. en Neeltgen Geeritsdr. aan Geman Joppesz., als man en voogd van Geerichgen Fransdr., een huis in de Vriesestraat, staande tussen het huis, dat toebehoord heeft aan Henrick Munter en het huis van Cornelis Reijersz. metselaar.]

Cornelis Reijersz. metselaar    3-4

Gaende inden dwarsganck

Pieter Cornelisz. schrijnwerker    3-4

Jan Henricksz.Staeckman huurt van [naam niet vermeld] om 12 gl.    3-16-12

Neeltgen Jansdr.    3 gl. 12 penn.

Aert Jansz. goudsmid      6

Neeltgen Fransdr.    3-10

f. 90

Claes Woutersz. schipper huurt van Willem Foppensz. om 10 gl.    3-4

Geerit Fransz. provoost     vrij

Marijken Pieters huurt van Geerit Fransz. om 20 gl.    6-8

Neeltgen Crooswijck huurt een huis van Willem Geeritsz. wever om 22 gl.    7 gl. 12 penn.

Steven Willemsz. Rijssborch    3-16-12

Hilleken Jansdr. huurt van Jacob Partment om 16 gl.    5-2-6

Bruijn Geeritsz. schuitenaar    4

[ORA Dordrecht inv. 714, f. 276: op 21 mrt. 1582 verklaren op verzoek van Aerjaentge Geerts, vrouw van Maerte Pietersz., soldaat onder het vendel van Breda, Bruijn Geerritsz., ongeveer 38 jaar, en Dirck Jansz., ongeveer 25 jaar, inwonende poorters van Dordrecht, dat Maerte gedurende drie weken in Dordrecht ziek gelegen heeft en "noch ter tijt sijeckelijk es leggende", zodat hij zich vooralsnog "onder zijne vendele ... nijet en can begeven".]

Dirck Jonckbloet [vermoedelijk dienaar van de schout]   8

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 23 e.v.: op 10 febr. 1579 verklaart Jan Jansz. 's herendienaar, dat hij ongeveer acht dagen na Nieuwjaar door de gezamenlijke 's herendienaars is opgedragen te gaan naar het huis van Dirck Jonckbloet om hem te zeggen, dat de 's herendienaars hem gelastten niet in hun "hoff" te komen, "ten eijnde geen twist int geselschap en zoude geschieden" omdat hij, Dirck, Geerit Geerloffsz. Pluijm 's herendienaar een schelm en verrader genoemd had. Dirck Jonckbloet zou vervolgens tegen Jan gezegd hebben: "dat ick geseijt hebbe zegge ick alsnoch dattet een schelm ende verrader es".]  

f. 90v

Wouter Jansz. wever    3-4

Jan Henricxsz.     4

Frans Scheij kuiper    4

Cornelis Jansz. wever   4

Jan Jansz. spelmaker huurt van Lubbert Revertsz. om 15 gl.     4-16

Dirick Claesz. huurt van Geerit in den Carper om 16 gl.      5-2-6

Janneken Ariaens huurt van Maeij Gribberts om 18 gl.      5-15-2

Jan Woutersz. wever    3-16-12

f. 91

De weduwe van Aert Pietersz. spelmaker huurt van Willem in den Leijhamer om 18 gl.     5-15-2

[ORA Dordrecht inv.737: op 1 mrt. 1584 legt Willem Jansz., waard in "de Leijhamer" te Dordrecht, ongeveer 52 jaar oud, een verklaring af. [De herberg "de Leijhamer" stond bij de Waag aan de Groenmarkt. (ORA Dordrecht inv. 737, f. 411, akte dd 13 mrt. 1584)]

Seger de schiptimmerman    3-4

Cors Geeritsz. brouwersknecht     4

Bastiaen Lambertsz. wever     3-4

Andries Jansz. spelmaker huurt van Thonis den Polder om 12 gl.     3-16-12

Ariaen Willemsz.     3 gl. 12 penn.

Tiel Philipsz. wever     3-4

Tomas Bartels huurt van Marijken Jansdr. om 10 gl.     3-4

f. 91v

Pieter Michielsz. wever     3-4

Over die brugghe

Ariaen Bouwensz. wijnsledenaar      3-4

Willemken Jacobsdr. huurt een huis en bleekveld van Henrick van Nispen om 18 gl.       5-15-2

Elssken de pottenbakster     7

Claes den lijntdraeijer [sic]     6

Wederom keerende

Huijbert Cornelisz. huurt van Henrick van Nispen om 13 gl.      4-3-2

Jan Aertsz. leertouwer     3 gl. 12 penn.

f. 92

Andries Lenertsz. huurt van Reijer Jacobsz. om 12 gl.      3-16-12

Over de brughe gaende

Aert Barentsz.    3 gl. 12 penn.

Wouter de bierdrager huurt van Cornelis van Diemen om 10 gl.     3-4

Willem de zager huurt van de weduwe van Willem Jacobsz. om 13 gl.     4-3-2

Ariaentgen Claesdr.     3 gl. 12 penn.

Jan Willemsz. waagknecht    3-4

f. 92v

Frans Pietersz. molenaar met de rosmolen     10

De weduwe van Seger de bierdrager    3 gl. 12 penn.

Jan Cornelisz. kuiper    4

Ariaen Cornelisz. wijnschroijer    3 gl. 12 penn.

Wouter Pietersz. tromslager    3 gl. 12 penn.

Ariaen Woutersz. leidekker    3 gl. 12 penn.

Jacob de schuitenaar huurt van Geerit Holtman om 12 gl.     3-16-12

f. 93

Wouter in de Carper     6

Huijch Jacobsz. bakker     6

De weduwe in de Lodder    5

Henrick Jansz. timmerman     5

Willem Henricxsz. brouwersknecht    3 gl. 12 penn.

De weduwe van Rochus Woutersz. timmerman    4-16

Jaecques Teruwe [van Antwerpen, passementwerker] huurt een huis van voornoemde weduwe om 25 gl.    8

[8 mei 1582: Thonis Thonisz. kramer verkoopt aan Jacques Terwen passementwerker een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van Joris de mesmaker en dat van Jonas Cornelisz. viskoper. Waarborg: Mathijs Cornelisz. [Balen] kramer. Koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 490 gl. Borg: Balten Matheusz. zeemtouwer. (ORA Dordrecht inv. 736, f. 332)

ORA Dordrecht inv. 736, f. 445v: op 10 mrt. 1583 stelt Jacques Terwen passementwerker, wonende in "de Gulden El" in de Visstraat, zich borg voor Willem Cornelisz. kleermaker, wonende op "Scherloo".]

Mr. Joost schoolmeester    8

Cornelis Diricxsz. timmerman    3-16-12

f. 93v

Jan Ottensz. snijder    3 gl. 12 penn.

[ORA Dordrecht inv. 740, f. 172: op 1 juli 1588 verkoopt Jan Otten kleermaker aan Hendrick en Govert Dircxsz., nagelaten weeskinderen van Dirck Govertsz., door hem verwekt bij Marijcken Henricxsdr., n pond Vlaams jaarlijkse losrente, verzekerd op een huis in de Vriesestraat, staande tussen het voormalige ziekenhuis van de Minnebroeders en de "camere" van de erfgenamen van Colster.]

Ariaen Roes in Sinte Pieter    3-4

Jan Jansz. snijder    3 gl. 12 penn.

Mr. Jan Vastersagen huurt van Ariaen Cornelisz. om 18 gl.    5-15-2

[ORA Dordrecht inv. 716, f. 43v: op 22 mrt. 1585 legt mr. Jan Vasterthaghen schoolmeester, 58 jaar oud, een verklaring af.]

Aert Pouwelsz. smid     4-10

Jan Marcusz. schrijnwerker    5-4

Cornelis Thonisz. huurt van Janneken de tasmaakster om 20 gl.     6-8

De weduwe van Anthoni de hoemaecker huurt van Neesken Roecken om 16 gl.     5-2-6

f. 94

Die Visschstraet van voeren die slinckerhant ingegaen

Mr. Joriaen Oostermans      7

Pieter Jacobsz. schuitenmaker    4

Jan Roecken timmerman     4

Neeltgen Roecken comenster     4

De erfgenamen van Ariaen Aertsz. bakker     4-10

Sarisganck die slinckerhant ingegaen

Jacob Meeusz. koolweger    3 gl. 12 penn.

Henrick Jansz. snijder     3 gl. 12 penn.

Ariaen Willemsz. kuiper    3 gl. 12 penn.

f. 94v

Ariaen Aertsz. wever    3 gl. 12 penn.

[naam niet vermeld] huurt een huis van Rochus Woutersz. om 10 gl.     3-4

Henrick Ariaensz. olieslager huurt van Willem Govertsz. om 10 gl.     3-4

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 26v e.v.: op 22 mei 1578 verkoopt Willem Govertsz. schiptimmerman aan Henrick Adriaensz. olieslager een huis in de Sarisgang, staande tussen het huis van Jan Borstel metselaar en dat van de erfgenamen van Rochus van Gelder. Waarborg: Henrick Henricxsz. "wijman". De koper is schuldig aan de verkoper een somma van 29 Vlaamse ponden en 10 schellingen. Borgen: Adriaen Henricxsz. olieslager en mr. Jan Jansz. Moler chirurgijn.]

Jan Borstel metselaar     4-16

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 79v: op 1 aug. 1578 leggen op verzoek van Pieter Michielsz. Bemmel, metselaar te Dordrecht, Jan Jansz. Borstel, ongeveer 47 jaar oud,, Jacob Willemsz., ongeveer 40 jaar oud, en Herman Tonisz., ongeveer 32 jaar oud, allen metselaars en burgers van Dordrecht, een verklaring af.]

Wederom kerende

Jan [Corstiaensz.] Pietersz.wever huurt van Jacob Cornelisz. Back om 10 gl.     3-4

Geerit Geritsz. smid huurt van Thonis Thonisz. bakker om om 15 gl.     4-16

Geerit Gorisz. huurt van Jacob Jansz. timmerman om 18 gl.      5-15-2

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 229v: de weduwe van Huijbert Diricxsz. huurt "mette weke" van Jacob Jansz. timmerman: 2-12-6]

[Bagijnhof]

f. 95

Bartholmeeus Willemsz. wever    3-16-12

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 230: Bartholomeus Willemsz. wever: 2-12-6]

Ariaen Jasperz. metselaar    3-4

Thijs Meeusz. veruwer    5

Cornelis Aertsz. timmerman 5

Ruth Jansz. slenaar    5

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 230: Ruth de sledenaar: 3-15]

Maerten van Gorchum spelmaker huurt van [naam niet vermeld] om 20 gl.     6-8

De weduwe van Cors den Hooren huurt van Borrige Jans om 12 gl.    3-16-12

f. 95v

Pouwels Jansz. 's heren dienaar huurt van idem om 12 gl.      3-16-12

Joachim Michielsz. huurt van Cornelis Michielsz. om 18 gl.     5-15-4

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 231: Jochem Michielsz. timmerman: 3-15]

[naam niet vermeld] huurt van Ariaen Thonisz. kuiper om 18 gl.    5-15-4

Jacob Geeritsz. Beijerman      3-4

Henrick Michielsz. leertouwer    6

Floris Lenertsz. [speelman]   5

[ORA Dordrecht inv. 1570, f. 11v: op 19 juni 1578 verkoopt Sebastiaen Cornelisz. aan Floris Lenertsz. speelman een huis achter in de Visstraat voor het Bagijnhof, waar uithangt "het Gulde Paert", staande tussen het huis van de weduwe en de erfgenamen van Ghijsbert Pietersz. van Scherlaecken en dat van Koen Jansz. leidekker. Waarborg: Jasper Pietersz. Bengelroe. De koper is schuldig aan verkoper 560 gl. Borg: Aert Pouwelsz. smid.

Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 231v: Floris Lendertsz. speelman: 6]

Jan Jacobsz. timmerman huurt van de weduwe van Ghijsbert Pietersz. [van Scharlaken] om 12 gl.     3-16-12

Teeu de kuiper     4-10

[ORA Dordrecht inv. 708, f. 21v: op 10 mei 1568 verkoopt Cornelis Jacobsz. boogmaker aan Matheus Jansz. kuiper een huis voor het Bagijnhof, staande tussen het huis van de erfgenamen van Gijsbrecht Pietersz. van Scerlaecken en dat van Andries de molenaar. Waarborg: Adriaen Jansz. schrijnwerker. Koper is schuldig aan verkoper 35 ponden groten Vlaams, te betalen alle jaren op meidag met 4 ponden Vlaams. Borg: Jan Dircxsz. schipper (doorgehaald: Jan Hesselsz. schiptimmerman.)

ORA Dordrecht inv. 710, f. 366v e.v.:, akte dd 20 of 21 mei 1575: Matheus Jansz. kuiper is borg voor Jan Danilsz.

ORA Dordrecht inv. 712, f. 38v, akte dd 12 mrt. 1577: Elsken Pietersdr., weduwe van Cornelis Huijbrechtsz. pottenbakker, met haar gekoren voogd en "in presentie van" Matheus Jansz. kuiper en Cornelis Cornelisz., als ooms en voogden van Dirck Cornelisz., weeskind van wijlen Cornelis Jansz., door hem verwekt bij Marijken Cornelisdr., neemt op zich dit kind te alimenteren en onderhouden.

ORA Dordrecht inv. 718, f. 104: verklaring dd 28 juni 1588 door Matheus Jansz. kuiper, ongeveer 46 jaar oud.]

f. 96

Cornelis Gielisz. huurt van Marijcken Claes om 10 gl.      3-4

Grietgen van Boven huurt van Jacob Cornelisz. Back om 12 gl.     3-16-12

De windmolen genaamd Hogemoet toebehorende Jan Joosten molenaar    12-16

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 233: Laurens Jansz. en Joris Joesten voor de molen achter de Leprosen [d.w.z. het Leprooshuis, dat stond op de hoek van Vest en Vriesestraat]: 12]

De windmolen genaamd Raephoudt toebehorende de erfgenamen van Lenert [Cornelisz.] de molenaar     12-16

[Deze molen stond aan de Vest, "achter het Bagijnhof", iets ten westen van de molen "de Hoogmoed". (W. van Wijk e.a., Dordt in de kaart gekeken [Zwolle 1995], p. 86 e.v.)

ORA Dordrecht inv. 736, f. 250 e.v., akte dd 31 okt. 1581: Grietgen Adriaensdr., weduwe van Lenert Cornelisz. molenaar, voor een vierde part van de helft, Jan Jansz. in het Moerjaenshooft [Moriaanshoofd] van wege zijn moeder Margareta Jansdr., weduwe van Jan Henricxsz., voor de helft van drie vierde parten en Jan Lambertsz. bierdrager, voor zichzelf, Lenert Lambertsz. kuiper, inwoner van Zwijndrecht, voor zichzelf en vervangende Lambert Dircxsz. kalkdrager, de zoon van hun broer, Anna Simonsdr., weduwe van Arien Bosch schipper, Pieter Gillisz. huistimmerman, voor zichzelf en vervangende Adriaen en Cornelis Gillisz., zijn broers en Aert Geleijnen, als vader en voogd van Neeltgen Aertsdr., zijn onmondig weeskind, verwekt bij Marijcken Dirck Canendr., samen voor de helft van drie vierde parten, allen erfgenamen van wijlen Lenert Cornelisz. molenaar, verkopen aan Claes Pietersz. molenaar de helft van een rosmolen en de helft van een windmolen, genaamd "het Raephout", staande achter het Bagijnhof met de helft van het hooi, dat zich in de rosmolen bevindt. De rosmolen staat in de Breestraat tussen het huis van Philips Peijman en het huis van Pieter Andriesz. Waarborgen: Pieter en Adriaen Gillisz. voor de portie van Margareta Adriaensdr., Jan Jansz. in het Moerjaenshooft voor zijn moeders portie en Jan en Lenert Lambertsz. voor hun portie en die van hun consorten.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 150: op 9 aug. 1583 verkoopt Niclaes Pietersz. molenaar de windmolen "het Raephout", staande achter "de Raempt" aan de stadsvest, aan Job Jansz. molenaar. Koper is schuldig aan verkoper 1460 gl. en aan Joost Jansz. smid 300 gl. Borgen: Jan Adriaensz. bakker en Henrick Claesz. bakker. (ORA Dordrecht inv. 737, f. 150)

Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 233: Pieter Aertsz. met zijn broer voor de molen achter de Bagijnen [het Bagijnhof]

Balten Mathijsz. zeemtouwer in de Raempt     8

[ORA Dordrecht inv. 719, f. 225v: ev.: verklaring dd 11 okt. 1590 door Balthen Matheusz., zeemtouwer te Dordrecht, ongeveer 53 jaar oud, op verzoek van Andries Willemsz., schiptimmerman te Rotterdam, zoon en enige erfgenaam van wijlen Willem Andriesz. brouwersknecht.

Stadsarchief Dordrecht nr. 3, inv. 3965 (verponding Dordrecht anno 1594), f. 233v: Balten Mateusz.: 7-10]

Die Raemstraet die slinckerhandt ingegaen nae den Hill [Bethlehemplein] toe

De stal van Willem Cornelisz. vleeshouwer    3 gl. 12 penn.

Het vethuis van Thonis Jordensz.     3-4

[ORA Dordrecht inv. 736, f. 390v: op 4 okt. 1582 verkoopt Anthonis Jordensz. aan Berbera Jansdr., weduwe van Elias Tack, de ene helft en aan Jan Henricxsz. schoenmaker de andere helft van een "vetterie", erf en twee huisjes, staande en gelegen in de Raamstraat tussen het huis van Henrick Wouters leertouwer en het vethuis van Thijs Dircksz.. Waarborg: Ghijsbrecht van Diemen Cornelisz.]

f. 96v

De tuin van Sijon Lus tafelhouder    4

De tuin en het vethuis van Pieter van Lier     5

Lenert Fransz. huurt een tuin en bleekveld van Cornelis van Nes om 24 gl.      7-13-6

Wederom comende gaende naede Elffhuijsen toe

Maerten Joosten bode    3-4

Ariaen Ockersz. provoost     niet

De rosmolen van Lenert de molenaar cum sociis     8

Jan Claesz. molenaar huurt van de weduwe van Ariaen Pietersz. om 12 gl.    3-16-12

f. 97

Mr. Jan Waijenburch chirurgijn huurt van Jan Dircxsz. korenkoper om 24 gl.     7-13-4

Maerten Cornelisz. slenaer huurt van Jan Dircxsz. om 17 gl.   5-8-12

Meijnert Bruijnen waagknecht huurt van Jan de Pot om 18 gl.      5-15-2

Geerit Thonisz. coeijman huurt van Jan Cornelisz. voornoemd [sic] om 30 gl.      9-12

Wederom keerende tot daer Sinte Lauris Cappel plach te staen

[Op de plaats van het huidige Bethlehemplein was vroeger een hoogte, de Hil genaamd, waarop ooit de Sint Laurenskapel heeft gestaan. (Van Baarsel, o.c., in voce "Hil".] 

De weduwe van Bastiaen den diener huurt van IJken de stoeldraaister om 22 gl.    7 gl. 12 penn.

Hans van Coelen huurt een huis in de Raamstraat van Jacob Adriaensz. om 12 gl.      3-16-12

f. 97v

Die Breetstraet [Breestraat] van vooren die slinckerhandt ingegaen

Cornelis Lenertsz. mandenmaker huurt van Reijer Jacobsz. om 14 gl.       4-9

Claes Geeritsz. schuitenmaker      5

Cornelis Thonisz. stadsbode     3-12

Geerit Schut kuiper    4

Herber Jansz. wever     3-12

Aert Schut kuiper    3-12

[Stadsarchief Dordrecht nr. 3 inv. 3965, f. 243v: Aert Geritsz. kuiper betaalt in de verponding van 1594 voor zijn huis in de Breestraat 3 ponden 15 sch. Belenders: Herber Jansz. wever en Nicolaes Kuijsten, die huurt van Pieter Fabor.

Stadsarchief Dordrecht nr. 3 inv. 3966, f. 239v e.v.: de weduwe van Aert Schut betaalt voor haar huis in de Breestraat "als op voergaende jaeren" 3 ponden 15 sch. Belenders: Herber Jansz. wever en Pieter van Doren.]

Pieter Jansz. Faber    6

Tomas Geeritsz. wever    3-4

f. 98

Aert Vossch sledenaar    3-12

De weduwe van Ariaen Thonisz.    3-4

Herman Aertsz. metselaar    6

Die kerck vande Brootsusteren

De kerk van het klooster Bethlehem, getekend door J. Rutten (SA Dordrecht, DI 1489)

[In de Lange Breestraat, waar thans [1974] de panden nr. 22 en 24/26 staan, stond tot 1874 de kapel van het klooster Bethlehem van de cellezusters, ook genaamd zwarte zusteren (omdat zij in het zwart gekleed gingen) of in de volksmond broodzusteren. Dat laatste omdat zij de stad rond gingen om brood en aalmoezen te bedelen. Hun klooster stond in de Raamstraat en was met een brug over de gracht met de kerk verbonden. De broodzusteren waren, evenals de cellebroeders uit de Dolhuisstraat belast met de verpleging van mensen die aan de pest leden, het begraven van doden enz. Daarnaast hielden zij zich bezig met de krankzinnigenzorg. De nonnen bleven ook na de Hervorming (1572) in hun klooster wonen. In 1598 wordt nog gesproken van het "huys Bethlehem daer de susteren inne woonen die bij de siecken gaen". In 1626 waren er geen cellezusters meer en kwamen de goederen aan het "Oude Man- en Vrouwhuijs". Kort nadien, volgens Balen in 1628 - wat vermoedelijk juist is -, werd het klooster afgebroken. De kapel of kerk verhuurd en tot 1680 als turfhuis gebruikt. Daarna diende het tot 1874 als stal voor stadsmissiekarren en -paarden. (Lips, o.c., deel II, p. 422-424)]

Jan Geeritsz. sledenaar     3-4

Jaepken Stevens koestal     6

Cornelis [Robrechtsz.] die groote werckman    3 gl. 12 penn.

[ORA Dordrecht inv. 736, f. 171v: op 11 mei 1581 verkopen Frans Cornelisz. kuiper, Robrecht Cornelisz. kleermaker en Cornelis Danilsz., als man van Neeltgen Cornelisdr., voor zichzelf en tevens samen vervangende Lasarus Cornelisz. schipper, Soetgen Cornelisdr., weduwe van Cornelis Adriaensz. Butter "hacker" en het weeskind van Thonis Cornelisz., verwekt bij Marijcken Cornelisdr., allen erfgenamen van Cornelis Robrechtsz. grote werkman, aan Geerit Geeritsz. Schut een huis in de Breestraat, staande tussen het huis van Jaepge Stevens en dat van Marijcke de Best. Waarborg: Frans Cornelisz. De kopers is schuldig aan verkopers een bedrag van 400 gl. Borgen: Geerit Geeritsz. Schut de oude en Cornelis Jansz. schuitenmaker.]

Wouter Ariaensz. zeemtouwer huurt van de weduwe van Jan de Best om 27 gl.    8-12-12

Frans Willemsz. Kin huurt van idem om 18 gl.     5-15-12

f. 98v

Willem Geeritsz. varkenslager huurt om 10 gl.  [sic]    3-4

Frans Cornelisz. werkman     4

Jan Hillebrantsz. Colff    6

Jan Danckersz. metselaar     6

[ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), f. 19: op 8 febr. 1580 verkoopt Jan Danckertsz. metselaar aan Marijken Jansdr. een jaarlijkse losrente van 6 gl., verzekerd op een huis in de Breestraat, staande tussen het huis van Oth Willemsz., genaamd "het Fonteijnken", en dat van Jan Hillebrantsz. Colff, alsmede op een leeg erf in de Vriesestraat op de hoek van de Dwarsgang, waar vier huisjes op staan, liggende tussen 's herenstraat en het huis van Jacob Govertsz. kleermaker.]

Oth Willemsz.     6

Cornelis Danckersz.      4

Mr. Ewoudt Aertsz.     3-16-12

De weduwe van Jasper Rutten    3-4

Louff Aertsz. kuiper     3-4

f. 99

Joris Marceu    3-4

Pieter Jansz. kuiper    3-4

Het huis en de rosmolen van de weduwe van Lenert de molenaar samen     13-8-12

Pieter Andriesz. timmerman    5

[ORA Dordrecht inv 1570, f. 11 e.v.: op 10 mei 1578 verkopen Aert Geleijnen, voor zichzelf, en Willem Jan Wittesz., Hubert Adriaensz., Dirck Huijbertsz. en Jan Lambertsz. bierdrager, als "naeste vrunden" van Neeltgen Artsdr., [kind van Aert Geleijnen], verwekt bij Marijcken Dirck Cornelisdr., aan Pieter Andriesz. huistimmerman een huis in de Spuistraat, staande tussen de Breestraat en de stadsgracht en strekkende tot de muur van de molen van Lenert Cornelisz. molenaal. Waarborg: Huijbert Adriaensz. De koper is schuldig aan Aert Geleijnen kleermaker en diens dochter, Neeltgen Aertsdr., een somma van 450 gl. Borg: Adriaen Jansz. brouwer.]

De Voorstraat (tussen Visbrug en Vuilpoort) met zijn zijstraten, zoals weergegeven op de kaart van Braun en Hogenberg (ca. 1575). Linksboven de Visstraat, schuin tegenover het Stadhuis de Lombardstraat en vervolgens de Haringstraat, Grote Spuistraat, Kleine Spuistraat, Botgensstraat, Pelserstraat, Ruitenstraat, Dolhuisstraat, Molenstraat en Suikerstraat.

Wederom keerende ende die Lombertstraet van achteren ingegaen

Het huis van Steven Nijsz.    8

Cornelis Cornelisz. timmerman     4-16

Evert Bogel huurt van Willem Henricxsz. schiptimmerman om 24 gl.    7-13

f. 99v

Ariaen Jansz. bakker   5

Barent Lambertsz. [brouwersknecht]      5

[ORA Dordrecht inv. 732, f. 117: op 5 mei 1576 verkoopt Jan Doudijn schilder aan Barent Lambertsz., brouwersknecht te Dordrecht, een huis aan de Landzijde in de Lombardstraat, staande tussen het huis van de erfgenamen van Govert van Beaumont procureur en het huis, dat heeft toebehoord aan Aert Denisz. Waarborg: Cornelis Pietersz. van Scherlaecken.]

Henrick Woutersz. snijder huurt van Geerit Govertsz. om 30 gl.     9-12

Cors Geeritsz. huurt van Cornelis Pietersz. van Scharlaecken om 16 gl.    5-2-6

Wederom keerende

Marcus Karstiaensz.    7-13

Cornelis Cors Engelen    6

Cors de spelmaker huurt van [naam niet vermeld] om 25 gl.     8

f. 100

Pieter Michielsz. [Bemmel] metselaar     5

[6 sept. 1578: verklaring op verzoek van Jan Jansz. Fiot door Pieter Michielsz. Bemmel metselaar, ongeveer 54 jaar oud en Roocxgen Jacobsdr., ongeveer 47 jaar oud, Bastiaentgen Lenaertsdr., vrouw van Wouter Jansz. schiptimmerman, 46 jaar oud, Neeltgen Fransdr., ongeveer 47 jaar oud en Henricxgen Robbrechtsdr., ongeveer 27 jaar oud, allen uitdraagsters te Dordrecht. (ORA Dordrecht inv. 735, f. 120v)

22 april 1579: Pieter Michielsz. Bemmel, weduwnaar van Claertgen Cornelisdr., enerzijds en Michiel Pietersz. metselaar en Pieter Thonisz. schiptimmerman, als man van Neeltgen Pietersdr., samen tevens vervangende hun zuster Marijchgen Pietersdr., en nog als broers en voogden van Matheus Pietersz., ongeveer 16 jaar oud, en Huijbrecht Pietersz., ongeveer 12 jaar oud, beiden onmondige kinderen van Pieter Michielsz. Bemmel en Claertgen Cornelisdr., anderzijds, verdelen de goederen, die zijn nagelaten door Claertgen Cornelisz. De weduwnaar krijgt alle goederen en in- en uitschulden en belooft zijn onmondige kinderen te onderhouden etc. tot aan hun achttiende jaar. Michiel Pietersz. en Pieter Thonisz., tevens vervangende hun zuster Marichgen Pietersdr., die in Vlissingen woont, verklaren, dat zij van hun vader ontvangen hebben al hetgeen zij van hun moeder, Claertgen Cornelisdr., gerfd hebben. (ORA Dordrecht inv. 1571, f. 52v e.v.)]

Herman Jansz. kuiper     4

[3 febr. 1579: Pieter Jansz. kuiper en Herman Jansz. kuiper, voor zichzelf en samen vervangende Euwout Jansdr. telder, Anneken Jansdr., weduwe van Jasper Rutten, Marijcken Jansdr., weduwe van Adriaen Cornelisz., de weeskinderen van Adriaen Jansz. kuiper en heer Jan Jansz., wonende te Woerden, verklaren, dat zij door Cornelis Thonisz. stadsbode, als man van Anneken Aertsdr., die eerder gehuwd was met wijlen Herman Jansz. Knoop, volledig voldaan en betaald zijn van al hetgeen hun aanbestorven is bij overlijden van Herman Jansz. Knoop, resp. hun broer en oom. (ORA Dordrecht inv. 1571, f. 21v)]

Jacob Joosten wever    4

[Zie Kwartierstaat Van der Spoor op deze website.]

Egbert Claesz. huurt van Frans de schrijnwerker om 24 gl.     7-13

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 39 e.v., akte dd 23 mei 1579: Laurensken Adriaensdr., weduwe van Frans Jacobsz. schrijnwerker, enerzijds, en Geerit Dircxsz. metselaar als oom en Aerjaentgen Jacobsdr. als tante toeziende voogden van Jaepgen Fransdr., Adriaen Fransz. en Cornelis Fransz., onmondige kinderen van Frans Jacobsz. en Laurensken Adriaensdr., anderzijds, verdelen de nalatenschap van Frans Jacobsz. Laurensken behoudt alle goederen, in- en uitschulden etc., belooft haar kinderen te zullen onderhouden etc. tot hun achttiende jaar en zal hun dan elk een somma van 20 Vlaamse ponden uitreiken. Zij verbindt een huis in de Lombardstraat, staande tussen het huis van Cornelis Pietersz. van Schaerlaken en dat van Jacob Joosten wever.]

ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), akte 16: op 16 jan. 1580 verkoopt Vastert Fransz., als erfgenaam van zijn moeder, Lijntken Ariensz., aan Laurensken Ariensdr., weduwe van Frans Jacobsz. schrijnwerker, een vijfde deel in de helft van een huis in de Lombardstraat, staande tussen het huis van Cornelis Pietersz. van Schaerlaecken en dat van Jacob Joest Pietersz. linnenwever.]

Henrick van Vorst huurt een huis van Cornelis Pietersz. van Schaerlaecken om 25 gl.      8

Henrick Pietersz. huurt van idem om 18 gl.    5-15-12

Den houck omgaende na die Breeststraet [Breestraat]

Geerit Ariaensz. timmerman    4

f. 100v

Ariaen Roeloffsz.   4-16

Roeloff Henricxsz.    4

Frederick Cornelisz.     3-4

Frans van Diemen     5-18-12

Wael Willemsz.    3-4

Jan Jansz. snijder    3-4

De weduwe van Clemens de schilder      3-4

[ORA Dordrecht inv. 709, akte 916: op 4 okt. 1571 leggen Clemens Clemensz. schilder, 52 jaar oud, en Claes Gerritsz., 40 jaar oud, burgers van Dordrecht, een verklaring af.

ORA Dordrecht inv. 737, f. 276: op 1 nov. 1583 verkopen Anneken Hubertsdr., weduwe van Clement Clementsz. schilder, voor de ene helft en Jan Bouwensz., vervangende Anneken Maertensdr., weduwe van Bouwen Jansz., de moeder van zijn vrouw, voor de andere helft, aan Frans Gielisz., arbeider op de straat, een tuin met een huisje daarachter, staande en gelegen achter in de Kromme Elleboog tussen het huis van Cornelis Jansz. huidenvetter en het erf van Jan de touwer. Waarborgen: Adriaen Jansz. steenhouwer voor de ene helft en Jan Jansz. kleermaker voor de andere helft. Koper is schuldig aan verkopers een bedrag van 328 Rijnse gl. Borg: Dirck van Doren verver.]

[Visstraat]

Joris Diricxsz. huurt van Tonis Thonisz. kramer om 20 gl.    6-8

[8 mei 1582: Thonis Thonisz. kramer verkoopt aan Jacques Terwen passementwerker een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van Joris de mesmaker en dat van Jonas Cornelisz. viskoper. Waarborg: Mathijs Cornelisz. [Balen] kramer. Koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 490 gl. Borg: Balten Matheusz. zeemtouwer. (ORA Dordrecht inv. 736, f. 332)]

Joris Aertsz. messenmaker    4-10

[ORA Dordrecht inv. 716, f. 1: op 22 nov. 1584 verkoopt Joris Aertsz. mesmaecker aan Hillichgen Cornelisdr., weduwe van Jan van der Meer, een jaarlijkse losrente van 10 gl., verzekerd op een huis in de Visstraat aan de Landzijde, staande tussen het huis van Goossen de viskoper en dat van Jacques Terwe van Antwerpen.]

f. 101

Wouter Andries Barentsz. huurt van Goossen Geritsz. om 10 gl.    3-4

[ORA Dordrecht inv. 1567, f. 186v: op 11 juni 1575 verkopen Pieter Pietersz. van Bossenhoven, als man van Marichgen Stevensdr., en Frans Willemsz. Kin, als man van Lijntgen Ockersdr., samen vervangende Lucia Stevensdr. en de weeskinderen van wijlen Adriaen Stevensz., aan de erfgenamen van Geerit Claesz. viskoper een zouthuis, genaamd "den Corenboudt", staande in de Visstraat tussen het huis van Joris Aertsz. mesmaker en dat van Hilleken de kaaskoopster. Waarborg: Govert Pietersz. Goossen Geeritsz. viskoper en Roelant Joostensz., als man van Heijltgen Geritsdr., samen vervangende Jan Geeritsz. schipper, allen kinderen en erfgenamen van Geerit Claesz. viskoper en Bastiaentgen Ariensdr., zijn schuldig aan verkopers een somma van 475 gl.]

Ariaen Thonisz. kuiper huurt van Joris Aertsz. om 20 gl.     6-8

Cornelis Wor    4-10

De weduwe van mr. Jan Mes   4-10

Pieter Colckman    6

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 57: op 30 april 1579 verkoopt mr. Nicolaes Pietersz. chirurgijn aan Pieter Colckman, wonende in de Vriesestraat, een huis in de Visstraat, staande tussen het huis van mr. Jan Mes en het pakhuis van Jan Huijgesz., strekkende tot achter aan het huis van Hector Jansz. Waarborgen: Willem Foppesz. droogscheerder en Adriaen Cornelisz. korenmeter. De koper is schuldig aan verkoper een bedrag van 950 gl. Borgen: Aert Pouwelsz. smid en Lieven van der Heijde "hoemaker".]

Hector Jansz.    5

Jonas Cruijs huurt van Jan in den Bruijnvissch om 12 gl.     3-16-12

[ORA Dordrecht inv. 717: op 24 april 1587 transporteert Pieter Sijmonsz. boekbinder aan Cornelis Thonisz. viskoper 135 gl. "als hem comparandt noch zijn resterende van Cornelis Adriaensz. cuijper als reste vande schepenensculdtbrieff sprekende op den zelven Cornelis Adriaensz. spruijtende vvt saecke vande coop van zeker huijs ende erffue", genaamd "den Bruijnvisch", staande in de Visstraat aan de Landzijde, welk huis door Cornelis Adriaensz. is gekocht.]

Het pakhuis van Jan Huijgen koekenbakker     3 gl. 12 penn.

f. 101v

Het zouthuis van Pieter int Vlies    3-4

Ruth Jaspersz. huurt van de weduwe van Huijbert Thomasz. om 24 gl.    7-13-2

Jan den Vlijeger huurt van idem om 16 gl.     5-2-6

[Naam niet vermeld] huurt van Pouwels Joosten om [bedrag niet vermeld]    6-8

Danil Waelen huurt van Rennt. [sic] de schoenmaker om 20 gl.    6-8

Die Spoeijstraet [Grote Spuistraat] van voeren die slinckerhant ingegaen

Frans Henricxsz. huurt van Jan Dircxsz. om 14 gl.     4-3-2

f. 102

Herman Thonisz. metselaar huurt van idem om 10 gl.      3-4

Tonis Pietersz. slootmaecker      4-16

Henrick Pietersz. spelmaker huurt van Pieter Jansz. om 18 gl.    5-15-2

De weduwe van Jan Ariaensz. van der Ept    6

Aelbert Joensz. huurt van Aert Heijmansz. om 16 gl.     5-2-6

[ORA Dordrecht inv. 709, akte 897: op 3 dec. 1571 verkoopt Herman Thoenisz. metselaar aan Aert Heijmansz. een huis in de Grote Spuistraat, staande tussen het huis van Job Geemansz. en dat van Willem Engbrechtsz. zeepzieder. Waarborg: Thonis Hugesz. metselaar, vader van de verkoper.]

De weduwe van Willem Engbertsz. zeepzieder     9-12

[Naam niet vermeld] huurt van Cornelis Engbertsz. om 25 gl.     8

f. 102v

Jasper Aertsz. muntenaar     vrij

Jan Leeuwen waagknecht    3 gl. 12 penn.

Jan Cornelisz. schrijnwerker huurt van het Spuigilde om 15 gl.     4-16

Het Spoeijgasthuijs

["In het derde huis van de hoek van de Spuistraat en de Breestraat af bevond zich weleer het gildehuis van het Spuigilde of gilde van de Spoeijenaers. Zijn opkomst heeft het gilde te danken aan het versjouwen van goederen bij het Spui, maar langzamerhand kwamen alle beroepen die met raderen of wielen werkten erbij en bevatte het naast de sledenaars ook de lijndraaiers, molenaars, spuilieden (sluiswachters), garenblekers, bezemmakers en zeemtouwers ... Aan het Spuigildehuis was evenals aan zovele andere gildehuizen, een gasthuis en een kapel, de Onze-Lieve-Vrouwekapel verbonden. Het gasthuis werd in de zeventiende eeuw in woningen veranderd., terwijl de kapel als gildehuis in gebruik bleef tot 1782, toen het aan particulieren verkocht werd. De rederijkerskamer van de Fonteynisten, onder de zinspreuk "In Reyn Geneucht", hield haar vergaderingen in het gildehuis van het Spuigilde." (Lips, o.c., p. 349)]

Sijmon Jansz. cruijenijer huurt van de dekens van het Spuigilde om 12 gl.      3-16-12

Marijken Hermansdr. huurt van Pieter Andriesz. om 30 gl.     9-12

Wederom kerende

Geerit Geeritsz. Pluijm    4

f. 103

Pieter Gielisz. timmerman    6

Ariaen Cornelisz. schipper huurt van de erfgenamen in de Bijlen om 25 gl.     8

Cornelis Jansz. bode     4

Cornelis Aertsz. glaessmaker     4

Robbert Cornelisz. passementwever huurt van Maeijken [sic] om 20 gl.    6-8

Cornelis Laurensz. timmerman     4

Dirick Jansz. huurt van Ariaen Back om 16 gl.     5-2-6

Dirick Jordensz.      3-4

f. 103v

Jacob Cornelisz. glaessmaecker      4

Grietgen Waelen    3-4

Fransken Alewijnsz. huurt van Jan Ariaensz. cruijenijer om 15 gl.    4-16

Jan Jacobsz. huurt van Cornelis Oom om 18 gl.     5-15-2

Willem Pietersz. brouwersknecht     3-4

Geertgen Thonis Huijgen weduwe   3-4

Mels Cornelisz. schipper    4

[ORA Dordrecht inv. 733, f. 201 e.v.: op 6 febr. 1578 comp. Adriaen Dircxsz. Droochgen, als man van Burchgen Adriaensdr. [Both] en Adriaentgen Adriaensdr., weduwe van Geerit Claesz., met haar gekoren voogd, Adriaen Lauwen, als man van Truijchgen Jansdr., mede vervangende de zusters van zijn vrouw, Henrick Pietersz., als man van Neeltgen Adriaensdr., mede vervangende Cornelis Ariensz., de broer van zijn vrouw, met hun andere zusters en Jaepgen Willemsdr., voor zichzelf, met haar gekoren voogd en de voornoemde comparanten samen vervangende de kinderen van Henrick Ariensz. Both, allen erfgenamen van Adriaen Adriaensz. Both de Oude. Zij verkopen aan Mels Cornelisz. schipper een huis, staande vr in de Spuistraat tussen het huis van Jan Joosten en dat van de weduwe en erfgenamen van Thonis Huijgen. Mels Cornelisz. is schuldig aan de verkopers een bedrag van 235 gl.]

Henrick Laurensz. kuiper   3-4

f. 104

Reijnier de snijder huurt van Jan Diricxsz. om 20 gl.       6-8

Philips Roeloffsz. huurt van idem om 20 gl.     6-8

Die Cleijne Spoeijstraet [Kleine Spuistraat] ingegaen

Bastiaen Korssen schipper 3 gl. 12 penn.

Die Botgensstraet ingegaen

Tonis Michielsz. smid huurt van Cornelis Ghijssbertsz. om 16 gl.    5-2-6

Schiltman Dircxsz.     6

Geertgen Cornelis   3-4

f. 104v

Jan Aertsz. snijder huurt van Jan Bouwensz. schipper om 18 gl.     5-15-2

Jan Bouwensz. schipper huurt van Ariaen in den Stoer om 18 gl.    5-15-12

Cornelis Snouck bierdrager    3 gl. 12 penn.

Janneken Fransdr.   3 gl. 12 penn.

Quijrijn Damasz. huurt van Ariaen Louff om 15 gl.   4-6

Wederom keerende

Het huis staande op de hoek van de brug toebehorende aan [naam niet vermeld]    3-4

Pieter Zegersz. schipper huurt van Dingna Joppen om 12 gl.      3-16-12

f. 105

Willem Dircxsz. wagenmaker     5

[Naam niet vermeld] huurt van Berber Cornelisdr. om 12 gl.     3-16-12

[ORA Dordrecht inv. 1550 (nieuw), f. 12: op 26 jan. 1580 verkoopt Barbara Cornelisdr., weduwe van Joris Pietersz. schipper, aan Matthijs Jacobsz. kuiper een jaarlijkse losrente van 6 gl. op een huis in de Botgensstraat, staande tussen het huis van de erfgenamen van Aert Claesz. kleermaker en dat van Willem Aertsz. Hallinck.]

Ariaentgen Cornelisdr.      3-4

Bastiaen Aertsz. snijder     3-4

Het Pelserstraetgen ingegaen

Lijsken Pieters en Truijcken [sic] huren samen van Thonis Pouwelsz. om 18 gl.   5-15-2

Wederom kerende

Jacob Pietersz. huurt van Jacob van Gewanten om 10 gl.     3-4

Cent Baerthoutsz. [schipper] huurt van Ariaen Jacobsz. brouwer om 15 gl.    4-16

[2 mei 1579: Anneken Geritsdr., weduwe van Mon Tomasz., voor de helft, Claerken Ambachtsheeren, weduwe van Hans Slootkens, voor een vierde part, en Stevens Dionijsz., als oom van en namens Anthoni Cornelisz., als man van Neelken Woutersdr., voor een vierde part, verkopen aan Cent Baertoutsz. schipper een huis in de Pelserstraat, staande tussen het huis van Bastiaen de lapper en dat van Jacob Pietersz. smid. De koper is schuldig aan verkopers een somma van 20 Vlaamse ponden. (ORA Dordrecht inv. 713, f. 162v)]

f. 105v

Alle die huijskens int Vlaminckstraetgen      niet

[De Vlamingstraat werd vanaf de zeventiende eeuw Ruitenstraat genoemd "naar brouwerij "De Ruit"(1603), waaraan nog een steen met een ruit herinnert in pand nummer 4/6, dat zelf van 1636 dateert." (Lips, o.c., deel II, p. 356)]

Het Cellebruersstraetgen [Dolhuisstraat] ingegaen

Michiel de spelmaker huurt van Grietgen Andries om 25 gl.      8

Ariaen Thonisz. Lotering    4-10

[ORA Dordrecht inv. 1571, f. 22v: op 7 febr. 1579 verleent Adriaen Thonisz. Leutering, raad in wette van Dordrecht, procuratie aan Jacob mr. Adriaen van Giessendam om te innen al hetgeen men hem in Hardinxveld schuldig is.]

Wouter Woutersz. huurt van Aelbertgen Sijmons om 18 gl..    5-15-2

Jan Schalcken huurt van idem om 15 gl.    4-16

Andries Michielsz. bontwerker     4

f. 106

Willem Jansz. sledenaar   4

Wederom kerende

De oliemolen van Lijntgen Quirijnen     5

Cornelis Daenen huurt van de Cellebroeders om 12 gl., komt over zijn derde deel     25 st. 9 penn.

Tomas de schipper      3 gl. 12 penn.

Cornelis Cornelisz. Korssen huurt van Thonis de wagenmaker om 15 gl.     4-16

T Suijkerstraetgen ingegaen

Het huis en de rosmolen van Cornelis Cornelisz. molenaar samen      8

[ORA Dordrecht inv. 719, akte 503: op 21 mei 1590 verklaart Cornelis Cornelisz. molenaar schuldig te zijn aan Willem Willemsz. een bedrag van 220 gl. wegens geleende penningen, verbindende zijn huis in het Suikerstraatje, staande tussen het huis van Govert Jansz. en dat van Adriaen Jansz. brouwer.]

f. 106v

Aen die Vuijlpoort den houck omgegaen aen die vesten die slinckerhandt gaende

Die oliemolen van Govert Jansz. van Bemondt [van Beaumont]       5

Voerts alle die huijsskens staende lancx die vesten tot die Spoeijpoort toe    al nijet

Somma loopt het vierde quartijer     4530 gl.  st. 13 penn.

Totalis somma    14.324 ponden 12 sch. 9 d.